Site-archief

Houston we have a problem

Lotte Dodion

.

De Vlaamse dichter, performer en polyvalent (veelzijdig, meer dan één waarde bezittend) teksttalent Lotte Dodion (1987) ken ik al sinds 2011 toen ze als jonge aanstormende dichter op het Ongehoord! podium stond in Rotterdam als (toen nog) Mander dichter. Een Meander dichter was een dichter die ons (van Ongehoord!) werd aangeraden om te programmeren omdat deze talentvol was.  Lotte was toen 24 en inderdaad een aanstormend talent.

Daarna was ze één van de Vlaamse dichters op de Poëziebus in 2015 en programmeerde Ongehoord! haar opnieuw in 2016 op de jubileum editie in de Jacobustuin in Rotterdam. In maart van dat jaar verscheen haar poëziedebuut ‘Kanonnenvlees’ bij uitgeverij Atlas Contact dat zeer goed werd ontvangen.

Haar werk verscheen in bloemlezingen en in literaire tijdschriften als Plebs en Gierik NVT. Ze treedt op, verzorgt workshops en is inderdaad een veelzijdig woordkunstenaar. De laatste jaren werkte ze voor Vonk & Zonen, een literair productiehuis dat naast eigen producties ook een gastvrij huis is voor plannen van dichters en dromers. Een jonge literaire organisatie die sterk inzet op nieuwe vormen om literatuur te presenteren.

Vanaf 1 september dit jaar is ze echter weer terug op haar oude plek, als freelancer in de letteren. Op haar website https://www.lottedodion.be/ is alles over haar werkzaamheden te lezen. Daar staan ook gedichten van haar hand waaronder het mooie maar wrange ‘Houston we have a problem’.

.

We huilden bij een kerk

Olivier van Eijk

.

In 2000 installeerde de Rijksuniversiteit Groningen als eerste universiteit van Nederland een huisdichter. Geen enkele instelling voor hoger onderwijs in Nederland had op dat moment een vergelijkbare positie. In de inmiddels 21 jaar na dato volgden vele universiteiten het voorbeeld van Groningen. Olivier van Eijk (21) uit Rotterdam, maar filosofie studerend in Groningen, is de nieuwe huisdichter van de Rijksuniversiteit Groningen voor het studiejaar 2020-2021.

Met zijn gedichten wil hij ‘een nieuw perspectief op de wereld om ons heen bieden: ‘Ik denk dat gedichten een onthutsende nieuwe kijk op maatschappelijke en politieke gebeurtenissen kunnen geven.’ Als huisdichter wil Olivier zoveel mogelijk lezers enthousiasmeren voor poëzie door kennis te delen en beginnende dichters te motiveren: ‘Ik geloof dat poëzie een onbegrepen kunstvorm is die te snel wordt weggezet als oubollig, pretentieus en elitair.’ Of dat laatste waar is durf ik te betwijfelen maar elke poging om lezers te enthousiasmeren voor poëzie is welkom natuurlijk.

Op de website van de RUG zijn de gedichten en huisdichters terug te vinden https://www.rug.nl/about-ug/profile/huisdichter/ Van Olivier van Eijk hier het gedicht ‘ We huilden bij de kerk’  het gedicht dat hij schreef in maart 2021.

.

We huilden bij een kerk

.

we huilden bij een kerk op een dinsdag
en de zuilen waren wellicht je schouders in de hitte
van de troost

.

als de zon onvoorwaardelijk liefheeft of haat of onverschillig schijnt
op mensen pleinen fonteinen water en fonkelend gras

.

de wereld als neuriënde mummy over deze objecten waakt
of slechts zuchtjes en kreetjes laat van ouderdom

.

tijd telkens bekeurd wordt voor snelheidsovertredingen
door de wetsdienaar van nostalgie,

.

weemoed en andere verschijnselen van sentimentele schepsels

.

misschien vingen de tegels onze tranen
als kinderen onder een afdak in de regen
terwijl ze hun koppen dragen als kruizen
en de kerk in slowmotion mee snikte

.

Eerste jonge dichter des vaderlands

Joanne Hoekstra

.

In 2012 werd voor de eerste maal in Nederland de jonge dichter des vaderlands gekozen. Er waren zestig inzendingen voor de nieuwe titel in poëzieland en van die 60 werden er 4 jongens en 10 meisjes genomineerd om mee te dingen naar de titel. Deze 14 jongeren (allen tussen de 16 en 18 jaar oud) kregen een aantal workshops aangeboden (onder andere ‘schrijven & schrappen’ en ‘voordragen’) en mochten in een privéles nog verder hun poëzie aanscherpen.

Uiteindelijk werden er drie finalisten gekozen: Sannemaj Betten, Kenza Bolsius en Joanne Hoekstra. Deze drie dichters mochten een poëzieclip opnemen en in de maanden erna kon er gestemd worden op de beste dichter of de beste clip. Uiteindelijk won de Friese 16 jarige Joanne Hoekstra de felbegeerde titel met het gedicht ‘In het hoofd van haar broer’.

De nieuwe jonge dichter des vaderlands werd tevens voor twee jaar aangesteld als huisdichter op Scholieren.com. Hieronder twee gedichten uit 2012 die ze schreef gedurende de verkiezing tot jonge dichter des vaderlands.

.

In het hoofd van haar broer

In het hoofd van haar broer
kwam nog een laatste gedachte op
toen het water zijn lichaam omarmde,
zijn hoofd verborg in de golven.

Ze had willen redden
Maar de schepen voeren nog, boeien dreven.

En ook zij was in gedachten verzonken.

.

twaalf jaar

.

De te jonge jongen,
Broek op half 7,
rugzak zelfs op kwart over 6.

.

Hij zuigt de sigarettenrook
alsof hij cola drinkt
zijn lichaam binnen.

.

Voor hij zich omdraait
en de lucht met rook
vermengt, richting de hemel spuugt.

.

Een hoestje ingehouden.
Hij is al wat eerder opgehouden
net twaalf jaar te zijn.

.

 

Fake News!

Jonge dichter des Vaderlands

.

Maaike Rijntjes (1997) was in de periode 2014-2016 Jonge dichter des Vaderlands. Hiervoor won zij ‘Doe Maar, Dicht Maar’, de wedstrijd voor jonge dichters. Na haar jaren als Jonge dichter des Vaderlands heeft ze op verschillende podia gestaan en zijn er gedichten van haar gepubliceerd in verschillende tijdschriften, zoals ‘Het Liegend Konijn’. Inmiddels studeert ze filosofie in Groningen en schrijft gedichten voor radioprogramma El Mundo. Het wekelijkse radioprogramma El Mundo wordt behalve in Harderwijk ook uitgezonden op lokale radiostations in Zwolle en Deventer. Gedichten van haar hand zijn te lezen op http://maaikerijntjes.tumblr.com
In 2018 deed ze mee met WriteNow! Groningen en won ze de derde prijs met een aantal gedichten. Een van deze gedichten is heel actueel en is getiteld ‘Fake news’.

.

Fake news

.

Vrouwen zijn gemaakt om vast te houden,
mannen om te winnen.

.

De wereld is een eiland en
op zee is het makkelijk drijven:
golven likken stranden schoon,
zout hoeft niet te branden in je ogen.

.

Je kunt bouwen om mensen
prikkeldraad oprollen de stenen ook
in de grond verbergen, zeggen: je kunt
niet meer naar huis,
dit alles zonder het ‘gevangenis’ te noemen.

.

Kinderen zijn veilig als je ze jong genoeg leert
altijd terug te schieten
het probleem zit in schedels
ligt niet in hun handen.

.

Week van de vijftigers

laatste week van februari

.

De Nederlandse poëzie heeft de laatste 150 jaar veel verschillende stromingen gekend (Tachtigers, Vijftigers, nieuw realisten, Maximalen e.d) maar één van de bekendste en misschien ook wel invloedrijkste was de beweging van de Vijftigers. De beweging van de Vijftigers werd ingezet door de dichter Lucebert zo valt te lezen op de website https://www.literatuurgeschiedenis.nl

Lucebert stuurde zijn gedichten in 1949 op aan uitgeverij De Bezige Bij. Zijn onconventionele gedichten vielen echter niet in de smaak bij de redacteur die ze moest beoordelen. Deze dacht dat ze door een krankzinnige gemaakt waren. Maandenlang hoorde Lucebert niets van de uitgeverij. In dat jaar, ten tijde van de Politionele Acties, debuteerde hij met het gedicht ‘Minnebrief aan onze gemartelde bruid Indonesia’.

Toen Lucebert in 1951 echter debuteerde met de bundel ‘triangel in de jungle’ bij uitgeverij a.a.m. stols, kwam men bij De Bezige Bij alsnog tot inkeer en in 1952 verscheen daar de bundel ‘ápocrief/de analpabetische naam…’. Hij werd hiermee de voorman van de Vijftigers.

Zijn poëzie, die zo kort daarvoor nog voor gekkenwerk was gehouden, bleef onconventioneel, maar dat nam niet weg dat steeds meer lezers hun aanvankelijke weerzin overwonnen, omdat ze begrepen dat hier een jonge dichter stem probeerde te geven aan een generatie die in de Tweede Wereldoorlog volwassen was geworden. Een generatie die vond dat het allemaal helemaal anders moest. De dichters uit deze beweging verzetten zich tegen de oude normen en waarden die na de oorlog opnieuw gekoesterd werden, ook in de kunst. Zozeer week de poëzie van de dichters van Vijftig af van wat toen de norm was, dat veel lezers aanvankelijk niet inzagen waarom dit soort werk nog poëzie of literatuur genoemd kon worden.

Naast het experimentele karakter van de gedichten gaven de Vijftigers nog een betekenis aan het woord experimenteel, namelijk die van de experience, de beleving. Het proces van het dichten was minstens zo belangrijk als het vernieuwende karakter. Daarnaast was spontaniteit een belangrijk gegeven. Juist na de tweede wereldoorlog (waarin zo duidelijk was geworden wat er gebeurd als je vastliggende constructies oplegt aan de werkelijkheid) was spontaniteit van handelen en denken van groot belang voor de Vijftigers. Zij zetten zich af tegen het rationele, zoals het denken in zwart-wit tegenstellingen (goed/slecht, geest/lichaam, goddelijk/aards) en de hiërarchie die zulke tegenstellingen aanbrengen. Ze wilden dit soort denken juist doorbreken. Voor hen stond het goddelijke niet boven het aardse, de geest niet boven het lichaam. De Vijftigers zagen de poëzie als een bevrijdende kracht voor alle levensterreinen. Hun staat niet alleen een literaire omwenteling voor ogen, maar een totale reorganisatie van het leven en het bewustzijn.

Tot de dichters van de Vijftigers worden gerekend: Lucebert, Hugo Claus, Gerrit Kouwenaar, Hans Andreus, Remco Campert, Jan Elburg, Sybren Polet, Paul Rodenko, Bert Schierbeek, Simon Vinkenoog, Paul Snoek en Jan Hanlo.

Deze week extra aandacht voor de Vijftigers en hun werk uit die beginperiode van de jaren ’50. Te beginnen, uiteraard, met een gedicht van Lucebert uit de bundel ‘Triangel in de jungle’ uit 1951.

.

Strafkolonie

.

Een meer vol kettingen en rode

voetstappen nachtdruppels ebbenhouten

ogen in alle kasten

konden genezen eten en boeken

lange boeken zingen op onze lichamen

wan en langhopig lang

.

soms komt de zon zo zon-

derling hinkend als pompen

.

vaak puilt de nacht een paarse vrouw

koud op de kamer koud op de keel

.

soms is het onderling donker

.

 

Keats is dead so fuck me from behind

Hera Lindsay Bird

.The Guardian

Van een goede vriendin kreeg ik een link toegestuurd naar een artikel in The Guardian van 26 januari 2019 over de opkomst van jonge vrouwelijke dichters. Het was mij ook al opgevallen dat er steeds meer vrouwen tussen de 20 en 30 jaar aan een opmars bezig zijn in Nederland en Vlaanderen (kijk maar naar de deelnemers van de Poëziebus  van de afgelopen jaren) en dat beeld wordt in dit artikel bevestigd. Jonge vrouwen van 13 tot 24 jaar zijn nu de grootste poëziegebruikers in het Verenigd Koninkrijk in een markt die in de afgelopen vijf jaar met 48% is gegroeid tot £ 12,3 miljoen, volgens de Britse boekverkoper Nielsen BookScan. Een enorm bedrag voor wat toch nog steeds als een niche in de literatuur bekend staat.

Deze toename in de populariteit van poëzie door vrouwen en de toename van de waarde van de markt komt overeen met dramatische verschuivingen in de demografie van poëzie-kopers binnen het Engelstalige deel van de wereld. Vijf jaar geleden suggereerde het onderzoek van Nielsen dat 27% van de kopers van poëzie jonge vrouwen waren en nog eens 27% mannen van middelbare of oudere leeftijd. Tegenwoordig is bijna 40% van de poëzie-kopers vrouwen onder de 35, terwijl slechts 18% mannen zijn boven de 34. Het aandeel tienerjongens en jonge mannen in de vroege jaren 20 die poëzie kopen, is ook toegenomen, van 12% in 2014 tot 16% vandaag. Op zichzelf verheugende cijfers. Een in toenemende mate jonger wordend publiek dat zich interesseert voor poëzie.

Het gemak waarmee poëzie online kan worden gepubliceerd, op mobiele telefoons kan worden gelezen en op sociale media kan worden gedeeld, is één reden waarom de vorm populairder is geworden bij tieners en millennials , met jonge dichters die miljoenen volgers op Instagram trekken. Er is ook een toename in het aantal gedichten met betrekking tot de vrouwelijke seksuele blik, zegt Susannah Herbert, directeur van de Forward Arts Foundation, die de Forward Prizes voor poëzie en Nationale Gedichtendag beheert: “Jonge vrouwen hebben altijd gedichten willen lezen – waarom denk je dat troubadours zich uitsloofden om verzen te schrijven voor hun vrouwelijke liefdes? Maar ik denk dat ze niet altijd poëzie hebben gekocht omdat de meeste gepubliceerde poëzie niet op hen is gericht. Binnen de liefdespoëzie van de afgelopen eeuwen zijn het vooral mannen die naar meisjes kijken. Nog maar 10 jaar geleden kon je een bloemlezing over liefdespoëzie lezen en dan moest je moeite doen om gedichten te vinden waarin vrouwen naar mannen kijken. Nu zien we een inhaalbeweging. ”

Een van die jonge vrouwelijke dichters die actief meedoet aan deze inhaalbeweging is Hera Lindsay Bird (1987) uit Wellington, Nieuw-Zeeland. Deze dichter die recht voor zijn raap gedichten schrijft en daarbij een komische noot niet schuwt schreef het gedicht ‘Keats is dead so fuck me from behind’ dat viral ging op Facebook, net als haar gedicht ‘Monica’ over het Courtney Cox-personage Monica in de tv serie ‘Friends’.

.

Keats is Dead so Fuck me From Behind

.

Keats is dead so fuck me from behind

Slowly and with carnal purpose

Some black midwinter afternoon

While all the children are walking home from school

Peel my stockings down with your teeth

Coleridge is dead and Auden too

Of laughing in an overcoat

Shelley died at sea and his heart wouldn’t burn

& Wordsworth……………………………………………..

They never found his body

His widow mad with grief, hammering nails into an empty meadow

Byron, Whitman, our dog crushed by the garage door

Finger me slowly

In the snowscape of your childhood

Our dead floating just below the surface of the earth

Bend me over like a substitute teacher

& pump me full of shivering arrows

O emotional vulnerability

Bosnian folk-song, birds in the chimney

Tell me what you love when you think I’m not listening

Wallace Stevens’s mother is calling him in for dinner

But he’s not coming, he’s dead too, he died sixty years ago

And nobody cared at his funeral

Life is real

And the days burn off like leopard print

Nobody, not even the dead can tell me what to do

Eat my pussy from behind

Bill Manhire’s not getting any younger

.

Het hele artikel uit The Guardian lees je op https://www.theguardian.com/books/2019/jan/26/new-generation-young-women-poets maar neem ook eens een kijkje op de website van Hera Lindsay Bird (inmiddels is mij ter ore gekomen dat haar website is gehackt, meer informatie en gedichten van Hera Lindsay Bird vind je op https://thespinoff.co.nz/author/hera-bird/

.

Ik ben

Rellie Telg

.

Al eerder schreef ik over Rellie Telg of Rellieatuur zoals ze ook wel bekend staat. In 2017 was ze één van de busdichters bij de Poëziebustoer en in januari 2018 vroeg ik haar voor te dragen op de poëziemiddag in Maassluis in de Poëzieweek (in 2019 overigens op 27 januari met o.a. Ingmar Heytze!). Haar bio in de Poëziebusbundel van 2017 luidt:

Zij is niet haar naam, huidskleur of beroep… Graag blaast zij stillevens leven in met haar pen. Creëert zij nieuwe werelden met wat zij onderweg vindt. Bouwt zij woordbruggen van haar hart naar de jouwe. Met haar gekleurde bril serveert zij het alledaagse in een nog onbekend jasje.

Mocht je de gelegenheid hebben haar ergens te kunnen bekijken en beluisteren dan zou ik dat zeker doen. Uit de bundel ‘Staalkaart van de Nederlandstalige podiumpoëzie’ het gedicht ‘ik ben’.

.

Ik ben

.

Ik ben niet mijn naam, huidskleur of beroep

ik ben niet wie ik morgen zeg te zullen zijn

ik ben staat los van alle plannen die ik bedenk,

van alle zoektochten naar mezelf.

Ik ben staat los van alle manieren die ik zoek om kalm en zen te zijn

ik denk dat ik ben mij keihard uitlacht en dan liefdevol toelacht

wat een gekkigheid denkt ik ben misschien, kijk haar nou gaan,

bergen beklimmen, het onderste uit de kan halen om erachter te komen

wie ik ben zodat zij weet wie zij is.

Zal ik haar zeggen dat zij alleen hoeft stil te zitten om te weten wie ik ben?

Zal ik haar zeggen dat zij allang weet wie ik ben,

al voordat zij besloot de jacht te openen op ik ben?

Ik laat haar nog even zoeken…

misschien net zolang tot ze doodmoe neervalt…

haar ogen opent en mij rustig naast haar ziet liggen.

Dan zal zij lachen en haar hoofd schudden en zacht maar duidelijk zeggen:

Ik ben

.

Liever lief

Lot Bouwes

.

De Rotterdamse studente en dichter Lot Bouwes (1993, Krimpen aan de IJssel) schrijft gedichten, verhalen en sprookjes. In 2016 gaf ze in eigen beheer de dichtbundel ‘Wezens’ uit. De bundel ‘Wezens’ bestaat uit 50 biografische gedichten en kleine illustraties met ieder een verborgen boodschap. De foto’s in Wezens zijn gemaakt door Hanke Arkenbout.  Op haar website  https://www.lotbo.nl  lees je hoe je aan haar bundel kan komen, over haar poëzie en hoe een gedicht op maat van haar te verkrijgen. Op haar blog http://vergetenwoorden.blogspot.com kun je gedichten van haar lezen. Zoals ook het gedicht ‘Liever lief’.

.

Liever lief

.

Ik kan je duizend brieven schrijven,
over eenzaam en verloren
over nooit meer uitverkoren
Maar ik heb me liever lief.

En ik wil slechts ademruimte.
En de dingen die we voelen
kunnen vormen wat we doen.
En we hoeven niet te denken
of de regels te verzinnen
want we zijn niet wie we waren,
niet verloren zoals toen

.

 

Supermarkt

Melissa Ketelaar

.

In de categorie Jonge dichters vandaag Melissa Ketelaar. Melissa Ketelaar komt uit Emmen en is woonachtig in Nijmegen waar ze Algemene Cultuurwetenschappen studeert. Als kind was ze nogal verlegen en door te schrijven kon ze zich toch uitspreken. Door een optreden bij de Kunstbende kreeg ze de kans om vaker op te treden en leerde ze mensen kennen die positief op haar werk reageerde.

Zelf zegt ze dat haar vroegere gedichten vooral grappig en ironisch waren en nu wat nihilistischer zijn maar in het gedicht ‘Supermarkt’ bewijst ze dat het ironische en grappige nog steeds een plekje heeft in haat poëzie. Qua vorm lijken het korte prozagedichten, een beetje in de stijl van Nyk de Vries.

.

Supermarkt

.

Mijn peer werd afgerekend als een appel, omdat ik het zonde vond een tweede zakje te pakken. Voor

het eerst pin ik zoveel dat ik een handtekening moet zetten. Jammer dat ik geen zegels spaar.

Het is druk en de vier tieners voor me kopen Red Bull en Bifi worstjes. De cassière herkent me

inmiddels en ik ben bang dat ze bijhoudt wat ik koop en dus eet.

De enige keer dat ik me niet schaam is als ik tegelijkertijd chocola en tampons koop.

.

DURF!

Elianne van Elderen

.

Ik las het digitale magazine DURF!, een magazine dat wordt gepubliceerd door CUBISS  en daarin las ik een gedicht van Elinanne van Elderen. Op zoek naar meer van haar werk kwam ik terecht op haar Tumblr pagina.  Elianne is 18 jaar en studente Klassieke talen (Grieks en Latijn in Nijmegen) en creative writing (Arnhem). Zoals ze schrijft op haar Tumblr pagina:  “Er zit iets gevaarlijks in de verveling van de jeugd. Soms schrijf, dicht, of open ik wat”. Dat leek me een goed idee en daarom in de categorie Jonge Dichters hier een gedicht van haar hand. Uit de DURF! het gedicht zonder titel.

.

Ze zingt ‘Forever Young’ – slow version mee
met een Vlaams accent. Het woord ‘incoherent’
kende ik nog niet
toen het al van toepassing was
op de antwoorden die ik gaf
in vriendenboekjes op de basisschool.

Mijn lievelingskleur was paars
nu niet meer, Ilse droeg die kleur maillot
toen we ruzie maakten.

Mijn lievelingseten was wortelstamp
nu niet meer, Daniël moest een keer kotsen
toen hij dat gegeten had bij het kerstontbijt in groep vijf.

Mijn lievelingsdier was een vlinder

nu niet meer, ik ving er ooit een in een jampot

toen brandde ik hem dood met een vergrootglas.

Ik heb in de jaren daarna vooral LEGO-paleizen, Barbiepoppen,

theekopjes van mijn oma, een Nintendo 3DS, nieuw stucwerk,

mijn sleutelbeen, een robotische dinosaurus, de garagedeur,
dromen, draai-kiepraammechanismen en jouw telefoonscherm
kapot gemaakt.

Ik zeg dat al mijn badschuimkastelen instorten
en dat in verval raken ook maar een synoniem is
voor verdwijnen. Peter Pan staat los
van zijn schaduw en jij niet meer achter
de tweets die je schreef toen je twaalf was.

Hij rent weg en ik tel tot tien.

Ik kijk steeds vaker tussen mijn vingers door.
Er liggen frambozenvlekken op hun schoenenneuzen

en leugens op hun tongen. Elke keer
wanneer hun mond open gaat
probeer ik er een uit
te halen. Het lukt me bijna
nooit.

De stoppels op je kin zullen voor het eerst
de kans krijgen om te groeien.
Wij groeien ook maar vooral uit elkaar.

 

.

%d bloggers liken dit: