Site-archief

Deze lente, dit

Miriam Van hee

.

Zondag in november en dus plaats voor een gedicht van de dichter van de maand november Miriam Van hee. Vandaag heb ik gekozen voor een gedicht met de veelzeggende titel ‘Deze lente, dit’ (ik kan niet wachten tot het weer lente is)uit haar bundel ‘Vrouwen dichten anders’ uit 2000.

.

deze lente, dit

.

deze lente, dit
nerveuze regenen maakt
alles weer onzeker en toch
buiten door het raam
gaat alles verder:

onrust ingemetseld in
huisnummers buslijnen
rekeningen dagen
graden en

daar lopen onder paraplu’s
allen die wat willen worden
die al huizen hebben
schoenen auto’s
kinderen

ach, deze lente dit
uitgesteld ontluiken, dit
regenen waarin je
afscheid neemt, de trein
mist, rondhangt, rechtstaand
eet, ontredderd, vrij

.

Advertenties

Le mistral

Dichter van de maand november

.

Vandaag van de dichter van de maand, Miriam Van hee, een gedicht uit haar bundel ‘De bramenpluk’ uitgegeven door De Bezige Bij in 2002, getiteld ‘Le mistral’.

.

 Le mistral

.

welke naam de wind ook heeft

hij is mannelijk in alle talen
of liever jongensachtig
overal blaast hij jurken bol
rukt hij aan wasgoed
en slaat verwoed en wispelturig
de bladen om van boeken
en van krantenwaar het niet waait
vallen geen bladeren
en maakt niemand bewegingen
zoals jij nu met je hand
door je haar zo sierlijk
en vergeefs.

Miriam Van hee

Dichter van de maand

.

Voor de tweede keer deze maand is Miriam Van hee dichter van de maand. Dit keer heb ik voor een heel beeldend gedicht gekozen. Zo’n gedicht waar je tijdens het lezen meteen een afbeelding hebt in je hoofd en dat daardoor juist zo krachtig is. Uit de bundel ‘Reisgeld’ uit 1992 het gedicht ‘De ribben zijn van het geraamte’.

.

de ribben zijn van het geraamte

.

de ribben zijn van het geraamte
het mooiste onderdeel, ze doen
aan vleugels denken of een soort
accordeon waar leven in- en uitgaat
je ziet ze beter
na de hongersnood of in het massagraf
het zijn de rimpels in het zand
als de zee zich heeft teruggetrokken
het zijn de breekbaarste takken
van de bomen die in open vrachtwagens
worden weggevoerd

.

Dichter van de maand november

Miriam Van hee

.

Via Facebook kreeg ik van Anne Cockaerts de suggestie om Miriam Van hee als dichter van de maand november te kiezen. Een prima voorstel dus deze hele maand elke zondag aandacht voor deze Vlaamse dichter.

Miriam Van hee (1952) groeide op in Oostakker en Gent, waar ze slavistiek studeerde aan de Rijksuniversiteit Gent. Ze vertaalde poëzie van onder meer Anna Achmatova, Osip Mandelstam en Joseph Brodsky en doceert momenteel slavistiek aan het Hoger Instituut voor Vertalers en Tolken in Antwerpen. In 1978 debuteerde ze met haar bundel ‘Het karige maal’, waarmee ze de Oost-Vlaamse prijs voor Letterkunde won.

Daarna verschenen de bundels ‘Binnenkamers en andere gedichten’ (1980), ‘Ingesneeuwd’ (1984), ‘Winterhard’ (1988, hiervoor ontving ze de Jan Campertprijs), ‘Reisgeld’ (1992, hiervoor kreeg ze de Dirk Martensprijs), ‘Achter de bergen’ (1996, hiervoor ontving ze de driejaarlijkse Cultuurprijs voor Poëzie van de Vlaamse Gemeenschap), ‘Het verband tussen de dagen. Gedichten 1978-1996’ (1998, een selectie uit haar bundels) en ‘De bramenpluk’ (2002). Haar bundel ‘Buitenland’ (2007) werd bekroond met de Herman De Coninckprijs (zowel van de vakjury als de publieksjury) en meerdere malen herdrukt.

.

Uit haar bundel ‘Buitenland’ het gedicht ‘Stel je voor’.

.

Stel je voor

.

stel je voor dat er diep binnenin je
een buitenland ligt, dennen,
sneeuw en barakken, land
zonder bodem, je haalt het niet op

stel je voor dat de tijd niet bestaat
en jij wel nog, stel dat je nooit abrikozen
gegeten hebt, trouwens, het woord
abrikoos was verdwenen en Moskou,
je broer, promenade, ze waren geweken,
terug naar het schuim van de zee

er zijn onvoorstelbare dingen gebeurd
en je kunt niet zeggen het was
als een nacht zonder dag en dan nog een
en nog een en het gebeurt dat je kruiende
wateren hoort of een dichtklappend hek
in de wind, dat is het buitenland, fluister je,
dat is het lied van een reddeloos land

.

Augustus

Roel Richelieu van Londersele

.

De Vlaamse dichter en thrillerschrijver van Londersele studeerde Germaanse filologie aan de Rijksuniversiteit Gent. Van 1971 tot 1982 gaf hij het literaire tijdschrift ‘Koebel’ uit, waarin generatiegenoten als Luuk Gruwez, Miriam Van Hee en Eriek Verpale debuteerden. Hij was ook redacteur van de tijdschriften ‘Restant’ en ‘Poëziekrant’. In het dagelijks leven werd Van Londersele leraar Nederlands en docent literaire creatie. Hij geeft poëzieworkshops bij Wisper en proza en poëzie in het basisjaar van de Antwerpse Schrijversacademie. In 2003 werd Van Londersele de eerste Gentse stadsdichter. Een jaar later debuteerde hij met zijn eerste thriller.

Van Londersele werd in 1992 onderscheiden met de Louis Paul Boonprijs. Zijn gedicht ‘Mats’, uit de bundel ‘Tot zij de wijn is’ uit 2009, werd in 2010 door het publiek bekroond met de Herman de Coninckprijs. In 2012 kreeg hij de Melopeeprijs voor zijn gedicht ‘Alzheimer’. De jury koos het als meest beklijvende gedicht verschenen in de Vlaamse literaire tijdschriften.

Uit zijn bundel ‘Een jaar van september’ gedichten 1980 – 1992, uitgegeven door het Poëziecentrum in Gent in 1992 het gedicht ‘Augustus’.

.

Augustus

.

het strand kijkt naar de zee en ziet
dat het water oud is geworden
de meeuwen vliegen door de gedachten van de zon
en hangen hun poten te drogen

in de liezen van de duinen
stoeien de vakantielieven in de lakens
van het zand
er knarst iets in de tederheid

de boeren oogsten hun twijfels
en na de avond kijken ze met de ogen
van hun tractors naar de open wonden
van de velden, er komt ruimte
voor de landing van de herfst

het jaar sterft een eerste keer
aan voorbij zijn, op de patio van hun afscheid
bergen de reizigers de avondzon in hun koffers
met het heimwee van hun aarzeling
verliezen ze hun keuze
tussen thuis en horizon

.

Gedichten langs de Geul

Limburg: 3 routes, 41 dichters

.

In Zuid-Limburg meandert een riviertje de Geul: van de Belgische grens, tussen grenspaal 8 en 9, tot aan de Maas boven Maastricht. Van Cottessen bij Epen tot Voulwames bij Bunde. Ze lijkt maar klein, de Geul: een bescheiden riviertje, een beetje verborgen in het landschap maar overal in Zuid Limburg kom je haar tegen.

Voor een literaire of poëzieroute zijn 41 gedichten uitgezocht, en die op zuilen in het landschap geplaatst. Zo is er een wandelroute ontstaan, waarbij je als wandelaar regelmatig een gedicht tegenkomt:  gedichten die tot vrolijkheid stemmen of tot nadenken, die ontroeren en beroeren, die enthousiasmeren en motiveren; die in elk geval, net als het landschap, u niet onverschillig laten.

De totale route is zo’n 35 km lang. Ze is verdeeld over drie trajecten in de drie gemeentes waar de Geul in Nederland doorheen stroomt: Gulpen-Wittem, Valkenburg aan de Geul en Meerssen.

Bij de 41 dichters zitten alle grote namen uit het Nederlands taalgebied zoals Herman de Coninck, Vasalis, Rutger Kopland, Jan Hanlo, Remco Campert maar ook Diana Ozon, Miriam van Hee en Seline Bastings.

Zo staat bij de Oliemolen in Meerssen een gedicht van Anna Enquist getiteld ‘De veldtocht’ uit haar bundel ‘De gedichten’ uit het jaar 2000.

.

De veldtocht

.

Niet in je omhelzing, niet in je armen,

niet in jouw weten ga ik verloren. Niet

in de brandende auto, toneel voor verbijsterd

publiek, maar lopend door een schamel bos.

.

Altijd het eind van de middag. O laat

de middag snel komen. De kinderen gingen

het huis uit; mist kruipt langs de grond.

Zo, zelf, ga ik stapvoets verloren.

.Geul 3

De Oliemolen

Geul 2

Tussen Heimansgroeve en de brug over de Geul

Geul 4

Stella Maris

Geul 1

De Volmolen

 

Meer informatie vind je op http://gedichtenlangsdegeul.nl/

Konterfeitsel

Micha Hamel

.

Afgelopen woensdag mocht ik aanwezig zijn bij de uitreiking van de VSB poëzieprijs 2014. Er waren 5 genomineerden te weten: Maria Barnas, F. van Dixhoorn, Miriam Van hee, Antoine de Kom en Micha Hamel.

Vijf zeer verschillende dichters met vijf zeer uiteenlopende bundels. Antoine de Kom won de prijs en ik denk een terechte winnaar maar na de voordrachten was ik toch ook zeer gecharmeerd van de poëzie van Micha Hamel. Zijn manier van poëzie maken is zo anders, zo verrassend, humoristisch en origineel dat ik hier graag een gedicht van hem plaats. Uit de bundel ‘Luchtwortels’ uit 2006 het gedicht ‘Konterfeitsel’.

.

Konterfeitsel

Ontbijt met krantenfoto
van de onontkoombare oogopslag van een loensende blondine
die besloot de paarse kringen van slaaptekort aan het glasdeeg
van de huid rond haar ogen toe te staan

daar ze droomt als ze werkt en werkt als ze praat en
praat als ze slaapt en slaapt als ze reist als ze
denkt en denkt als ze droomt. Goedemorgen passagier

door een span hoogwaardige chromosomen vervoerd, wat
bent u mooi boven de dertig en wat schonk de Schepper
half rijmend op uw verwekker u een prachtig stel

rechte enkels, een scheve hoektand en ‘Jij
vindt Patricia Arquette alleen maar aantrekkelijk
omdat ze op Ireentje lijkt.’

zegt mijn vrouw. Ireentje is niet mijn vrouw
maar een liefde van vroeger, van school

‘Dit is niet Patricia, dit is Noreena Hertz.’

‘Wie?’

‘Die komt in Nederland werken, en wordt er doodmoe van
dat mannen haar altijd complimenteren met haar intelligentie.’

‘Je aapt gigantisch Tonnus Oosterhoff na als je dit
allemaal zo letterlijk gaat zitten opschrijven, hoor.’

.

.

hamel-klein

Meer lezen of beluisteren? Dat kan op http://www.vsbpoezieprijs.nl/nominaties?id=146

Met dank aan gedichten.nl

Mannen

Maria Barnas

.

In de zaterdag Volkskrant van gisteren staat een groot artikel over Maria Barnas.  Zij is genomineerd voor de VSB Poëzieprijs welke op woensdag 29 januari zal worden uitgereikt in het stadhuis in Rotterdam. Ik heb een uitnodiging gekregen en zal naar deze feestelijke uitreiking toegaan. Andere genomineerden zijn Miriam van Hee, Antoine de Kom, Micha Hamel en F. van Dixhoorn. Omdat de poëzie van Maria Barnas voor mij nog redelijk onbekend was heb ik eens wat van haar gelezen. Hieronder een aardig gedicht uit de bundel ‘twee zonnen’ uit 2003. Wil je meer van haar lezen kijk dan even op http://www.gedichten.nl/schrijver/Maria+Barnas

.

Mannen

Ik denk aan de man die ik liefhad.
Heb ik hem lief?
Hoeveel angsten zijn dat?

Onze borden raakten leger
En aan de rand ligt een bloem. gesneden
uit radijsjes. Een klein uitbundig leven.

Niet om te eten, weet hij.

.

barnas2Met dank aan: http://www.derecensent.nl
%d bloggers liken dit: