Site-archief

Twee kerkhoven

Dichter van (de rest van) de maand

.

Ik lees in de bundel ‘Voor het onweer’ van de Duitse dichter Michael Krüger in vertaling van Cees Nooteboom uit 2012, en ik kom tot de conclusie dat ik zijn poëzie bijzonder krachtig en mooi vind. Reden om Krüger de rest van de maand augustus dichter van de maand te maken. Dus de komende zondag een gedicht van zijn hand op dit blog.

Vandaag het gedicht ‘Twee kerkhoven’, een niet heel verrassende keuze voor mensen die mij een beetje kennen. Kerkhoven zijn om meerdere reden plekken waar ik graag kom; om de rust en stilte, als plek van bespiegeling en beschouwing en om de cultuurhistorische waarde, kerkhoven zijn ook altijd een weerspiegeling van een tijd en een cultuur. Sommige zijn sober en ingetogen en andere zijn uitbundig en vol ‘leven’. Kruger beschrijft dit prachtig in onderstaand gedicht. Bezoek maar eens een willekeurige begraafplaats buiten Nederland of zelfs in een ander deel van Nederland en je begrijpt wat ik bedoel.

.

Twee kerkhoven

.

Vandaag ben ik langs twee kerkhoven gekomen.

Het ene lag afwijzend onder de gloeiende zon

en zei met al zijn  houten kruisen: Nee!

Het andere prees zich aan met duizendhandige ahorn

en vogelgezang voor zijn gepolijst marmer.

Ik kon niet kiezen. Voor alle twee viel veel te zeggen.

Ook de doden konden me niet verder helpen,

vergeten dichters en scheikundeprofessoren,

hun gespeelde ernst verwarde me.

Toen voelde ik het potlood in mijn jaszak,

mijn vriend op alle reizen, en ik maakte me klein

en verdween.

.

                                                                             Begraafplaats in Sighișoara, Transsylvanië  (Roemenië) Foto: WvH

Bijgeluiden

Henk Ester

.

Ik ken inmiddels toch behoorlijk wat Rotterdamse dichters, persoonlijk of van hun werk, maar de naam Henk Ester (1952) kende ik nog niet. Tot ik zijn (eerste) bundel in handen kreeg getiteld ‘Bijgeluiden’. Op de achterflap lees ik dat Ester dichter en redacteur is (dat laatste bij de Automatiseringsgids), dat hij geografie studeerde en filosofie. Verder lees ik dat hij graag op de Maasvlakte en door de duinen zwerft (wat ik heel goed begrijp).

Inmiddels heeft Ester nog twee bundels uitgegeven; ‘E-groot is rood’ in 2016 en ‘Het vermoeden van Witten’ in 2018. In zijn debuutbundel ‘Bijgeluiden’ uit 2013 (waar hij de C. Buddingh’ prijs voor ontving) is van het voorgaande regelmatig iets terug te vinden. Zo ook in het gedicht ‘Tijd’ dat in de bundel valt onder het hoofdstukje Bijgeluiden VII (serie van 5 gedichten, dit is nummer 3).

.

Tijd

.

Als er geen getuigen zijn

.

als de straten leeg zijn tot ver voorbij de hoek

als niemand meer een tegel licht

om zijn gelijk te halen

en geen schilder meer de ruimte kleurt

als het ‘zoete zeegefluister’ zwijgt

en niemand leest

als geen componist meer pleit voor ‘klanken zonder meer’

als werkelijk niemand meer op rotsen slaat

en logica verkruimelt in graniet

.

wie schrijven dan de uren?

.

en hoelang duurt dat dan?

.

ik bedoel

die uren aan zee

als er geen getuigen zijn.

Hoe een zee een woord werd

Een recensie

.

De nieuwe bundel van Antoinette Sisto werd op 4 februari gepresenteerd in Perdu in Amsterdam. Deze bundel, uitgegeven door uitgeverij Kontrast in de reeks open is mooi vormgegeven met een foto van de dichter als omslag en een foto van Antoinette door Rob Hilz op de achterflap. De bundel is opgedeeld in 6 hoofdstukken en bevat 52 gedichten. Op de achterflap staat te lezen dat ‘tijd’het leitmotiv in deze bundel is, herinneringen aan vroeger, de klok die handelingen dicteert en het verkleinen van tijd tot zorgeloze momenten.

In het eerste hoofdstuk ‘Retro’ is de tijd aanwezig in herinneringen aan vroeger; bezoeken aan het zwembad, gymnastiekles en de familie.

In hoofdstuk twee ‘Tussen de wijzers’ lijkt dit voortgezet te worden maar hier beschrijft Antoinette een ander tijdsgewricht uit haar leven, met dezelfde compassie, waarna het terugkijken voltooid lijkt.

In het korte hoofdstuk drie ‘Het zoete nietsdoen’ beschrijft Antoinette recepten en gerechten maar ook daar komen weer herinneringen naar boven aan haar familie; “ik weet dat oud recept te liggen / in de bijkeuken van grootmoeders huis “. Of zoals in het gedicht ‘Familierecept’; “de geur waaraan ik terugdacht / vermengde zich met woorden / die ik lang niet las”.

In hoofdstuk vier (waar de bundel haar titel aan verleent) lijkt een omkering plaats te vinden. In het gedicht ‘Duik’ (met een verwijzing naar het eerste gedicht Golfslagbad ?) eindigt Antoinette met: “dreven wij naar een nieuwe tijd”. De gedichten die volgen zijn in de tegenwoordige tijd geschreven en volgen de dichter in haar gevoelsleven met prachtige zinnen als: “laten we afspreken / dat het nooit te laat is” en in een ander gedicht: “ik wist zeker dat ik je vinden zou / daar waar jij niet schuilde / in het donker van alle steden in mijn hart”.

In hoofdstuk 5 ‘Foto van een piloot’ lijken de gedichten de vorige hoofdstukken te willen voorzien van een extra fraai randje, waarna in hoofdstuk 6 ‘Speelduur 05.12’ gedichten met titels die verwijzen naar , wat lijkt een oude cassetterecorder, er een afronding komt. Alsof Antoinette nu weet hoe het verleden en het heden gekoppeld zijn en er een gebruiksaanwijzing klaar ligt voor de toekomst. Maar in de laatste regels van de bundel klinkt dan toch weer twijfel: “Ik zou het touw van de tijd vasthouden / als ik wist hoe vast voelde”.

Antoinette heeft met ‘Hoe een zee een woord werd’ een prachtige opvolger geschreven op ‘Iemand moet altijd gemist worden’. Schaf hem aan, lees en geniet.

Voor een gedicht uit deze bundel kijk je op de post van 13 februari 2017.

.

Wanneer kom je buiten spelen? door Evy van Eynde

Recensie

.

Wanneer kom je buiten spelen?

Wie: Evy van Eynde

Waar: Literair café De Tijd Hervonden in Hasselt

Wanneer: Zaterdag 13 juli 2013

 .

Op uitnodiging van Evy ben ik met fotograaf Ruben Philipsen afgereisd naar Hasselt waar in het intieme maar sfeervolle literair café De Tijd Hervonden de presentatie van haar dichtbundel/theatervoorstelling ‘Wanneer kom je buiten spelen?’ plaats vind.

Café De Tijd Hervonden is naar eigen zeggen (en waarom zouden we eraan twijfelen?) het enige literaire café in Belgisch Limburg en is vernoemd naar de romancyclus À la recherche du temps perdu van Marcel Proust. Het literair café is tevens een conceptstore en pleisterplaats voor literatuurliefhebbers, voor debatten, lezingen boekvoorstellingen en poëzieavonden. De Hervonden Tijd is tevens de enige onafhankelijke boekhandel van Hasselt.

Vandaag dus een poëzieavond met Evy van Eynde. Aan één zijde van het café is een gordijn gespannen waardoor de ruimte daarachter als minitheatertje fungeert. Dan klinkt er muziek, muziek die mij nog het meest aan de filmmuziek van Bagdad café doet denken. Het doek gaat open en daar zit Evy, in een decor vol kinderstoeltjes, een tafeltje, een zandbakschelp en kinderservies.  Haar voorstelling begint met de vraag aan de aanwezige volwassenen om de ogen te sluiten en zich in te beelden dat ze nog een keer kleuter zouden zijn.

Wat volgt is een poëtische voorstelling vol gedichten en poëtische teksten die voor zowel kinderen als volwassenen zeer te genieten is. De taal van Evy is verrassend, voor mij klinkt het Vlaams meteen al poëtischer dan het harde Hollands maar door woordgebruik en beeldende taal weet Evy je mee te nemen in haar bijzondere, fantasievolle wereld. Door decor, lichtgebruik en mimiek doet Evy me af en toe denken aan Buster Keaton. Het hele beeld versterkt de teksten en maakt het tot één geheel.

En dan gebeurd er iets. Als Evy het gedicht Zoenen voordraagt zie ik uit mijn ooghoek een meisje van een jaar of 7 ( Helena die de dochter van Evy blijkt te zijn) haar hoofd omdraaien en veelbelovend kijken naar een jongen direct achter haar (Robbe). Ze draait haar hoofd, kijkt hem aan en aan alles zie ik dat voor haar de tijd niet snel genoeg kan gaan. En dan valt bij mij het kwartje.

Deze voorstelling gaat over de tijd, hoe wij, volwassenen en kinderen de tijd ervaren. Voor volwassenen is er de melancholie van het terugkijken en het ervaren hoe snel de tijd gaat en voor kinderen is er het verlangen naar zo snel mogelijk groot worden en deel gaan nemen aan alles wat de wereld hen te bieden heeft.

Misschien ken je de Parade, het reizende theaterfestival dat momenteel Den Haag aandoet? Dit reizende theaterfestival is vooral gericht op volwassenen. Mocht er ooit een Parade voor kinderen komen dan moet Evy van Eynde met deze (korte) voorstelling zeker meedoen.

Evy eindigde haar bijzondere voorstelling met de veelzeggende woorden ‘Je bent gezien!’.

Nou, dat klopt. Ik ben blij dat ik erbij was.

.

Zoenen

.

Als we nu eens…

dat lijkt me reuze fijn

.

Ik zal mijn lippen zoeten

met kersensmaak of mandarijn

.

Ik zal ze golvend pruilen

mijn ogen zachtjes sluiten

.

En alles wat daarbuiten

gebeurd dan eigenlijk niet

.

Zoenen

.

knuffel

_DSC1835

_DSC1832

                                                                             De laatste twee foto’s zijn van Ruben Philipsen.
Meer informatie over Evy en haar boek/theatervoorstelling op http://evyvaneynde.wordpress.com/
%d bloggers liken dit: