Site-archief

Beste meneer Bloem,

Selectie uit 20 jaar Mr. J.C. Bloemprijs

.

In 2001 werd voor de 1e keer de Mr. J.C. Bloemprijs beschikbaar gesteld door de gemeente Steenwijkerland waar dichter J.C. Bloem (1887-1966) de laatste jaren van zijn leven woonde. Sindsdien wordt de prijs elke twee jaar uitgereikt aan een dichter uit het Nederlandse taalgebied. Het geld is bedoeld (als aanmoedigingsprijs) voor een tweede bundel (Inleiding pagina 6). Dit laatste klopt niet helemaal, je zou denken dat het hier dus een prijs voor debutanten betreft maar een snelle check levert meteen al op dat niet klopt. Neem bijvoorbeeld Hagar Peeters die in 2005 de prijs kreeg voor ‘Koffers zeelucht’. Peeters debuteerde in 1999 met de bundel ‘Genoeg gedicht over de liefde vandaag’. Een ander voorbeeld is Maria Barnas, winnaar van de prijs in 2009 met ‘Er staat een stad op’ uit 2007, terwijl zij als dichter debuteerde in 2003 met ‘Twee zonnen’.

Wanneer een dichter is genomineerd wordt deze gevraagd een gedicht te schrijven op de persoon Bloem, zijn werk of een regel of titel uit zijn oeuvre. Niet alle dichters gaven hieraan gehoor. Van de gedichten die wel geschreven werden daaruit is een overzicht gemaakt (van dichters uit Nederland en Vlaanderen). Deze zijn in de bundel bijeengebracht samen met twee lezingen van Willem Thies over Bloem die rijk zijn aan zijwegen die je na lezing verder wil bewandelen maar de hoofdweg die hij kiest (het hart in het werk van Bloem en de betekenis, een analyse, van het gedicht ‘November’) is duidelijk analytisch en zeer verteerbaar.

De dichters die in de bundel zijn vertegenwoordigd worden geïntroduceerd middels een korte biografie, citaten, een overzicht van hun werk en iets over het gedicht dat is opgenomen. In de inleiding wordt de dichters die genomineerd zijn geweest voor de Mr. J. C. Bloemprijs en geen gedicht hebben aangeleverd gevraagd dit alsnog te doen. Alle genomineerden staan vermeld achterin de bundel. Men hoopt dat men zo een tweede (vermeerderde druk) van deze bundel kan uitgeven waarin meer genomineerde dichters staan.

Als ik kijk naar dichters die wel zijn genomineerd maar die geen bijdrage in de vorm van een gedicht hebben geleverd dan zijn dit niet de minste: Ilja Leonard Pfeijffer en Rodaan al Galidi (2003), Mark Boog (2005), Micha Hamel en Erik Jan Harmens (2007), Peter Swanborn (2011), Maud Vanhauwaert (2015) Maarten van der Graaff (2017), Daniel Vis en Charlotte Van den Broeck (2019) en Marieke Lucas Rijneveld (2021), en dit is nog maar een greep. Me dunkt dat je met gedichten van deze dichters een aardige (extra) bundel kunt vullen.

Desalniettemin staan er nog genoeg dichters van naam in deze bundel met een gedicht die deze bundel bijzonder de moeite waard maken. Zoals het gedicht van Sylvie Marie (1984) ‘Het leven zou zoveel leuker zijn’. Sylvie Marie werd in 2013 genomineerd met de bundel ‘Toen je me ten huwelijk vroeg’.

.

Het leven zou zoveel leuker zijn

.

zonder aanmodderen, deze lamme sofa,

staren, sterren, altijd dat raam.

.

ik zocht het op ; er zijn geen wedstrijden,

noch is er een wereldrecord janken

en toch trekken we jassen aan

als zwachtels, slenteren we ons suf.

 

waarom kiezen we niet eens

voor de donder, vegen we met regen

nooit gewoon de vloer aan,

wie weet wat er dan komt aangewaaid?

.

ja, waarom hebben de tegels

waarop we onze schoenen slijten geen

namen als martha, albert, julia, roger ?

heel eenvoudig hinkelspel had dan gezegd

wie van wie moet houden.

.

 

Advertentie

Het Einddoel

Jan Rot

.

Afgelopen zaterdag was ik aanwezig bij het jubileum van stichting De zoek naar schittering van Jiske Foppe als onderdeel van het festival ‘Woordnacht’.  Als lid van het comité van aanbeveling (samen met Sylvia Hagers, Bas Kwakman en Mart Bechtold) kon en wilde ik dit niet aan me voorbij laten gaan. Niet alleen omdat ik Jiske al langer ken en zeer waardeer om haar tomeloze inzet voor de poëzie maar ook zeker om te luisteren naar de lezing van Kila van der Starre (lid van de Raad van Toezicht van de stichting en all round “poëzieprofessor’).

Op de bijeenkomst in het Nieuwe Instituut in Rotterdam waren behalve de lezing en presentatie van Jiske over het werk van de stichting, ook voordrachten van drie Rotterdamse dichters; Daniel Dee, Peter Swanborn en Amber Rahantoknam. Jiske werd geïnterviewd door Woordnacht festivaldirecteur Hans Sibarani. Veel aandacht ging uit naar de Bruggedichten die Jiske met de stichting realiseert in Rotterdam maar ook andere projecten kwamen aan de orde zoals de gevelgedichten in Hordijkerveld, het Noorderdicht en Geluk op Zuid.

En er was aandacht voor de VERS app en de Route Lagogo, een poëtische wandeling door Hillegersberg en Schiebroek in Rotterdam. Bekende dichters, zowel landelijk als Rotterdams en lokaal, allen met een band met het festival Poëzie Lagogo of het gebied leverden gedichten aan en spraken ze in. Ze werden gekoppeld aan locaties die via de VERS app te vinden zijn. Sommige verschijnen als raamgedicht en andere gedichten zijn uitsluitend via de de app te beluisteren. Deelnemende dichters zijn onder andere Jana Beranová, Hester Knibbe, Ingmar Heytze, Elfie Tromp, Mark Boninsegna, Rob Hilz, Joz Knoop, Abdelkader Benali, Myrte Leffring, Edwin de Voigt en Anne Vegter.

Tijdens de presentatie liet Jiske een filmpje zien van Jan Rot (1957-2022) waarin hij het gedicht ‘Het Einddoel’ voordraagt dat hij samen met Boudewijn de Groot schreef als lied. Ook dit gedicht maakt deel uit van de Route Lagogo. Het is aangebracht op een raam van het cultuurcentrum De Buurvrouw aan de Larikslaan in Rotterdam.

.

Het Einddoel

.

Toen ik wist waarom ik huildeVielen beide ogen droogWat mijn tranen zo vervuildeWas de waarheid die ik loog
.
Nu lijk ik wel te dansenStevig vast en dan weer vrijEn al die tijd kijk ik naar jouEn jij verliefd naar mij
.
Toen ik wiste waarom ik beefdeWerden angsten minder grootEn toen ik wist waarom ik leefdeWas ik niet bang meer voor de dood
.
Ik was beschadigd moe en oudTe vaak verongelijktNu veeg ik alle tranen wegHet einddoel is bereikt
.
Nu lijk ik wel te dansenTerwijl de wereld kijktEn veeg ik alle tranen wegHet einddoel is bereiktNu veeg ik alle tranen wegHet einddoel is bereikt

.

 

Tot ook ik verwaai

Peter Swanborn

.

Peter Swanborn (1963) ken ik al een aantal jaar, in 2016 was hij jurylid van de Ongehoord! Poëzieprijs en in 2017 was hij te gast als dichter bij het Zomerpodium van Ongehoord! in de Jacobustuin. Swanborn is via de geologie en de fotografie in de literatuur terechtgekomen. Sinds 1997 is hij als literair medewerker verbonden aan de Volkskrant. Zijn gedichten en artikelen verschenen o.a. in De Gids, Poëziekrant, De Zingende Zaag, Passionate en Tortuca.
In 2007 verscheen Peter Swanborns poëziedebuut, ‘Bij het zien van zijn lichaam’, in de Contrabas-reeks. Deze bundel werd genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs voor het beste poëziedebuut van 2007. Zijn poëzie is vertaald in het Engels, Duits, Frans, Spaans, Sloveens, Perzisch, Indonesisch en Japans.

In de bundel ‘Tot ook ik verwaai’ uit 2009 geeft hij een indringend beeld van wat dementie (van zijn moeder in dit geval) met een mens en zijn omgeving doet.
In heldere, eenvoudige bewoordingen beschrijft hij hoe het is om te beseffen dat je hersenen niet meer werken, om te weten dat je niets meer weet. De nachtmerrie van het dwalen door een vreemd huis waarvan iedereen zegt dat jij er woont. de schrik van het niet meer herkennen van mensen die zeggen dat ze je kinderen zijn.

De bundel is opgedeeld in drie delen. In het eerste deel wordt de beginnende dementie van de moeder beschreven. Ze is op dat moment nog in haar eigen woning.
In het tweede deel is de dementie gevorderd; de moeder is opgenomen in een verpleegtehuis.  In het derde deel wordt er door de familie naar de dood van de moeder toegeleefd.

De thematiek van de bundel, de beschrijving van de voortschrijdende ziekteverschijnselen van dementie en de ontzetting over de aftakeling van de moeder, waren heel herkenbaar voor mij al is elke situatie uniek. Peter beschrijft het proces met veel empathie en mededogen zoals in het gedicht ‘Badkamer’.

.

Badkamer

.

Bibberend, smekend, doe ik het goed zo?

Zij, naakt na tachtig jaar, in een warme wolk

water. Ik, vol ongemak, zoekend naar een

antwoord, een houding, een handdoek.

.

Doe ik het goed zo? Hou je maar vast

aan die beugels. Die hebben we niet voor niets.

Hier heb je zeep. Nee, dat mag je zelf doen.

Kan je best of wil je dat een zuster?

.

En ik denk aan de keren dat zij, vroeger,

mij moest wassen, de badzaal. de zinken

bak, de ruwe doek langs mijn natte benen.

.

En de schrik bij eerste schaamharen,

nu moet je maar zelf. De ongrijpbare afstand

eindelijk verdwenen. Doe ik het goed zo?

.

Zomerpodium

Jacobustuin

.

Elk jaar organiseer ik met de stichting Ongehoord! het Zomerpodium in de Jacobustuin in Rotterdam. Deze binnentuin is normaal gesloten voor publiek maar één maal per jaar, tijdens de Geheime Tuinen Route, gaat de tuin open voor publiek en dan organiseren wij er dus een poëziepodium. Elk jaar opnieuw is dit podium weer bijzonder. Door de ligging in het hart van Rotterdam, door de bijzondere sfeer die er heerst, door het groen, de vogels die je hoort en door de dichters die hier altijd boven zichzelf uit lijken te stijgen is het Zomerpodium voor mij mijn favoriete podium van het jaar.

Ook dit jaar is er dus weer een podium en wel op zondag 11 juni van 14.00 tot ca. 17.00 uur. Ook dit jaar kun je onder het genot van een hapje en een drankje (de hapjes zijn gratis) weer genieten van een aantal mooie dichters en muziek.

Dit jaar maar liefst twee Vlaamse dichters op het podium te weten Lies Jo Vandenhende en Philip Volckaert maar ook Gerda Posthumus (eilanddichter van Vlieland), Peter Swanborn (als Rotterdamse dichter), Daniëlle Zadawi (Winnaar van de voorronde Taal van de Kunstbende) en Ylka Kolken die voor het muzikale intermezzo zorgt.  Kortom veel om van te genieten.

Natuurlijk is er weer een open podium, is er alle mogelijkheid om de Jacobustuin te bekijken, een heerlijk drankje te genieten en wat te eten en interactief met dichters en publiek van deze dag te genieten.

De tuin is al om 12 uur open maar het programma begint rond twee uur. Ik hoop jullie daar te mogen ontmoeten en begroeten. Als voorproefje een gedicht van Gerda Posthumus getiteld ‘Zeeblues’.

.

zeeblues

.

niets van het zoute water uit haar ogen streeft
naar opgeloste weemoed die het hart verlicht
en is zelfs niet op iets van een gemis gericht
waarom het wenen zelf is wat haar inzicht geeft

zoals ze ieder tij zijn eigen hoogte geeft
maar ook de laagte met zijn eigen zwaargewicht
naar opgeloste weemoed die het hart verlicht
dat is hoe zij en in zichzelf haar waarheid leeft

druist ook de maan tegen een valse volte in
een chûte die zich keert tegen een nieuw begin
heeft ooit een leeg heelal uit haar verval gesticht

maar ook de laagte met zijn eigen zwaargewicht
en is zelfs niet op iets van een gemis gericht:
vervult haar volte tot een vloed ebt binnenin

.

Tweede prijs Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2016

Hans Franse

.

De tweede plaats van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2016 was voor Hans Franse. Hans was niet aanwezig want in Italië op een berg maar juryvoorzitter Peter Swanborn las het gedicht van Hans voor tijdens de uitreiking. De jury schreef in haar rapport over het gedicht van Hans:

Het gedicht is een geestige schildering van een klein Italiaanse restaurant waar grootmoe achter de pannen staat en kleinzoon de borden rondbrengt ‘met een vinger in het vlees’. Zo’n goed getroffen detail , maakt  als het ware, dat je jezelf meent er te zitten ‘achter de bistecca’. Het gedicht is genoeglijk van sfeer, maar weet de oubolligheid te vermijden die bij dit soort onderwerpen altijd op de loer ligt.

.

Italiaans restaurant in de buurt van Napels

 

De keuken van oma,

bejaarde hogepriesteres in een bloemetjesschort,

ligt in het centrum van het oneindig heelal .

Uit de kathedraal met gebrandschilderde pannen

stijgen magische  geuren tot over de Melkweg:

knoflook overweldigt van pool naar pool

Terwijl ik de wijn  langs mijn hemels palatum

laat tasten, en  engelen voel langs de tongpapillen

draagt Kleinzoon klunzig en stuntelig  borden rond,

zijn duimafdruk  leesbaar in  het vlees

van het  beste varken uit de hele buurt:

oma keurde het zelf, stond, oog in oog met wat

later een bisteccha zou zijn.

De koffie-van het huis- verplaatst mij naar de hemel,

terwijl buiten een dieselbus, hoestend, puffend,

knarsend , piepend en stinkend optrekt .

denk ik dat deze mij toch naar het paradijs begeleidt.

.

013-1

Winnaar Ongehoord! Poëzieprijs 2016

Hein van der Schoot

.

In een sfeervolle foyer van het Bibliotheektheater in Rotterdam verzamelde zich zondagmiddag vele dichters die hadden meegedaan aan de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2016. Het thema van de wedstrijd ‘Verwachting’ kon van de vele gezichten worden afgelezen. Wie zou de winnaar worden? Terwijl men vol verwachting de zaal betrad speelde Dwaalkat haar eerste nummer.

De jury bestond dit jaar uit drie ervaren dichters: Marieke van Leeuwen, Manuel Kneepkens en Peter Swanborn. Helaas waren Manuel en Marieke verhinderd maar Peter nam namens de jury de honneurs waar. Dit jaar hadden 169 dichters de moeite genomen om een gedicht in te sturen. Van deze 169 gedichten waren er 50 geselecteerd door het bestuur van Ongehoord! op de shortlist. Omdat dit de vijfde editie was en dus het eerste lustrum kreeg na de opening door de presentator van dienst, de winnaar van de allereerste editie van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd Hervé Deleu het podium. Hij droeg het gedicht ‘Menen-Rotterdam’ voor.

Daarna kregen de dichters de gelegenheid om hun gedicht in het Bibliotheektheater voor te dragen. Een groot deel van de dichters maakte van deze gelegenheid gebruik en in drie rondes werden de gedichten voorgedragen afgewisseld door de prachtige zang van Dwaalkat.

Na de gedichten was het de beurt aan Peter Swanborn namens de jury. De jury was verrassend eensgezind over de keuze van de drie winnaars. Uiteindelijk koos de jury voor het gedicht van Hein van der Schoot als het winnende gedicht. Nummer twee werd Hans Franse die helaas niet aanwezig kon zijn (zijn gedicht werd door Peter Swanborn voorgedragen) en de derde prijs viel Wouter Veldboer ten deel.

Over het winnende gedicht van Hein van der Schoot schreef de jury: In dit gedicht voel je de vervreemding, het tussen twee tijden, twee werelden bewegen. Het inleven in een varken dat geslacht wordt, maakt de directe omgeving, de nonkels en tantes, tot een dreigende meerderheid. Er is geen ontsnappen aan: ‘Ge zit gevangen in uw lijf’.

.

ge zat op uw bed, de dag te laat de nacht te vroeg

 

ge wist van de kelder de zolder, de ene sok de andere

en door de deur hoorde ge honderden vaders moeders

en bromberen net als vorige week en toen en toen

en buiten, nou ja buiten, de buik deed zeer, zeer

 

hoe het varken door zijn poten zakte en u aankeek

hoe het misschien droomde en ge zelf droomde dat ge

slappe benen zou krijgen en dan opengespalkt op de ladder

en al die nonkels en tantes die balkenbrij eten

 

een tuimelend hoofd met bloedspetters en strepen op de cementen

vloer en d’n papa die morse kan lezen maar dat ge zelf in uw lijf zit en

dat daar niemand u uit kan halen en dat er een brug is en een vallei

en hopelijk alles een kwestie is van goed zwiepen

.

img_5973

Herve Deleu draagt ‘menen-Rotterdam’ voor.

img_5975

Dwaalkat vermaakt en ontroert het publiek.

img_5978

Peter Swanborn deelt het juryrapport en de prijzen uit

img_5980

Derde prijs winnaar Wouter Veldboer, Peter Swanborn en winnaar Hein van der Schoot

.

Morgen en overmorgen de gedichten en  juryrapporten van de tweede en derde prijs, donderdag volgen dan nog de eervolle vermeldingen.

 

Ongehoord! Poëzieprijs

Zondag 20 november 2016

.

Op zondag 20 november aanstaande vindt in het Bibliotheektheater in Rotterdam de prijsuitreiking plaats van de 5e Ongehoord! Gedichtenwedstrijd. Dit jaar hebben maar liefst 169 mensen meegedaan aan deze wedstrijd en na een eerste beoordeling door de bestuursleden van Ongehoord! is daar een shortlist van 50 gedichten uitgekomen die aan de jury is overhandigd ter beoordeling.

Op 20 november zijn de shortlistdichters aan de beurt. Hen is gevraagd hun gedicht voor te dragen op het podium van het Bibliotheektheater. De jury zal dan bekend maken wie de eerste, tweede en derde prijs heeft gewonnen. het thema van dit jaar was ‘Verwachting’. De muzikale omlijsting is van zangeres Dwaalkat http://www.dwaalkat.nl/

Eerdere winnaars van de Gedichtenwedstrijd zijn Hervé Deleu, Anneke Wasscher, Gerard Scharn en Alja Spaan.

De jury bestaat dit jaar uit Marieke van Leeuwen, Peter Swanborn en Manuel Kneepkens. De prijzenzijn: 1e prijs een beeldje van kunstenares Lillian Mensing, een voordracht op een Ongehoord! podium en publicatie van het gedicht op de website van Ongehoord!, de tweede en derde prijs zijn hetzelfde maar dan zonder het felbegeerde beeldje.

Iedereen kan en mag aanwezig zijn bij deze feestelijke prijsuitreiking, de toegang is gratis. De middag begint om 14.00 uur maar de zaal is open vanaf 13.00 uur.

Om alvast in de stemming te komen hieronder het winnende gedicht van de eerste editie van Hervé Deleu getiteld ‘In de ochtendfile’.

.

In de ochtendfile

.

Schuivend in de ochtendfile
na een nacht onrustig
verwordt de tijd tot haar intieme bondgenoot.
Wellustig stuwt vanuit de diepte
de autoverwarming haar jeanspijpen binnen.
Even krult ze de tenen.
Ongegeneerd omklemt ze
de gladde kop van de pookversnelling
en ademt traag.
Haar elegante hand
glijdt ritmisch de verchroomde stang op en neer
terwijl haar voet met de motor speelt
en vibraties jaagt
door haar hele onderlijf.
Ze spiedt in de achteruitkijkspiegel
waarin haar genietende ogen
alléén die van haar ontmoeten.
Nog even duurt het spel
waarvan zij meester is.
Als de file oplost
droogt ook haar onvervuld verlangen.
.
beeldje
ongehoord

Het huis woont in mij

Peter Swanborn

.

Uit mijn boekenkast vandaag de bundel ‘Het huis woont in mij’ van Peter Swanborn. Swanborn is dichter, schrijft liedteksten, is literair medewerker van de Volkskrant en redacteur van Tortuca. Tortuca is een tijdschrift voor literatuur en beeldende kunst dat sinds 1997 in Rotterdam wordt uitgegeven. Ieder nummer van Tortuca bevat een afgewogen compositie van verhalen, gedichten, tekeningen, foto’s en schilderijen. (meer info op http://tortuca.com/).

Een aantal gedichten uit deze bundel verscheen eerder in Het liegende konijn, Liter, Poëziekrant Tirade en Tortuca. De bundel bevat 31 gedichten in 3 hoofdstukken en werd uitgegeven door uitgeverij Podium in 2013. Uit deze bundel het gedicht ‘Avond op het balkon’ uit hoofdstuk 3 ; Geen mens te zien.

.

Avond op het balkon

.

Op de daken wacht een bed van vuur. De wind veegt

door de binnentuin.Ik stap over de reling, laat me vallen

als word ik gedragen, via de vijver, een moment verloren

in een muggenzwerm, dan langs achtergevels steil omhoog

naar vlammen die gretig over de rand slaan. Mijn arm strekt,

mijn hand grijpt, als het hoofd, bezweet, om orde roept en ik

met een schok in mijn oude vorm tot stilstand kom.

.

het huis

Swanborn

Tortucas-02

%d bloggers liken dit: