Site-archief

Zomer in het ziekenhuis

Ria Westerhuis

.

Dichter Ria Westerhuis (1959) ken ik al jaren. Onze eerste kennismaking was in Alkmaar waar ik voordroeg bij Reuring van Alja Spaan, en zij met haar partner in poëzie, Delia Bremer brachten een prachtige (in Drents dialect) voordracht van hun bundel Minnezinne met erotische poëzie en andere gedichten uit hun eigen werk. Later ging ze mee met de Poëziebus en stonden we een paar keer op een zelfde podium.

En nu las ik op Facebook dat ze met een gedicht in het Nederlands en in het Drents dialect in het ziekenhuis van Meppel staat. De vier gedichten (het zijn er vier, 1 bij elk jaargetijde) zijn een cadeau van de cliëntenraad van Isala (het ziekenhuis) en stichting Het Burgerweeshuis Meppel aan het nieuwe ziekenhuis. Ria kreeg de opdracht om met haar gedichten de natuur in huis te halen zoals je dat overal ziet in het ziekenhuis.

Omdat er vier zogenaamde ‘huiskamers’ zijn in het Isala, dacht Ria meteen aan de vier jaargetijden. Ze zegt daarover:  ‘Toen de cliëntenraad dat ook een goed idee vond, ben ik daar mee aan de slag gegaan. Ieder gedicht staat in het teken van een seizoen en een patiënt. Ik zie die patiënt voor mij als ik het schrijf. Voor mij is het belangrijk dat mijn gedichten mensen raken en dat zij die patiënt ook voor zich zien.’

In de laatste zin van het gedicht dat over de zomer gaat, schrijft Ria over de Riest/Reest, dit gegeven was eerder aanleiding voor een gedicht waarover ik hier schreef.

.

Zomer

.

De blauwe waterjuffer
löt wulps heur vleugels trillen
we aodemt de zomer, draagt
korte mouwen en sandalen

.

hij nuumt de namen
uut zien jeugd, de dingen
die hij zag op weg naor schoele
een vrogge veugelvlucht

.

we rolt weer voort, hij zucht
de frisse butenlocht
miste hij het miest
net as de locht van wilde klaver
in de lege heuilaanden
laangs de Riest

.

Zomer

.

De blauwe waterjuffer
laat wulps haar vleugels trillen
we ademen de zomer, dragen
korte mouwen en sandalen

.

hij noemt de namen
uit zijn jeugd, de dingen
die hij zag op weg naar school
een vroege vogelvlucht

.

we rollen voort, hij straalt
de frisse buitenlucht
miste hij het meest
net als de geur van wilde klaver
in de lage hooilanden
langs de Reest

.

Foto: Frans Paalman

De zomer

Dubbelgedicht

.

Nu de dagen weer langzaam lengen en de zon zich steeds minder bescheiden laat zien is het tijd om ons op te maken voor de zomer. De zomer heeft in de loop der tijden vele dichters geïnspireerd zoals je hierhier, of hier in verschillende hoedanigheden en van verschillende dichters kunt lezen. Daarom, voor de tweede keer alweer, opnieuw een dubbelgedicht over dit, voor veel mensen, favoriete seizoen.

In dit dubbelgedicht allereerst een gedicht van Gerrit Komrij (1944 – 2012) getiteld ‘De zomer of Het land zonder zonde’ uit ‘Dagkalender van de poëzie’ uit 2001. Als tweede een gedicht van de Vlaamse dichter Roland Jooris (1936) getiteld ‘Zomers’ uit ‘Dichters van nu 9’ uit 1997. Hoewel beide gedichten de zomer bezingen is er bij beide ruimte voor een kritische blik.

.

De zomer of Het land zonder zonde

.

Grijp nu de zonnen uit de blauwe lucht

En dans de krijgsdans van de evenaar.

Jaag al uw spookgedachten op de vlucht.

Sla zélf op hol. Maak ieder sprookje waar.

.

Stampvoet en ril – het hele repertoire.

Doe oeverloos wat wild en ongewoon is:

Verslinger u aan een geweldenaar

Of jank wanhopig om uw verre Adonis.

.

Laat uw verlangen alverterend zijn.

Er is geen grens, geen straf, geen stillen wenk,

Er is alleen verdomd veel zonneschijn.

.

Omhels op aarde ieder creatuur

En alle elementen – maar gedenk

De blauwe winter in uw spel van vuur.

.

Zomers

.

landelijk in de 20ste eeuw

voel ik het zweet als een luxe

in mijn hemdje dringen

in deze blijkbaar vredige

zomer;

.

veel volk aan zee, veel

bloemen en vruchten,

het binnenland verwerkt tijdig

de regen

en elk bericht in de krant

spreekt vredig de vrede

tegen.

.

 

Zomergedichten

Dubbel-gedicht

.

Nu de zon weer schijnt in deze rare en ingewikkelde tijden vond ik het tijd om ook in mijn berichten wat vaker de zon te laten schijnen. Als hart onder de riem of gewoon als voorbode van betere tijden. Daarom vandaag een Dubbel-gedicht over de zon.

Het eerste gedicht ‘Zomer’ is van de dichter Jos De Haes (1920 – 1974) en komt uit de bundel ‘Verzamelde gedichten’ uit 1986. De Haes was een Vlaams dichter, essayist en radiomaker. Hij debuteerde in de collectieve bundel ‘Aanhef’ in 1941 met ‘De diepe wortel’, publiceerde gedichten in ‘Podium (1943 – 1944) waar hij hoofdredacteur van was, in de ‘Poëziespiegel’ en in ‘Dietsche Warande & Belfort’ waarvoor hij in 1950 recensent werd en in 1960 redactielid. Na zijn dood verscheen zijn verzameld werk in 3 delen in 1974, 1986 en 2004.

Het tweede gedicht ‘Zonlicht’ is van dichter Rogi Wieg (1962 – 2015) en komt uit de bloemlezing ‘Even zuiver als de ongeschreven brief’ uit 2015. Rogi Wieg was schrijver, dichter, beeldend kunstenaar en muzikant. Hij debuteerde in 1981 met de bundel ‘Cis-trans’. Hij was redacteur van de literaire bladen ‘Tirade’ en ‘Maatstaf’ en hij was tussen 1986 en 1999 als poëziecriticus verbonden aan ‘Het Parool’. Wieg kreeg onder andere het Charlotte Köhler Stipendium voor ‘De zee heeft geen manieren’ en de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs voor ‘Toverdraad van dagverblijf’. stipendium voor ‘De zee heeft geen manieren’ en de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs voor ‘Toverdraad van dagverdrijf’. 

.

Zomer

.

Stond op de plek een wagen

scheef in de grond ter ziele.

De zon stond hout te zagen.

Ik sliep tussen de wielen.

Ik sloeg de liefde gade

van kevers en van maden.

Tedere bakelieten

plezierden en verdrietten

elkaar met dunne vijlen,

met haken en met bijlen,

met tatertjes en sprieten

alaam van sodomieten.

.

Ik lag in hoge klaver,

de rode toppen blekten.

Ik lag in hoge klaver

met wijfjes van insecten.

.

Zonlicht

.

Veel grote mannen hadden wel

een gezin, een warm bord op

tafel, een balkon boven de zee.

Ben ik een groot man, sla dan

.

tenminste een spijker in mijn

werk die niet krom en roestig

verleden of toekomst uitbeeldt,

maar als spijker het oog

juist op de hoogte houdt

.

van wat het moet zien:

ik mis je zo, eeuwigheid,

dat ik haastig naar huis ga

uit het zonlicht om nog

.

tijd te hebben thuis te komen

uit het zonlicht.

Grootheid is het meervoud omarmen

van grammaticaal zeer ongelijke tijden.

.

 

Een zomeravond

Albert Verwey

.

Nu de zomer voorbij is en alleen nog af en toe de zon door de wolken dringt, leek het me een goed moment om mijn favoriete tijdverdrijf (de poëzie) en mijn favoriete jaargetijde (de zomer) in een gedicht met jullie te delen. Nu kan ik dat zelf doen (dat heb ik al eens gedaan op 31 augustus 2009 in het gedicht ‘Var’, niet te verwarren met het systeem dat scheidsrechters tegenwoordig raadplegen bij overtredingen op het voetbalveld) https://woutervanheiningen.wordpress.com/2009/08/31/var-gedicht/ maar in dit geval heeft Tachtiger en dichter Albert Verwey (1865 – 1937) dat al een keer heel mooi gedaan. daarom van zijn hand het gedicht ‘Een zomeravond’ uit de bundel ‘Dichtspel’ uit 1983.

.

Een zomeravond

.

De poëzie komt over me als een droom

Vol sterren en een lieflijke nacht

Van duister, waar me een hel gelaat uit licht

En vriendlijke ogen – enkel dat gelaat,

Want ál de rest is nevel zonder vorm.

En heel de nacht nijg ik me er heen en houd

Stille gemeenschap tot de morgen daagt-

Dan lig ik stil met halfgeloken wimpers

Te staren, waar ik telkens nog den lach

Dier ogen meen te zien en ’t blonde haar

Half over ’t voorhoofd – dan zijgt zijwaarts af

Mijn hoofd in ’t kussen en ik slaap in ’t licht. –

.

 

 

 

Dichter van de maand

Hugo Claus

.

In de laatste maand van 2018 wil ik op de resterende zondagen de dichter Hugo Claus als dichter van de maand een plek geven. Hugo Maurice Julien Claus (1929 – 2008) was een toonaangevende Vlaams schrijver en dichter die onder zijn eigen naam publiceerde, evenals onder verschillende pseudoniemen. Claus’ literaire bijdragen omvatten de genres van drama, de roman en poëzie; hij was daarnaast actief als schilder en filmregisseur. Hij schreef voornamelijk in het Nederlands, hoewel hij ook poëzie in het Engels schreef. Hugo Claus ontving tijdens zijn leven vele literaire prijzen zoals de Constantijn Huygens-prijs, de VSB poëzieprijs (voor ‘De sporen’) en de prijs der Nederlandse letteren.

Uit de bundel ‘Ik schrijf je neer, de mooiste gedichten’ uit 2002 koos ik het gedicht ‘Zomer’, leek me wel grappig zo bijna in de winter.

.

Zomer

.

Ineens die drie maanden
met alleen maar droogte.

De cipressen met hun rosse borstels.
De witte schorpioen zonder venijn.

Een zomer van verbrand papier.
De natuur blijft snateren
terwijl ik rot.

Toen kwam jij
en sindsdien kom ik
handen en ogen tekort
met mijn mond vol tanden.

.

Zomerse initiatieven

Poëzie in de zomermaanden

.

Voor dit blog ben ik altijd op zoek naar opmerkelijke poëzie onderwerpen, de mooiste en interessantste gedichten en dichters en nieuwe initiatieven op het gebied van poëzie.

Daarom stel ik jullie bij deze de volgende vraag: Organiseer je in de zomer een nieuwe of opmerkelijke poëzieactiviteit of weet je van een nieuw initiatief op poëziegebied deze zomer, laat me dit dan weten. Het liefst met een link, een groep of een naam van degene die daarin actief is of gaat zijn.

Zeker voor nieuwe initiatieven is het belangrijk dat er bekendheid aan wordt gegeven, laat mij je daarbij helpen. Het betreft hier dus geen structurele activiteiten of poëziepodia die in de zomer doorlopen (dat mag je me ook laten weten maar het is niet wat ik hiermee beoog).

Dus ga je taarten met poëzie bakken, ga je met bijzondere groepen aan de gang of op bijzondere plekken, ga je de connectie aan met beeldende kunst, dans of een andere kunstvorm, ga je op tournee met gedichten of weet je nog een ander interessant voorbeeld? Je weet me te vinden.

.

Zomeravond

Weer niets gedaan.
En weer was alles vergeefs vandaag.

Ik zocht een verre plek om onder de mensen te blijven.
Een zuivere merel heeft zich daarnet in mijn oren geknoopt
En langzaam zijn de ogen van een vrouw over me heen gegaan
Als veel lauw water ’s avonds van een zomerregen.

En slapende paren, mijn ouders misschien, hebben vandaag gehoopt
Op mij, en sloom en treuzelend zijn zij uit mij opgestaan
Als kinderen ’s ochtends voor ze naar beneden gaan
Om er te spelen met de wijzers van de klok.

Weer niets gedaan.
Dan dit geluk dat mij wordt aangedaan.

.

Leonard Nolens, uit de bundel “Tweedracht’ uit 1996.

.

Peer

Drs. P

.

Nu de zomer voorbij is en de dagen weer langzaam korter worden dacht ik dat het een mooi moment was om een najaarsgedicht te plaatsen. Ik herinnerde me dat Drs. P een grappig gedicht had geschreven over het najaar en inderdaad, dat bleek het gedicht te zijn dat helemaal aansloot bij de overgang van zomer naar herfst.

Uit het ‘Tuindersliedboek’ uit 1983 daarom hier het gedicht ‘Peer’.

.

Peer

.

De rozen zijn uitgebloeid, het is geen zomer meer
Ik ben alleen en heb een peer

De avond valt ook steeds vroeger, wat ik ook probeer
Ik schil de peer en snij de peer

In weemoedige, herfstige sfeer
Peuzel ik mijn stukje peer

De koude sluipt nader en de regen druizelt neer
Ik ben alleen en zonder peer

.

Zomer

Toon Tellegen

.

Omdat de zomer maar voortduurt (en wat mij betreft mag dat nog lang duren) een gedicht over de zomer van Toon Tellegen. Ik weet dat ik veel mensen een  plezier doe met de poëzie van Toon Tellegen dus wie weet, maak ik hem dichter van de maand. Nu hier het gedicht ‘Zomer’ uit de bundel ‘Gewone gedichten’ uit 1998.

.

Zomer

.

Zomer.

De zon schijnt.

De hemel bloeit.

Mensen kijken omhoog, gaan op hun tenen staan,

klimmen op elkaars schouders

en plukken God.

‘God is mooi,’ zeggen ze, ‘mooier dan ooit.’

Ze zetten hem in vazen

op hun tafels en voor hun ramen,

en God bloeit en geurt een middag en een avond-

dan leggen ze hem tussen de bladzijden van een schrift,

onder een ijzeren gewicht

voor later, in de winter,

als er niemand is.

.

gg

zomer

 

De Poëziebus

Doe mee!

.

Vanaf deze maand mag ik me voorzitter van de Raad van Toezicht van stichting De Poëziebus noemen. Ik werd hiervoor gevraagd en heb met veel enthousiasme ja gezegd omdat dit een initiatief is om te omarmen. Voor wie nog niet precies weet wat de Poëziebus is of gaat doen:

Hartje zomer (19 juli t/m 26 juli) 2015 gaat voor de eerste keer de Poëziebus met aan boord circa 50 Belgische en Nederlandse dichters een week op tournee langs 12 steden in Nederland en België.

De dichters aan boord van de Poëziebus vertegenwoordigen een dwarsdoorsnede van het poëzielandschap. Ze laten de diversiteit zien die er onder woordkunstenaars bestaat. Maak kennis met dichten anno nu en kom langs op een van de plaatsen waar we optreden. Dit zijn de volgende steden: Den Haag (kick off), Capelle aan den Ijssel, Delft, Amsterdam, Rotterdam, Tilburg, Eindhoven, Turnhout, Maastricht, Brussel, Oostende, en Antwerpen ( slotmanifestatie).

Kijk voor het programma en alle informatie op http://poeziebus.nl/

Om dit bijzondere initiatief te laten slagen is ook geld nodig. Er hebben zich al sponsors van naam gemeld, waar we heel erg blij mee zijn en we willen ook geld ophalen van enthousiaste liefhebbers van poëzie en van podiumkunst middels Voordekunst.nl

Hier kun je vanaf  € 10,- donateur worden en het mooie is, je kunt zelf de tegenprestatie kiezen. Van de Poëziebusbutton en een handgeschreven poëtische kaart van een dichter naar keuze, uit één van de steden (€ 10,-) en De Poëziebusbundel én de bundel ‘De Driehoek is Rond’ van Joz Knoop óf de bundel ‘Talisman’ van Martin Beversluis (€ 30,-) tot  een Huiskameroptreden van een dichter naar keuze (€ 200,-) of De Poëziebus komt letterlijk naar uw huis/bedrijf/feest/evenement toe, met een flinke delegatie dichters (€ 1000,-).

Voor de hele lijst met mogelijkheden kijk je op: https://www.voordekunst.nl/projecten/3411-poeziebus-1/doneer/37095

Geef je vader op vaderdag eens een origineel cadeau, ruil die paar biertjes op zaterdagavond eens in voor iets cultureels en waardevols of doneer gewoon omdat het kan en doe mee!

Poeziebus-logo

voordekunst

 

Over de zomer

Leonard Nolens

.

De zomer is in alle hevigheid aangebroken, de mussen vallen dood van het dak, het is peentjes zweten en voor poëzie heeft al helemaal niemand interesse in de zinderende hitte. Het is zaak verkoeling zoeken te zoeken. Voor die enkeling die verkoeling zoekt in poëzie een gedicht van Leonard Nolens over de zomer.

.

Zomeravond

 .

Weer niets gedaan.
En weer was alles vergeefs vandaag.

.

Ik zocht een verre plek om onder de mensen te blijven.
Een zuivere merel heeft zich daarnet in mijn oren geknoopt
En langzaam zijn de ogen van een vrouw over me heen gegaan
Als veel lauw water ’s avonds van een zomerregen.

.

En slapende paren, mijn ouders misschien, hebben vandaag gehoopt
Op mij, en sloom en treuzelend zijn zij uit mij opgestaan
Als kinderen ’s ochtends voor ze naar beneden gaan
Om er te spelen met de wijzers van de klok.

.

Weer niets gedaan.
Dan dit geluk dat mij wordt aangedaan.

.

Great summer sunset

 

Uit: Tweedracht, 1996
%d bloggers liken dit: