Site-archief

Goed mens

Tonnus Oosterhoff

.

Via een rare link (namelijk die van brugwachtershuisjes.nl ) kwam ik erachter dat de Oost-Groningse dichter Tonnus Oosterhoff reservebrugwachter is geweest. Bij een brugwachter kan ik me wel wat voorstellen maar reservebrugwachter? Mag die komen opdraven als de reguliere brugwachter met vakantie is? Geen idee. Hoe dan ook, ik kwam op deze manier in aanraking met Tonnus Ooosterhoff en deze is dichter en dus, in mijn geval dan toch, ga ik op zoek naar zijn poëzie.

Tonnus Oosterhoff blijkt geen rasechte Groninger (want geboren in Leiden in 1953) maar woont daar al wel bijna zijn hele leven. Hij studeerde Nederlandse taal- en letterkunde aan de universiteit van Groningen en hij schreef, voor hij literair werk publiceerde, verhalen voor Mijn Geheim.  Voor wie Mijn Geheim niet kent, dit was een tijdschrift voor en door vrouwen waarin individuele levensverhalen centraal stonden. Eerlijk gezegd weet ik niet of het nog bestaat maar wat ik me er van kan herinneren stond het altijd bol van verhalen over relatieproblemen, echtscheiding, ziekte, de dood van een naaste, zwangerschap en traumatische ervaringen.

In 1990 debuteert Oosterhoff met de poëziebundel ‘Boerentijger’. Zijn oeuvre kenmerkt zich door een onderkoelde humor en verraadt de neiging zichzelf met ieder boek radicaal te willen vernieuwen. In 2001 initieerde hij bijvoorbeeld een website met bewegende gedichten. Voor zijn werk ontving hij vele literaire prijzen zoals de Herman Gorterprijs, de Multatuliprijs, de Jan Campert-prijs en de P.C. Hooft-prijs.

Uit zijn bundel ‘Wij zagen ons in een kleine groep mensen veranderen’ uit 2002 een gedicht zonder titel.

 

Een goed mens is iets heel eenvoudigs

maar laat je hem vallen, dan kun je hem weggooien.

Als het verband eruit is, krijgen

de knapste vaklui dat er nooit meer in.

Je kunt hem weggooien, hij is niets meer waard.

.

Koeien worden als ze gedwongen

elkaars merg en kop hebben gedronken

bij duizenden over de kling gejaagd:

want er mocht eens één zo’n kostbaar, uniek…!

.

Een mens is echter zo vervangbaar als een gloeilamp.

Draai in de fitting van een kapot goed mens

een nieuw goed mens en je hebt licht.

.

Ook een goed gedicht is eenvoudig.

.

Nooitvanzijnlangzalhijleven

.

Ik houd een onderdeel over

.

Advertenties

Die moeder

Elisabet Eybers

.

Soms kom ik in mijn boekenkast de meest vreemde boeken tegen. Nu weer een boek van Joke Forceville-van Rossum met de titel ‘Als je het mij vraagt’ uit 1983. Joke begint in haar voorwoord over de welvaart in ons land en dat deze bijna spreekwoordelijk is (!). Omdat zij veel gelezen heeft en daarbij zoveel is tegengekomen dat blij maakt, te denken geeft, helpt, troost en vragen stelt, wil ze anderen hier ook deelgenoot van maken. Er zijn dringender redenen geweest om een boek uit te geven dunkt me. Dit boek bestaat dan ook uit een enorme hoeveelheid foto’s, spreuken, verhaaltjes, korte essay-achtige stukken, overdenkingen en gedichten. Waarschijnlijk heb ik dit boek daarom ooit voor een euro gekocht bij een kringloopwinkel.

Het boek doorbladerend wilde ik het al weg doen tot ik een prachtig gedicht tegenkwam van Elisabet Eybers getiteld ‘Die moeder’. Elisabet Eybers (1915 – 2007) was een Zuid Afrikaans dichter. Ze groeide op en studeerde in Johannesburg maar vestigde zich in 1961 in Amsterdam en nam de Nederlandse nationaliteit aan. Toch bleef ze schrijven in het Afrikaans. Haar werk wordt gekenmerkt door humor, ironie en zelfspot. Als voorbeeld hiervan onderstaand gedicht uit 2006, geciteerd in haar overlijdensadvertentie:

Godsdienstigheid beweer
Die siel bly voortbestaan
Terwyl ek self begeer
Om grondig te vergaan

Ze wordt met M. Vasalis en Ida Gerhardt tot de drie grote naoorlogse dichteressen van Nederland gezien. Voor haar werk ontving ze vele prijzen waaronder drie keer de Hertzogprijs, de Herman Gorterprijs, de Constantijn Huygensprijs en de P.C. Hooft-prijs voor haar hele oeuvre. Ze publiceerde maar liefst 30 bundels poëzie in haar leven.

.

Die moeder

.

Die vreemde oorsprong van jou lewe het,

soos lig deur ’n kristal, deur my gevloei

in al die maande toe ek één was met

die stil geheim van jou verborgene groei.

.

En nou kan niks ons skei – want is jy niet

afhanklik en gebonde aan my bloed

wat met sy onbegryplike chemie

jou wonderlik gevorm het en voed?

.

En of die uur ver en vergete word,

en of die jare tussen jou en my

hul seile span, die see sy golwe stort,

of self die Dood sy somber baken steek,

nogtans sal jy aan my gebonde bly

met die onsigb’re naelstring wat nie breek.

.

n_jong_elisabeth_eybers

Brief aan de spiegel

Pierre Kemp

.

Via Facebook werd ik gewezen op een artikel dat verscheen http://www.literatuurmuseum.nl/artikelen/het-noodzakelijke-cliche-van-een-dichtende-forens over Pierre Kemp (1886 – 1967). Ik weet niet veel over deze Limburgse dichter, ik las eens een artikel over hem en bekeek een documentaire over zijn leven. Wat me ervan is bij gebleven, is dat hij een muze had, een vrouw die niet zijn vrouw was, en dat hij zijn poëzie vooral in de korte treinreizen schreef tussen de mijn Laura, waar hij werkte als loonadministrateur en zijn huis in Maastricht.

In het zeer lezenswaardige artikel staat ook te lezen dat hij altijd in het zwart gekleed ging zodat het kolengruis niet zichtbaar was. Kemp heeft veel gedichten geschreven (19 bundels) en zijn werk werd o.a. bekroond met de P.C. Hooft-prijs en de Constantijn Huygensprijs voor zijn hele oeuvre.

Uit zijn verzameld werk uit 1976 het gedicht ‘Brief aan de spiegel’.

.

Brief aan de spiegel

.

spiegel, als ik straks nog maar een lege onderbroek ben

en hemd, waarin vergolft mijn laatste harteklop;

als ik van het bestaande niets meer erken

dan wat nog welt uit mijn zingende kop

van onder het eerzame, schaarse haar,

kom ik nog eens vorsend voor je staan

en kijken wij elkander nog eens heel lang aan.

Tot dan,

je incomplete luisteraar

en leeggelopen man!

.

oldman-300x200

Domoren en dromers

Hans Verhagen

.

Dichter, journalist, schilder en filmmaker Hans Verhagen (1939) debuteerde in 1961 met de (in eigen beheer uitgegeven) dichtbundel ‘Anatomie van een Noorman’. In 1963 volgde ‘Rozen & Motoren’, bij  uitgeverij Nijgh & van Ditmar.  Hij maakte deel uit van de redactie van Gard Sivik, wat later De Nieuwe Stijl werd.

Vanaf de jaren tachtig houdt hij zich vrijwel alleen bezig de schilderkunst. Hij maakte in 2004 een comeback als dichter met de bundel ‘Moeder is een rover’, gevolgd door ‘Draak (2006) en ‘Zwarte gaten’ (2008). In 2003 verschenen zijn verzamelde gedichten in de bundel ‘Eeuwige Vlam’.

In 2009 ontvangt hij de P.C. Hooft-prijs voor zijn poëzie vanwege zijn humor, zijn engagement, zijn poëtische durf en eigenzinnigheid. Uit ‘De eeuwige vlam’ het gedicht ‘Domoren en dromers’.

.

Domoren en dromers

.

De grote roergangers van deze tijd,

alle rimpels met zich mee dragend van de levenszee,

vrezen geen verzet van de domoren van het verstand:

‘wie denkt, denkt vroeg of laat wel met ons mee’.

.

Maar wie met de onvervalste wijsheid van een ongeschoolde

en van dromen en drift doortrilde hand

de hemel aansnijdt om zijn naam te kerven

in de regenbogen –

die beschouwt de gangster aan het roer als vijand.

.

2009-05-13 Amsterdam portret van dichter schilder P C Hooftprijswinnaar Hans Verhagen (1939)

Hans Verhagen bij de opening van zijn schilderijententoonstelling in Vlissingen in 2009

Nietsvermoedend

Dierentalen en andere gedichten

.

Rudy Kousbroek (1929 – 2010) was was dichter, journalist, vertaler en essayist (hij ontving in 1975 de P.C.Hooftprijs voor essayistiek). Samen met auteurs als Lucebert, Gerrit Kouwenaar en Hugo Claus behoorde hij tot de groep der Vijftigers. Met Remco Campert gaf hij het tijdschrift ‘Braak’ uit. Kousbroek ontving voor zijn essayistisch werk vele prijzen maar zijn poëzie mag er ook zeker zijn.

Uit zijn bundel ‘Dierentalen en andere gedichten’ uit 2003 het gedicht ‘Nietsvermoedend’.

.

Nietsvermoedend

 

Daarnet passerde je het huis

Waar je later komt te wonen,

 

Waar je elke steen zult kennen

En elke kleur en elk geluid,

 

Waar je de bomen zult zien groeien

Door de ramen in de zomer,

 

Waar je je kinderen zult krijgen

En zult waken aan hun ziekbed;

 

Dat zal daar allemaal gebeuren,

Je fietste er langs en herkende het niet.

.

.

dierentalen

Verloofden

Pierre Kemp

.

De dichter en kunstschilder Pierre Kemp (1886 – 1967) woonde zijn hele leven in Maastricht (op een jaar Amsterdam na, waar hij zo’n heimwee kreeg dat hij al snel terugkeerde naar zijn geboorteplaats). Tientallen jaren reisde hij met de trein van Maastricht naar Eygelshoven waar hij bij de mijn ‘Laura’ werkzaam was. Tijdens die vele treinreizen schreef hij veel van zijn poëzie. Pierre Kemp had vele anonieme muzen. Naar aanleiding van contacten en gesprekken die hij had tijdens de vele treinreizen schreef hij menig gedicht.

In de jaren vijftig van de vorige eeuw was zijn meest succesvolle periode. In die periode ontving hij maar liefst 4 belangrijke poëzieprijzen waaronder de Constantijn Huygensprijs en de P.C. Hooft-prijs voor zijn gehele oeuvre.

Uit ‘Verzameld werk’ uit 1976 het gedicht ‘Verloofden’.

.

Verloofden

.

Als hij mij een hand geeft,

kleedt hij mijn vingers uit.

Toch verlang ik zo naar dit

contact met mijn huid.

Als hij met een vinger de split

van mijn vingers beroert, word ik rood

en voel ik mijn schoot.

Wij glimlachen, het doet ons goed.

Is het wel, als het moet?

Maar ik geef toe

en doe, en doe, en doe.

.

kemp01

                                                                             Foto: Henri de Bouter

PK

                                          Beeld van Pierre Kemp in het stadspark in Maastricht.
                                          Foto: Pivos

Slijtage

Judith Herzberg

.

Judith Herzberg (1934) is één van Nederlands bekendste dichters, publiceert sinds haar debuut in 1963 ( Zeepost) vele poëziebundels en heeft in de loop der jaren verschillende literaire prijzen gewonnen waaronder de Jan Campertprijs, de Constantijn Huygens-prijs en de P.C. Hooft-prijs. Ik bezit een aantal van haar bundels en schreef al verschillende keren over haar poëzie. Vandaag uit ‘Beemdgras’ uit 1968 een wat minder bekend gedicht van haar hand.

.

Slijtage

.

Bovenop de berg stopt het kamermeisje

een munt in de panoramakijker

en richt hem op de overkant waar zij nu

een minuut haar vriendje hout ziet hakken.

.

Forceer het oog terug, maar nooit

staat wie dan ook daar in zo’n ronde lijst

zoiets begrijpelijks te doen.

.

Zelfs heel exact, twee kanten blouses

uit Beiroet, worden vaag

omdat de lucht trilt.

Of zijn de ogen zelf beslagen?

.

Het is de regen die voortdurend regent

in versleten films

en ruisend valt op oude schellak platen.

.

beemdgras_1e_druk_omslag_0

JH

 

Pierre Kemp

Stadswandeling

.

Op zondag 23 augustus 2015 (van 11.00 – 13.00) organiseren Centre Céramique en de Vereniging Literaire Activiteiten Maastricht een literaire stadswandeling door Maastricht en Wyck aan de hand van zestien gedichten van de Maastrichtse dichter Pierre Kemp. Tijdens de wandeling wordt u getrakteerd op poëzie van Pierre Kemp bij de plekken in de wijk waar hij gewoond en gewerkt heeft. De wandeling is een kans bij uitstek om kennis te maken met de dichter die zoveel speelse en originele gedichten schreef.
Het startpunt van de wandeling is het Centre Céramique, ingang Plein 1992, Maastricht. Aanmelden en reserveren kan via info@vlammaastricht.nl. Prijs: € 5,00   VLAM-leden gratis (inclusief de wandelbrochure ‘Pierre Kemp. Nobel oud kind’).

Pierre Kemp (1886 – 1967) was plateelschilder en later loonadministrateur bij de kolenmijnen maar daarnaast dichter. In 1914 debuteerde Kemp met de bundel ‘Het wondere lied’. Decennia lang reisde Kemp met de trein heen en weer tussen Maastricht en Eygelshoven, op weg naar zijn werkplek bij de kolenmijn Laura. Kemp, meestal onberispelijk gekleed in donkere stemmige tinten, schreef tijdens die korte treinreizen honderden korte gedichten. Vele daarvan kwamen terecht in uitgaven als ‘Stabielen en passanten’ (1934), de bundel die ‘Kemps tweede debuut’ wordt genoemd, vanwege de lichtere toon en de speelse, bescheiden verzen, en ‘De Engelse Verfdoos’ (1956).

Pierre Kemp kreeg voor zijn werk onder andere de Comstantijn Huygensprijs (1956) en de P.C. Hooft-prijs (1958).

.

Gang

Ik, de zon en de weg
en de zon, de weg en ik
in zonderlinge samenhang
op dit ogenblik.

Ik ruik geen bloemen, ik zie
geen bomen, geen vogels, geen heg.
Ik voel maar een gaande man in de zon
op een weg.

.

kemp omslag

kemp01

Vervulling

Gerrit Achterberg

.

Gerrit Achterberg (1905-1962) wordt beschouwd als een van de belangrijkste dichters in de twintigste-eeuwse Nederlandse poëzie. Achterberg debuteerde in 1925 met de bundel ‘De zangen van twee twintigers’ en in 1931 publiceerde hij de bundel ‘Afvaart’ waarin Achterbergs hoofdthema al aanwezig is: het oproepen van de gestorven geliefde. Na de publicatie van deze bundel raakte Achterberg in een geestelijke crisis. Hij werd enkele keren opgenomen in een psychiatrische inrichting en had veel problemen in relaties met vrouwen. De verwarring die dat met zich meebracht leidde bij Achterberg vaak tot gewelddadige buien.

In 1937 schoot Achterberg zijn toen 40-jarige hospita dood en verwondde hij haar 16-jarige dochter Bep in de commotie die was ontstaan nadat hij op zijn kamer getracht had Bep te overweldigen. Hij meldde zich zelf bij de politie en werd tot TBS veroordeeld. Tot 1943 verbleef hij in diverse (forensisch-)psychiatrische inrichtingen. Daarna volgde een periode van resocialisatie tot de TBS in 1955 definitief werd opgeheven.

Ondertussen bleef Achterberg schrijven en werken produceren. Tussen 1939 en 1953 verschenen 22 bundels. Zijn werk werd onderscheiden met onder meer de P.C. Hooft-prijs en de Constantijn Huygens-prijs.

Uit de bundel ‘Verzamelde gedichten’ die in 1991 bij Querido verscheen het gedicht ‘Vervulling’.

.

Vervulling

.

Het beste van voor jaren dringt vanavond tot mij door.

Al je gewone vragen vinden weer gehoor.

Regent het. Ja het regent. Goede nacht.

Laten we nu gaan slapen, zeg je zacht.

Wij luisteren en liggen. Wind beweegt het raam.

Blijf zo maar liggen, zeg ik, en ik noem je naam.

Alles wat antwoord is gaat van mij uit.

Je wordt vervuld van oneindigheid.

.

GA

achterberg (1)

 

De dichter is maar blinde

H.H. ter Balkt (1938 – 2015)

Op zondag 8 maart 2015 is de dichter  H.H. ter Balkt in zijn woonplaats Nijmegen overleden.  Ter Balkt ontving gedurende zijn dichtersleven veel belangrijkste literaire prijzen, waaronder in 2003 de P.C. Hooftprijs, de Jan Campert prijs in 1988, de Constantijn Huygens-prijs in 1998 en de Herman Gorterprijs in 1972. Hij leidde de laatste jaren een sober en teruggetrokken bestaan en had al langere tijd een broze gezondheid. Van hem het gedicht ‘China, juni’.

.

China, juni

De dichter is maar blinde
vlier, hij kreunt en zingt
in de wind die in hem klimt

In juni bloeiden op dat plein papaver en gentiaan
(die elkaars geheime zwijgende geliefden zijn)
Demonische kweekgras-wortels mokten …Bloemkronen
lokten duizend plukkers uit hun schaduw

Woest doemden voerlieden op in hun maaidorsers
van steen waarvan de stenen wielen ratelden; hard
snerpten zwepen in de stenen hand van de menners
die neermaaiden de papaver en de gentiaan

De dichter is maar blinde
vlier, hij zwijgt en zinkt in de wind
die aan hem wringt

.

Uit: ‘In de kalkbranderij van het absolute’ uit 1990.

.

kalkbranderij

H.H.

%d bloggers liken dit: