Site-archief

Het glas breekt….

Bijna vergeten dichters

.

Ik heb veel oude dichtbundels in bezit en een groot deel daarvan zijn verzamelbundels of bloemlezingen. Het aardige van deze bundels is dat er dichters in zijn opgenomen waar je nooit meer iets van leest of hoort, terwijl er ook onder deze (bijna) vergeten dichters heel fijne dichters zitten. Zo lees ik in ‘De stem van de dichter’ samengesteld door Antal Sivirski en uitgegeven door J.B. Wolters Groningen in 1962 . In deze bloemlezing van poëzie en proza geschikt om voor te dragen (in het voorwoord neemt Sivirsky de lezer mee over het doel van het voordragen (anderen te laten genieten van een kunstwerk), de klank, de waarde van het voordragen en de keuze van de kunstwerken) staan behalve gedichten ook een aantal prozastukken. Ik beperk mezelf dan tot de gedichten van veel bekende dichters maar af en toe zit er een dichter tussen die ik niet ken. Zoals de dichter Dezsö Kosztolányi.

Kosztolányi (1885-1936)  was een Hongaars dichter, schrijver, vertaler en journalist. Hij wordt beschouwd als een van de belangrijkste Hongaarse literatoren van de 20e eeuw.  Hij was vooral estheet en individualist, zijn werk laat een toenemende verdieping zien. In de communistische periode gold hij als burgerlijk en conservatief, maar ook toen werd hij erkend als voorbeeldig stilist.

In 1907 debuteerde hij en vanaf 1908 was hij actief voor het pas opgerichte, later leidende, Hongaarse letterkundige blad Nyugat, waarin van zijn hand een studie over Rilke verscheen. Hij kreeg vooral bekendheid door zijn in 1910 verschenen gedichtencyclus ‘A szegény kisgyermek panaszai’ (Klaagzang van een arm klein kind). In 1913 publiceerde hij de anthologie ‘Modern költők’ (Moderne dichters). Kosztolányi schreef makkelijk en snel, naast 12 bundels gedichten publiceerde hij veel krantenartikelen en korte verhalen. Hij was tevens belangrijk als literair vertaler. Hij vertaalde werk van Shakespeare, Rilke, Goethe, Verlaine en Rimbaud, maar ook ‘Alice in Wonderland’.

Van zijn hand is in ‘De stem van de dichter’ het gedicht ‘het glas breekt….’ opgenomen dar eerder in ‘De Muze kent geen Babel’ (Wereldpoëzie in vertaling) verscheen in 1959.

.

Het glas breekt….

.

Het glas breekt

En de tand valt uit.

.

Het kleed scheurt

En het oog verzwakt.

.

Sleutel en knoop gaan te loor

En de lust vergaat.

.

De kaars brandt op

En het bloed wordt traag.

.

De lamp stort neer

En het hart staat stil.

.

Wee mij en u

Wee onzer.

.

Weemoed op het schip

Pavel Katenin

.

De Russische classicistische dichter , toneelschrijver en literair criticus die ook heeft bijgedragen aan de evolutie van de Russische romantiek Pavel Aleksandrovich Katenin (1792 – 1853) was een fervent theaterbezoeker die Shakespeare afkeurde als vulgair en obscuur en Corneille en Racine bewonderde vanwege hun nobele dictie en helderheid. Katenin was van adel en hij onderscheidde zich in de oorlog tegen Napoleon, maar hij werd het leger uitgeschopt vanwege zijn liberale opvattingen.

Vanaf 1827 trok hij zich terug op zijn landgoed. Katenin debuteerde in 1810 waar hij zich ontwikkelde tot een gewaardeerd dichter en criticus. Katenins vroege ballades hadden een merkbare invloed op de Russische ballades van Poesjkin, die Katenin hoog in het vaandel had staan ​​en bijna de enige was die recht deed aan zijn poëzie. In zijn latere werk werd Katenin overdreven archaïsch en brak hij uiteindelijk met de smaak van de dag. Bij alles wat hij deed, was hij een echte meester in techniek, maar het ontbrak hem aan het creatieve vuur dat alleen infecteert en aantrekt. In een vertaling van Peter Zeeman uit ‘Spiegel van de Russische poëzie’ het gedicht ‘Weemoed op het schip’.

.

Weemoed op het schip

.

De wind waait uit het noorden, en het zware anker

Ketent ons zeilschip aan de bodem van de zee.

De uren lijken stil te staan, de dag duurt langer.

Ik voel met treurig, triest, het zit vandaag niet mee.

.

De vreugdevolle tijd van troost moest snel weer wijken:

De dood, die ongenode gast, sloeg alles neer;

Mijn hart lijkt bijna onder kommer te bezwijken:

Hoe stelt een riethalm tegen stormen zich teweer.

.

Zo’n drie jaar lang heb ik met ’s levens storm gevochten,

Al drie jaar heb ik mijn gelieven niet gezien.

Het weer is slecht, en dat begon al in de ochtend:

Ga draaien, wind! Of vind je dat ik dit verdien?

.

Als ik mijn moeder en mijn vrienden mag omarmen

Zal ik misschien opnieuw weer zielsgelukkig zijn.

Verkil niet, vurig hart, laat hoop je weer verwarmen,

Kijk uit, onstuimige, en doe jezelf geen pijn.

.

Jas

Vicki Feaver

.

De BBC gaf in de jaren ‘90 van de vorige eeuw een aantal bundels uit met daarin de keuze van het Engelse publiek als het gaat om de mooiste gedichten, de mooiste liefdesgedichten, reisgedichten en de grappigste gedichten. Men vroeg het Engelse volk welk liefdesgedicht men het mooiste en beste vond.  Daaruit kwam een top 100 met daarin klassiekers als ‘Shall I compare thee to a summer’s day’ van Shakespeare en Elisabeth Barret Browning’s ‘How do I love thee’ (op de eerste plaats). Maar er staan ook minder bekende liefdesgedichten in, verrassende gedichten ook zoals die van Vicki Feaver (1943) ‘Coat’.

.

Vicki Feaver is een Engelse dichter. Ze heeft meerdere dichtbundels gepubliceerd. Feavers gedicht ‘Judith’, uit haar bundel ‘Handless  Maiden’, kreeg de Forward Prize voor het beste gedicht. De bundel ontving ook de Heinemann-prijs en werd genomineerd voor de Forward-prize. Feaver ontving ook een Cholmondeley Award.

.

Coat

.

Sometimes I have wanted

to throw you off

like a heavy coat.

.

Sometimes I have said

you would not let me

breathe or move.

.

But now that I am free

to choose light clothes

or none at all

.

I feel the cold

and all the time I think

how warm it used to be.

.

Ophelia

Jan Vercammen

.

De Vlaamse dichter en jeugdboekenschrijver Jan Vercammen (1906 – 1984) is zo’n dichter die redelijk snel uit het collectief geheugen van mensen aan het verdwijnen is. In Nederland was zijn dichterschap al weinig bekend maar ook in Vlaanderen nemen nieuwe namen zijn plaats in, in het literaire landschap. Daarom past zijn dichterschap prima in de categorie (bijna) vergeten dichters.

Jan Vercammens dichtdebuut was de bundel Eksode, uit 1929. Vanaf zijn De parelvisscher‘ uit 1946 wordt zijn werk religieus-humanistisch genoemd, met de liefde en de dood als belangrijke thema’s, daarvoor had zijn poëzie eerder een katholiek karakter. Zijn werk werd vertaald in het Frans, Duits, Italiaans, Spaans en Russisch, meerdere gedichten werden op muziek gezet. Daarnaast schreef hij ook jeugdverhalen en kinderpoëzie.

Jan Vercammen was redactiesecretaris van ‘De Tijdstroom’ (1931-1935), redacteur van ‘De Gemeenschap’ (1935-1941) en ‘De Schakel’ (1936-1940). Hij was lid van de Raad van Beheer van de Kultuurraad voor Vlaanderen (1959-1976), erevoorzitter van de Vereniging van Vlaamse Letterkundigen en lid van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden.

Uit ‘Verzamelde gedichten’ uit 1976 het gedicht ‘Ophelia’, (de geliefde van Hamlet die verdronk) uit Hamlet van Shakespeare.

.

Ophelia

.

Ophelia, wit licht diep in het water

en de verukkelijke wonde van uw mond.

Uw duistre woorden werden dierbaar later

wanneer ik plotseling hun zin verstond.

.

Gij ziet het licht niet, want uw open ogen

zijn afgesloten met de schaduw van de dood,

o duisternis in hun verzonken bogen.

Ik was het leven dat gij duizelig ontvloodt.

.

De tijd beweegt zich traag als vinnen

van zilvervissen en ontstellend bloot.

Ophelia, nog moet ik u beminnen,

wit licht, verlokking tot de dood.

.

Liefste

J.W.F. Werumeus Buning

.

Vandaag onder de noemer (bijna) vergeten dichters, de Nederlandse dichter en schrijver Werumeus Buning (1891 – 1958). Werumeus Buning was bevriend met Adriaan Roland Holst. Roland Holst moedigde zijn vriend, die op dat moment kunstredacteur bij de Telegraaf was, aan gedichten te gaan schrijven.

In 1921 verscheen zijn eerste dichtbundel ‘In memoriam’, over de dood van zijn geliefde. Daarop volgde ‘Hemel en Aarde’ (1927) waarin Werumeus Buning de stijlvorm van de ballade uitprobeerde. In die vorm dichtte hij zijn grootste succes: ‘Mária Lécina’ (1932) gevolgd door ‘Drie balladen’ (1935), waarvan de ‘Ballade van den boer’ de bekendste is ( wie kent de regel :”Maar de boer, hij ploegde voort” niet?).

In de oorlog trad Werumeus Buning toe tot de Kultuurkamer, wat hem na de oorlog een publicatieverbod van één jaar opleverde. Mede hierdoor was zijn populariteit tanende. Na de oorlog bleef hij actief als dichter en vertaalde hij werken van Shakespeare, Cervantes en Herman Melville.

Uit de bundel ‘Verzamelde gedichten’ uit 1948 het gedicht ‘Liefste’.

.

Liefste

.

Liefste ik ben de droefenis gaan beminnen,

omdat geen andere méér uw ogen had.

Het was een duister, roekeloos beminnen;

Ik heb niet meer van haar dan u gehad.

.

Want droefenis was als gij waart in mijn leven

om uwe ogen heb ik haar bemind.

Was zij van u niet liefde’s enigst kind?

Zij was als gij, zij is niet lang gebleven.

.

En droefenis ging henen om het smeken

dat zij van u zou laten wat nog was:

de zachtheid, die in mij gebleven was

als een oud nest, waarom de takken breken.

.

En droefenis, mijn lief, heeft mij verlaten

want ik was nimmer gans met jaar alleen

ik bleef van u, ik ben alleen gelaten;

Zij was als gij, en anders was er geen.

.

En droefenis, mijn lief, heeft al het oude

gebroken uit de takken van het hart.

Waar zijn haar ogen, ùwe bleke, gouden,

en waartoe zwelt genezen in het hart?

.

J.W.F.-Werumeus-Buning

The Poet’s Tongue

An anthology chosen by W.H. Auden and John Garrett

.

Uit mijn boekenkast dit keer de gebonden bundel ‘The poet’s  tongue’ uit 1956 uitgegeven door G. Bell & Sons ltd. en samengesteld door niemand minder dan W.H. Auden en John Garrett.

De introductie begint al gelijk veelbelovend : Of the many definitions of poetry, the simplest is still the best: ‘memorable speech’. That is to say, it must move our emotions, or excite our intellect, for only that which is moving or exciting is memorable, and the stimulus is the audible spoken word and cadence, to which in all its power of suggestion and incantation we must surrender, as we do when talking to an intimate friend.

Een mooier introductie voor het project De Poëziebus lijkt me niet te vinden (zie elders op dit blog). Maar terug naar de bundel. Een aantal uitgebreide indexen maken de bundel leesbaar en de gedichten vindbaar. Op auteur, op eerste regel en op onderwerp, zo zijn de gedichten ontsloten.

Alle grote Engelse dichters zijn vertegenwoordigd. Van William Blake, George Gordon Byron, T.S. Elliot tot Emily Dickinson en Mary Coleridge. Van Shakespeare, Yeats en D.H. Lawrence tot Robert Frost en John Milton.

Prachtig uitgegeven in een heerlijk saaie linnen kaft biedt deze bundel voor ieder wat wils. Mijn keuze is gevallen op een gedicht van een voor mij redelijk onbekende dichter A. E. Housman (1859 – 1936). Housman was een Engels klassiek geschoold geleerde en dichter. Hij werd beschouwd als een van de belangrijkste classici van zijn tijd, en behoort tot de grootste geleerden van alle tijden.

.

In valleys green and still

Where lovers wander maying

They hear from over hill

A music playing

.

Behind the drum and fife,

Past hawthornwood and hollow,

Through earth and out of life

The soldiers follow.

.

The soldiers’s is the trade:

In any wind or weather

He steals the heart of maid

And man together.

.

The lover and his lass

Beneath the hawthorn lying

Have heard the soldiers pass,

And both are sighing.

.

And down the distance they

With dying note and swelling

Walk the resounding way

To the still dwelling.

.

Alfred Edward Housman

poets t

Gedichten voor tuiniers

Poems for gardeners

.

Van een vriendin kreeg ik de bundel ‘Poems fo gardeners’. Germaine Greer bracht gedichten over tuinen en tuinieren bij elkaar. De gedichten komen uit de klassieke oudheid tot aan de 21ste eeuw. Van Shakespeare en Anacreontea tot Alexander Pope en Louise Glück. Maar ook Cummings, Heaney en Simon Armitage.

Germaine Greer schrijft in haar inleiding: ‘Marianne Moore said that the poet’s job was to depict “imaginary gardens with real toads in them’. In truth, gardens are always imaginary because they are always the garden that you are aiming for rather than the garden you have, but the toads are real and immediate’.

Uit deze mooi vorm gegeven bundel een gedicht van Philip Larkin getiteld ‘Cut Grass’.

.

Cut grass

.

Cut grass lies frail:

Brief is the breath

Mown stalks exhale.

Long, long the death

.

It dies in the white hours

Of young-leafed June

With chestnut flowers,

With hedges snowlike strewn,

.

White lilac bowed,

Lost lanes of Queen Anne’s lace,

And that high-build cloud

Moving at summer’s pace.

.

GG

Tattoo you

The Word Made Flesh: Literary Tattoos from Bookworms Worldwide

.

Nadat ik de blog over E.E. Cummings had geplaatst zwierf ik nog even rond op het World Wide Web om te lezen over één van mijn meest favoriete dichters Cummings. Wat me opviel was dat ik op verschillende plekken afbeeldingen tegen kwam van tatoeages met (delen van) gedichten van die aloude E.E.

Mijn nieuwsgierigheid was gewekt en al snel kwam ik op de tumblrpage van  Justin Taylor en Eva Talmadge; http://tattoolit.com

en ook op : http://www.mediabistro.com/galleycat/kurt-vonnegut-e-e-cummings_b13996 . Op deze laatste website staat een interview met Justin en Eva waarin zei vertellen dat Kurt Vonnegut en E.E. Cummings de belangrijkste leveranciers zijn van literaire tatoeages. Dat dat klopt blijkt niet alleen uit de foto’s hieronder (een kleine greep uit het aanbod) maar zeker uit het boek dat ze in 2010 publiceerde ‘The world made flesh: literary tattoos from bookworms worldwide’.

Op de website staat te lezen dat het boek een gids is voor de opkomende subcultuur van literaire tatoeages – een verzameling van 100 full-color foto’s van de menselijke huid onuitwisbaar versierd met citaten en beelden van Pynchon naar Dickinson en van Shakespeare tot Plath. Verpakt met geliefde versregels, literaire portretten en illustraties – en verklaringen van de dragers op de geschiedenis van hun tatoeages en het persoonlijk belang van het gekozen literaire werk – het boek is hiermee deels een fotocollectie, en deels een literaire bloemlezing geschreven op de huid.

.

e.e. tattoo 1

 

e.e. tattoo 2

 

e.e. tattoo 3

 

e.e. tattoo 4

 

e.e. tattoo 6

 

e.e. tattoo 5

%d bloggers liken dit: