Site-archief

De geur van de maan

Hervé Deleu

.

Gisteren kreeg ik via de post de nieuwste bundel van Hervé Deleu (West Vlaanderen 1947) toegestuurd ‘De geur van de maan’ met daarin een persoonlijk woord van de dichter. Ik heb Hervé leren kennen nadat hij de eerste Ongehoord! poëziewedstrijd had gewonnen. Een bijzondere vriendelijke en aimabele man en een dichter van formaat. Hervé had al een aantal bundeltjes in eigen beheer uitgegeven waarover ik reeds schreef op 1 december van het vorig jaar.

Nu dus een nieuwe bundel uitgegeven door Marcel Vaandrager, collega dichter/organisator, bestuurslid van Ongehoord! en nu dus ook uitgever. De bundel oogt heel mooi, heeft een harde kaft met een illustratie van Godelieve Baetens, bevat 50 gedichten waaruit de veelzijdigheid van Hervé blijkt waaronder ook het winnende gedicht ‘In de ochtendfile’. Veel gedichten hebben de liefde als onderwerp, de liefde voor zijn vrouw Lut aan wie het boek is opgedragen en de liefde voor het leven.

Hieronder een gedicht uit deze mooie nieuwe bundel.

.

De volmaaktheid van het ogenblik

.

Met de avond

licht het raam op aan de overkant

.

Een vrouw met ontblote boezem

schudt langzaam haar haren los

alsof zij in mij

de weerschijn ziet

van haar goddelijk gelaat

om dan met gespreide armen

als in een omhelzing

trefzeker de gordijnen te sluiten.

.

Er welt geen traan

in mijn ogen

maar ik ween om haar schoonheid

.

foto (4)

Advertenties

Gedichten op vreemde plekken

Deel 85: Op een stalmuur

.

Vanaf 2009 wordt in het kleine plaats Watou in West Vlaanderen een kunstenfestival georganiseerd.

Kunstenfestival Watou is een internationale kunsttentoonstelling met beeldende kunst, poëzie en literatuur op de snijlijn tussen taal en beeld. Zo valt te lezen op de website van het kunstenfestival http://www.kunstenfestivalwatou.be/ De 2013 editie vindt plaats tussen 6 juli en 1 september.

Vrijwel alle grote namen uit de poëzie zijn in de afgelopen 4 jaar aanwezig geweest bij dit bijzondere festival; van Remco Campert tot Vrouwkje Tuinman van Lucebert tot Rutger Kopland.

In deze traditie werd op een stal van een boerderij in Watou het gedicht ‘Ezel Ambroos’ van Hugo Claus aangebracht.

.

De Ezel Ambroos van Hugo Claus aan stalmuur in Watou

 

.

Ezel Ambroos

.

Deze ezel heet Ambroos.
Hij drentelt langs hond en lam.
Tussen zijn saffraangele tanden
zit een halve boterham, ambrosia.
.
Vele meesters reden op zijn rug,
Heer Jezus, Heer Honger, Heer Dood.
Om zijn dagelijks brood
balkt hij: Glorie, gloria.
.
Op de vlucht naar een of ander Egypte
verloor hij onderweg de os, zijn vriend,
met wie hij redeneerde
over de stro, de kribbe, het kind.
.
Soms buigt een vreemde rouw
zijn pluizige kop nog verder naar voren.
De schuwte van de paria
in de wereld waarin ook wij dolen.
.
Waarom duldt hij onze grillen
als de vliegen in zijn wimpers,
de horzels op zijn billen?
Wat is het waarom van zoveel
nederige vrede? Herinnering aan Arcadia?
.
Al is Ambroos al eens duister en duivels
op zijn tijd en stond,
zijn ogen zijn de gewonde ogen
van de eeuwigheid.

.

Uit: De Sporen

(De ezel Ambroos was een gift van dichter Roger de Neef aan Hugo Claus.

%d bloggers liken dit: