Site-archief

Anamorfose

Boudewijn de Groot

.

Als er een zanger is die vele prachtige poëtische liederen heeft voortgebracht dan is het wel Boudewijn de Groot (1944). Veel van zijn liedjes zijn geschreven door Lennaert Nijgh maar ook na het overlijden van Nijgh schreef de Groot menig prachtig en poëtisch nummer. In 2015 bracht hij de LP/CD ‘Achter glas’ uit waar onder andere het nummer ‘Anamorfose’ staat.

Een anamorfose is een vertekende afbeelding, die er slechts gezien vanuit een bepaalde hoek of onder bepaalde optische voorwaarden realistisch uitziet. De anamorfose ontstond in de tijd van de Renaissance. Kunstenaars wilden alles zo realistisch mogelijk weergeven, dus ging men het perspectief bestuderen. Meestal deed men dit omwille van een zo goed mogelijke natuurgetrouwheid, maar soms ook om te laten zien wat op dit gebied allemaal mogelijk was. Zo ontstond de anamorfose: een schilderij waarvan de afbeelding slechts op een bepaalde manier correct waar te nemen is. Een voorbeeld van een regelmatig gebruikte anamorfose is de zogenaamde memento mori, meestal te zien in de vorm van een vervormde schedel die ergens in het schilderij verwerkt zit en met een moraliserend vingertje wijst op de sterfelijkheid van de mens.

Boudewijn de Groot gebruikte dit beeld, en de betekenis van de anamorfose als uitgangspunt voor de tekst van zijn lied.

.

Anamorfose

.

blijf niet verborgen
in de spiegel van de tijd
kom nader
ik ben het zicht op
wie je was die jaren kwijt
kom nader
aarzel niet kom nader
wie gevangen zit
weet van geen horizon
maar wie gestorven is
weet van geen ketens
kom nader
.
in dit huis met zwarte trappen
naar waar geen kamer zich bevindt
waar ik op de zolder van mijn jeugd
nog altijd ronddwaal als een kind
geef jij niet thuis
het zijn de straten van de stad
waarin jij wel een kamer had
geen eigen huis
.
ik kijk en luister
in de stilte van de tijd
kom nader
vaag en vervormd
in je verborgenheid
kom nader
aarzel niet kom nader
er staat niet
wie er staat, zeg jij
maar wat ik hoor is:
help me vergeten
kom nader
.
alles is anders dan ik ooit dacht
terwijl de stem waarop ik wacht
zich schuilhoudt in de schemer
wat ik zie en hoor
is steeds iets anders dan
wat ik eens verloor
is dit de aarde of de hemel
.
het beeld verspringt
de stem vervormt
wat blijft is altijd weer het kader
sta niet verborgen
in de schaduw van de tijd
kom nader
aarzel niet kom nader
.
je was mijn vader

.

.

Lennaert Nijgh

Pastorale

.

In het onvolprezenmaandblad van het Genootschap Onze Taal, Onze taal, van december 2017 staat een mooi beschrijvend artikel van Guus Middag over de tekst/liedjesschrijver Lennaert Nijgh. Zie dat je dit tijdschrift te pakken krijgt en lees dit artikel. In het stuk behandelt hij de tekst van het lied ‘Pastorale’ gezongen door Ramses Shaffy en Liesbeth List, een duet dat Nijgh samen met Boudewijn de Groot schreef in 1968. Middag beschrijft in dit artikel de kosmische poëzie die in dit lied zit. Ik ben het met hem eens, de tekst van ‘Pastorale’ is, uitgeschreven gewoon een prachtig gedicht. Oordeel zelf.

.

Pastorale

 

Mijn hemel blauw met gouden harp
Mijn wolkentorens, ijskristallen
Kometen, manen en planeten, aah alles draait om mij
En door de witte wolkenpoort tot diep onder de golven
Boort mijn vuur, mijn liefde, zich in de aarde
En bij het water speelt een kind
En alle schelpen die het vindt gaan blinken als ik lach

‘k Hou van je warmte op mijn gezicht
Ik hou van de koperen kleur van je licht
Ik geef je water in mijn hand
En schelpen uit het zoute zand
Ik heb je lief, zo lief

Ik scheur de rotsen met mijn stralen
Verhoog de meren in de dalen en
Onweersluchten doe ik vluchten, aah als de regen valt
Verberg je ogen in een hand
Voordat m’n glimlach ze verbrandt
M’n vuur, m’n liefde, mijn gouden ogen
’t Is beter als je nog wat wacht
Want even later komt de nacht en schijnt de koele maan

De nacht is te koud, de maan te grijs
Toe neem me toch mee naar je hemelpaleis
Daar wil ik zijn alleen met jou
En stralen in het hemelblauw
Ik heb je lief, zo lief

Als ik de aarde ga verwarmen
Laat ik haar leven in m’n armen
Van sterren weefde ik het verre, aah het noorderlicht
Maar soms ben ik als kolkend lood
Ik ben het leven en de dude
In vuur, in liefde, in alle tijden
M’n kind ik troost je, kijk omhoog
Vandaag span ik mijn regenboog
Die is alleen voor jou

Nee nooit sta ik een seconde stil
‘k Wil liever branden neem me mee
Geen mens kan mij dwingen wanneer ik niet wil
Wanneer je vanavond gaat slapen in zee
Geen leven dat ik niet begon
En vliegen langs jouw hemelbaan
Je kunt niet houden van de zon
Ik wil niet meer bij jou vandaan

Ik heb je lief, zo lief
Ik heb je lief, zo lief
Ik heb je lief, zo lief
Ik heb je lief

.

La Chanson des Vieux Amants

Jacques Brel

.

Afgelopen week had ik contact met Peter WJ Brouwer, dichter en theatermaker. Hij heeft samen met Michael Abspoel (de stem van Man bijt hond) een theater programma over Jacques Brel met als titel Over leven met Brel. Vol poëzie en muziek. Op het Zomerpodium van Ongehoord! lieten zij al zien en horen wat een bijzonder programma dit is. Dit bracht mij ertoe nog eens naar mijn favoriete Brel nummer te luisteren La chanson des vieux amants met bijna op het eind van het nummer het prachtige geluid van een Hoorn.

Op zoek naar dit nummer kwam ik de Nederlandse vertaling tegen die Lennaert Nijgh tegen onder de titel Liefde van later. Hieronder de Franse tekst en de Nederlandse vertaling en uiteraard de muziek die alles zegt.

.

La chansons des vieux amants

Bien sûr, nous eûmes des orages
Vingt ans d’amour, c’est l’amour fol
Mille fois tu pris ton bagage
Mille fois je pris mon envol
Et chaque meuble se souvient
Dans cette chambre sans berceau
Des éclats des vieilles tempêtes
Plus rien ne ressemblait à rien
Tu avais perdu le goût de l’eau
Et moi celui de la conquête

Mais mon amour
Mon doux, mon tendre, mon merveilleux amour
De l’aube claire jusqu’à la fin du jour
Je t’aime encore, tu sais, je t’aime

Moi, je sais tous tes sortilèges
Tu sais tous mes envoûtements
Tu m’as gardé de pièges en pièges
Je t’ai perdue de temps en temps
Bien sûr tu pris quelques amants
Il fallait bien passer le temps
Il faut bien que le corps exulte
Finalement, finalement
Il nous fallut bien du talent
Pour être vieux sans être adultes

Oh, mon amour
Mon doux, mon tendre, mon merveilleux amour
De l’aube claire jusqu’à la fin du jour
Je t’aime encore, tu sais, je t’aime

Et plus le temps nous fait cortège
Et plus le temps nous fait tourment
Mais n’est-ce pas le pire piège
Que vivre en paix pour des amants
Bien sûr tu pleures un peu moins tôt
Je me déchire un peu plus tard
Nous protégeons moins nos mystères
On laisse moins faire le hasard
On se méfie du fil de l’eau
Mais c’est toujours la tendre guerre

Oh, mon amour…
Mon doux, mon tendre, mon merveilleux amour
De l’aube claire jusqu’à la fin du jour
Je t’aime encore, tu sais, je t’aime.

.

.

Liefde van later

 

Als liefde zoveel jaar kan duren,

dan moet het echt wel liefde zijn,

ondanks de vele kille uren,

de domme fouten en de pijn.

Heel deze kamer om ons heen,

waar ons bed steeds heeft gestaan,

draagt sporen van een fel verleden,

die wilde hartstocht lijkt nu heen,

die zoete razernij vergaan,

de wapens waar we toen mee streden.

 

Ik hou van jou,

met heel mijn hart en ziel

hou ik van jou.

Langs de zon en maan

tot aan het ochtendblauw,

ik hou nog steeds van jou.

 

Jij kent nu al mijn slimme streken,

ik ken allang jouw heksenspel.

Ik hoef niet meer om jou te smeken,

jij kent mijn zwakke plaatsen wel.

Soms liet ik jou te lang alleen,

misschien was wat je deed verkeerd,

maar ik had ook wel eens vriendinnen.

We waren jong en niet van steen

en zo hebben we dan toch geleerd:

je kunt toch altijd opnieuw beginnen.

 

Ik hou van jou,

met heel mijn hart en ziel

hou ik van jou.

Langs de zon en maan

tot aan het ochtendblauw,

ik hou nog steeds van jou.

 

We hebben zoveel jaar gestreden

tegen elkaar en met elkaar.

Maar rustig leven en tevreden

is voor de liefde een gevaar.

Jij huilt allang niet meer zo snel,

ik laat me niet zo vlug meer gaan,

we houden onze woorden binnen.

Maar al beheersen we het spel

een ding blijft toch altijd bestaan:

de zoete oorlog van het minnen.

 

Ik hou van jou,

met heel mijn hart en ziel

hou ik van jou.

Langs de zon en maan

tot aan het ochtendblauw,

ik hou nog steeds van jou.

 

Ik hou nog steeds van jou,

voorgoed van jou.

.

jacques_brel_1-6e246

.

Met dank aan poezieaanhuis.nl en Youtube.com

 

 

%d bloggers liken dit: