Site-archief

Twee vliegen

Charles Bukowski

.

Ik was wat aan het browsen op de fijne website https://allpoetry.com/ waar je gratis lid van kunt worden. Een website vol poëzie van nu maar ook met een heerlijk archief aan klassiekers. Daar ronddolend kwam ik, zoals vaker, uit bij de poëzie van Charles Bukowski (1920 – 1994), een van mijn all time favoriete dichters (zeker in het Engels taalgebied). Een groot aantal gedichten kende ik al die ik daar las maar deze, ‘2 flies’ nog niet. De zin ‘I suffer insects’ is zo veelzeggend voor Bukowsky, die uit de kleine dingen in het leven iets groots en betekenisvols kan maken. Daarom hier het gedicht ‘2 Flies’.

.

2 Flies

.

The flies are angry bits of life;
why are they so angry?
it seems they want more,
it seems almost as if they
are angry
that they are flies;
it is not my fault;
I sit in the room
with them
and they taunt me
with their agony;
it is as if they were
loose chunks of soul
left out of somewhere;
I try to read a paper
but they will not let me
be;
one seems to go in half-circles
high along the wall,
throwing a miserable sound
upon my head;
the other one, the smaller one
stays near and teases my hand,
saying nothing,
rising, dropping
crawling near;
what god puts these
lost things upon me?
other men suffer dictates of
empire, tragic love…
I suffer
insects…
I wave at the little one
which only seems to revive
his impulse to challenge:
he circles swifter,
nearer, even making
a fly-sound,
and one above
catching a sense of the new
whirling, he too, in excitement,
speeds his flight,
drops down suddenly
in a cuff of noise
and they join
in circling my hand,
strumming the base
of the lampshade
until some man-thing
in me
will take no more
unholiness
and I strike
with the rolled-up-paper –
missing! –
striking,
striking,
they break in discord,
some message lost between them,
and I get the big one
first, and he kicks on his back
flicking his legs
like an angry whore,
and I come down again
with my paper club
and he is a smear
of fly-ugliness;
the little one circles high
now, quiet and swift,
almost invisible;
he does not come near
my hand again;
he is tamed and
inaccessible; I leave
him be, he leaves me
be;
the paper, of course,
is ruined;
something has happened,
something has soiled my
day,
sometimes it does not
take man
or a woman,
only something alive;
I sit and watch
the small one;
we are woven together
in the air
and the living;
it is late
for both of us.

.

Kom niet met de hele waarheid

Noorse dichter Olav H. Hauge

.

Olav Håkonson Hauge (1908 – 1994) was een tuinbouwers, vertaler en dichter uit Noorwegen. Hauge debuteerde in 1946 met vooral traditionele poëzie. Later schreef hij meer moderne poëzie en dan vooral concrete poëzie. Een voorbeeld van zo’n gedicht ( in vertaling naar het Engels) is:

.

The cat is sitting out front

when you come.

Talk a bit with the cat.

He is the most sensitive one here.

 

Hauge vertaalde vele beroemde Engels en internationale dichters als Yeats, Blake, Celan, Rimbaud en Brecht. Tegenwoordig is er het Olav H. Haugecentrum dat naast een poëziebibliotheek, poëzie workshops en tentoonstellingsruimte ook een museum herbergt waar de hoogtepunten van het leven en werk van Hauge wordt belicht.

In ‘500 Gedichten die iedereen gelezen moet hebben’ van samenstellers Ilja Leonard Pfeijffer en Gert Jan de Vries is het gedicht ‘Kom niet met de waarheid’ opgenomen (Oorspronkelijke titel: Kom ikkje med heile sanningi) in een vertaling uit het Duits van Bart Kraamer.

.

Kom niet met de hele waarheid

.

Kom niet met de hele waarheid,

kom niet met de zee voor mijn dorst,

kom niet met de hemel als ik om licht vraag,

maar kom met een glimp, met dauw, met een flinter,

zoals vogels druppels meedragen van hun bad

en de wind een korrel zout.

 

Maan

Nes Tergast

.

De Haagse Nes Tergast (1896 – 1974) was makelaar, dichter en kunstcriticus. Zijn echte naam was Albert Ernest Bruno Johannes en hij werd geboren in Java. Onder het pseudoniem Bruno van Nes werkte hij aanvankelijk met poëzie mee aan ‘Werk’ (1939). In 1940 verscheen de bundel ‘Glas en schaduw’, samengesteld uit de poëzie voor ‘Werk’ en het tijdschrift ‘Criterium’. Pas geruime tijd na de tweede wereldoorlog verscheen opnieuw poëzie in de bundel ‘Het moederland’ (1949), waarin zijn geboorteland Indonesië een belangrijke evocatieve rol speelt. Daarna volgden nog twee bundels gedichten: ‘Deliria’ (1951) en ‘Werelden’ (1953). De hem voor deze poëzie toegekende Jan Campertprijs 1955 weigerde hij. (Bron: DBNL.org).

De poëzie van Tergast kun je modern noemen zowel qua inhoud als qua vormgeving. Zijn werk sluit aan bij dichters als René Char, Prévert en Cummings. Onderstaand gedicht ‘Maan’ verscheen in Maatstaf.

.

Maan

.

Lach in de torens van mijn bloed

De weerhaken van je topazen rust

.

Zing de staalblauwe speren van je huid

In het weerbarstig huis van mijn gedachten

.

Ruk de vier windstreken van mijn verlangen

Met het stilet van je gebaar aan flarden

.

Dans in mijn ogen die op slapen staan

Nog enkele flitsen uit het ingewand

Van het hiernamaals over

.

O maan maanzieke maan

Die in de spiegel naast mij slaapt

Die achter in mijn dromen naast mij slaapt.

.

maan

 

 

%d bloggers liken dit: