Site-archief

Poëziepodia

Voordragen

.

Toen in 2007 mijn debuutbundel werd gepubliceerd bij uitgeverij de Brouwerij, stelde mijn uitgever voor dat ik mijn poëzie zou voordragen op een poëziepodium in Brielle. Dit kleinschalige podium werd georganiseerd in een café met de prozaïsche naam ‘De kont van het paard’. Ik wist niet precies wat ik me moest voorstellen bij een poëziepodium maar daar aangekomen voelde ik me al snel op mijn gemak. De organisatoren vertelde me waar in het programma ik mocht voordragen, hoe lang ik had voor mijn voordracht en ik kreeg een paar consumptiebonnen.

En meer heb je als beginnend dichter ook eigenlijk niet nodig. Een kleinschalig podium met andere dichters (waarvan sommige ook beginnend maar de meeste vaak al ervaring hebben. En juist door het contact met die andere dichters, met het publiek, met de organisatoren leer je hoe een poëziepodium werkt, leer je welke gedichten goed en minder goed werken en leer je dat het om de poëzie draait (nog te vaak zie ik dichters die een gedicht met een heel verhaal inleiden waardoor de aandacht niet zozeer meer op het gedicht ligt en waardoor je minder gedichten kan voordragen (de tijd is meestal beperkt tussen de 5 en 10 minuten.

Reden waarom ik nog steeds graag poëziepodia bezoek (om te luisteren en om voor te dragen) is de ontdekkingstocht naar nieuwe, mij nog onbekende dichters, een vernieuwde kennismaking met dichters die ik al ken en om mezelf beter te maken, verder te leren hoe een goede voordracht te brengen. In de afgelopen 14 jaar heb ik op heel veel poëziepodia gestaan, op ongelofelijk mooie en heel verschillende plekken mijn gedichten voorgedragen, prachtige dichters gehoord en gezien en ja, ook soms dichters die het in mijn ogen niet goed doen of het wel nooit zullen leren.

En juist dat maakt poëziepodia zo belangrijk voor jonge maar ook beginnende dichters (ik was al in de 40) die willen leren hoe je een goede voordracht brengt. Daarom ben ik ooit op dit blog de categorie ‘poëziepodia’ begonnen. En dat is waarom ik hier vandaag weer een aantal poëziepodia onder de aandacht wil brengen. Een greep uit het aanbod van de afgelopen weken:

Als je zelf googled op poëziepodium dan zul je er nog veel meer vinden, bij jou in de buurt of wat verder weg. Mij heeft het bezoeken van poëziepodia veel gebracht, doe er je voordeel mee.

Tot slot een gedicht over voordragen, een oud gedicht van mij (iets bewerkt) dat ik schreef toen ik nog zoekende was.

.

De dichter ontmaskerd

.

Je sprak over peilloze diepten

en omfloerste gedachten,

doorwrochte zinnen en

latent temperament.

 

En ik vroeg me af

waar zich dat dan

allemaal wel bevond?

.

Bij mij?

Hoe kon ik dat geloven.

Ik deed maar wat

tenslotte.

.

Poëziewandeling

14 augustus in en om ’t Woudt

.

De gemeente Midden-Delfland is een zeer actieve gemeente als het om cultuur gaat. Midden-Delfland is gelegen tussen Delft, het Westland en Maassluis, Vlaardingen en Schiedam in Zuid Holland. De gemeente is een groene oase tussen een sterk verstedelijkt gebied. Dit jaar organiseren ze in Midden-Delfland de ‘Ode aan’. Een onderdeel van deze Ode is een wandeling in 5 gedichten.

Voor deze wandeling ben ik gevraagd om als dichter mee te denken over de inhoud van deze wandeling. Samen met dichter Alja Spaan zorg ik voor de poëzie tijdens de wandeling. De wandeling voert door ’t Woudt, wat volgens velen het kleinste en ook het aardigste dorpje van Nederland is. Het dorpje heeft een geschiedenis van vele eeuwen en lijkt al jaren geleden te zijn ingeslapen. Alle ingrediënten dus voor een poëtische stemming en veel dichterlijke vrijheid in de polders rondom ’t Woudt.

De wandeling begin en eindigt in ’t Woudt, op zaterdag 14 augustus van 13.30 tot 16.30 uur. Wil je meewandelen en meer te weten komen over de vogels in het bijzondere gebied rond ’t Woudt  en genieten van de natuur, poëzie, meld je dan aan op https://www.cultuurplatformmiddendelfland.nl/ode/programma/t-woudt/675030_rondom-t-woudt-een-wandeling-in-5-gedichten-14-8-2021 . of hier link

Hieronder een gedicht van inwoner Tineke van Gils over Midden-Delfland om al in de stemming te komen.

.

Midden-Delfland

.

Van Krabbeplas tot Woudsepolder,

van Mandjeska’ tot Boonervliet,

het wintervoer ligt hier op zolder,

de kikker huist hier in het riet.

Dit grazige land met zijn greppen en vlieten

en kreekruggen waar boerderijen staan,

met trekkades waar de paarden liepen

en kwakels om over het water te gaan,

waar de wind vrij waait uit alle streken,

het geluid tot aan de einder draagt,

waar de mist in de avond als een deken

het water ontstijgt en het vee vervaagt.

Weids is dit land met zijn vaarten en tochten

waar wilgen geknot langs de paden staan;

voortdurend wordt hier met het water gevochten –

laat dit land niet ten onder gaan.

Want – dit is het land tussen kassen en steden,

de gastvrije grond waar verleden en heden

langs Gaag en Schie elkaar ontmoeten,

waar stad en land elkaar begroeten.

Sta op uit de veren

er is heel wat te doen,

nóg rust hier de hemel

op een bedje van groen.

.

Brommer op zee

De jas

.

Afgelopen zondag was de eerste aflevering van ‘Brommer op zee’ bij de VPRO met presentatoren Wilfried de Jong en Ruth Joos. Een nieuw boekenprogramma genoemd naar de geweldige verhalenbundel van J.M.A. Biesheuvel uit 1982. Vooraf werd door de VPRO gecommuniceerd dat er in dit programma plaats is voor schrijvers, boeken, proza en poëzie. Ik was, uiteraard, vooral erg benieuwd hoe de poëzie ingevuld zou worden in het programma.

Laat ik voorop stellen dat ik erg blij ben dat er weer een boekenprogramma is. Na de korte reeks van Eus’ Boekenclub met Özcan Akyol en Stefano Keizers waar de poëzie een mooie plek kreeg dan nu ‘Brommer op zee’. In de eerste aflevering werd al een beetje duidelijk welke kant het opgaat. Niet een dichter die een gedicht voordraagt of voorleest zoals bij Eus’ Boekenclub, maar een filmpje van een gedicht waarin een filmmaker een gedicht verbeeldt en een stem het gedicht voordraagt.

En daar ging het wat mij betreft in de eerste aflevering al een beetje mis. Er was gekozen voor een gedicht van Wim Brands getiteld ‘De jas’. Een mooie keuze, daar niet van. Een mooi eerbetoon aan de man die jarenlang het boekenprogramma ‘Brands met boeken’ presenteerde bij diezelfde VPRO.  De verbeelding van het gedicht was ook echt heel aardig gedaan maar het gedicht was bijna tot niet te verstaan. Want het was een filmpje met een stem die voordraagt én muziek. En die muziek was regelmatig zo hard dat het gedicht niet te verstaan was. Dat had geen probleem hoeven zijn als er was ondertiteld maar dat was dus niet het geval.

Jammer vind ik dat. Ik hoop dat in de volgende programma’s hier aandacht aan wordt gegeven. En omdat ik delen van het gedicht niet kon verstaan ben ik in mijn boekenkast gaan zoeken naar de bundel ‘de vijftig beste gedichten van Wim Brands’ in 2012 uitgegeven door uitgeverij Compaan uit Maassluis (wat ik erg leuk vind want ik schreef ooit het voorwoord bij een verhalen/dichtbundel met foto’s uitgegeven door die uitgeverij). In die bundel staat het gedicht ‘De jas’. Dus voor eenieder die dezelfde ervaring had als ik afgelopen zondag hier het gedicht in tekst.

.

De jas

.

Maar eerst is er een oude jas. Nu hangt hij

aan de kapstok, binnenkort wordt hij

verbannen naar het hok.

.

En eerst is er een avond waarop ik aarzel

naar buiten te gaan. Buiten is het koud.

In gedachten trek ik voor het eerst

.

die oude jas aan. Ik ben alleen op straat.

Wie had dat durven hopen. Ik kijk

in de ruiten en zie

.

voor het eerst mijn vader in deze stad lopen.

Waar ga je heen? ‘Nergens heen.’

‘Dan gaan we dezelfde kant op.’

.

Hier openen

Anne Vegter

.

In de bibliotheek van Maassluis, waar ik werk, is bij de nieuwbouw in 2000 in het kader van de 1% regeling beeldende kunst door Geerten ten Bosch en Moritz Ebinger in 6 weken een organisch ontstaan kunstwerk op de muren van de jeugdbibliotheek gemaakt. Beide hadden een aantal afbeeldingen die ze wilden schilderen en tekenen op de muren en als zo’n afbeelding (bijna) af was van de een, dan ging de ander erop verder. Zo ontstond een bijzonder fantasierijke muurschildering die zelfs na 20 jaar zijn kracht nog niet heeft verloren.

Ik moest hieraan denken toen ik op de Wikipedia van dichter. proza-, toneel- en kinderboekenschrijfster Anne Vegter (1958) las, dat ze met Geerten ten Bosch had samengewerkt. Ik ken Anne Vegter dan ook in eerste instantie van haar kinderboeken. Pas later, toen ze dichter des vaderlands werd van 2013 tot 2017 begon ik me ook in haar als dichter te interesseren. Inmiddels is ze sinds begin dit jaar stadsdichter van Rotterdam en denk ik bij haar naam als eerste aan haar als dichter.

Haar laatste dichtbundel is alweer van 2019 ‘Big data’ maar het gedicht ‘Hier openen’ komt uit haar bundel ‘Eiland berg gletsjer’ uit 2011 hetzelfde jaar waarin ze de Awater Poëzieprijs ontving.

.

Hier openen

.

Ik heb een inkomentje van niks,

liefste, iets voor ouden van dagen.

Uit mijn broekje hangt een sliert

want moeder fokt, je moeder fokt.

Ik had een moeder die op zoek was

naar een bekendstaand psycholoog.

Ik hielp haar zoeken, zoekende

word je alleen anders dol. Werken,

tweede onderwerp. En mijn rug

was niet zo sterk. Wat doe je liefste,

als de mannen je willen. Eentje kwam

maar half, eentje bracht het tot vader.

De resten heb ik uitgekotst. Het was

een kwestie van dagen. Nu lig ik

op mijn moeder en gek van verdriet

zoek ik een ouder voor mijn kind.

De brief moet naar mijn zoon.

.

Ons te vroeg ontvallen 2

Hrvoje ‘Pero’ Senda (1945 – 2013)

.

In 1993 vluchtte Hrvoje Senda (Pero) vanuit Gornji Vakuf in centraal Bosnië weg voor de oorlog. Pero een Kroatische Bosniër was zijn leven en dat van zijn gezin niet zeker en vluchtte naar Nederland waar hij in Maassluis kwam te wonen. In Bosnië studeerde hij Zuid-Slavische taal en literatuur aan de filosofische universiteit in Sarajevo. Door de oorlog zijn veel van zijn manuscripten (als professor) verloren gegaan.  In Nederland pakte hij een ander literair genre op namelijk de poëzie. In 1997 was hij één van de winnaars van de Dunya Poëzieprijzen met zijn gedicht ‘De vrouw’.

Naar aanleiding van deze prijs en het geldbedrag dat hij hiervoor kreeg, besloot de gemeente Maassluis haar nieuwe inwoner te belonen en wat extra middelen ter beschikking te stellen voor Pero om een bundel met overdenkingen en poëzie te laten maken. In 1999 verscheen bij uitgeverij De Zeeleeuw de bundel ‘Krhrotine / Brokstukken’ met daarin overdenkingen en gedichten. In die periode was Pero vrijwilliger bij een initiatief van het sociaal maatschappelijk werk in Maassluis het Project InterCulturele Ontmoetingen (PICO) dat onder meer literaire ontbijt en lunches organiseerde.

Ten tijde van het verschijnen van de bundel leerde ik Pero en zijn gezin kennen. De presentatie van de bundel vond plaats in de bibliotheek en vanaf dat moment raakte ik bevriend met Pero. Naast de activiteiten voor PICO organiseerde ik met hem, Juan Heinsohn Huala, Henriette Faas, Otto Zeegers en Lida Kersten onder andere het project ‘Dichter in de buurt’ voor middelbare scholieren en dichters uit Maassluis en omstreken.

Pero Senda was in 2007 een van de tien dichters die meewerkte aan de bundel ‘Verse taal’ met muziek-cd van Wilma Paalman, gepubliceerd door Uitgeverij De Brouwerij te Maassluis. In juni 2010 werd bij dezelfde uitgeverij zijn tweetalige dichtbundel (Kroatisch / Nederlands) ‘Voor de muur’ gepresenteerd.

Samen met Otto Zeegers was hij in 2010 de tweekoppige jury van de gedichtenwedstrijd die ik organiseerde op dit blog en die na 2011 is overgegaan in de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd (die dit jaar voor de 7e keer georganiseerd wordt https://woutervanheiningen.wordpress.com/2020/03/02/laatste-jurylid-bekend/ ). Met Otto Zeegers was hij de drijvende kracht achter de poëziewerkplaats waar elke maand in de bibliotheek, samen met andere dichters, poëzie besproken werd.

Pero trad als dichter regelmatig op, voor zijn landgenoten in Nederland maar ook op poëziepodia onder andere het Ongehoord! podium. In 2013 kreeg ik heel onverwacht een telefoontje van zijn vrouw dat Pero na een kort ziekbed was overleden waarmee ik een fijne vriend en een gerespecteerd dichter verloor. Op zijn begrafenis mocht ik samen met Jana Beranová en Juan Heinsohn Huala een gedicht voordragen. Ik denk nog vaak aan Pero, aan zijn grote hart, zijn passie voor het delen en bespreken van poëzie en zijn vriendelijkheid.

.

De vrouw

.

Schilder mij een vrouw, mijn vriend

Een vrouw op een baar van verwelkte bloemen

In het donker bij de flakkerende kaarsen.

Ik zal naar haar kijken met de ogen van een ander

En haar op het altaar plaatsen

Tussen de engelen.

.

Beeldhouw mij een vrouw, mijn vriend

In de rotsen boven de afgrond

Ik zal haar strelen met de handen van een ander

De steen een ziel inblazen

Een steen om mijn hals binden

En gelukkig inslapen

Tussen de mosselschelpen.

.

Zing mij van een vrouw, mijn vriend

Een onbekende vrouw

Laten anderen het lied horen

Met mijn oren.

Ik zal je lied geloven

Terwijl ik wacht, flonkerend

Tussen de sterren.

.

Sabine Kars

Hoofdkwartier

.

Ik ken dichter Sabine Kars als zo’n 10 jaar en al sinds ik haar voor het eerst hoorde voordragen was ik verrast en meteen fan van haar poëzie. In 2012 was ze tweede prijswinnaar van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd, ik nodigde haar uit op podia in Maassluis en Rotterdam en in 2017 was ik de eerste gast in het radioprogramma van Sabine en haar partner Mas Papo ‘Over Poëzie en Muziek’. In april 2018 was ze Dichter van de maand op deze website en nu is er eindelijk de dichtbundel waar we al zo lang op wachten ‘Hoofdkwartier’.

Op zondag 22 december aanstaande tussen 15.00 en 16.30 (inloop vanaf 14.30 uur) presenteert Sabine in de Gewelvenkelder van Uffie’s aan de Houtmarkt 71 in Zutphen, haar debuutbundel ‘Hoofdkwartier’. De entree is gratis en zij zal worden bevraagd door Sander Grootendorst. Ik zal daar aanwezig zijn en ik kan deze bundel nu al. ongezien, aanraden.

Om een idee te krijgen van de creatieve dichtersgeest van Sabine een gedicht van haar hand uit 2015.

.

je hart weerklinkt in winkelstraten
ik word getroffen door zijn slagen
ze dragen me mee

voeren me naar de oude wachter

voorheen gewond
geveld nu weer hersteld en fier rechtop
schouders naar achter laat hij me binnen

een plaats voor vragen
en overal verhalen
voor het rapen

het maakt niet uit waar te beginnen

in het gewelf
liggen vergrijpen geketend
vlak bij de vrijheid te slapen

zij waakt – haar stem is overal te horen

en vrij is hoe ik ga
op de plek van recht en raad
door een ontzagwekkend hek

langs bliksem
en gekruiste zwaarden
over snippers van vers gevierde liefde

dan glijd ik door de tijd ik raak historie aan
iemand leent een stem en laat
getuigen spreken

Jantje biecht
de Heer was held
terwijl ik sliep

ik heb slechts
allemachtig diep
in het kermisglas gekeken

de wachter stelt
onder mijn toren
gaan woorden van betekenis schuil

en aan meesters hand
zit ik op de bank en proef
een keur aan klanken

ik wentel mij
een weg omhoog
negentig smalle treden

onder wijzers kijk ik naar beneden
waar borden en glazen gul gevuld
en milde talen klinken

nu wordt de zon zacht opgeborgen

zie hoe de jonge avond vloeit
ik wil zijn kleuren drinken
het lekkend licht op je gezicht

jouw dorpen dijken velden
de populieren in ‘t gelid
leunen lenig in de richting van de morgen

ik zal je weer ontmoeten

markant
bedaard wildwaterland
klaar voor nieuwe dagen

om me heen strek jij je uit
stilt de grond
onder mijn vilten voeten

.

 

Voor de liefste onbekende

Ingmar Heytze

.

Afgelopen vrijdag was ik op het podium van Louis van Londen ‘De Groene Fee’ in Breda waar naast Poëziebusdichters Aurora Guds, Jolies Heij, Gerard Scharn en Akim A.J. Willems ook Ingmar Heytze voordroeg. Nu had ik zelf Ingmar Heytze al op een podium gevraagd begin dit jaar in Maassluis en had ik hem vorige maand nog zien schitteren op Poëzie Lagogo in Rotterdam, maar Heytze heeft het talent om steeds weer te boeien op toneel, hoe vaak je hem ook ziet en hoort.

Eenmaal weer thuis zocht ik de bundel van zijn hand die Trouw had samengesteld in 2013 en al lezend kwam ik het gedicht ‘Voor de liefste onbekende’ tegen (het openingsgedicht uit de bundel en ja, ik heb gewoon verder gelezen) dat ik hier met jullie wil delen.

.

De liefste onbekende

.

Wie van ons heeft de ander bedacht?

Paul Éluard

.

Wat ben ik blij dat ik je nog niet ken.

Ik dank de sterren en de maan

dat iedereen die komt en gaat

de diepste sporen achterlaat, behalve jij,

dat jij mijn deuren, dicht of open,

steeds voorbijgelopen bent.

.

Het is maar goed dat je me niet herkent.

Kussen onder straatlantaarns

en samen dwalen door de regen,

wéér verliefd zijn, wéér verliezen,

bijna sterven van verdriet –

dat hoeft nu allemaal nog niet.

.

Ik ben nog niet aan ons gehecht.

Ik kijk bepaald niet naar je uit.

Neem de tijd, als je dat wilt.

Wacht een maand. een jaar,

de eeuwigheid en één seconde meer –

maar kom, voor ik mijn ogen sluit.

.

Gedachten over een mogelijk einde

Heidi Koren

.

Ik ken Heidi Koren vanaf 2013 toen ze kwam voordragen bij een podium van Ongehoord! in theater Koningshof in Maassluis. Daarna was ze in 2017 één van de Poëziebusdichters en inmiddels timmert ze aan de weg als zelfstandig auteur, docent, blogger, interviewer en presentator van (literaire) evenementen. In 2015 verscheen haar debuut als dichter met de titel ‘Gedachten over een mogelijk einde’. Tegenwoordig lees ik graag haar bijdragen aan literair tijdschrift Extaze.

Op haar website http://heidikoren.nl las ik (bij de categorie Blog) een zeer goed onderbouwd en vurig pleidooi voor poëzieles op scholen. Ik kan het alleen maar heel erg eens zijn met haar redenering voor meer poëzielessen op scholen. Wat ik bijzonder leuk vond om te lezen was hoe het creatieve proces van een gedicht schrijven werkt bij Heidi. Ook ik heb een dergelijk proces (anders maar met overeenkomsten) net als elke andere dichter denk ik.

Toen ik het gedicht ‘Over deiningen en dat de meeste dingen er niet toe doen’ las, vroeg ik mezelf meteen af hoe dit gedicht toch ontstaan was in haar hoofd.

.

Over deiningen en dat de meeste dingen er niet toe doen

.

Bijna alles kun je weglaten

de lijntjes en potloden de bomen en bijlen alle ja’s

en nee’s de komma’s de hoofdletters en het knikken

de bevestiging en de ontkenning het gaan en het komen

.

ik twijfelde over de witregels

.

Het huis het harnas het bouwen en het afbreken

zelfs de moeite de dag het donker

de schaduw de schreeuw de bodem het gruis

de oever het uitzicht de hoop

.

ik twijfel over het water

.

 

Poëziepodia

Alkmaar, Rotterdam en Maassluis

.

Het is alweer een tijd geleden dat ik aandacht aan poëziepodia schonk. In de tussentijd zijn er weer bijgekomen, verdwenen of veranderd. Hier een drietal podia dat het al een tijdje volhoudt, voor ieder wat wils en met elk zo zijn eigen sfeer inhoud.

Reuring in Alkmaar

.

Onder de bezielende leiding van dichter en organisator Alja Spaan wordt alweer een paar jaar lang in Alkmaar podium Reuring georganiseerd. Elke maand (op 1 maand in de zomer na) nodigt Alja dichters uit in Grand café Koekenbier aan de Kennemerstraatweg 16 voor een middag met bekende en minder bekende dichters. De deelnemende dichters komen vaak uit de buurt van Alkmaar maar ook regelmatig vanuit andere windstreken van Nederland (en Vlaanderen). Helle van Aardeberg maakt elke maand een prachtige aankondiging. Toegang is gratis. Zie voor meer informatie https://reuringgedichten.nl/

.

Poëziecafé Woordkunst

.

Jaap van Oostrum, Jelle Ravestein en Henny Wesselius organiseren vier keer per jaar (februari, april, september en november) op de tweede dinsdag van de maand,  in Kevins Place aan de P.C. Hooftlaan 6 in Maassluis, poëziecafé Woordkunst. Daarnaast elk jaar een keer in een tuin in Maassluis. Er worden per podium 5 dichters gevraagd uit de omgeving maar ook van daarbuiten, er is muziek en een open podium. Toegang is gratis. Meer informatie op https://woordkunst.maassluis.nu/

.

De Poetsclub

.

Poëzie in de Schouw. Open podium. Dichters jong en oud, ervaren of beginnend zijn welkom, elke eerste woensdag van de maand, om hun gedichten voor te dragen. Wie wil optreden moet tenminste één tekst brengen die nog nooit is voorgedragen of gepubliceerd. Presentatie door Renato Miguel en Jeroen Naaktgeboren. De Poetsclub begint om 21.00 uur, toegang is gratis en je vindt café de Schouw aan de Witte de Withstraat 80 in Rotterdam.

.

Wil je steeds op de hoogte zijn van woordkunstpodia in Nederland en België, neem dan eens een kijkje op https://www.platformplank.nl/ waar 50 woordkunstpodia bij zijn aangesloten.

.

Om toch te eindigen met een gedicht, het gedicht ‘Sommige poëzie is met een…’ van Remco Campert uit ‘Alle bundels gedichten’ uit 1976.

.

‘Sommige poëzie is met een …’

.

Sommige poëzie

is met een klein mondje

nog kleinere dingen zeggen

.

erwtjes blazen naar de zon

.

net als een kleintje koffie

als je omkomt van de dorst

.

.

A. den Doolaard

Poëzieweek 2019

.

Zoals op elke zondag deze maand aandacht voor de komende poëzieweek die loopt van 31 januari t/m 6 februari. Op zondag 27 januari echter trappen we in Maassluis al af met o.a. een optreden van de dichter Ingmar Heytze https://www.poezieweek.com/activiteit/poeziemiddag-4/

Op de zondagen in januari schrijf ik over gedichten van Ingmar Heytze of over het thema van deze Poëzieweek ‘Vrijheid’. Vandaag een gedicht over de vrijheid van schrijver, dichter, journalist A. den Doolaard of Bob Spoelstra (1901 – 1994), zoals zijn echte naam was.

Al heel vroeg, nog ver voor de oorlog, publiceerde A. den Doolaard waarschuwende artikelen tegen het opkomende fascisme. Een aantal kritische artikelen die hij schreef voor het Nederlandse dagblad Het Volk over totalitaire landen werd gebundeld in 1937 in ‘Swastika over Europa – een grote reportage’ . Deze anti-nazi-artikelen resulteerden in uitzetting uit Italië, Oostenrijk en Duitsland. De Duitse krant Völkische Beobachter beschuldigde Den Doolaard van lasterlijke berichtgeving.

Van de oplage van 1000 exemplaren werden er ongeveer 500 onverkochte exemplaren in mei 1940 door uitgeverij Querido vernietigd , toen het Duitse leger Nederland binnenviel en hij en zijn vrouw naar het zuiden vluchtten. Uiteindelijk slaagden ze erin Engeland te bereiken als Engelandvaarder , na bijna een jaar in Frankrijk te hebben doorgebracht. In Londen werkte hij voor de Nederlandse radio-omroep Radio Oranje en vaak verzorgde hij toespraken voor de Nederlandse bevolking onder Duitse bezetting, wat weerstand aanmoedigde.

In 1944 verscheen in Londen van zijn hand de dichtbundel ‘De partisanen en andere gedichten’. In 1945 werd deze bundel bij De Bezige Bij herdrukt. Uit deze bundel het gedicht ‘De partizanen’.

.

De partizanen

.

Dit is de roem der partizanen:

Te strijden, de uitkomst ongeteld,

Niet deinzend voor het dichtst geweld

Noch zijn miljoenen onderdanen,

.

Alleen te staan desnoods, met God,

Alleen, gesteund door ’t straf geweten;

In ’t kleed, tot op de draad versleten

Koning te zijn in ’t vuilste kot.

.

Dit is het lot der partizanen:

Gebrand te worden en gekerfd

Gelijk een waas te zijn verscherfd

Druipend van bloed en bittere tranen,

.

Van hoofd tot scheen te zijn bedekt

Met d’eretekens der wonden,

Door ketenen te zijn geschonden,

Misvormd te zijn en uitgerekt.

.

Dit is het loon der partizanen

Tien regels in ’t geschiedenisboek,

Een kuil, in een vergeten hoek

En hier en daar herdenkingstranen.

.

Wie over vijfentwintig jaar

Als straten naar ministers heten

Kent nog de man, die heeft gesmeten

Die eerste bom, in ’t eerste jaar?

.

Grafsteen van A. den Doolaard met daarop, volgens zijn eigen zeggen, de mooiste zin die hij ooit schreef.
%d bloggers liken dit: