Site-archief

Stumm

Peter Maiwald

.

Afgelopen week was ik met een aantal collega’s op bezoek bij Duitse bibliotheken in onder andere Stuttgart, Mannheim en Heilbronn. In die laatste bibliotheek vond ik tussen de poëziebundels (de Duitse bibliotheken beschikken over het algemeen over een behoorlijke poëziecollectie) in een verzamelbundel een gedichtje dat me aanstond. Het is van de dichter en schrijver Peter Maiwald (1946 – 2008). De vroege publicaties van Peter Maiwald waren agitprop stukken (een vorm van politieke communistische propaganda van na Lenin) in de stijl van Bertold Brecht, gedichten en liederen die tijdproblemen op een gedeeltelijk ironische, soms bittere manier beschreven. Maiwald was lange tijd lid van de communistische partij in Duitsland, maar nadat hij in 1984 het kritische, linkse maandblad Düsseldorfer Demokratie oprichtte, werd hij uit de partij gezet. Zijn poëzie wordt daarna meer poëtisch, traditioneler ook met stanza’s en  rijmen.

Uit die periode stamt het gedicht ‘Stumm’ dat ik las in een bundel in de bibliotheek. Voor het gemak heb ik het maar gelijk vertaald.

.

Stom

.

Vandaag zag ik je

(zoals ik je nog nooit zag

na het opstaan naakt

kort in de deuropening staan

.

billen, rug, haar)

lachend gezicht

omdat ik gelukkig was.

Zei verder niets.

.

 

Advertenties

Berlijn 1968

José van Rosmalen

.

De schrijver en dichter José van Rosmalen (1947) beperkt zich niet tot één genre, maar schrijft gedichten, columns en korte verhalen. Een aantal daarvan heeft hij in 2012 gebundeld in het boekje ‘over grenzen’ dat hij in eigen beheer heeft uitgegeven. In het boekje van 72 pagina’s staan gedichten, korte verhalen en autobiografische schetsen. In dit bundeltje staat ook het gedicht ‘Berlijn’. Of dat hetzelfde gedicht is als het gedicht met de titel ‘Berlijn 1968’ dat ik op leesgedichten.nl tegen kwam weet ik niet maar ik vond het de moeite waard om hier met jullie te delen.

.

Berlijn 1968

.

In de kou
van de strijd
tussen oost en west
tussen nacht en ochtend
tussen corps en revolutie
vocht de groep studenten
zich door drank en principes

Op zoek naar waarheid
trots op idealen
blij met de koelkast
werd de muur al zachtjes gesloopt

Buiten regeerde angst
in de ondergrondse zweeg je

Het spel van de namen
de glazen wijn
een nacht in Oost-Berlijn
toen wist ik al
niet van het corps
noch van de revolutie te zijn.

.

 

img_4174

ogr

Mao Tse Tung

The long march

.

Soms kom je onverwachte verrassingen tegen. Zo ook afgelopen zaterdag. Ik was bij een kringloopwinkel in Voorburg en kocht daar onder andere het obscure bundeltje Mao Tsetung: Poems. Een in 1976  door Foreign Languages Press in Peking uitgegeven bundel met vertaalde gedichten van de voormalig leider van China. Mao Zedong (zoals wij hem tegenwoordig kennen) leefde van 1893 tot 9 september 1976. De vraag is dus of hij nog leefde toen deze bundel werd uitgegeven of dat het is uitgegeven naar aanleiding van zijn dood. We zullen het nooit weten.

Het is in ieder geval de eerste editie (en daar zal het waarschijnlijk ook wel bij zijn gebleven). Met voorin een uitvouwbaar handschrift van Mao, een foto met zijn handtekening en 36 gedichten van zijn hand. Achterin een noot van de vertalers over de gedichten die allemaal in traditionele Chinese versvormen geschreven zijn als de tzu, de lu, de chueh en twee variaties op de shih.

De gedichten zijn geschreven tussen 1925 en 1963 met intrigerende titels als The people’s liberation army captures Nanking (1949), Reply to comrade Kuo Mo-jo (1961) en Militia women, inscription on a Photograph (1961).

Omdat de Lange mars van Mao heel bekend is hier het gedicht The long march (1935).

.

The long march

(a lu shih)

.

The red army fears not the trials of the long

march,

Holding light ten thousand crags and torrents.

The Five Ridges wind like gentle ripples

And the majestic Wumeng roll by, globules of clay.

Warm the steep cliffs lapped by the waters of golden

sand,

Cold the iron chains spanning the Tatu river.

Minshan’s thousand li of snow joyously crossed,

The three armies march on, each face glowing.

.

(Five Fidges en Wumeng zijn gebergten, Minshan is een deel van de Yangtze rivier)

mao1

mao2

mao3

 

Kim Jong il en de poëzie

Hofdichter Jang Jin-sung

.

Vandaag in de Volkskrant een artikel over de hofdichter van Kim Jong-il, de dictator en alleenheerser over Noord Korea. Deze hofdichter Jang Jin-sung is gevlucht uit Noord Korea en geeft in het artikel een aardig inzicht in het reilen en zeilen in Noord Korea en hoe hiermee als westers land om te gaan, om verandering te kunnen bewerkstelligen.

Het politieke deel van dit artikel, hoe interessant ook, daar wil ik het hier nu niet over hebben maar het gedicht dat is afgedrukt bij het artikel, dat is dan weer wel de moeite waard om aandacht aan te besteden. Eerst het gedicht.

.

Lente rust op de geweerloop van de Heer

.

Dus dit is het Wapen

dat in handen van een minderwaardige man

alleen een moord kan plegen

maar, gehanteerd door een groot man,

alles kan overwinnen.

Zoals de geschiedenis heeft geleerd,

behoren oorlogen en bloedvergieten,

bij de zwakken.

Generaal Kim Jong-il,

de Generaal alleen,

is heer van het Wapen,

Heer van de gerechtigheid,

Heer van de vrede, Heer van de Eenwoording,

O, de ware Leider van het Koreaanse Volk!

.

Als je aan mij zou vragen wat er mis is met dit ‘gedicht’ dan ben ik nog wel even bezig. Dat is ook niet waarom ik hier aandacht aan besteed. Juist de vorm, de overdrijving, de woordkeus, de absurde verheerlijking, de kleffe onderdanigheid boeit me. Hoe, heb ik me weleens afgevraagd, komt een mens zover dat ie dit kan schrijven? Natuurlijk, in Noord Korea weet men niet beter en als men beter weet en dit uit komt men vanzelf in één van de meest vreselijke strafkampen terecht. En als je dit soort propagandistische gedichten maar vaak genoeg hoort ga je er vanzelf een keer in mee (zeker als je dit van jongs af aan gewend bent te horen).

Hoe het ook kan bewijst Alfred Schaffer, dichter te Kaapstad, over Nelson Mandela.

.

Gedicht zonder woorden

.

Vier vrouwen steken uitgelaten arm in arm de straat over.
Op weg naar een kantoor van glas en moeizaam op hun hakken.
Hebben ze het nieuws gehoord vraag ik me af
de wind jaagt dwars door Adderly richting de haven.

Op perron 9 loopt de trein uit Bellville leeg.
Een koele vrouwenstem roept een vertraging om
die van de trein van 8 uur 10 uit Kapteinsklip maar wie goed luistert
hoort haar begeesterd zingen en zingt mee.

Bij de broodafdeling in de supermarkt heeft zich een lange rij gevormd.
Verse broodjes en een kopje koffie voor de dag begint
voordat de dag opnieuw en weer opnieuw begint maar wie scherp kijkt
ziet geen afzonderlijk gezicht alleen een menigte.

Een echtpaar staart verwonderd naar de wolken
die bewegingloos de Tafelberg af rollen, auto’s trekken op of
houden netjes stil voor rood, een man groet iemand niet
en loopt dan door misschien een bedelaar

het lijkt een doodgewone ochtend in de stad wat valt er verder
ook te zeggen – dat het een warme lentedag zal worden ja
en dat wanneer je iemand naar de weg zou vragen
je geen antwoord kreeg vandaag, alleen een trieste glimlach.

En dat een heel klein meisje ergens
in dit huis een grote boom met vogeltjes en slingers en ballonnen
in de bladeren zal tekenen en zeggen deze geef ik
aan Mandela als ik in de hemel ben.

.

kim-jong-il_796226c

 

nelson-mandela

Poëzie als Olympische Sport

Poëzine

.

Poëzine, het onvolprezen digitale magazine vol poëzie en kunst had in één van haar eerste afleveringen als thema “Een zomer zonder doping’. Ik heb daar toen een bijdrage voor geschreven waar ik laatst aan moest denken toen de hele discussie over Sochi en de corruptie binnen de Spelen weer eens aan de orde kwamen. Ik las mijn stuk nog eens terug en besefte toen dat alleen de lezers van Poëzine dit hadden kunnen lezen. Dat zijn er inmiddels al heel veel,  maar om het ook met diegene die (nog) geen lid zijn (doen hoor!) te delen alsnog de tekst.

Tijdens de Olympische spelen van 2012 kwamen vele dichters (50 talen) uit allerlei landen bij elkaar in Londen op een festival met de naam Poetry Parnassus. Daar droegen zij hun poëzie voor en van deze voordrachten werden 100.000 kopieën van hun verzamelde werk uitgestort door helikopters boven het olympisch terrein aan de Thames. Een ander poëzie project ‘The Written World’ bestond uit het dagelijks voorlezen van een gedicht uit één van de 204 deelnemende landen, door de BBC. Tot slot waren er op stenen, houten en metalen gedenkplaten gedichten aangebracht die her en der op het Olympisch terrein stonden.

Toch gaat de relatie tussen sport en poëzie verder terug dan je zou denken. In het oude Griekenland waren literaire activiteiten een onlosmakelijk onderdeel van atletiek evenementen. Dichters waren toen minstens zo populair als de atleten. Beroemde atleten uit die tijd lieten dichters odes schrijven over hun belangrijkste zeges. Bij een Grieks atletiek festival bij Delphi, de god van muziek en poëzie, was het voordragen van poëzie een even competitief onderdeel als de atletiekwedstrijden.

Voor een groot deel van de Olympische spelen in de 20ste eeuw was poëzie een officieel wedstrijdonderdeel waarbij medailles waren te winnen. Baron Pierre de Coubertin stond erop dat dit soort Griekse kunsten werden toegestaan naast de sportieve onderdelen. In 1912 werd zijn droom gerealiseerd toen literatuur, muziek, schilderkunst, beeldhouwkunst en zelfs architectuur olympische onderdelen werden tijdens de zogenaamde Pentathlon der Muzen waarbij alle inzendingen direct geïnspireerd moesten zijn door sporten.

Tijdens 7 opeenvolgende Olympische spelen werden gouden, zilveren en bronzen medailles uitgereikt aan zowel schrijvers (meestal dichters) als atleten als sprinters, worstelaars en gewichtheffers. De Coubertin, slim als hij was, deed de eerste keer onder pseudoniem mee en ‘won’ een medaille voor zijn ode aan de sport. Toch was er al snel kritiek op dit onderdeel. Beroemde dichters (T.S. Elliot, Jean Cocteau) werden genegeerd en mindere goden wonnen de medailles voor vaak kritiekloze en ophemelende poëzie. Daarnaast was de regel dat alleen amateurs mochten meedingen terwijl kwaliteit juist meestal niet van amateurs kwam. Toen tijdens  de Olympische spelen in en rond de crisistijd en de oorlog deze vorm van competitie ook nog eens werd ingezet als propaganda was dit het eind van de kunsten als competitief onderdeel van de spelen. In 1952 tijdens de Olympische spelen van Helsinki werd poëzie stilletjes van het programma geschrapt. Vandaag de dag zijn alle niet sport uitslagen uit de boeken van de Olympische spelen geschrapt. En misschien is dat maar beter ook. Je kunt je afvragen of poëzie zich leent als Olympisch onderdeel.

Dat tijdens de Olympische spelen van 2012 weer een vernieuwde interesse was voor poëzie kan je alleen maar toejuichen. In plaats van een zomer zonder doping zou je hier kunnen spreken van een sportzomer zonder doping maar met poëzie. En dat is alle doping die je nodig hebt lijkt me.

Tot slot twee coupletten uit het winnende gedicht van Pierre de Coubertin (onder het pseudoniem M. Eschbach geschreven van 1912. Het complete gedicht telt 9 coupletten. Voor de volledige tekst kun je terecht op http://library.la84.org/

I.

O Sport, pleasure of the Gods,

essence of life, you appeared suddenly

in the midst of the grey clearing

which writhes with the drudgery of

modern existence, like the radiant

messenger of a past age, when

mankind still smiled. And the glimmer

of dawn lit up the mountain tops and

flecks of light dotted the ground in the

gloomy forests.

II.

O Sport, you are Beauty! You are the

architect of that edifice which is the

human body and which can become

abject or sublime according to whether

it is defiled by vile passions or improved

through healthy exertion. There can be

no beauty without balance and proportion,

and you are the peerless master

of both, for you create harmony, you

give movements rhythm, you make

strength graceful and you endow suppleness

with power.

.

Olympische-Spelen

%d bloggers liken dit: