Site-archief

Bruidskoor

De vier jaargetijden

.

In de bundel ‘De vier jaargetijden’ een keuze uit poëzie over klassieke muziek staat een prachtig en indringend gedicht van Saul van Messel. De titel van dit gedicht verwijst naar het Bruidskoor in de Opera ‘Lohengrin’ van Richard Wagner. Saul van Messel (pseudoniem van Jaap Meijer 1912-1993) was Joods historicus, neerlandicus en dichter. Hij dichtte in het Gronings en in het Nederlands.

Hij promoveerde als laatste jood in oorlogstijd bij Jan Romein op Isaac de Costa’s weg naar het christendom. Kort daarna werd hij leraar aan het Joods Lyceum te Amsterdam, Anne Frank was een van zijn leerlingen. Met zijn vrouw Liesje en zoon Ischa werd hij gedeporteerd naar Westerbork (1943-1944) en Bergen Belsen (1944-1945). Na terugkeer, met vrouw en zoon, wijdde Meijer zich aan de geschiedschrijving van het jodendom in Nederland en werd hij leraar.

.

Bruidskoor uit Lohengrin

.

zij trouwden nog

in westerbork

.

hun huwelijksreis

heette transport

.

hun wittebroodsdagen

in sobibor

.

vermeldt geen

enkel rapport

.

wat maakt het ook

poëtisch uit

.

hij was de bruidegom

en zij de bruid

.

saul_van_messel

Bestond ik uit taal niet

Anton Korteweg

.

Dichter en neerlandicus Anton Korteweg (1944) was hoofdconservator van het Nederlands Letterkundig Museum en Documentatiecentrum in Den Haag. Ik ken Anton ook als één van de leden van het comité van aanbeveling van het Maarten ’t Hart Documentatiecentrum. Maar velen kennen hem als dichter van inmiddels meer dan 15 dichtbundels.

In de bundel ‘Ze kwamen om een dichter te zien’ een keuze uit veertig jaar Poetry International, zijn twee gedichten van Korteweg opgenomen. Het eerste ‘Bestond ik uit taal niet’ uit 1994, toont aanvankelijk nogal gecompliceerd van taal maar na een paar keer gelezen te hebben valt het kwartje en blijkt de intelligente manier van schrijven van Korteweg.

.

Bestond ik uit taal niet

.

Bestond ik uit taal niet, ik moest me niet denken.

Taal is een ziekte, kondigt de dood aan.

Er valt niet te stoeien; men worstelt vergeefs.

.

Gezonden zijn, hoeven niet zich te schrijven.

Praten niet eens met zichzelf. Ze zijn als

wie langs het strand, dat is leeg en van hen, rent.

.

Zwijgende zee; een hemel die dicht is.

pratende mond niet, geen denkend hoofd.

Er rent maar een lichaam van benen.

.

empty-beach-bo-chambers

Smaak

Anton Korteweg

.

Anton Korteweg (1944) is dichter en neerlandicus en was directeur van het Letterkundig museum en Documentatiecentrum in Den Haag. Toen in 2009 het Nationaal Documentatiecentrum Maarten ’t Hart werd opgezet in de bibliotheek van Maassluis was hij één van de leden van het comité van aanbeveling.

Sinds zijn debuut in Tirade in 1968 heeft Anton Korteweg met regelmaat dichtbundels gepubliceerd. Zijn poëzie kenmerkt zich door de ironische beschrijving van kleine gebeurtenissen, die gevoelens van melancholie oproepen. In zijn enigszins afstandelijke stijl bedient hij zich van woordspelingen  en archaïsmen en maakt hij gebruik van alledaagse woorden voor verheven onderwerpen. In 1986 ontving hij de A. Roland Holst-Penning.

.

Uit de bundel ‘Voortgangsverslag’ uit 2005 het gedicht ‘Smaak’.

.

Smaak

.

De liefste muziek blijft toch die

waarbij je afwassen kan,

ouderwets, zonder machine,

met teiltje en afwaskwast.

.

Lepels tegen een kopje,

geplop, gerinkel van glaswerk,

een botsend bord, vallende vorken

doen er geen afbreuk aan.

.

Ik kom dan al snel terecht

bij Carmen, Bolero, Liszt,

Traviata, Eroica,

maar Mahler gaat me te ver.

.

Dik bovenop, vettig, tering,

let niet op een haaltje extra,

luid, schmierend, duidelijk.

.

Lekkere, hoerige ordi’s

niet om aan te horen zo plat,

die doen het bij mij altijd wel.

.

AK

AK2

%d bloggers liken dit: