Site-archief

Films over dichters

Papusza

.

Op zoek naar iets anders (dat gebeurt me vaak maar ik laat me graag verrassen) kwam ik op een website waar Emily Temple, redacteur van Lit Hub, een lijstje van 16 films over dichters heeft geplaatst. Een bijzondere lijst want de meeste van de besproken films krijgen niet echt de goedkeuring van Temple. Pas vanaf nummer 9 (Papusza, een film over de Roma dichter Bronisława Wajs) krijgen de films een goede recensie.

De top vijf van haar lijstje bestaat uit films over Emily Dickinson, Reinaldo Arenas, Pablo Neruda (twee keer) en op nummer 1 de film ‘Bright star’ uit 2009 over het leven van John Keats (1795 – 1821). Ze schrijft hierover: “De biopic van John Keats van Jane Campion (“Bright star, would I were solid as thou art. …”) is een weemoedig verhaal van gedoemde liefde in de meest ondraaglijke scenario’s: wanneer het meisje van wie je houdt in hetzelfde kleine huis woont als jij , gescheiden door een muur (en heel veel fatsoen). Visueel prachtig, hartverscheurend en – door wat magie – eigenlijk heel poëtisch.”

Voor de liefhebber van films over dichters een aanrader dit lijstje. Ik was vooral nieuwsgierig naar Bronisława Wajs en Reinaldo Arenas omdat ik beide dichters niet ken. Vandaag wat meer informatie en een gedicht van de eerste, Bronisława Wajs (1908 – 1987).

Deze Poolse Roma dichter bekend onder haar Roma naam Papusza (Pop), heeft geen makkelijk leven gehad, ze groeide nomadisch op in Polen, waar ze leerde lezen door kippen te ruilen voor leesles bij lokale dorpelingen. Ze trouwde op haar 15e met harpist Dionizy Wajs. Ze was erg ongelukkig en begon te zingen waarbij haar man haar begeleidde op harp. Toen begon ze ook zelfs teksten voor liedjes te schrijven op basis van traditionele Roma-verhalen en liederen.

In 1949 hoorde de Poolse dichter Jerzy Ficowski haar liedjes en herkende meteen haar talent. Veel van haar gedichten gingen over “Nostos” ( Grieks voor “een terugkeer naar huis”), een thema dat veel voorkomt in Roma-poëzie. Hoewel Roma dit gebruikte om het verlangen om terug te keren naar de openbare weg te beschrijven, zag Ficowski dit als Papusza verlangen om zich te vestigen, om niet langer nomadisch te zijn. Hij publiceerde een aantal van haar gedichten in een tijdschrift genaamd ‘Problemy’. Hoewel de gedichten aan de ene kant Papusza voor het eerst bekend maakte bij het Poolse publiek, veroorzaakte het interview en vooral het eraan verbonden Romani-Poolse miniwoordenboek aan de andere kant een negatieve wending in het leven van de dichter, aangezien ze ervan beschuldigd werd van het onthullen van de geheimen van haar inheemse cultuur aan de gadjo’s ( iedereen die niet-Roma is).

De Roma-gemeenschap begon Papusza al snel als een verrader te beschouwen. Ze werd uitgescholden en bedreigd, omdat ze details van de Roma-taal, cultuur, gewoonten en gewoonterecht had onthuld, en voor haar contacten met gadjo’s. ( ook werd haar een rol toegedeeld in de anti-nomadische acties van de regering). Papusza beweerde dat Ficowski haar werk had uitgebuit en uit de context had gehaald. Haar oproepen waren aan dovemansoren gericht en de Baro Shero (Grote kop, een ouderling in de Roma-gemeenschap) verklaarde haar “onrein”.

Ze werd uit de Roma gemeenschap verbannen, het contact met Ficowski werd verbroken (al bleef hij haar bewonderen en maakte hij haar werk toegankelijk) en de laatste 34 jaar van haar leven bracht ze door in isolatie. Tegenwoordig wordt ze gezien als de belangrijkste en bekendste Roma dichter ooit. De meeste gedichten van Papusza bevatten traditionele Roma elementen, samen met enkele ongebruikelijke aspecten zoals het schrijven in enkelvoud. Het meeste van haar werk gaat over nostalgie, verlangen en (vooral) verloren voelen. Een van de (ongeveer 40 handgeschreven) gedichten die bekend is en hoog aangeschreven staat is het gedicht uit 1950/1951 ‘Gypsy song’.

.

Gypsy song

.

In the forest I grew like a shrub of gold,
born in a Gypsy tent,
akin to a boletus.
I love fire like my own heart.
The winds lesser and greater
cradled the little Gypsy
and blew her far away into the world…

.

The rains washed away my tears,
The sun my golden, Gypsy father,
kept me warm
and beautifully tanned my heart.

.

From a blue stream I didn’t take strength
only washed my eyes…
The bear wanders the forests
like a silver moon,
the wolf fears the fire,
he won’t bite a Gypsy.

.

[..] Oh, how beautifully by the tent,
sings the girl,
the fire burns!
Oh, how beautifully, people, from afar
to hear the Easter songs of birds,
the whimpers of children, and the song, and the dance
of boys and girls.

.

[…] Oh, how beautifully the forest rustles for us-
sings me songs.
How beautifully the rivers flow,
they fill my heart with joy.
How delightful to behold the water deep
and to tell her everything.
Because no one can understand me,
only the forests and streams.
What I’m telling here it has all long passed
and took everything, everything with it-
and my younger years.’

.

 

 

 

 

Mijn activiteit in de Poëzieweek

Struikeloverpoëzie en MUGzine

.

Van 27 januari tot en met 2 februari is het Poëzieweek in Nederland en Vlaanderen. Ik schreef er al verschillende keren over en over de activiteiten die er georganiseerd worden in deze week. Vorig jaar organiseerde ik via mijn instagram account een krijtpoëzie activiteit, ik vroeg aan mijn lezers om een gedicht met krijt op een muur of weg te krijten, te fotograferen en dan aan mij te mailen. Die foto’s deelde ik dan via mijn Instagramaccount.

Dit jaar doe ik ook weer wat met Instagram en ook via MUGzine, het minipoëziemagazine dat ik maak met Marie-Anne en Bart, gaan we aandacht besteden aan de Poëzieweek.

Via mijn account @struikeloverpoezieweek2022 wil ik deze Poëzieweek foto’s van uitingen van poëzie delen die je tegenkomt. Dat mag een straatnaambord zijn van een straat vernoemd naar een dichter, een gedicht of dichtregel die je buiten of ergens binnen tegenkomt (denk aan straatpoëzie) een standbeeld van een dichter, een café dat is vernoemd naar een dichter, een dichtregel die gebruikt wordt in een campagne of reclame, een poëtisch kunstwerk, je mag het zo gek maken als je zelf wilt als er maar een link is naar een dichter of poëzie. Stuur je foto naar woutervanheiningen@yahoo.com er schrijf er iets bij over de context van de foto. Ik zal je foto met naamsvermelding (ook van je Instagramaccount) dan plaatsen op @struikeloverpoezieweek2022

Op mugzines gaan we ook iets met de Poëzieweek doen. Elke dag van de Poëzieweek zullen we een gedicht uit één van de edities van de afgelopen twee jaar plaatsen die naar ons idee een relatie heeft met the thema van de Poëzieweek. Mocht je de edities van MUGzine nog niet gelezen hebben of ben je (nog) geen donateur, dan maak je op deze manier op een heel toegankelijke en leuke manier kennis met de dichters en gedichten die in één van die edities stonden. Hier alvast een voorproefje van het gedicht ‘Boom’ uit nummer 2 van mijn hand.

.

Boom

.
Ik wil boom zijn.
Niet gewenst of ongewenst
door haastige voorbijgangers,
boomomhelzers, verstokte wandelaars.

.
Gewoon boom. Langs de weg,
vanzelfsprekend onbelangrijk
voorbijgaand van aard, nooit
bij stil gestaan,

.
met de eigenschappen van een golf
in een oceaan of een wolk
in een lucht,
er zijn zonder er

.
te hoeven zijn, niet gemist
bij individuele absentie
geaccepteerd om wat het is,
boom.

.

.

Poëzieweek 2022

Bloesemingen en overvloed

.

Zoals elk jaar, sinds 2013, is het eind januari Poëzieweek in Nederland en Vlaanderen (en als zodanig een vervolg op de Gedichtendag die vanaf 2000 eind januari werd georganiseerd). De Poëzieweek begint op de laatste donderdag van januari en eindigt op de vrijdag acht dagen later. Elk jaar wordt een titel gekozen en een dichter gevraagd het poëzieweekgeschenk te schrijven. Alles over de Poëzieweek vind je op de Wikipediapagina van deze week. 

Dit jaar is de titel Natuur en is als motto gekozen voor ‘Bloesemingen en overvloed’ uit een gedicht van de Poëzieweekdichter van dit jaar Ramsey Nasr (1974). Op de officiële website van de Poëzieweek vind je een overzicht van de activiteiten rondom deze week, nieuws, informatie over het thema en over Ramsey Nasr.

Omdat ik eigenlijk vind dat een poëzieweek eigenlijk drie weken tekort duurt, ik pleit al jaren voor een Poëziemaand naar het voorbeeld van bijvoorbeeld de Verenigde Staten, waar April Poetry Month is, zal ik de hele maand januari regelmatig stilstaan bij de Poëzieweek van dit jaar, van de afgelopen jaren, van de Gedichtendag, van de dichters die zich in de afgelopen 22 jaar hebben verbonden aan deze bijzondere initiatieven en aan de poëziegeschenken die daarmee gepaard gingen.

Maar vandaag sta ik stil bij Ramsey Nasr, voormalig Dichter des Vaderlands (2009 – 2013) en was hij eerder stadsdichter van Antwerpen (2005 – 2007). Ter gelegenheid van de Gedichtendag 2012 schreef hij het gedicht ‘Sonnet voor 456 letters’.

.

Sonnet voor 456 letters

.

En hier gebeurt het allemaal: vanbinnen
liggen de zinnen doodstil ingeklapt
als chromosomen, diep onder mijn kaft.
Ze wachten op een oog om te beginnen.

.

U leest — en loom weet zich een vers te ontspinnen.
Het was een val, u bent erin getrapt.
Geen geld of eeuwigheid wordt u verschaft.
Hooguit een ander heeft hier bij te winnen.

.

Andermans letters kapen uw gedachten:
mijn minutieus verzonnen DNA
heeft uit het niets al wat bestaat onttroond.

.

Mijn lichaam fonkelt op geroofde krachten.
Voel hoe ik groei en blakend openga.
Wie leest, wordt door het leven zelf bewoond.

.

O, ik weet het niet

Herman de Coninck

.

Vorige week kwam ik weer eens op de website over Herman de Coninck waar ik regelmatig kwam toen ik begon met de categorie ‘dichter van de maand’. Als lezer van dit blog die hier al lang komt, weet je dat ik ooit begonnen ben met een aantal maanden lang op elke zondag een gedicht van Herman de Coninck (1944 – 1997) te delen. Toen ik hem als dichter had ontdekt (en zwaar onder de indruk was van zijn poëtische taal, zijn spel met de taal, zijn eenvoud met diepgang) na het lezen van zijn verzameld werk ‘De gedichten’ uit 2014 en het luisteren naar het gesproken boek van zijn vrouw Kristien Hemmerechts ‘Taal zonder mij’ uit 2006 was ik fan voor het leven.

Omdat ik mijn bewondering voor Herman de Coninck nog steeds wil delen, hier na lange tijd weer eens een gedicht. Dit gedicht ‘O, ik weet het niet’ komt uit zijn debuutbundel ‘De lenige liefde’ uit 1969.

.

O, ik weet het niet

.

o ,ik weet het niet,
maar besta, wees mooi.
zeg: kijk, een vogel
en leer me de vogel zien
zeg: het leven is een brood
om in te bijten en de appels zien rood
van plezier, en nog, en nog, zeg iets.
leer me huilen, en als ik huil
leer me zeggen: het is niets.

.

 

Eens was dit lijf

Laura Mijnders

.

Laura Mijnders (1991) werd geboren in Hardenberg, Overijssel, waar ze voor een groot deel opgroeide in de horeca, wat haar inspireerde tot het omzetten van haar observaties en ervaringen in verhalen en gedichten. Ze beschrijft zichzelf als: Zoekt, schrijft ’s nachts tussen de bomen door. Tattoomevrouw, afgestudeerd Ervaringsdeskundige in de Zorg en ernstig fan van de Muppets.

Het werk van Mijnders werd tot nu toe gepubliceerd in Avier, Schoon Schip, Meandermagazine, op Krakatau.nl en in diverse bloemlezingen. In 2013 behoorde ze tot de 10 genomineerden voor de Groninger Museum Poëzieprijs en won ze de Steen & Been Klaag trofee. Ook was ze in juli 2013 te zien tijdens het festival Dichters in de Prinsentuin. In zowel 2014 als 2015 werd ze genomineerd voor de El Hizjra Literatuurprijs. Ook is ze voorzitter en initiatiefnemer project Dichter bij het Verleden

Op haar website kun je gedichten van haar hand en alles over haar werk lezen. Van haar website nam ik het gedicht ‘Eens was dit lijf iemands dochter’ en de bijbehorende foto.

.

Eens was dit lijf iemands dochter

.

Eens waren het de bietjes,
de geur van kaneel en
warme appelmoes met rijst
de rijksdaalders die men
na een klusje in de stal
verloor, en terug vond
in de voering van een broekzak
van een oudere broer

het was de tuinbroek
van mijn oudste broer
waarin een ieder van ons
groot wilde worden
wanneer je deze
eenmaal bezat, ging men
voorbij aan de naïviteit
ervan, het kinderlijke
opgeheven

nu, verlang ik de dagen aan elkaar
probeer ik de tijd te vangen,
in een betekenis
ik ben slechts nog
een fragment van vroeger
een verkreukeld papieren vliegtuig
neergestort in een breekbaar lichaam
dat is beschadigd, niet langer helemaal het mijne is

eens was dit lijf iemands dochter,
woonde zij in een tuinbroek
door leven omhuld

.

We huilden bij een kerk

Olivier van Eijk

.

In 2000 installeerde de Rijksuniversiteit Groningen als eerste universiteit van Nederland een huisdichter. Geen enkele instelling voor hoger onderwijs in Nederland had op dat moment een vergelijkbare positie. In de inmiddels 21 jaar na dato volgden vele universiteiten het voorbeeld van Groningen. Olivier van Eijk (21) uit Rotterdam, maar filosofie studerend in Groningen, is de nieuwe huisdichter van de Rijksuniversiteit Groningen voor het studiejaar 2020-2021.

Met zijn gedichten wil hij ‘een nieuw perspectief op de wereld om ons heen bieden: ‘Ik denk dat gedichten een onthutsende nieuwe kijk op maatschappelijke en politieke gebeurtenissen kunnen geven.’ Als huisdichter wil Olivier zoveel mogelijk lezers enthousiasmeren voor poëzie door kennis te delen en beginnende dichters te motiveren: ‘Ik geloof dat poëzie een onbegrepen kunstvorm is die te snel wordt weggezet als oubollig, pretentieus en elitair.’ Of dat laatste waar is durf ik te betwijfelen maar elke poging om lezers te enthousiasmeren voor poëzie is welkom natuurlijk.

Op de website van de RUG zijn de gedichten en huisdichters terug te vinden https://www.rug.nl/about-ug/profile/huisdichter/ Van Olivier van Eijk hier het gedicht ‘ We huilden bij de kerk’  het gedicht dat hij schreef in maart 2021.

.

We huilden bij een kerk

.

we huilden bij een kerk op een dinsdag
en de zuilen waren wellicht je schouders in de hitte
van de troost

.

als de zon onvoorwaardelijk liefheeft of haat of onverschillig schijnt
op mensen pleinen fonteinen water en fonkelend gras

.

de wereld als neuriënde mummy over deze objecten waakt
of slechts zuchtjes en kreetjes laat van ouderdom

.

tijd telkens bekeurd wordt voor snelheidsovertredingen
door de wetsdienaar van nostalgie,

.

weemoed en andere verschijnselen van sentimentele schepsels

.

misschien vingen de tegels onze tranen
als kinderen onder een afdak in de regen
terwijl ze hun koppen dragen als kruizen
en de kerk in slowmotion mee snikte

.

Daar is ie dan!!

MUGzine #8

.

De samenstellers van MUGzine, Poetry Affairs, MUGbooks en Brrt.Graphic.Design, zijn verheugd over het verschijnen van de nieuwe MUGzine, editie 8 alweer. Het leukste, meest eigenwijze en kleinste poëziemagazine van Nederland en Vlaanderen heeft in deze editie de fine de fleur van de Nederlandse light verse gemeenschap weten te strikken.

Inge Boulonois, Frank van Pamelen, Wim Meyles en Remko Koplamp zijn allemaal vertegenwoordigd met een aantal gedichten in deze editie. Uiteraard een gloednieuwe Luule (van Inge Boulonois dit keer) en vrolijk zomers artwork van de New Yorkse kunstenares en illustrator Karen Stolper.

De website van MUGzines is momenteel in onderhoud dus de gratis te lezen versie is nog even niet beschikbaar (er wordt hard aan gewerkt deze zo spoedig mogelijk in de lucht te hebben) dus als je deze nieuwe editie heel graag wil lezen, wat ik me heel goed kan voorstellen, dan kun je altijd een exemplaar op papier bestellen via mugazines@yahoo.com of beter nog; word donateur. Vanaf € 20,- per jaar ontvang je dan automatisch alle edities op papier met de post.

Volg MUGzines en Luule ook op Twitter en Instagram @l.uule @mugzines

Als teaser hier alvast een gedicht van Frank van Pamelen getiteld ‘Manager’ (staat niet in de MUG #8).

.

Manager

.

Tegenwoordig is mijn slager

Sales Pork & Beef Manager

Dus hij is  enorm op dreef

Met de sales van de beef

Maar ook varkensvleescentrales

Kennen hem wel van de sales

Ja mijn slager heeft bij vlagen

Heel wat sales te managen

.

Je werkt nu zelfstandig

Paul Bogaert

.

Ik zal niet beweren dat dichters alwetend zijn (dat zijn ze namelijk niet) maar soms lees ik een gedicht en dan twijfel ik, heel even. Lezend in de bundel ‘de Slalom soft’ uit 2009, van de Vlaamse dichter Paul Bogaert (1968) kwam ik het gedicht ‘Je werkt nu zelfstandig’ tegen. Het lijkt alsof verschillende regels regelracht verwijzen naar de huidige werksituatie van veel mensen die gedwongen thuis werken “wie lange tijd niets inzingt, zakt weg” en “Je profileert ondertussen door veel te bestellen”, dat laatste waarschijnlijk meer onbewust dan bewust. Uiteraard gaat dit gedicht over hoe je als mens en gebruiker van internet en computersystemen gevolgd wordt (en geleefd) maar met een schuin oog gaat dit gedicht over veel mensen in hun huidige situatie.

Paul Bogaert studeerde Germaanse filologie aan de universiteiten van Brussel en Leuven. Hij debuteerde in 1996 met de bundel ‘WELCOME HYGIENE’ waarvoor hij de Prijs voor Letterkunde Poëzie van de provincie Vlaams-Brabant 1997 kreeg. Hij schreef ook het gedichtendagessay 2008 (Verwondingen). Zijn eerste drie dichtbundels staan integraal op zijn website https://www.paulbogaert.be/gedichten/bundels/.

In oktober 2010 werd hij genomineerd voor de VSB Poëzieprijs, de belangrijkste poëzieprijs van de Nederlanden. In 2011 kreeg Paul Bogaert de driejaarlijkse Vlaamse Cultuurprijs Poëzie voor zijn bundel ‘de Slalom soft’; de bundel waarmee hij ook de Herman de Coninckprijs won in 2010. Uit deze bundel dus het gedicht ‘Je werkt nu zelfstandig’.

.

Je werkt nu zelfstandig

.

Je werkt nu zelfstandig en uit eigen beweging

aan je gegevens en zodoende word je levenslang

met de database intiem,

door de input beroest en door scores gekust.

Je verbetert/bevestigt wat afwijkt

als dat wordt gevraagd.

Wie niets gelooft of

wie lange tijd niets inzingt,

zakt weg.

Je profileert ondertussen door veel te bestellen.

Je kunt jezelf onmogelijk als dood aanvinken.

Er is een persoonlijk invulveld voor twijfels.

.

Light verse editie van MUGzine

#8

.

De nieuwe MUGzine, de achtste editie alweer en de derde al dit jaar die medio juni zal verschijnen, zal volledig in het teken staan van de Light verse. Light verse, ook wel plezierdichten of nonsensgedichten genoemd, is een benaming voor die gedichten die een wat lichtere, meer speelse toon hebben. Jaap van der Born schreef er een heel aardig stuk over op de, ook al prima, website Het Vrij Vers http://www.hetvrijevers.nl/index.php/over-light-verse .

Als je aan light verse denkt dan kom je al snel bij Het Vrije Vers terecht. In MUG #8 dan ook een aantal dichters die veelvuldig zijn terug te vinden op deze website: Inge Boulonois, Wim Meyles, Remko Koplamp en Frank van Pamelen. Het is dat MUGzine het leukste maar vooral ook kleinste poëziemagazine is van Nederland en Vlaanderen, anders hadden we uit een grote vijver dichters kunnen uitnodigen.

Lighgt verse dus in MUG #8, illustraties zijn dit keer van de New Yorkse kunstenaar en illustrator Karen Stolper (te volgen op Instagram @karenstolperinlunchwithlove ), natuurlijk een nieuwe Luule en een vrolijk stemmend voorwoord.

Als opwarmertje hier alvast een gedicht van één van de dichters in #8 Remko Koplamp getiteld ‘Pure shit’ van gedichten.nl

.

Pure shit

.

In mijn Bushmills verstopt zich steeds een luis
In de Bowmore word ik een worm gewaar
Mijn Famous Grouse biedt aan een mug een thuis
En in de Blair Athol logeert een haar
.
In mijn Glenlivet tref ik vliegen aan
De Lagavullin is gevuld met vuil
Een vlo komt uit mijn Convalmore vandaan
En in de Teeling houdt een neet zich schuil
.
In mijn Glenfarclas stuit ik op een nagel
Het glaasje Dhallas Dhu bevat een daas
In mijn Glen Garloch drijven korrels hagel
En in de Springbank is een spin de baas
.
Maar boven alles is het pure shit
Dat in die alcohol ook cola zit

.

 

Agenda hier

Rechtse poëzie

.

Hoewel ik de naam van Wout Waanders (1989) ken, en ik al het een en ander van hem heb gelezen (bijvoorbeeld via Meander in de recensie van ‘Parkplan’ zijn bundel uit 2020 https://meandermagazine.nl/2020/12/wout-waanders-parkplan/ ) ben ik toch iets nieuws te weten gekomen over hem, of eigenlijk twee dingen.

Allereerst het feit dat Wout Waanders lange tijd aandacht heeft gegeven aan stiftgedichten (en deze ook heeft gemaakt https://woutwaanders.nl/blog/wat-zou-u-doen-32 al lijkt het erop dat hij hiermee gestopt is). Maar stiftgedichten hebben altijd mijn interesse, ik heb er op dit blog onder de categorie Gedichten in vreemde vormen verschillende geplaatst.

Ten tweede het feit dat hij de geestelijk vader was van de vermakelijke website ‘De losse armpjes’ en dan met name de categorie ‘Rechtse poëzie’. Toen ik dit las was mijn interesse meteen gewekt want wat is in hemelsnaam Rechtse poëzie? Volgens de uitleg op de website: Rechtse poëzie is poëzie die inspeelt op de behoefte van de consument. En dan met name de digitale behoefte. Het is namelijk flink balen als je na een fijne zoekopdracht niet op de site komt waar je moet wezen. Daarom: poëzie geschreven naar aanleiding van de Google-zoektermen die naar deze blog hebben geleid.

In wezen dus een vorm van ready mades maar dan anders. Op de website https://woutwaanders.wordpress.com/ die sinds 2017 niet meer is geactualiseerd (de Rechtse poëzie categorie eindigt zelfs al in 2014) staan ook zijn stiftgedichten tot en met 2017. Maar de tien voorbeelden van wat Wout als Rechtse poëzie ziet zijn ook meer dan de moeite waard en zeker een bezoekje waar. Hier volgt van een voorbeeld van deze veelzijdige dichter getiteld ‘agenda hier’ dat tevens de zoekterm was, al schrijft hij erbij dat hij zich ook heeft laten inspireren door de twee zoektermen die hier direct op bleken te volgen: ‘kijharde porno’ en ‘porno keiharde’.

.

agenda hier

.

in de winkel van eva kon je terecht
voor agenda’s, sigaren, porno
of een huilbui

.

ik stormde de winkel van eva binnen
maar de winkel was die dag
van eigenaar Schouten

.

hij mompelde dat hij met mijn liefdesproblemen
weinig aan kon – wel had hij
agenda’s, sigaren, porno

.

%d bloggers liken dit: