Site-archief

Ujes volkslied

Gedicht op balustrades

.

Van mijn broer kreeg ik een tip over een gedicht of eigenlijk de tekst van het Udens volkslied op de balustrades van de Promenade in Uden. Promenadeplan Uden is een complex met winkels en appartementen.

De voorwaarde die aan Poula Versantvoort ( de bedenker en maker van deze balustrades) gesteld werd door het architectenbureau was een connectie met Uden. Vanuit de gedachte dat zij een typografisch ontwerp wilde maken, is ze op zoek gegaan naar een tekst die betrekking had op Uden. Wat is er dan passender dan het Udens Volkslied. Een oud lied in het Udense dialect wat omstreeks de tweede wereldoorlog is geschreven door Johan Biemans.

De grote teksten staan gekeerd naar het publiek, per balustrade één regel uit het Volkslied. De rest van de balustrade is gevuld met doorlopend van links naar rechts en van boven naar onder, de complete tekst van het Volkslied. Deze tekst staat gespiegeld, zodat deze leesbaar is voor de bewoners van de appartementen.

.

Ujes Volkslied

.

We woone de grond in
Aoling aafter op de plak
In da klein leemen houske
Mi da groot strojen dak

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

De vurdeur is versleete
De zeldeur kepot
Ut boovelicht vergeete
De mure zijn rot

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Mar in de keder stu un kuip
Mi dingzigheid zat
Ik he temiddeg en taaftere
Nog van de knoeris gehad

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Onze vaoder en ons moeder
Zijn van Ujese komaf
Ons moeder kumt van Koldert
Onze vaoder van Bedaf

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

We zijn mi zun achtiene
Un skon taofel mi vollek
Zeuve hender de boks aon
En ellef de skolk

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Inplaots van un mieneke
Stutter un vet verreke int hok
We boere vandaag vort
Dat klinkt as un klok

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Zo skon as be ons
Is ut nerrest aont hous
In de locht tureluurt de leuwerik
In de rogmijt skierpe de mous

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Be de put hen we un hofke
Mi petterteunikes en lisse
Dek vur gin geld van de werreld
Mar oit zo kunne misse

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Vur ut hous stu ne lijndenbom
Be ut keldergat ene flier
Ginder ene sperruk en ene kroesselbos
Ene pruimenbom hier

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Be ons is t zo skon
Be ons is t zo fijn
Ik zou vur gin vet kallef
In Amsterdam wille zijn

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

En kunt er un skoer op
Of un skrikkelijke howmouw
Dan blijve we binne
Be ut vuur onder de skouw

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Ons vaoder zit in de turfhoek
En bidt de rozekrans veur
Ons moeder zet de pap op
De gu in een moete deur

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Ik zou nie wille roule
Tiggen de kunning of de paus
Want overal ist wa wanne
Behalve be ons thous

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

.

Advertenties

Poëzie museum

Virtuele poëzie

.

Via mijn Probiblio collega Ineke kreeg ik de tip over het Poëzie museum. Toen ze me vertelde wat dit precies was, werd ik meteen enthousiast. Het Poëzie museum werd op 1 april 2017 (geen grap) geopend aan het Museumplein in Amsterdam. Het is in feite een onzichtbaar museum, totdat je de app download (IOS en Android). Wanneer je dan ergens op het Museumplein de app opent vormt zich een wereld vol poëzie voor je ogen door middel van Augmented Reality. Je richt je telefoon of tablet op een plek op het Museumplein en voor je ogen verschijnen gedichten van 10 Nederlandse dichters op je scherm terwijl je nog steeds naar de plekken op het Museumplein kijkt.

Het Poëzie Museum is een initiatief van Internationational Silence. (Twan Janssen en Johannes Verwoerd). International Silence initieert en ontwikkeld culturele projecten op het snijvlak van kunst en design. Zij vroegen dichter Anna Enquist om als curator op te treden van dit virtuele museum.

Anna Enquist selecteerde tien Nederlandse dichters: Ida Gerhardt, Annie M.G. Schmidt, Gerrit Kouwenaar, Elly de Waard, Neeltje Maria Min, Leonard Nolens, Eva Gerlach, René Puthaar, Menno Wigman en Alfred Schaffer. Iedere dichter krijgt een eigen paviljoen, dat zes gedichten in 3D  toont. 24 uur per dag kun je de ruimtelijke gedichten lezen via telefoon of tablet.

Inmiddels is er al een uitbreiding gekomen van de makers van deze app namelijk een virtueel poëziepanorama in park Doornburgh in Maarssen onder de titel ‘Wat blijft’. Uitgangspunt hierbij is de gelijknamige tekst van Spinvis, deze kun je al lopend door het park virtueel lezen.

.

Wat blijft

De afstand blijft
De vangrail blijft
De populieren gaan
De helden gaan
Augustus blijft

Getuigen gaan
Gefluister gaat
De conversatie staakt
De Noordzee gaat
Het weergaloze blijft

Het doorgaan blijft
Voorlopig blijft
Al vroeg gegaan naar dierentuin, toen
Weggebracht naar busstation
Gezwaaid

Een sigaret
De bomen gaan
Het ruisen blijft

En als het soms
En dank u wel
En of ze ooit nog schrijft

Het landschap gaat
Het uitzicht blijft

We vinden ons
Het vinden blijft
Twee zomerarmen wijd
De schaduw gaat
De schemer blijft altijd

Het drinken blijft
Het drinken blijft
Ik hoorde dat, ach ook laat ook maar
Gewoonste gang van zaken
Zet de hond
Aan wie dan ook

Ze blijven hier
Ze hangen rond
De vaders gaan
De namen gaan
Na verloop van tijd
De duinen gaan
Het eiland blijft

Onderste drie foto’s: Ineke Goedhart

Krijgsgewoel

Armando

.

In 1986 publiceerde Armando de bundel ‘Krijgsgewoel’ zijn derde Berlijnse bundel, en misschien wel zijn mooiste. De observaties, beschouwingen en gesprekken zijn het resultaat van Armando’s bijna kinderlijke nieuwsgierigheid naar de bronnen en de sporen van het Duitse oorlogsgeweld. Hij staat stil bij medeplichtige gewassen en schuldige plekken, resten van het geweld. Anonieme getuigen en daders van het krijgsgevoel laat hij aan het woord in aangrijpende, onbecommentarieerde flarden. Is dit poëzie of is het proza?  Het onderstaande stuk, gedicht of tekst uit deze bundel vind ik poëtisch en is in mijn ogen een gedicht.

.

Langzamerhand ben ik gaan begrijpen

dat je niet moet schrijven of schilderen

wat je weet. Je zou datgene moeten

schrijven of schilderen wat zich tussen

het weten en begrijpen verbergt.

Een kleine aanduiding, een wenk is

mogelijk, een vermoeden, meer niet, en

dat is al heel wat.

.

Stoppen met roken in 87 gedichten

Dimitri Verhulst

.

Dimitri Verhulst (1972) is dichter en schrijver. Zijn officiële debuut was de verhalenbundel ‘De kamer hiernaast’ (1999), die genomineerd werd voor de NRC-prijs. Hij publiceerde verhalen en gedichten in verschillende literaire tijdschriften, waaronder ‘Nieuw Wereldtijdschrift’, ‘De Brakke Hond’ en het tijdschrift ‘Underground’, waarvan hij redacteur is. In 2017 verscheen van hem de bundel ‘Stoppen met roken in 87 gedichten’ uit. Ik werd gewezen op een gedicht zonder titel uit deze bundel en ik was meteen om, zeker als je Verhulst het gedicht hoort voordragen. Daarom zonder verdere introductie dit keer het gedicht in tekst en beeld en geluid.

.

Verbeeld je de verbeelding,

geef haar de macht die de mens

niet toebehoort.

Droom jezelf een stad

totdat je er echt in woont.

Denk je gedachten door de muur;

De dag bestaat

omdat je ‘r in gelooft.

Dwars de dood.

Bouw de vrouw die van je houdt,

want verzonnen zijn we zinnig.

Bedenken wij elkaar,

en beminnen wij dan innig.

.

Kijk en luister naar dit gedicht via de volgende link.

https://www.vpro.nl/speel~WO_VPRO_11367699~dimitri-verhulst~.html

.

Goud

Bazart

.

Iemand vroeg mij pas geleden wat maakt dat sommige songteksten als poëtisch worden gezien en waarom sommige lieddichters heel makkelijk ook als dichter worden gezien en andere juist niet. Een eenduidig antwoord kon ik daar toen niet op geven. De meeste songteksten zijn wat ze zijn, je leest ze en je weet; het gaat over een verloren liefde, over een meisje/vrouw/jongen/man of over een emotie. Volgens mij worden songteksten als poëtisch gezien als niet meteen duidelijk is waar ze over gaan, als er gespeeld wordt met de taal, als er mooie zinnen in staan die je bijblijven, niet omdat ze honderd keer herhaald worden maar omdat ze iets bijzonders hebben.

Ik moest hier aan denken toen ik het nummer ‘Goud’ van de Vlaamse band Bazart op de radio hoorde. De dromerige muziek gevoegd bij het Vlaams en de ietwat ongrijpbare teksten maken deze band bijzonder en luisterend naar de tekst dacht ik; het is net een gedicht. Daarom hier de tekst maar vooral ook het nummer.

.

Goud

.

Eén dans, geef me één dans met de duivel
Geen kans, er is geen kans op nog twijfel

Oh liever snel naar de hel, dan traag naar de hemel
Oh liever snel naar de hel, dan traag naar de hemel

Meevalt, als het meevalt op het einde
Oh geloof mij, elk feest duurt hier oneindig

Ik zie goud aan de rand van de zon
Ik ben te oud om te weten waarom
Mijn trein op het foute perron
Mijn trein zoekt nieuwe wagon

Oh liever snel naar de hel, dan traag naar de hemel
Oh liever snel naar de hel, dan traag naar de hemel

Neen dan, liever niet voorgoed verdwijnen
Oh alles wat ooit groot was, is nu kleiner

Ik zie goud aan de rand van de zon
Ik ben te oud om te weten waarom
Mijn trein op het foute perron
Mijn trein zoekt nieuwe wagon

Oh liever snel naar de hel, dan traag naar de hemel
Liever snel naar de hel, dan traag naar de hemel
Oh liever snel naar de hel, dan traag naar de hemel
Oh liever snel naar de hel, dan traag naar de hemel

.

Red poem

Rives Granade

.

Kunstenaar Rives Granade uitv het plaatsje Mobile in Alabama in de Verenigde Staten exposeerde afgelopen jaar met, wat hij noemt, poetically charged architectural fusions. Omdat ik graag de grens tussen poëzie en kunst verken viel mijn oog op één van de schilderijen die deze tentoonstelling bevatte (de tentoonstelling was tot december 2015). Het betreft hier het schilderij ‘Red Poem’.

Hoewel Red Poem geen gedicht is, volgens mij is het zelfs geen tekst of taal, deed het me erg herinneren aan eerdere kunstwerken van kunstenaars die zich lieten inspireren door poëzie.

Zo ook Rives Granade.  De schilderijen in deze tentoonstelling hebben allemaal een tekstueel element, een soort graffiti met een poëtische referentie. Dit slaat terug op Rives’ filosofie over het maken van kunst, het creëren van ruimte en het definiëren van kleur.

Veel van de werken in Red Poem zijn een middenweg tussen taal, architectuur en beeldhouwkunst. Het uitgangspunt voor deze werken was het lezen van poëzie. Rives schrijft ook poëzie, zijn dichtbundel komt in het voorjaar van 2016 uit.

.

redpoem2

redpoem1

redpoem3

 

 

 

Het denken en het meisje

Maria Barnas

.

De Nederlandse schrijver, dichter en beeldend kunstenaar Maria Barnas (1973) gebruikt tekst en beeld zowel in haar geschreven als haar beeldende werk. Voor haar poëziedebuut ‘Twee zonnen’ uit 2003 ontving ze de C. Buddingh’ prijs,  in 2009 de J.C. Bloemprijs voor haar bundel ‘er staat een stad op’ en in 2014 voor ‘Jaja de oerknal’ de Anna Bijns Prijs.

Maria Barnas is medeoprichter (met Maxine Kopsa en Germaine Kruip) van uitgeverij ‘Missing books’ die als kunstproject boeken publiceert die niet eerder zijn herdrukt. Ze schrijft over kunst en literatuur in onder andere De Groene Amsterdammer, De Gids, Vrij Nederland en ze was columnist bij het NRC Handelsblad.

Uit haar bundel ‘Jaja de oerknal’ uit 2013 het gedicht ‘het denken en het meisje’.

.

Het denken en het meisje

Weilanden en huizen verglijden in mijn ooghoek
terwijl ik me probeer te concentreren op het meisje
dat tegenover me zit. Er past veel in een ooghoek.
Een huis dat ik herken een sloot een koe en zelfs

het grazen en verloren turen van het dier dat de nek
strekt gespannen van een onbekend geluid.
Of wacht het strammer op een teken?
Dieren vermenigvuldigen zich aan de rand.

Schikken zich in dit verzakkende moerasland
met stuitende huizen waarin ik stuk voor stuk
heb gewoond. Het meisje klemt een boek

dat doorsneden van de hersenen toont op schoot.
Ze omcirkelt kwabben en ventrikels en ontleedt
dat ik aan haar kan denken en denken.

.

MB

 

Gewicht van verwerking

Meine Maipoto

.

Poëzie is niet altijd ‘een gedicht’ of een vorm die we kennen. Soms ligt poëzie verborgen in teksten die misschien niet bedoeld zijn als poëzie maar wel zo ervaren kunnen worden. Die gewaarwording heb ik bij een werk getiteld ‘The Weight’ van kunstenares Adeline de Monseignat.

Adeline de Monseignat is een kunstenaar die woont en werkt in Londen. Haar, op sculpturen en installaties gebaseerde, en in papier gevatte werken komen voort uit haar interesse in de  Uncanny ( een Freudiaans concept van alles wat bekend is maar een gevoel geeft van oncomfortabele bevreemding), het lichaam , het moederschap en het begrip van de oorsprong .

In 2013 maakt zij een kunstwerk met de titel ‘The Weight’.

Dit werk werd gemaakt in reactie op de getuigenis van de 16 jarige Zuid Afrikaanse Meine Maipoto uit het Rammulotsi Township, met de titel ‘Over mijn toekomst’. De Monseignat hierover: “Mij werden mondelinge en schriftelijke getuigenissen gestuurd van kinderen die de trauma’s die ze hebben opgelopen, beschrijven en ik voelde me bijzonder geraakt door het verhaal van de jonge Meine Maipoto. Deze, met de hand geschreven, getuigenis waarin ze beschrijft hoe ze, op achtjarige leeftijd, plots haar moeder verliest en wordt gescheiden van haar broer.  De belasting voor zo’n jonge ziel en het gewicht van haar woorden vervulde mij met een sterk verlangen om haar te helpen. De manier waarop ze haar tekst had ‘ gebouwd ‘, woord voor woord –  steen voor steen – als een solide basis voor haar toekomst, in combinatie met mijn wil om een ​​monument te bouwen om haar verhaal te eren , maakte dat ik een muur van stenen voor haar wilde bouwen. Elke baksteen is zorgvuldig verpakt in weefsel, voorzien van een woord of twee van haar handschrift ; met rood geschreven op wit , zoals de kleuren van de schoolkleren die ze droeg toen men haar het nieuws vertelde dat haar moeder was overleden, waardoor haar blote weerloze lichaam wordt blootgesteld . De verpakking is dus een poging om haar in staat te stellen een gevoel van bescherming op geven . Elke rij stenen is een zin van haar tekst. De muur is haar getuigenis.

.

mm

mm3

mm5

mm4

To the virgins

Comics en poëzie

Soms kom ik opeens op een idee en dan blijkt dat idee (uiteraard zou ik bijna zeggen) al te bestaan. De combinatie van comics en poëzie was zo’n idee. Al in 1980 schreef Dave Morice het boek ‘Poetry comics, a cartoonverse of poems’. In dat boek comics met de teksten van gedichten.In de inleiding van het boek schrijft Morice:

A few years ago, a friend of mine said, “Great poems should paint pictures in the mind.” Jokingly, I replied that great poems would make great cartoons, and what began as a wisecrack soon evolved into a diabolical plot to overthrow the Foundations of Poetry.

Zover is het uiteraard niet gekomen maar wat is gebleven is een zeer vermakelijk boek met comics  en poëzie. Daarnaast wordt de poëzie ook wel gebruikt door cartoonisten. Hieronder zie je een aantal voorbeelden daarvan.

comic1

comic2

 

Uit Poetry comics een mooi voorbeeld van een comic rond de tekst van een gedicht van Robert Herrick (1591 – 1674) met de intrigerende titel ‘To the virgins, to make much of time’.

.

To the Virgins, to Make Much of Time

Gather ye rosebuds while ye may,
   Old Time is still a-flying;
And this same flower that smiles today
   Tomorrow will be dying.

The glorious lamp of heaven, the sun, 
   The higher he’s a-getting,
The sooner will his race be run,
   And nearer he’s to setting.

That age is best which is the first,
   When youth and blood are warmer;
But being spent, the worse, and worst
   Times still succeed the former. 

Then be not coy, but use your time,
   And while ye may, go marry;
For having lost but once your prime,
   You may forever tarry.
.
comic3

comic4
RobertHerrick_NewBioImage


Gedicht als inspiratie voor song

Cucurucu

.

Donderdagochtend was singer-songwriter Nick Mulvey bij de ochtendshow van Giel Beelen. Zijn nieuwste single Cucurucu is, zo vertelde hij, een combinatie van een gedicht van D.H. Lawrence en een kinderrijmpje dat zijn moeder vroeger voor hem zong.

Het gedicht van D.H. Lawrence heet ‘Piano’ en dat kun je hieronder lezen.

.

Piano

.

Softly, in the dusk, a woman is singing to me;

Taking me back down the vista of years, till I see

A child sitting under the piano, in the boom of the tingling strings

And pressing the small, poised feet of a mother who smiles as she sings.

 

In spite of myself, the insidious mastery of song

Betrays me back, till the heart of me weeps to belong

to the old Sunday evenings at home, with the winter outside

And hymns in the cosy parlour, the tinkling piano our guide.

 

So now it is vain for the singer to burst into clamour

With the great black piano appassionato. The glamour

Of childish days is upon me, my manhood is cast

Down in the flood of remembrance, I weep like a child for the past.

.

 

En dit is wat Nick Mulvey ervan heeft gemaakt.

.

.

Met dank aan Youtube en 3FM
%d bloggers liken dit: