Site-archief

Tienminutengesprek

Esther Jansma

.

Dat dichters maar zelden alleen dichter zijn mag bekend zijn, van gedichten schrijven valt nu eenmaal niet te leven (een enkele uitzondering daargelaten uiteraard). Vaak schrijven ze naast poëzie ook proza, columns of korte verhalen, liedteksten of andere teksten. Er zijn er ook die naast hun dichterlijke leven nog een andere baan hebben zoals journalist, redacteur of directeur van een bibliotheek. Esther Jansma is wat dat betreft toch een beetje een vreemde eend in de bijt. Zij is naast dichter ook prozaschrijfster en archeologe!

Ze debuteerde in 1988 met de dichtbundel ‘ Stem onder mijn bed’ waarna nog verschillende dichtbundels volgde. Voor haar werk ontving ze onder andere de VSB Poëzieprijs, de Jan Campert-prijs en de A. Roland Holst-penning.  Uit haar bundel ‘ Voor altijd ergens’ uit 2015 koos ik in deze vakantieperiode voor het gedicht ‘ Tienminutengesprek’.  Een grappig en schurend gedicht waarbij ik onwillekeurig moest denken aan de televisieserie de Luizenmoeder.

.

Tienminutengesprek

.

Nadat de onderwijskrachten met man en macht
op vrouwelijk zuchtend voorovergebogen begrip
simulerende wijze waren uitgewoed – en weet

dat daar woede bij zat, banieren grof rood door
het hoofd, intonaties die intenties uit koers rammen –
hadden de van schrik en noodlottige toekomsten

verstijfde tegenover de krachten op hun verzoek
aan knielage tafels neergekrompen in stoeltjes geklemde
zorgers voor hun zoon het volgende bereikt:

Een: wij gaan ons best doen omdat wij goed zijn.
Twee: over een maand weten wij of zijn leven
gaat lukken. Wij melden dat desgewenst schriftelijk.
Drie: dit is een productafspraak.

.

Advertenties

Jij de wereld

Jeroen van Kan

.

Op verzoek van de Rotterdamse Truus van der Voet, die mij verzocht wat aandacht te besteden aan de dichter Jeroen van Kan, hier het gedicht ‘Jij de wereld’ uit Het liegend konijn uit 2008. Jeroen de Kan (1968) is journalist, presentator en dichter. Sinds 2016 presenteert hij, aanvankelijk als invaller, het televisieprogramma ‘Boeken’. Na het overlijden van Wim Brands werd hij de vaste presentator. Vanaf januari 2017 doet hij dat in afwisseling met Carolina Lo Galbo. 

Jeroen van Kan is actief als redacteur van literaire tijdschriften. Tot 2007 maakte hij deel uit van de redactie van ‘De Tweede Ronde’. Daarna stapte hij over naar ‘Tirade’. In 2017 werd bekend dat hij jarenlang in literair tijdschrift ‘Het liegend konijn’ gedichten had gepubliceerd onder het pseudoniem Wesley Albstmeyer. In juni van dat jaar verscheen onder eigen naam zijn debuutbundel ‘De wereld onleesbaar’.

.

Jij de wereld

.
je bent niet van mij nooit geweest maar wel altijd
hier ook al onttrekt zich dat aan wat jij voelt ziet
hoort ruikt met alle gulzigheid omarmt jij die je vol
overgave over het rulle asfalt van je zinnen laat sleuren
.
want onmatigheid is je middle name en juist dat is wat
ik graag zou willen grijpen die flexawaaier aan onmatig
verzamelde omarmingen van deze wereld jij als vat waarin
ik zonder voorbehoud zou willen verdrinken
.
jij die uit alle poriën leven ademt ervaringen indrukken
kleuren en geluiden jij die dit alles misschien zelfs bent
jij die alles omvat waar ik geen deel aan hebben kan
.
vol schaafwonden blauwe plekken en geronnen bloed
dat op je shirt een al te verse landkaart vormt zo ben jij
de wereld en ik daarbuiten machteloos toe-eigenend
.

Stoempen

Wielerpoëzie

.

Het wielerseizoen gaat weer beginnen en de eerste successen voor landgenoten zijn alweer bijgeschreven. Er is een tijd geweest dat het Nederlandse wielrennen in het dal zat en dat het wielrennen als sport geplaagd werd door schandalen en doping. Vandaag de dag zijn er echter weer wielrenners die tot de verbeelding spreken zoals Tom Dumoulin en Matthieu van der Poel. Ondanks alle gedoe rondom het wielrennen zijn er altijd heel veel liefhebbers gebleven van de grote rondes en van de plaatselijke en landelijke klassiekers. In 2014 was dat reden om de bundel ‘De 100 mooiste wielergedichten’ uit de Vlaamse en Nederlandse literatuur samen te laten stellen door dichter Patrick Cornillie.

Patrick Cornillie (1961) is een Vlaamse dichter en schrijver, journalist en auteur van sportboeken en fietsgidsen. Van Cornillie verschenen (wieler)gedichten en verhalen in ‘De Muur’, ‘Deus Ex Machina’, ‘Dietsche Warande & Belfort’, ‘Dighter’, ‘Kreatief’, ‘Van Mensen en Dingen’, ‘Poëziekrant’ en ‘Vlaanderen’.

In deze bundel werd werk gekozen van pioniers ( Jan Kal en Willie Verhegghe), van succesvolle publicisten (Gerrit Komrij en Freek de Jonge) maar ook van nog onbekende fans (Jeroen Wielaert, Wim Schrever). Veel teksten overstijgen dankzij de voorspelbare metaforen de sport an sich, richten zich op winst en verlies, doorzettingsvermogen en opgeven en op leven en dood.

Van Cornillie staat er uiteraard ook een gedicht in deze bundel te weten ‘Speeltijd’ dat in 2010 verscheen in de bundel ‘Roem en kippenvel’.

.

Speeltijd

.

Tussen de lessen moedertaal

was het lang stilzitten

met je broekzakken bol

van de knikkers.

.

Om na het verlossende

belsignaal mee te mikken

naar de prentjes van de coureurs.

.

Het was een kunst om ze

van zeven tegels ver

neer te kegelen: de paarse

van Mercier-BP, de blauwe

van Willem II, de gele

van Mann en Kas-Kaskol.

.

En dan was er nog dat ene idool,

met Faema en opvallend rode V,

waarvoor je nog eens drie

stappen achteruit moest gaan.

.

Zelfs op de speelplaats

van een jongensschool was Merckx

moeilijk te verslaan.

.

In badpak

(Bijna) vergeten dichter

.

Halbo Christiaan Kool (of H.C. Kool zoals hij bekend stond) leefde van 1907 tot 1968 en was  dichter, journalist, criticus en vertaler. Al voor zijn debuutbundel ‘De Tooverformule’ in 1930 had Kool een reputatie als Nederlands jongste dichter en is later als een literair wonderkind bestempeld. Hij heeft, ondanks de steun van H. Marsman, deze belofte echter nooit helemaal waar kunnen maken. Desalniettemin bleef Kool zijn gehele leven dichten en schrijven. Zo schreef hij 6 dichtbundels en verzorgde verschillende bloemlezingen.  Zijn werk, vooral uit de jaren dertig, is sterk geëngageerd. Ook anderszins stond zijn leven in dienst van de letterkunde. Hij was een van de samenstellers van het in 1944 illegaal verschenen ‘Vrij Nederlandsch Liedboek’. Daarnaast was hij in 1944 medeoprichter en vervolgens bestuurslid van de tot de bevrijding clandestiene uitgeverij De Bezige Bij.

H.C. Kool publiceerde onder vele (16!) pseudoniemen. Voor, tijdens en na de oorlog. Zijn mooiste pseudoniemen vind ik wel Ad Interem of Ad Interim, (ook Ad Int.) , Oom Hik, van de Plant Jr. en -C.-.

In 1968 verscheen in het Poëtisch erfdeel het gedicht ‘Roesj in badpak’ van H.C. Kool wat ook een andere kant van zijn dichterschap laat zien. In dit gedicht klinkt het verlangen door van jonge mannen naar jonge vrouwen, met wat mij betreft, de prachtige zinnen ‘hoor het lied der blinde vinken / wreed gelooid aan hare zijde’.

.

Roesj in badpak

.

Al het water van de zee

was geen roze schelpen schoner

dan de nagels harer tenen

dan de nagels harer pinken

bij het naderen van de zomer;

.

hoor het lied der blinde vinken,

wreed gekooid aan hare zijde,

ruisen in de roze schelpen

van haar schoon volmaakte oren;

,

al het water van de zee

wast geen roze schelpen schoner

dan dit graag decolleté.

.

A. den Doolaard

Poëzieweek 2019

.

Zoals op elke zondag deze maand aandacht voor de komende poëzieweek die loopt van 31 januari t/m 6 februari. Op zondag 27 januari echter trappen we in Maassluis al af met o.a. een optreden van de dichter Ingmar Heytze https://www.poezieweek.com/activiteit/poeziemiddag-4/

Op de zondagen in januari schrijf ik over gedichten van Ingmar Heytze of over het thema van deze Poëzieweek ‘Vrijheid’. Vandaag een gedicht over de vrijheid van schrijver, dichter, journalist A. den Doolaard of Bob Spoelstra (1901 – 1994), zoals zijn echte naam was.

Al heel vroeg, nog ver voor de oorlog, publiceerde A. den Doolaard waarschuwende artikelen tegen het opkomende fascisme. Een aantal kritische artikelen die hij schreef voor het Nederlandse dagblad Het Volk over totalitaire landen werd gebundeld in 1937 in ‘Swastika over Europa – een grote reportage’ . Deze anti-nazi-artikelen resulteerden in uitzetting uit Italië, Oostenrijk en Duitsland. De Duitse krant Völkische Beobachter beschuldigde Den Doolaard van lasterlijke berichtgeving.

Van de oplage van 1000 exemplaren werden er ongeveer 500 onverkochte exemplaren in mei 1940 door uitgeverij Querido vernietigd , toen het Duitse leger Nederland binnenviel en hij en zijn vrouw naar het zuiden vluchtten. Uiteindelijk slaagden ze erin Engeland te bereiken als Engelandvaarder , na bijna een jaar in Frankrijk te hebben doorgebracht. In Londen werkte hij voor de Nederlandse radio-omroep Radio Oranje en vaak verzorgde hij toespraken voor de Nederlandse bevolking onder Duitse bezetting, wat weerstand aanmoedigde.

In 1944 verscheen in Londen van zijn hand de dichtbundel ‘De partisanen en andere gedichten’. In 1945 werd deze bundel bij De Bezige Bij herdrukt. Uit deze bundel het gedicht ‘De partizanen’.

.

De partizanen

.

Dit is de roem der partizanen:

Te strijden, de uitkomst ongeteld,

Niet deinzend voor het dichtst geweld

Noch zijn miljoenen onderdanen,

.

Alleen te staan desnoods, met God,

Alleen, gesteund door ’t straf geweten;

In ’t kleed, tot op de draad versleten

Koning te zijn in ’t vuilste kot.

.

Dit is het lot der partizanen:

Gebrand te worden en gekerfd

Gelijk een waas te zijn verscherfd

Druipend van bloed en bittere tranen,

.

Van hoofd tot scheen te zijn bedekt

Met d’eretekens der wonden,

Door ketenen te zijn geschonden,

Misvormd te zijn en uitgerekt.

.

Dit is het loon der partizanen

Tien regels in ’t geschiedenisboek,

Een kuil, in een vergeten hoek

En hier en daar herdenkingstranen.

.

Wie over vijfentwintig jaar

Als straten naar ministers heten

Kent nog de man, die heeft gesmeten

Die eerste bom, in ’t eerste jaar?

.

Grafsteen van A. den Doolaard met daarop, volgens zijn eigen zeggen, de mooiste zin die hij ooit schreef.

dankdag voor het gewas

rotterdam

.

In 1966 verscheen bij uitgeverij nijgh & van ditmar de bundel ‘dankdag voor het gewas’ van Wim Hazeu. In het exemplaar dat ik bezit heeft Wim Hazeu het volgende geschreven: “waar dichter en dokter tesamen komen, glanst de droppel die het leven is” Nieuwkoop 1972. Daaronder zijn naam en in pen er later bijgeschreven (door degene van wie de bundel was destijds waarschijnlijk) dat het hier een bundel uit 1966 betreft.  Deze uitgave (nieuwe nijgh boeken 14) is een duidelijk voorbeeld van hoe men met de taal omging in de jaren zestig; geen hoofdletters of leestekens, namen met een kleine letter geschreven (delft, rotterdam) maar wel wintercursus met een c en ekskursies met een k.

Toen ik de bundel kocht kwam ik erachter dat er in de bundel een getypt vel uit 1976 zat met daarin een behandeling van het gedicht ‘elegie’ dat overigens niet in deze bundel staat. Kortom een klein pareltje uit de dichtkunst van de afgelopen decennia. Wim Hazeu (1940) is een geëngageerd dichter met een uitgebalanceerd taalgebruik. Hazeu publiceerde een aantal poëziebundels, romans en is de laatste jaren vooral bekend van zijn biografieën van schrijvers en dichters (Vestdijk, Achterberg, Aafjes, Slauerhoff). Naast zijn schrijfwerk was Hazeu ook actief als journalist, radio- en televisieprogrammamaker en uitgever.

Uit ‘dankdag voor het gewas’ heb ik gekozen voor het drieluik ‘rotterdam’.

.

rotterdam

.

1

.

met de roltrappen

proberen zij

– de vrouwen

een stukje hemel te vergaren

en met een feestkleed

van f 49,50

dalen zij

– de vrouwen

de trappen af

met het feestkleed

voor iedereen

– de vrouwen

weggelegd

.

2

.

men slaat heipalen

in de trommelvliezen

die gemakkelijk scheuren

kraanmachinisten staan hoger

genoteerd

dan het beursgebouw

en het vrije volk

geeft het laatste metronieuws

over de doodgravers

.

3

.

hier

in de omarming van gebouwen

zijn wij overbodig

zittend op een terras

kijken miljoenen stenen

op ons neer

stenen van het laatste uur

.

Amalia Rodriguez zingt

Hubert van Herreweghen

.

De Vlaamse dichter Hubert van Herreweghen (1920 -2016) wordt samen met generatiegenoten als Anton van Wilderode en Christine D’haen gezien als dichters van de bezettingsgeneratie. Hij debuteerde in de oorlog (1943) met de bundel ‘Het jaar der gedachtenis’ en in 2015, op 95 jarige leeftijd, verscheen zijn laatste bundel ‘De bulleman en de vogels’. Hij werkte als onderwijzer, journalist en bij de Vlaamse televisie. Naast dichter was van Herreweghen redacteur van enkele literaire tijdschriften, waaronder Podium (1943-1944) en vanaf 1947 van Dietsche Warande & Belfort. In dat laatste tijdschrift verschenen vrijwel al zijn gedichten. Daarnaast was hij samensteller van bloemlezingen van gedichten. Van 1965 tot 2000, 36 jaar lang, verzorgde hij voor het Davidsfonds een selectie van 50 gedichten uit de poëtische jaarproductie in tijdschriften. Hubert van Herreweghen ontving tijdens zijn leven verschillende literaire prijzen waaronder de Prijs van de provincie Brabant (1945), de driejaarlijkse staatsprijs voor poëzie (1962) en de Prijs voor Letterkunde voor de Vlaamse Provincies voor zijn gehele oeuvre (2006).

Uit ” Vleugels’ Poëtisch Erfdeel der Nederlanden uit 1962, koos ik voor het gedicht ‘Amalia Rodriguez zingt’ vooral omdat dit bij mij een herinnering naar boven bracht aan mijn ouders die naar haar luisterde.

.

Amalia Rodriguez zingt

.

I

Hartstochtelijk uit de ellende klagen,

tegen vernedering steigerende trots,

om hemel en aarde uit te dagen

en de oneindige barmhartigheid Gods.

.

O nooit nooit in het leven te dulden

wat ons tot droeve narren verminkt,

berusten nooit, maar schelden op schulden

en klagen om wat in ’t graf verzinkt.

.

Voor de ongeborenen is er het leven,

voor levenden is er schande en dood;

en tot wij liggen in dezelfde schoot

zullen de doden geen teken geven.

.

II

Klagen zoals de tortels klagen

diep in ’t van koeren ronkend bos,

de dove echo ondervragen,

maar niets komt uit de stilte los.

.

Klagen zoals al wat geschapen

is, klaagt, en jankt en kermt,

klagen zoals de schapen blaten

totdat de slachter zich ontfermt,

.

klagen zoals de golven klagen,

schreeuwen zoals de zeemeeuw schreeuwt;

duizend gedoofde huilen dragen

zeeën en wind. De stilte geeuwt.

.

.

Grootvader

Look J. Boden

.

Vandaag stond ik voor mijn boekenkast om een gedicht te zoeken dat ik nodig had voor een bericht en toen viel mijn oog op ‘De waan van de nacht’ het bundeltje van dichter maar vooral fotograaf Look J. Boden uit 2007. Look ging de afgelopen jaren mee met de Poëziebus waar hij prachtige foto’s maakte van de dichters en de activiteiten op de standplaatsen. Look (1974) is naast fotograaf en dichter ook zelfstandig communicatieadviseur en creatief denker en doener. Eerder schreef hij als journalist voor het Rotterdams Dagblad, FEM Business en Schrijven Magazine.

Op zijn website http://www.boden.nl/ lees je wat hij verder allemaal nog doet. Hier uit de bundel ‘De waan van de nacht’ een gedicht dat ik erg mooi en ook wel melancholiek vind ‘Grootvader’.

.

Grootvader

.

Oud en wijzer

dan de klok

tikt hij behoedzaam

zijn as af.

.

Vanuit zijn

grote zwarte stoel

voor het raam

ziet hij

hoe kinderen

met het

verstrijken

van de tijd

zijn leven

overnemen.

.

Ze kijken niet

en zien ook niet

dat zijn verleden

langzaam sterft.

.

 

Een affaire

Eddy Evenhuis

.

Tijdens de tweede wereldoorlog schreef Eddy Evenhuis (1920 – 2002) twee dichtbundels die clandestien verschenen. Meteen na de oorlog publiceerde hij zijn derde bundel ‘Pan in de stad’ waarna hij een lange tijd geen poëzie meer schreef. In die tijd werkte hij als journalist in Groningen, Soerabaja en Leeuwarden. Tot 1974. Toen verscheen vrij onverwacht bij De Arbeiderspers de bundel ‘een affaire’ van zijn hand. Deze bundel ontstond in minder dan een jaar tijd en verhaalt over hoe de relatie tussen een jonge vrouw Amicula (wat onder andere de naam is van een vlinder) en een oudere man (de verteller) zich ontwikkelt en afloopt. Het is een romantisch verslag van een turbulente ervaring.

Na deze bundel zou het weer lang stil zijn tot hij in 1995 zijn laatste bundel ‘Eigen keur’ in eigen beheer uitgaf. Uit de bundel ‘een affaire’ het gedicht in sonnetvorm ‘Fluistering’.

.

Fluistering

.

Noem de onnoemelijke dingen,

fluister: dring diep in mij door,

stoot mij, stort leeg in mijn voor,

doorbrand al mijn zekeringen.

.

Fluister: laat in mij ontspringen

het bewijs dat ik bij jou behoor,

ik zal wat jij wekt met je spoor

met water en vliezen omringen.

.

Fluister: blijf tegen mij rusten,

speel branding rondom mijn kusten,

heftig en schuimig, zacht en infaam.

.

Fluister: blijf mij herkennen

in wilgen, in grassen en dennen,

verleen vogels en vossen mijn naam.

.

Een appel rust

Homero Aridjis

.

Homero Aridjis (1940) is een schrijver, dichter, milieu-activist, journalist, en diplomaat bekend om zijn rijke fantasie, zijn lyrisch poëtische gedichten en zijn ethische onafhankelijkheid. Zijn poëzie werd in vele talen vertaald, hij mocht als schrijver en milieu-activist al meer dan 20 internationale prijzen op zijn palmares bijschrijven en specifiek voor zijn poëzie ontving hij de Prix Roger Caillois (1997, Frankrijk), de Smederevo Gouden Sleutel voor Poëzie (2002, Servië) en de Premio Internazionale di Poesia (2013 en 2016, Italië). Voorwaar geen kleine dichter. Vanaf 1960 publiceerde hij 18 dichtbundels in Mexico. Nog een leuk weetje: Homero Aridjis was ambassadeur voor Mexico, onder andere in Nederland.

Dichters als Octavio Paz en Juan Rulfo zijn bewonderaars van Aridjis en Seamus Heaney zei over zijn poëzie: “Zijn gedichten openen een deur naar het licht”. In 1977 verscheen in Nederland zijn vertaalde bundel ‘Dagboek zonder data’ en uit die bundel het gedicht zonder titel in een vertaling van Laurens Vancrevel.

.

Een appel rust

op het zachte groen

van zijn eigen rijpheid

.

een glas weerspiegelt

de vermoeide stralen

van de herfstmiddag

.

een vrouw verschijnt

in de halfopen deur

van een eetkamer

.

vanaf een gele sofa

kijkt een meisje naar haar

alles is op zijn plaats

.

het ligt in de glazen

legt witte muziek

op gezichten en dingen

.

en een ogenblik lang

zijn voor eeuwig samen

mandarijnen en handen.

.

 

 

 

%d bloggers liken dit: