Site-archief

Haiku’s en limericks

Rud Brenninkmeijer en Bastiaan Plompverloren

.

Tussen al de poëziebundels die ik koop en krijg zitten soms ook bundels die ik misschien niet had gekocht als ik ze om de kwaliteit zou hebben gekozen maar die toch iets aardigs, bijzonders of grappigs hebben. Als je over poëzie en haar rafelranden schrijft, zoals ik doe, horen dit soort bundeltjes daar ook bij.

De twee bundeltjes waaruit ik vandaag iets wil plaatsen hebben gemeen dat ze geschreven zijn rondom een specifieke versvorm; de limerick en de haiku. Omdat ik ervan uitga dat iedereen wel min of meer weet wat deze twee versvormen als eigenschappen hebben zal ik daar hier niet verder op ingaan.

De eerste bundel is een redelijk obscuur bundeltje getiteld ‘limerick of limerjij?’ van Bastiaan Plompverloren (wat naar ik aanneem een pseudoniem is).  In het voorwoord van Viktor Aanstoot, de hoofdredacteur van literair tijdschrift ‘Stokebrand’ schrijft hij: Voor al die mensen die telkenmale beweren dat slechts het Engels zich goed leent voor een superieure limerick, mag dit boekwerkje een bewijs zijn van de grote flexibiliteit van onze moedertaal. En hoewel dit werkje uit 1975 enigszins een melig karakter heeft, staan er toch best aardige limericks in.

De tweede bundel is van Rud Brenninkmeijer uitgegeven in eigen beheer (Boekscout), is getiteld ‘Geen poot om op te staan’ en bevat haiku’s en zo. Alles behalve melig en voor de liefhebber van haiku’s vast en zeker zeer te genieten. In de bundel ook schilderwerk van Brenninkmeijer.  De bundel werd in 2011 uitgegeven.

.

’n Emeritus zeide in Gaastmeer:

“Uw bloed, lieve vrouw, kookt en raast weer.

Houdt toch uw fatsoen

we hebben pensioen

en derhalve geen enkele haast meer!”

.

Tulpen in mijn vaas

ze mogen zich uitleven

ver hun bloei voorbij

.

 

 

Met enige vertraging

Lévi Weemoedt

.

De, in Vlaardingen geboren (1948), schrijver en dichter Lévi Weemoedt, pseudoniem van Isaäck Jacobus van Wijk, mag in een Poëzieweek die als thema humor heeft, natuurlijk niet ontbreken. Al jaren schrijft Weemoedt tragi-komische verhalen en gedichten. Soms kort en bijna melig, dan weer heel intelligent en inhoudelijk maar altijd met een knipoog. Zo ook in de bundel ‘Met enige vertraging’ uit 2014. Het eerste gedichtje is duidelijk een verwijzing naar hoe Dordrecht zich afficheert (hoe dichter bij Dordt, hoe mooier het wordt) en het tweede is wat meer inhoudelijk.

.

VVV

.

Hoe dichter

bij Hattem

.

Hoe minder

van dattem

.

Gezonde liefde

.

O, ik ben om háár

met roken gestopt.

.

O, ik ben om háár

weer begonnen met roken.

,

Drinken, gelukkig,

heb ik nooit onderbroken

.

Zodat de schade

nog meevalt, tot slot.

.

lw

%d bloggers liken dit: