Site-archief

Binnenhof

Lieven Rens

.

De Vlaamse dichter Lieven Rens (1925 – 1983) schreef elf dichtbundels. Hij was recensent in diverse kranten en tijdschriften, gerenommeerd wetenschapper inzake het renaissancedrama in de Nederlanden in het bijzonder de werken van Joost van den Vondel. Daarnaast was hij hoogleraar Europese en Nederlandse cultuurgeschiedenis aan de Universitaire Faculteiten Sint-Ignatius Antwerpen (UFSIA).

In 1948 debuteerde hij met de bundel ‘Schrikkeljaar’waarna hij tot zijn voortijdige overlijden (in 1983 overlijdt hij aan de gevolgen van een tragisch ongeval) om de paar jaar een dichtbundel publiceert.

Als dichter behoorde hij aanvankelijk tot de groep van ‘Nieuwe Stemmen’ een tijdschrift van de katholieke jongeren, waarvan hij van 1951 tot 1958 redactielid was. Zij streefden een katholiek reveil na, en gingen aldus in tegen die andere naoorlogse stroming het existentialisme, die, volgens hen, teveel nihilistisch van aard was. Ook keerden ze zich af van de experimentelen en geloofden in de kracht van de grote klassieke traditie.

Zijn dichterschap is in drie delen te beschouwen: de eerste 11 jaar dicht hij vooral over de liefde en de verwording van de westerse cultuur. In de acht jaar die daarop volgen verwoordt hij de spanning tussen het menselijk verblijf in het aardse en de hemelse bevrijdingshunker. en verinnerlijkt en vergeestelijkt hij  zijn poëzie in een reeks, landschappen, stillevens en portretten. In de laatste 7 jaar van zijn dichterschap evolueert hij naar een soort woordpoëzie, die haar eigen vorm en ritme vastlegt. Versregelbouw en woordschikking worden grilliger, associaties en referenties verruimen zijn poëtische wereld.

Voor zijn werk ontvangt hij enkele prijzen waaronder de Guido Gezelleprijs 1972-1976 van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde voor de dichtbundel ‘Leander’.

Uit de tweede periode van zijn dichterschap stamt de bundel ‘Op gouden grond’ (1971) waaruit het gedicht ‘Binnenhof (St.-Ignatius, Antwerpen)’ is genomen.

.

Binnenhof (St.-Ignatius, Antwerpen)

De platgetreden wegen,
Het gladgeschoren gras,
Alles ligt effen als een plaat van glas.

Heel even een bewegen
Van mus en mus, en soms
Een rilling onder de geraniums.

Ik voel de wereld wegen –
Iets is op til –
Iets moet gebeuren of de tijd valt stil.

.

Advertenties

Hier ligt

De kortste Nederlandstalige gedichten

.

Op 30 december 2015 schreef ik een bericht over ‘het kortste gedicht ‘ter wereld’. Na enig speurwerk bleek het gedicht ‘U, nu!’ van Joost van den Vondel, verreweg het kortste gedicht te zijn dat er te vinden was. Op 25 februari 2017 schreef ik over de bundel ‘Het kleinste gedicht’ de favoriete ultrakorte gedichten van Nederland en Vlaanderen, en vandaag alweer over korte gedichten maar nu aan de hand van de bundel ‘Hier ligt Poot, hij is dood’, de kortste Nederlandstalige gedichten.

In de inleiding schrijft Robert-Henk Zuidinga dat een aantal thema’s zich bij uitstek lenen voor ‘een bondige behandeling’. Dat zijn Schimpscheuten en kritiek (vooral op kunstbroeders), Advies en goede raad is er ook een, maar verreweg het meest tot de verbeelding sprekende thema is toch wel Grafschriften. Onze literatuur kent honderden, misschien wel duizenden epitafen, waarvan het grootste deel overigens als grap, sneer of vingeroefening gemaakt is en nooit een grafzerk heeft gehaald, volgens de inleider.

Ik heb een aantal aardige en grappige geselecteerd uit het hoofdstuk ‘Dood en leven’.

.

Madame de Charnières

.

Hier rust Juffrouw Belle

van Tuyle van Zuylen

van Serooskerken

met de rest van haar naam

op de volgende zerken.

 

Jan van der Hoeven

.

Bedroefd maar dankbaar

.

Bedroefd maar dankbaar staan wij bij dit graf:

bedroefd om het verdriet dat hij ons gaf,

en dankbaar voor die mooie dikke grafsteen.

Die gaat er met geen olifant meer af.

.

Kees Stip

.

Grafschrift

.

Hier ligt Gijs van Amerongen,

In de grond geen kwade jongen.

.

C. Buddingh’

.

Waar zal ik wezen als ik zestig ben:

In diepzee rottend of in zand begraven,

Of zal ik starend stilstaan aan een haven,

De hand gestrekt, zooals ik velen ken…

.

J. Slauerhoff

.

Grafschrift

.

Hier onder legt Luca, die onder and’re zaken

Kon wonderlyk een vers, en leege flessen maken.

.

Francois van Bergen

.

Casanova’s grafschrift

.

hij rust in vrede,

grond in zijn mond,

in deze schede

die hem verslond.

.

Harry Mulisch

.

Gospelsong

.

Elke seconde verandert de wereld

men leeft maar en sterft maar

alsof het niets is en misschien is

het ook wel niets dan wat beweging

waardoor de wereld niet verandert.

.

Riekus Waskowsky

.

 

 

Hekeldicht

Ondeugden en misstanden

.

In deze tijd van de zogenaamde ‘Roasts’ waarin onder andere komieken en andere grappenmakers mensen tot op de grond af afbranden op een grappige manier, moest ik denken aan een veel oudere en literaire vorm van de roast namelijk het Hekeldicht. Het Wikiwoordenboek geeft als definitie van het Hekeldicht: gedicht waarin ondeugden of misstanden aan de kaak worden gesteld. Of zoals op de website https://www.ensie.nl staat beschreven: Een gedicht waarin iets ‘gehekeld’ (aangevallen) wordt; het is nauw verwant aan de satire; het belangrijkste verschil is dat de satire vrijwel altijd een humoristisch aspect heeft en het hekeldicht vrijwel nooit. De bekendste hekeldichten uit Nederlandse literatuur zijn van Joost van den Vondel, die te maken hebben met de politieke en religieuze twisten in de het begin van de 17e eeuw: “Geuzevesper” (1619), “Harpoen” (1630), “Roskam” (1630) e.a.

Een bijzonder aardig voorbeeld van een hekeldicht van Ko de Laat vond ik op de website van het EU-forum http://www.cmo.nl

.

Leve het profvoetbal!
.
Oranje had zowaar weer eens gewonnen
Met matig spel, moest worden vastgesteld
Wat was hierop des captains commentaar?
“De bal kon niet goed rondgaan op dit veld”

Ze waren niet zo denderend begonnen
Maar dat had men ook achteraf voorspeld
Het was van meet af aan al zonneklaar:
De bal kon niet goed rondgaan op dit veld

Ze staan daar niet voor twee consumptiebonnen
Da’s waar en dat mag ook wel eens vermeld
Maar nu was het toch werkelijk te zwaar:
De bal kon niet goed rondgaan op dit veld

Supporters, wees toch niet zo onbezonnen!
Staak toch uw loos gekanker en bedaar!
De bal kon niet goed róndgaan op dit veld!

.

Wat voorbeelden van hekelgedichten door de tijden heen:

 

Het klein heelal van het sonnet

Het sonnet in de Nederlandse literatuur

.

Als je een goed zoekt zijn er in Nederland en België vaak heel leuke en interessante bundeltjes te koop op rommelmarkten, kringloopwinkels en tweede hands spullen winkels. Voor de luttele som van € 0,20 kocht ik bij één van mijn favoriete tweedehands winkeltjes het bundeltje ‘het klein heelal van het sonnet’ uit 1969.

Deze bundel, uitgegeven in de serie ‘variaties op een thema’ bevat de beschrijvingen en de gedichten (sonnetten) van 18 dichters. Van Albert Verwey, Joost van den Vondel en Bilderdijk tot Slauerhoff, Achterberg en Lucebert.

Ontstaan op Sicilië begint het sonnet zijn zegetocht door Europa bij Petrarca (1304 – 1374). Diens ‘Canzoniere’ met liefdesverzen voor de verre geliefde Laura wordt het brevier van de Renaissancedichters, eerst in Italië, daarna via Frankrijk in heel West-Europa. In de Nederlanden is het Jan van der Noot, die aan de hand van de Franse leermeesters, als eerste petrarquiseert, gevolgd door Hooft, Bredero en Huygens.

Na een eerste bloeiperiode zinkt het sonnet bij ons voor een paar eeuwen in vergetelheid weg tot de Tachtigers voor een groot eerherstel zorgen met dichters als Kloos, Du Perron, en Verwey.

Omstreeks 1950 is ook de tweede bloeiperiode plotseling ten einde. Toch zijn er heden ten dagen nog altijd beoefenaars succesvol met deze vorm van poëzie zoals Jean Pierre Rawie en Simon Mulder.

Een mooi voorbeeld uit dit aardige bundeltje is het sonnet met de beroemde regel ‘Ik ben een god in ’t diepst van mijn gedachten’ van Willem Kloos uit 1902.

.

Ik ben een God in ’t diepst van mijn gedachten,
En zit in ’t binnenst van mijn ziel ten troon
Over mij zelf en ’t al, naar rijksgeboôn
Van eigen strijd en zege, uit eigen krachten.

En als een heir van donkerwilde machten
Joelt aan mij op en valt terug, gevloôn
Voor ’t heffen van mijn hand en heldere kroon:
Ik ben een God in ’t diepst van mijn gedachten.

En tóch, zo eindloos smacht ik soms om rond
Úw overdierb’re leên den arm te slaan,
En, luid uitsnikkende, met al mijn gloed

En trots en kalme glorie te vergaan
Op úwe lippen in een wilden vloed
Van kussen, waar ‘k niet langer woorden vond.

.

IMG_2753 (1)

Het kortste gedicht ter wereld

Ali, Silverstein, Gillian of Vondel

.

Op 13 mei 2013 schreef ik al over het langste gedicht ter wereld. Een bijzonder initiatief van GitHub.com dat inmiddels uit 3816 verzen bestaat. Het feit dat er zoiets als het langste gedicht ter wereld bestaat heeft me ertoe doen besluiten om eens te kijken of er ook zoiets als het kortste gedicht ter wereld bestaat.

Ik kan je hier melden dat er een levendige discussie op internet gaande is over wie dan wel het kortste gedicht ter wereld geschreven heeft. Er zijn twee gegadigden  volgens de schrijver van het artikel op http://www.fun-with-words.com/shortest_poem.html en wel Shel Silverstein, schrijver van kinderboeken met het gedicht ‘Fleas’ / Strickland Gillian een Amerikaans dichter (1869 – 1954) met het gedicht  ‘Lines on the Antiquity of Microbes’.

Het betreft hier hetzelfde gedicht maar waarschijnlijk is het origineel van Gillian.

Fleas / Lines on the Antiquity of Microbes

.

Adam

Had ‘em

.

Op een andere website https://www.englishforums.com/English/WorldsShortestPoem/vrrkk/post.htm wordt Muhammad Ali de wereldberoemde bokser als auteur van het kortste gedicht opgevoerd. Tijdens een graduation speech in de universiteit van Harvard zou hij het volgende gedicht hebben voorgedragen.

.

Me?

We!

.

Op diezelfde website echter komt een nog korter gedicht aan de orde en wel het gedicht van Joost van den Vondel dat hieronder te lezen is.

.

U

Nu!

.

In 1616 wordt Joost diaken in de Waterlandsche Doopsgezinde Kerk. Vier jaar later treedt hij af vanwege depressiviteit en lusteloosheid, verschijnselen die de artsen wijten aan een overdosis zwarte gal. Wellicht mede vanwege zijn depressie schrijft hij in 1620 een tekstueel wel heel minimaal gedicht, met als enige woorden: ‘U, nu!’ Met dit palindroom (een tekst die je van links naar rechts en andersom kunt lezen), dat volgens het Guinness Book of Records het kortste Nederlandse en vermoedelijk ook internationale gedicht is, wint hij een Nederlandse dichtwedstrijd.

En volgens mij is daarmee de strijd beslist. Joost van den Vondel is de auteur van het kortste gedicht ter wereld.

.

 

Poëzie en Prozaroute

Op de pedalen van het woord

.

Poëzie & Proza-fietsroute Oost-Achterhoek
Fietsroute van 70 km vanuit Bredevoort langs diverse plekken in de Oost Achterhoek, waarover Poëzie en Proza is geschreven.
De routebordjes zijn voorzien van een afbeelding van een boek met pennenveer. Vanuit Boekenstad Bredevoort voert de route langs diverse plekken in de Oost-Achterhoek, waarover poëzie en proza is geschreven. De route kan bij ieder routebordje worden gestart, waaronder die bij zes Toeristische Overstappunten (TOP’s).
.
Routeboek
Het 192 pagina’s tellende routeboek Op de pedalen van het woord maakt deel uit van de Poëzie & Proza-route. Naast een routekaart bevat het boek ruim zestig teksten, die samen een pittig mengsel vormen van gedichten en prozafragmenten uit heden en verleden.
Ze zijn ontleend aan gedichten- en verhalenbundels, romans, liederen of toneelstukken en afkomstig van landelijk of Achterhoeks bekende schrijvers en dichters, zoals Gerrit Komrij, Maarten ’t Hart, Drs. P, Joost van den Vondel, Gerrit Achterberg, Piet Gerbrandy, Hans Keuper en Henk Krosenbrink. De teksten zijn opgetekend in het Nederlands uit de 17e tot en met 20e eeuw of het Achterhoeks dialect. Ook teksten in het Engels en Duits worden gebruikt.
Door de teksten onderweg in een passend decor te lezen, krijgen ze extra zeggingskracht en diepgang. De lezer kijkt als het ware mee over de schouder van de auteur en ontdekt zo de inspiratiebron van de literaire tekst.
Het routeboek Op de pedalen van het woord is verkrijgbaar bij de VVV-kantoren en boekhandels in de (Oost) Achterhoek en kan ook besteld worden via e-mail info@achterhoektoerisme.nl
.
Luisterlocaties
Onderweg zijn er drie locaties waar zogenaamde luisterplekken zijn ingericht. In het routeboekje zijn, naast alle literaire teksten, ook verscheidene cultuur-historische wetenswaardigheden opgenomen.
De luisterlocaties zijn Herberg Erve Kots (tussen Lievelde en Groenlo), Restaurant Sevink Mölle (tussen Meddo en Winterswijk) en Uitspanning De Woord in Winterswijk-Corle.
.
Twee dagen
Gezien de lengte van de fietsroute en het grote aantal stoppunten onderweg, raden de initiatiefnemers aan, de route te fietsen in twee dagen of via de bijgeleverde routekaart een routeverkorting te nemen.
.
Initiatief
De Poëzie & Proza-fietsroute Oost Achterhoek is een initiatief van het Gelders Overijssels Bureau voor Toerisme en gerealiseerd in samenwerking met het Achterhoeks Bureau voor Toerisme, Recreatieschap Achterhoek-Liemers, Bredevoort Boekenstad, Staring Instituut, Stichting Achterland en Hans Mellendijk.

.

Op pedalen van het wioord

%d bloggers liken dit: