Site-archief

Altijd vers verlangen

Margaret Bennet

.
Via dichtersvriend Hervé Deleu kreeg ik de tip om eens contact te zoeken met Margaret Bennet uit Namibië. Margaret Bennet is radiopresentator en ze maakt een programma over poëzie en muziek en is daarnaast dichter. Ik stel me zo voor dat ze dat doet op de manier zoals Sabine Kars en Mas Papo dat deden in Zutphen https://woutervanheiningen.wordpress.com/2017/10/21/bibliothecarissen-poezie-en-muziek/ .
Het radioprogramma bestrijkt poëzie in het Afrikaans, het Nederlands en het Engels.
Ze schreef me dat ze meer dan 1500 gedichten heeft geschreven en dat ze graag contact wil leggen met Europese dichters (zoals Hervé bijvoorbeeld).
Haar werk is te lezen op een Facebookgroep met de naam https://www.facebook.com/groups/711659895923053/  Dit is een privégroep dus als je ze wil kunnen lezen dan moet je even vragen om lid te worden.
Ik heb alvast een gedicht van Margaret van haar pagina genomen om met jullie te delen. Het gedicht ‘Altijd vars verlange’ of in het Nederlands ‘Altijd vers verlangen’ kun je hieronder lezen.
.
Altyd vars verlange
.
dis dae soos vandag
wat ek verstaan van
– alkoholisme –
bottels vol nagmaalwyn
en dié tipe goed ..
die lewe sny aardkors
gemors …
– ewenaar afgrond diep –
deur die psige van
jou geloof ..
en spoeg jou geelskuim
– jellievis vierkante –
op die strand van vergaan
terwyl jy dáár bid
vir springgety …
ja,
vandag,
kan ek net bloedvloei-desperaat
vasklou,
aan die alomteenwoordigheid,
van net EEN wat verstaan,
die Heelal-Dirigent,
wat wéét
van alkohol dae …
– dit reeds oorwin het –
namens my …
.
Altijd vers verlangen
.
Het zijn dagen als vandaag
waar ik begrip voor heb
– alcoholisme –
flessen vol nagmaalwyn
en dit soort dingen..
Het leven snijdt aardecors
rotzooi…
– evenaar afgrond diep –
door de psychologie van
jouw geloof..
en spuug je gele schuim
– kwallen sqft –
Op het strand van vergaan
terwijl je daar aan het bidden bent
Voor de lente tij…
ja ja ja ja hoor
vandaag,
Kan ik gewoon wanhopig doorbloeden
zielig,
naar de alompresence,
van slechts iemand die het begrijpt,
het universum dirigent,
Wat weet je ervan?
van alcohol dagen…
– heb het al veroverd –
namens mij…
.

Lazarus

Ágnes Nemes Nagy

.

Afgelopen vrijdag las ik in de krant een stukje bij een fotoreportage over een van de grootste Hongaarse dichters Mihály Vörösmarty die schreef over het Balatonmeer (de fotoreportage ging over het Balatonmeer in Coronatijd). Ik moest meteen denken aan ‘The lost rider, a bilingual anthology’ uit 1997 dat ik jaren geleden kreeg van Tünde Kassa, uit Hatvan, die voor mij tolkte als ik daar beroepsmatig op bezoek was. Het betreft hier een overzicht van Hongaarse poëzie van de 16e tot en met de 20ste eeuw. Goede reden om deze bundel nog eens ter hand te nemen. In ‘The lost rider’ staan gedichten van Hongaarse dichters in het Hongaars en vertaald in het Engels. De dichter Vörösmarty (1800 – 1855) staat er inderdaad ook in (uiteraard) maar ik viel voor een gedicht van een wat modernere dichter namelijk Ágnes Nemes Nagy (1922 – 1991) getiteld ‘Lázár’ of in het Engels ‘Lazarus’ in een vertaling van George Szirtes.

Ágnes Nemes Nagy was dichter, pedagoog, schrijver en vertaler. Tot de jaren vijftig werkte ze als lerares in het onderwijs. Na de Tweede Wereldoorlog werkte Nemes Nagy mee aan een literair tijdschrift ‘Újhold’ (Nieuwe Maan). De redacteur was criticus Balázs Lengyel , met wie ze later trouwde. Het tijdschrift werd uiteindelijk verboden door de toenmalige regering. In 1946 publiceerde Nemes Nagy haar eerste dichtbundel ‘Kettős világban’ (In een dubbele wereld). In 1948 ontving ze de Baumgarten-prijs, een prestigieuze literaire Hongaarse prijs die tussen 1923 en 1949 werd uitgereikt.  In de jaren vijftig werd haar eigen werk verboden en werkte ze als vertaler en vertaalde ze de werken van Molière , Racine , Corneille , Bertolt Brecht en anderen. Hieronder de Engelse vertaling, het origineel en een vrije vertaling van mijn hand.

.

Lazarus

.

As slowly he sat up, the ache suffused

his whole left shoulder where his life lay bruised,

tearing his death away like gauze, section by section

since that is all there is to to resurrection.

.

Lázár

.

Amint lassan felült, balválla-tájt

egy teljes élet minden izma fájt.

Halala úgy letépve, mint a géz.

Mert féltamadni éppolyan nehéz.

.

Lazarus

Terwijl hij langzaam rechtop ging zitten, kwam de hevige pijn

in zijn hele linkerschouder waar zijn leven gekneusd lag,

zijn dood afscheurend als gaas, sectie voor sectie

want dat is alles wat er nodig is voor wederopstanding.

.

 

Uit mijn boekenkast

Een vrouw

.

Staand voor mijn boekenkast viel mijn oog op de bundel ‘Denk ik aan Duitsland in de nacht’. Deze bundel, in 1988 uitgegeven door Bert Bakker, bevat gedichten van de Duitse dichter Heinrich Heine (1797 – 1856). De gedichten komen uit de bundels ‘Buch der Lieder’ uit 1827, uit ‘Neue Gedichte’ uit 1844, uit ‘Romanzero’ uit 1851 en uit ‘Letzte Gedichte’ uit 1852, zowel in het oorspronkelijke Duits, als in een Nederlandse vertaling van Marko Fondse en Peter Verstegen.

‘Ein Weib’ in vertaling van Verstegen ‘Een vrouw’ komt uit ‘Neue Gedichte’ is een vrolijk makend gedicht over een vrouw die niet deugde en een dief.

.

Ein Weib

.

Sie hatten sich beide so herrlich lieb,

Spitzbübin, war sie, es war ein Dieb,

Wenn er Schelmenstreiche machte,

Sie warf sich aufs Bett und lachte.

.

Der Tag verging in Freud und Lust,

Des Nachts lag sie an seiner Brust.

Als man in Gefängnis ihn brachte,

Sie stand am Fenster und lachte.

.

Er liess ihr sagen ‘O komme zu mir,

Ich sehne mich so sehr nach dir,

If rufe nach dir, ich schmachte -‘

Sie schüttelt das Haupt und lachte.

.

Um sechs des Morgens ward er gehenkt,

um sieben ward er ins Grab gesenkt;

Sie aber schon um achte

Trank roten Wein und lachte.

.

Een vrouw 

.

Zij hadden elkander zo innig lief

Zij wou niet deugen en hij was een dief

Als hij weer het recht verkrachtte,

Wierp zij zich op bed en lachte.

.

De dag gaf vreugde en vrolijkheid,

’s Nachts lag zij aan zijn borst gevlijd.

Toen ze hem het gevang in brachten,

Stond zij aan het raam en lachte.

.

Hij liet haar zeggen: ‘O kom toch gauw,

‘k Verlang zo smartelijk naar jou,

Laat me niet langer smachten.’

Zij schudde het hoofd en lachte.

.

Om zes uur maakte de beul hem af,

Om zeven uur zonk hij in het graf;

Maar zij – reeds tegen achten –

Dronk rode wijn en lachte.

.

Thief icon

Nicht Nancy

T.S. Eliot

.

Thomas Stearns Eliot (1888 – 1965) was een Amerikaans-Brits dichter, toneelschrijver, cultuurfilosoof en literatuurcriticus. Hij was een van de belangrijkste figuren uit de wereld van de literatuur van de 20e eeuw, een van de grootste vernieuwers van de poëzie, en kreeg in 1948 de Nobelprijs voor Literatuur. In 1983 verscheen bij uitgeverij Ambo de bundel ‘T.S. Eliot / Gedichten’ een keuze uit zijn poëzie in de Engelse tekst, vertalingen en commentaren samengesteld door W. Bronzwaer met medewerking van Kees Fens en Johan Kuin.

Een doorwrocht werk over de poëzie van T.S. Eliot door W.J.M. Bronzwaer, hoogleraar algemene literatuurwetenschap in Nijmegen. En ondanks de uitgebreide teksten en verklaringen van Eliot’s werk is dit boek ook zeker de moeite waard voor de wat minder wetenschappelijk geschoolde lezer want in deze bundel staan nagenoeg alle gedichten van T.S. Eliot die in het Nederlands vertaald zijn steeds samen met de oorspronkelijke tekst in het Engels. De vertalingen voor deze bundel werden verzorgd door een aantal vertalers waaronder Bert Voeten die het gedicht ‘Cousin Nancy’ vertaalde.

In ‘Cousin Nancy’ is Nancy de vertegenwoordigster van de geëmancipeerde vrouw, jong, mondain, sportief, oppervlakkig, rebellerend tegen de tradities van haar familie en haar culturele milieu, destructief, kortom een type dat zo uit de verhalen van Scott Fitzgerald gestapt zou kunnen zijn.

.

Cousin Nancy

.

Miss Nancy Ellicott
Strode across the hills and broke them,
Rode across the hills and broke them —
The barren New England hills —
Riding to hounds
Over the cow-pasture.
.
Miss Nancy Ellicott smoked
And danced all the modern dances;
And her aunts were not quite sure how they felt about it,
But they knew that it was modern.
.
Upon the glazen shelves kept watch
Matthew and Waldo, guardians of the faith,
The army of unalterable law.
.
.
Nicht Nancy
.
Miss Nancy Ellicott
Schreed de heuvels over en bedwong ze,
Reed de heuvels over en bedwong ze –
De dorre Nieuw Engeland-heuvels –
Op vossejacht
Over de koeiewei.
.
Miss Nancy rookte en danste
Al de moderne dansen;
En haar tantes wisten niet goed wat ervan te denken,
Maar zij wisten dat het modern was.
.
Op de glanzende boekenplank hielden
Matthew en Waldo de wacht,
Geloofsbeschermers, het leger,
Van de onwrikbare wet.
.

Poëzie / Költészet

Poëzieproject

.

Eind 2016 werd ik benaderd door de Stichting Maassluis Partnerstad Kézdivásárhely met de vraag of ik mee wilde denken over een project met de zusterstad van Maassluis in Roemenië Kézdivásárhely. Deze stad in het Hongaars sprekende deel van Roemenië is naast Hatvan (in Hongarije) al jaren zusterstad van Maassluis en er zijn op verschillende niveau’s al uitwisselingen en projecten gedaan. Maar nog niet op het gbeid van literatuur en poëzie. Ik heb vervolgens een aantal dichters van de Poëziewerkplaats benaderd met de vraag of ze mee wilde doen. Ook in Kézdi heb ik via mijn collega van de bibliotheek aldaar gevraagd naar namen van dichters. Toen ik die kreeg en deze dichters voorstelde om mee te doen was men meteen enthousiast.

Vervolgens had het vertalen nogal wat voeten in de aarde, met nagenoeg geen budget en de wil om een bundeltje te laten maken hebben we naar wegen gezocht om dit te realiseren. Uiteindelijk is dat gelukt en van de 9 deelnemende dichters (5 uit Nederland en 4 uit Roemenië) is een gedicht van het Hongaars naar het Nederlands en van het Nederlands naar het Hongaars.  Ans van der Wiel tekende voor de vormgeving en het werd uitgegeven onder uitgeverijnaam van MUG books. Nu is dit kleine maar fijne bundeltje een feit. Ik sta er zelf in met het gedicht ‘Voor jou’ of ‘Hozzád’ maar hier koos ik voor een gedicht van Sántha Atilla met het gedicht ‘Rákosidénes’ of zoals het in de vertaling heet ‘Dénesrákosi’.

.

Dénesrákosi

 

Hij ging, want hij werd meegenomen.

Achttien jaar was hij. Gelukkig

kreeg hij van zijn moeder genoeg mee,

zodat hij nog voor enkele dagen de smaak van thuis proeven kon.

 

Hij ging, want hij werd meegenomen.

Rechtstreeks naar het Italiaanse front,

terwijl hij alleen maar aan vrouwen kon denken.

 

Bij de Piave hebben ze zich

voor drie jaar ingegraven,

de frontlijn en hij werden beide stijf;

daarvoor kreeg hij een extra portie broom.

 

Misschien leerde hij een Italiaans meisje kennen,

dat van hem hield en een vers broodje voor hem bakte,

maar hij kan ook maagd zijn geweest,

toen hij aan het prikkeldraad bleef hangen.

 

Rákosidénes

 

Ment, mert vitték,

tizennyolc évesen. Még szerencse,

hogy anyja felcsomagolta,

és pár napig szájában érezhette

az otthoni kenyér ízét.

 

Ment, mert vitték,

egyenesen az olasz frontra,

pedig csak a nőkön járt az esze.

 

Piavénál három évre beásták

magukat a földbe,

a frontvonal és ő is megmerevedett,

ezért extra adag brómot kapott.

 

Lehet, megismert valami olasz lányt,

ki szerette és friss cipót sütött neki,

de az is lehet, szűz volt,

mikor a szögesdróton fennakadt.

.

Olijfboom

Gedicht in de metro

.

Op 22 maart 2016 werden diverse aanslagen in en rond Brussel gepleegd, door teruggekeerde IS aanhangers, waarbij in totaal 35 mensen om het leven kwamen. Een van deze aanslagen was in de metro van Maalbeek.

Op 20 juli 2016 werd in dat zelfde metrostation Maalbeek een herdenkingsmonument ingehuldigd voor de slachtoffers van de aanslag op 22 maart. Het gaat om een getekende olijfboom van de hand van kunstenaar Benoît Van Innis, geflankeerd door een gedicht van Federico García Lorca. Van Innis zegt hierover: “De olijfboom is een universeel symbool van de vrede. Ik hoop dat ze dat hier ook kan zijn.”

Het kunstwerk is 2,75 meter op 6,5 meter groot, en terug te vinden aan de ingang langs de Etterbeeksesteenweg. Het kunstwerk stelt een olijfboom voor, met aan weerszijden een gedicht van Federico García Lorca – een Nederlandstalige en Franstalige versie. Daarnaast zijn er nog zes vertalingen in het Duits, Spaans, Engels, Arabisch, Russisch en Chinees. Toen het kunstwerk werd onthuld bleek er een fout geslopen te zijn in de naam van García Lorca (zijn voornaam werd geschreven als Frederico en niet Federico), deze fout is inmiddels hersteld.

De tekst in het Nederlands luidt:

.

Blauwe hemel.

Gele akker.

.

Blauwe berg.

Gele akker.

.

Over de verschroeide vlakte

stapt een olijfboom.

Een eenzame

olijfboom.

.

Erotiek op zondag

Carlos Drummond de Andrade

.

Nu de vakantie bijna voorbij is, is het tijd voor erotiek op zondag. Natuurlijk kan erotische poëzie altijd, waarom het tot zondag bewaren, maar in navolging van de Dichter van de maand en de Dichter op verzoek nu een maand lang (of misschien nog wat langer) een combinatie van de twee gericht op erotische poëzie.

Erotische poëzie is een bijzonder genre. Niet veel dichters schrijven erotische poëzie omdat er snel de valkuil dreigt van platte pornografische teksten. En toch is er genoeg erotische poëzie geschreven en ook verschenen, denk bijvoorbeeld aan de verzamelbundel ‘De daad in 69 gedichten’.

Maar vanaf vandaag dus de komende zondagen erotiek op dit blog. Te beginnen met de meester van de erotische poëzie, de Braziliaanse dichter Carlos Drummond de Andrade. In 1992 verscheen bij De Arbeiderspers de bundel ‘De liefde natuurlijk’ een vertaling van ‘O amor natural’ vertaald door August Willemsen. In de bundel staan de gedichten in het Portugees met op de andere pagina de Nederlandse vertaling. Uit deze bundel ‘De dingen die in bed gebeuren’ de vertaling van ‘O que se passa na cama’.

.

De dingen die in bed gebeuren

.

(De dingen die in bed gebeuren

zijn geheim van wie bemint.)

.

Het geheim van wie bemint

is: niet slechts vluchtig het genot

te kennen dat ons diep doordringt,

tot stand gebracht op deze aarde

en zo verre van de wereld

dat het lichaam, dat het lichaam vindt

en daarin voortgaat op zijn vaart,

de vrede vindt van groter gaarde,

vrede als in de dood, onaards,

als een nirwana, penisslaap.

,.

O bed, o zoet, zoet wiegelied,

slaap kindje, slaap kindje, slaap

nu slaapt de boze jaguar,

nu slaapt de argeloze vagina,

en de sirenen slaapt, de laatste

of voorlaatste… En de penis

slaapt, de poema, ’t uitgeputte

wilde dier. Slaap nu o fulpen

sluier op en om je vulva.

En laten zij die minnen zwijgen,

tussen laken en gordijnen

nat van zaad, van de geheimen

van de dingen die in bed gebeuren.

.

 

Cummings

In het Nederlands

.

De regelmatige lezer van dit blog weet dat ik een groot zwak heb voor de poëzie van de Amerikaanse dichter E.E. Cummings ( 1894 – 1962). In het verleden plaatste ik al een paar keer gedichten van hem vertaald in het Nederlands door de Vlaming Lepus. Dit keer een gedicht van zijn hand vertaald door Gert Jan de Vries.

.

Lente is net een misschien hand die

(voorzichtig uit

het Niets opduikend) een etalage

inricht waar men in kijkt (terwijl

men staart

daar iets vreemds voorzichtig

inricht en verplaatst en

hier iets bekends) en

.

alles voorzichtig verandert

.

lente is net een misschien

Hand in een etalage

(voorzichtig Nieuwe en

Oude dingen verzettend, terwijl

men voorzichtig staart

een misschien beetje

bloemen hier verplaatst

een duim lucht daar) en

.

zonder iets te breken.

.

Tekening door Nathan Gelgud, 2014

Album van licht

Maria de Groot

.

Op 7 mei schreef ik over de 100 beste gedichten van 2014 en deelde een gedicht van Maria de Groot daaruit op dit blog. Ik schreef toe dat Maria de Groot voor mij nog een onbekende dichter was. Afgelopen week kocht ik de bundel ‘Album van licht’ uit 1979 van haar hand. Op de achterflap lees ik dat zij al in 1966 haar eerste dichtbundel uitgaf met de intrigerende titel ‘Rabboeni’. Maria de Groot (1937) is naast dichter ook theologe en ze publiceerde vanaf haar debuut al 40 dichtbundels, de laatste in 2008 met de titel ‘Psalmen van een vrouw’.

Ze studeerde Nederlands en theologie in Amsterdam. Daarna ging zij werken als docent en wetenschappelijk medewerker. Hierna ging zij aan de slag bij de VPRO voor de dagopening en werd vervolgens predikante in de Kloosterkerk in Den Haag. Ze verliet in 1975 haar ambt als predikante en richtte vervolgens met twee Protestante voorgangers en zes Katholieke pastores, de oecumenische basisgemeenschap “Ekklesia” op. Hierna ging zij aan de theologische faculteit in Utrecht werken.

Maria begon later steeds meer interesse te krijgen in het geven van cursussen over de bijbel en spiritualiteit en het schrijven van gedichten.

De bundel ‘Album van licht’ bestaat uit drie afdelingen: Album van licht waarin ze probeert met andere zintuigen dan het gezicht onder andere bloemen zichtbaar te maken, Androgyn, over de vormgeving van de literatuur die misschien ooit menselijk genmoemd zal worden (nu heel actueel met de hele genderdiscussie) en Lichtbeeld waarin ze de motieven uit haar bundel ‘Carmel’ uit 1977 voortzet (religieuze en spirituele motieven).

Ik koos voor een gedicht uit de afdeling Androgyn met de titel ‘Sonnetten’.

.

Sonnetten

.

Sonnetten dienen zich geruisloos aan

en zoeken vaste voet als vluchtelingen

die bijna in de wereldbrand vergingen

en nu een ogenblik ter ruste gaan

 

bij mij die hen met eerbied wil omringen.

Zij liggen naakt tegen mijn lichaam aan.

Ik heb hun wonden van het vuil ontdaan.

Ik zal hun vrijheid met mijn bloed bedingen.

 

Achter de krotten van mijn povere wijk

schrijven de zeeën hun verliefde brieven

aan Venus die ontvluchtte aan het slijk

 

en spoorloos achterbleef in de archieven

van continenten die één bom bestrijkt.

Sonnetten, dat zij zich uit schuim verhieven!

.

                                                                                                                                                                                    Met dank aan Wikipedia

Bukowski

Vrijheid

.

Op de website van Manu Bruynseraede vond ik het gedicht ‘freedom’ van Charles Bukowski in een vertaling. Waarschijnlijk van Manu. En zeer de moeite waard.

.

vrijheid

.

Ze zat in het raam

van kamer 1010 in het Chelsea-hotel

in New York,

de kamer van Janis Joplin.

Het was 40 graden,

ze zat op speed

en één van haar benen hing over

de vensterbank en ze leunde naar buiten

en zei: “God, dit is machtig!”

en toen gleed ze uit

en viel bijna

en kon zich nog net tegenhouden.

Het scheelde maar net.

Ze kwam terug binnen,

liep naar het bed en strekte zich

erop uit.

Ik heb veel vrouwen verloren

op vele verschillende manieren

maar op deze manier

zou de eerste keer geweest zijn.

Toen rolde ze van het bed

landde neer op haar rug

en toen ik naar haar toe kwam

sliep ze.

De hele dag had ze naar het Vrijheidsbeeld

willen gaan kijken.

Voorlopig

zou ze me daarover

niet meer lastig vallen.

.

%d bloggers liken dit: