Site-archief

Doe mee en… wie weet!

Poëziewedstrijd 2022

.

Bij de laatste gedichtenwedstrijd van poëziestichting Ongehoord! in 2020 was Sara De Lodder de winnaar met het gedicht ‘Hoe wij als karretjes in elkaar passen’. De redactie van MUGzine (altijd op zoek naar nieuw talent) zag er alle reden in Sara te vragen voor een bijdrage aan MUGzine #5 . Ook de nummer 2 van deze gedichtenwedstrijd Marie-anne Hermans kreeg een plek in MUGzine.

Alle reden dus om dit jaar mee te doen aan de gedichtenwedstrijd van poëziestichting Ongehoord!. Hier vind je alle gegevens zoals het thema ( Twist), het regelement en de prijzen. Dus twijfel niet langer, spring in de pen, de vulpen, het potlood of beter nog, je pc of laptop en doe mee! En maak kans op een plekje in het leukste en meest eigenwijze minipoëziemagazine van de lage landen.

.

Om alvast in de sfeer te komen hier een gedicht van dezelfde Sara De Lodder getiteld ‘Tot stof’. 

.

Tot stof

ik zocht een kind, zo eentje die van haar fietsje valt
brult, op je afrent en van je houdt

ik hecht geloof aan een kind dat net als van een
hangertje, zo in je handen glijdt

niet te vaak, niet te vlug, liever het als een knoopje
losmaken en het vouwen naar je borstkas

bind haar longen aan je hart vast, trek haar recht
uit je navel, aan een schoot

ontkom je niet, maak met een lapje grond een
midden voor het kind – pas op

ze fietst zo van je weg, en in de verte lijkt ze weer
je kind, je houdt van haar

al vanaf de eerste keer dat je haar in je handen had
leek ze eeuwig

voeten zoeken het open veld: je veegt haar jeugd op
als het laatste restje stof

.

Terugblikken en vooruit kijken

Maak van een mug een olifant!

.

Bij het terugkijken op 2021 wil ik graag stilstaan bij wat ruim anderhalf jaar geleden begon als een wild plan en een gevoelde behoefte. Een paar jaar geleden was ik in Engeland en daar kwam ik in een museum allerlei kleine, persoonlijke magazines tegen van dichters en kunstenaars. De meeste gekopieerd of getypt in zwart wit en een enkele in kleur of op gekleurd papier. Ze lagen daar om gelezen te worden of om mee te nemen. Die kleine tijdschriftjes op A6 formaat maakte wat bij mij los; zoiets wilde ik al lang ook maken.

Het eerste wat ik mij afvroeg was of de wereld daar eigenlijk wel op zat te wachten, kleine amateuristisch in elkaar gezette vlugschriftjes met de poëzie (in mijn geval) van een enkele dichter? Het tweede wat ik me afvroeg was hoe je zoiets dan zou kunnen maken? Ik liet het idee los en vervolgde mijn leven. Tot ik in contact kwam met MarieAnne van Poetry Affairs. Zij had een verleden en ervaring met het maken van een (digitaal) magazine. En zoals dat soms gaat, als je twee mensen bij elkaar brengt die een zelfde enthousiasme kennen, dan komt daar wat van. In ons geval MUGzine. Maar voor het zover was werd er nagedacht over vorm, inhoud en vormgeving. En door dat laatste kwam Bart van BRRT.Graphic.Design erbij.

Samen kwamen we tot een concept waar we in geloofden, een klein maar eigenwijs (daar over zo meer) poëziemagazine met daarin gedichten van beginnende dichters en van (al wat) bekendere dichters in combinatie met illustraties van illustratoren en kunstenaars. Dat was het basisidee. Maar er moest meer mogelijk zijn, er zou ruimte zijn voor het experiment, meerdere dichters in een nummer, lange gedichten of juist heel korte gedichten, thematische nummers, nummers n.a.v. (poëzie) manifestaties of evenementen, beeldgedichten etc.

Het eerste nummer vulden we met poëzie van ons zelf, als proef, hoe zou MUGzine eruit komen te zien, wat zou de look & feel worden, welke onderdelen werden vaste onderdelen? Zo kwamen we op Luule, het malle kleine zusje van MUGzine. Een instagram-account (@L.uule) waarop kleine, korte poëtische, grappige, serieuze of dichterlijke gedachten en gedichten geplaatst konden worden en in elk nummer van MUGzine, achterop een Luule (Luule is het woord voor poëzie in Estland). Voeg daarbij in elk nummer een voorwoord met een grafisch vormgegeven mug en je hebt een klein, inhoudelijk kwalitatief hoogstaand en mooi vormgegeven mini poëziemagazine dat elke twee maanden verschijnt, digitaal op mugzines.nl en op papier voor de echte liefhebber.

Elke editie wordt volop gedownload maar juist ook de papieren versie is gewild. Op verzoek sturen we er een toe en wil je, als donateur, elk nummer automatisch, toegestuurd krijgen dan is een minimale donatie van € 20,- genoeg voor elk jaar 5 nummers.

De afgelopen anderhalf jaar hebben we al vele mooie en goede dichters een plek kunnen geven in MUGzine. En nu we 10 nummers hebben gepubliceerd kunnen we spreken van een succes. Maar liefst 32 Nederlandse en Belgische dichters kregen een plek in MUG en in elk nummer verschenen kunstwerken of illustraties van nationale en internationale kunstenaars (woonachtig in Nederland, Verenigde Staten en Australië).

Maar we kijken natuurlijk ook vooruit! Komend jaar willen we wat meer gaan experimenteren, niet zozeer in inhoud (poëzie en kunst/illustraties) maar meer in vorm en vormgeving. Eigenzinniger. En we blijven op zoek naar onbekend talent, nieuwe dichters die we een kans willen geven om te publiceren. Onze strenge maar rechtvaardige redactiefilosoof zal opnieuw richting geven aan de uitgave van elk nummer, Bart onze grafisch vormgever zal met nieuwe uitdagende uitingen komen en we zullen 2022 opnieuw een mooi MUGjaar maken.

Tot slot willen we onze donateurs bedanken voor het in ons gestelde vertrouwen en hun donaties en zien we nieuwe donateurs natuurlijk graag tegemoet. Op naar nummer 11! (februari 2022). En omdat ik altijd een gedicht wil delen uit MUGzine nummer 9 het gedicht van de Vlaamse dichter Mark van Tongele ‘Levenstrekharmonie’.

.

Levenstrekharmonie

.

Druppels op bladeren. Een sijpelend bos

in de motregen. Donderpad en watergeest.

Baggerroet. Drakenbloedbomen. Braakballen.

Hongerende slokoppen. Gele plomp. Mos-

kussens. Sarong en kabaai. Een feeënstern

die haar ene eitje in tuitel evenwicht boven

op een takje legt. Gaasvlieg in slow motion.

Dwaallichtjes. Eksters als witte stippen over

zwarte akkers hoppend. Trekkende mieren.

Plonzende zaagbekken. Nachtpauwooglicht.

Winteradem op de bodem van de waterkant.

Droesem. Riet verstild in bizarre ijsvormen.

.

Weet je nog hoe je moet drijven?

Sanne de Kroon

.

In 2020 deed dichter Sanne de Kroon (1997), Master of Arts Taalwetenschappen en dichter, mee met de Nijmeegse Literatuurprijs. De Nijmeegse Literatuurprijs is een initiatief van De Gelderlander, de Openbare Bibliotheek Zuid-Gelderland, Nieuwe Oost | Wintertuin, Poëziecentrum Nederland en literair tijdschrift Op Ruwe Planken. Het geheel staat onder leiding van de Stichting Literaire Activiteiten Nijmegen.

Het doel van de Nijmeegse Literatuurprijs is literair talent uit Nijmegen en omgeving een duwtje in de rug geven. De beste inzendingen worden gepubliceerd, winnende auteurs worden aan een podium geholpen. De winnaar van de hoofdprijs krijgt 250 euro. De ingezonden teksten werden kritisch bekeken door een jury. Uit de longlist van 11 inzendingen werd een shortlist gekozen van drie auteurs: Dat zijn Sanne de Kroon (met drie gedichten), Tamar Slooves  (met het verhaal ‘Daar praten we niet over’) en Esther van Raay (met het verhaal ‘Dirk’). De jury bestond in 2020 uit Heidi Koren (schrijver/dichter), Frederik van Dam (Radboud Universiteit) en Marijn Hogenkamp (uitgeverij Atlas Contact).

Tamar Slooves werd winnaar maar Sanne de Kroon ( die de publieksprijs kreeg) werd tweede met haar gedichten. Over het gedicht ‘Weet je nog hoe je moet drijven?’ schreef de jury: Met het tweede gedicht zet deze dichter de lezer meteen bij de eerste regel stil. “Mijn vader leeft al een jaar onder water”. Het is raak. ‘Weet je nog hoe je moet drijven?’ laat zien waar geworsteld
wordt en hoe dat eruit ziet vlak voordat iemand kopje onder gaat. Korte zinnen, boordevol oersterke beelden. Met dit gedicht toont de inzender zich dichter en dat smaakt naar meer!

.

Weet je nog hoe je moet drijven?

.

Weet je nog hoe je moet drijven?
Mijn vader leeft al meer dan een jaar onder water.
De dagen drijven aan hem voorbij.
Soms kan hij ze grijpen.

.
Laten we samen een metafoor bouwen,
die sterk genoeg is om je gewicht te dragen.
Moeilijk zal het niet zijn, want
je wordt met de dag lichter.

.
Je praat steeds meer over anorexia.
Niet voor jezelf, maar
er zijn mensen die zich helemaal niet goed voelen,
zonder dat daar een reden voor is.
Ze draaien hun schouders als ze door een deur moeten,
denkend dat ze niet zullen passen.

.
Maar papa, we weten toch al lang dat happiness
een theesmaakje is,
dat je plafond een magneet is en elk bed
gemaakt is van blijfzand.
Iedere keer dat je opstaat,
is een kleine overwinning.

Op een dag zal ik een enorme broccoli in de tuin planten,
die diepe wortels zal maken die alles zullen overwoekeren.
Mijn vader zal hem in minuscule stukjes snijden.
Bouillonblokjes uit zijn wikkels halen en
op zijn handen laten smelten als bruisballen.
En eindelijk zal alles soep zijn.

.

Kluger Hans

Literair tijdschrift

.

Via Facebook werd ik weer eens gewezen op het bestaan van het tijdschrift Kluger Hans. Alleen door de naam al zou je nieuwsgierig worden naar wat er achter schuil gaat. Kluger Hans is een in België in 2008 opgericht literair tijdschrift, dat zich richt op jong talent.

Het tijdschrift verschijnt vier keer per jaar, daarnaast publiceert men ook literair werk online en organiseren ze evenementen onder de naam ‘literaire schurft’. Volgens eigen zeggen wordt er nadrukkelijk gezocht naar thema’s met een maatschappelijke inslag, eigenzinnige en authentieke teksten die de verbeelding prikkelen, stimuleren en verwarren en de de verwondering bevorderen.

Als literair magazine kenmerkt men zich door een keuze voor maatschappelijke betrokkenheid en artistieke vorm en inhoud met een oog voor nieuwe namen en talent.

In het tijdschrift staan nieuwe verhalen, essays en poëzie en op de website van Kluger Hans http://www.klugerhans.net/ kun je van alles alvast een voorproefje krijgen.

Uit het aprilnummer van dit jaar twee gedichten over utopie van Ingrid Strobbe.

.

I.

Het ziet er zo (vanuit de lucht) uit:

eerst de kleuren

de vlakken grijs en groen

het bouwmateriaal legt een dorp aan

de straten krijgen namen

de nummering van huizen

een postbode voor het kind dat op geen van hen lijkt

.

dan de mensen en de honden

een kat zo nu en dan naar de overkant

piepende remmen van opa’s

en oma’s kapster in het kapsalon

het kapsel spiegelend

.

een wandeling in de straat aan de hand van voetstappen

een meter door een stap gemeten

aan de hand een kind

een dier

snuffelend bij straatverlichting in het daglicht

springend in de plas van vrolijkheid

om het nieuwe huis dat in afmetingen er over heen gebouwd

er over heen beschermd

.

II.

In mei smijt de mens het ei

eigeel de kleverige nacht

eiwit de dreigende gedachten

het plan valt in een ongeplande slaap

per ongeluk het ongeluk van het wapen dat niet past

dat op een kussensloop elk gedicht uit het hoofd slaat

.

de man in het grootste bed strikt een laatste wens als veters rond haar

poten

.

haar pantoffels zuchten zacht

de trap af

.

de trap op

vanuit de lucht af gezien is het een drama

en toch zingt de maan haar troostend lied

toch ziet de zon dit door de vingers

.

Utopie

%d bloggers liken dit: