Site-archief

Verdraaid

Dichter bij Zuid-Holland

.

Naast de dichter des vaderlands, legio stads-, dorps- en regiodichters en een paar campusdichters, heb je in Nederland ook een provinciedichter. Voor zover ik weet is het er één, of had moet ik eigenlijk zeggen want Etwin Grootscholten was van 2016 t/m 2021 provinciedichter van de provincie Zuid-Holland.

Etwin is tevens beleidsambtenaar bij de provincie en eind 2021 verscheen een verzameling van de gedichten die hij schreef in zijn periode als provinciedichter in de bundel ‘Dichter bij Zuid-Holland’. De bevat een voorwoord van de commissaris van de Koning Jaap Smit, drie hoofdstukken met titels: Ceremonie, Buiten en Och, mensen en een nawoord van de dichter zelf. De bundel is niet in de handel verkrijgbaar maar wordt als relatiegeschenk ingezet door de provincie.

In het nawoord beschrijft Etwin een aantal gelegenheden waarbij hij als provinciedichter gevraagd en ongevraagd gedichten bij schreef. Officiële gelegenheden met de commissaris van de Koning, met Prinses Beatrix, nieuwjaarsrecepties, toespraken, maar ook bij gelegenheden zoals het Prinsjesfestival en de opening van het paviljoen van de provincie en de gemeente Rotterdam voor de Chongming World Flower Expo 2021.

Dan de gedichten in de bundel. De gedichten zijn heel wisselend, sommige verhalend, duidelijk geschreven voor een speciale gelegenheid, andere weer heel persoonlijk zoals in het gedicht ‘Herdenken’: Uit hun schoten / is mijn leven gevallen, of in het gedicht ‘Geen komen & gaan’: dat ik zie / dat ik niet voor alles en iedereen wegeb / dat ik er ben voor een ander / in een weidser leven.

Er staan ook een aantal gedichten in de bundel die zijn geschreven naar aanleiding van de Corona pandemie; over de Corona teams, zijn eigen ervaring met Corona en over hoe we als maatschappij met Corona omgaan. Wat mij opvalt is de veelzijdigheid in vorm en inhoud van de gedichten van Etrwin. Er staan kernachtig geformuleerde (extreem hermetisch vermeldt de achterflap, ik vind dat erg meevallen) tot prozaïsche gedichten zoals het gedicht ‘Helder’ en ‘De toekomst van Zuid-Holland II. Opvallend is ook, dat de gedichten die meer gelinkt zijn aan een ceremonie of een officiële gebeurtenis, langer zijn dan de meer persoonlijke vrije werken.

Al met al heb ik de bundel met veel plezier gelezen. Juist door de afwisseling in vorm en inhoud. Dat Etwin ook over een poëtische stem beschikt is duidelijk. Dat de bundel, juist doordat er een duidelijke opdrachtgever was, minder geschikt is voor de handel maar juist heel goed als relatiegeschenk, heeft me tijdens het lezen zeker niet in de weg gezeten. Waarmee ik maar wil zeggen dat (een groot deel van) deze poëzie een groter publiek verdient. Uit de bundel koos ik voor het gedicht ‘Verdraaid’.

.

Verdraaid

.

dijken van kinderen heb ik

ze roeien hun armen als wieken

malen meel en drogen polders

er wordt naar heb gekeken

zoals de wereld kijkt naar Kinderdijk

stiekem voor de pracht van het al

en later pas het weten

waar het in de wind allemaal om draait:

.

een hemel doorklieven

met een praktisch doel

.

Advertentie

Poëzie op Allerzielen

Dichter bij de dood

.

Op 2 november aanstaande is het weer Allerzielen. Met Allerzielen worden de overledenen herdacht plaatsen nabestaanden vaak bloemen op het graf van een dierbare overledene. Sinds een aantal jaren is er op begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag op deze avond een bijzondere activiteit die aansluit bij Allerzielen. Dit jaar is het de vijfde en daarmee de jubileumeditie van Dichter bij de dood.

Dichter bij de dood organiseert op deze avond voordrachten van dichters en troubadours die stilstaan bij het thema troost. De volgende dichters en troubadours zullen op 2 november acte de présence geven: Liesbeth de Blécourt, Martijn Breeman, Edith de Gilde, Aurora Guds, Diann van Faassen, Wouter van Heiningen, Ton Houtman, Joz Knoop, Karin van Kalmthout, Anne-Tjerk Mante, Miguel Santos, Eelco van der Waals, Marjon van der Vegt en Renske Visser.

De dichters en troubadours zullen langs een route staan op de begraafplaats die verlicht wordt door fakkels zodat iedereen de route makkelijk kan volgen en bij elke dichter stil kan staan en naar een troostrijk gedicht kan luisteren. Omdat dit de jubileumeditie werden al twee poëziepodia georganiseerd op de begraafplaats en zal er een jubileumbundel verschijnen.

Het project dichter bij de dood wordt gesteund door de begraafplaats Oud Eik en Duinen, Monuta en Cultuurschakel Den Haag en georganiseerd door Dichter bij de dood en Ongehoord! Begraafplaats Oud Eik en Duinen is te vinden aan de Laan van Eik en Duinen 40, de avond begint om 19.00 uur en is uiteraard gratis toegankelijk. Als voorbeeld van een troostrijk gedicht hier het gedicht ‘Geheim gedicht’ van Ingmar Heytze uit de bundel ‘Schaduwboekhouding’ uit 2005.

.

Geheim gedicht

.

Vannacht heb ik een zoen begraven.
Hij lag dertien maanden tussen ons in
en jij had al een paar keer gevraagd:
wat ligt daar nou toch steeds.

.

Toen je eindelijk sliep, drukte ik
de zoen met mijn lippen in een doosje
vol watten en liep naar de tuin. Daar
groef ik een graf van twee monden diep

.

onder de beuk. De duizend zoenen
die volgend jaar rood en zoet uit de takken
komen waaien, zijn allemaal voor jou.

.

Oorlog en vrede

Dubbelgedicht

.

Ik wilde een dubbelgedicht wijden aan herdenken, aan de oorlog en het verzet of aan de overledenen en terwijl ik aan het lezen was in allerlei bundels op zoek naar geschikte gedichten kwam ik twee gedichten tegen die in mijn ogen aan elkaar gekoppeld konden worden. Vanuit de oorlog naar de vrede en hoe we daarna met de overlevering aan de oorlog omgaan. Juist ook omdat in deze tijd herdacht wordt Auschwitz 75 jaar geleden bevrijd werd door het Rode leger en de discussie over hoe en of we kunnen blijven herdenken als de ooggetuigen en overlevenden van de oorlog er straks niet meer zijn.

Het eerste gedicht is van Martinus Nijhoff (1894 – 1935) en verscheen oorspronkelijk in de bundel ‘Vormen’ uit 1924. Wellicht is dit Nijhoff’s belangrijkste bundel. Hij schetst in deze bundel een beeld van de moderne mens in zijn verscheurdheid: zowel religieus verlangend, als zinnelijk en levensmoe. De wereld wordt ervaren als een chaos en de dichter tracht in zijn verzen deze te ordenen. Het gedicht dat ik koos is getiteld ‘Soldatenkerstmis’.

Het tweede gedicht is van Ed. Hoornik (1910 – 1970) en verscheen oorspronkelijk in De Gids (1965) en is getiteld ‘Tot de doden’. Reeds voor de oorlog waarschuwde Ed. Hoornik tegen het nazisme, onder meer met het gedicht ‘Pogrom’, met de slotregel “het is maar tien uur sporen naar Berlijn”. Door zijn verzet moest hij in de oorlog onderduiken, werd gearresteerd en werd via Kamp Vught in 1944 overgebracht naar concentratiekamp Dachau. Dit verblijf in Dachau heeft zijn verdere leven getekend. In de bundel ‘Ex Tenebris’ schrteef hij hier onder andere over: “wie daarin opgenomen is geweest, zal de dood tot zijn dood met zich meedragen”.

.

Soldatenkerstmis

.

Zij dorsten niet te zingen in de tent

Zoolang het kindje op den trommel sliep.

Toen hief er één zijn glas omhoog en riep:

“Hoera voor ’t kind! Hoera voor ’t regiment!”

.

Het heele kamp drong om de tent te hoop,

En al die lachende oogen werden week

Als ’t kind om groote vingers greep, of keek

Naar ’t blinken van een afgesneden knoop.

.

Eén brengt een bloem, een ander voert een geit

Nabij, waarop een jongen schrijlings rijdt –

Hoor, het is Kerstmis! Hoor de klokken beven –

.

God gaf een kinderhart aan den soldaat

En heeft, ontroerd, toen het verweerd gelaat

Met bijl en beitel uit ruw hout gedreven.

.

Tot de doden

.

Wij kunnen U niet meer bereiken
Wij komen een zintuig te kort
Wij leggen ons neer bij feiten
Dat gij minder en minder wordt

.

De enkele keren dat ge
In dromen nog ons verschijnt
Wordt ge al ijler en ijler
Tot ge voor altijd verdwijnt

.

Straten houden uw namen
Voor heden en morgen in stand
Maar onze kinderen brengen
Ze niet meer met u in verband

.

Het land ligt nog net als het toen lag
Van polder tot polder te kijk
De mensen die er in wonen
Blijven zichzelve gelijk

.

Maar éénmaal per jaar is de stilte
Tot de hemel toe van u vervuld
En belijden wij zonder woorden
Onze dankbaarheid, onze schuld

.

Dichter in verzet

Kamp Vught

.

Enige tijd geleden was ik in Kamp Vught. In de oorlog was dit een werkkamp en vele mensen verloren daar hun leven. Op de fusilladeplaats bijvoorbeeld werden alleen al 329 mannen doodgeschoten. Vele andere verloren hun leven door ondervoeding, ziekte en andere oorlogsmisdaden. Toen het werkkamp gesloten werd, hebben mensen uit respect voor de overledenen een groot kruis neergezet op de plek waar de fusilladeplaats was. Vlak na de 2e Wereldoorlog , op 20 december 1947, wordt dit kruis vervangen door een monument met de namen van de omgekomen mensen en officieel onthuld  door prinses Juliana.

In 1995 bekladden vandalen het monument met teer, koolteer. Er worden verschillende pogingen ondernomen om het monument schoon te maken, maar alles mislukt. De daders zijn nooit gepakt, het is zelfs niet eens zeker of het wel meerdere daders zijn, misschien was het wel één persoon. Omdat de stenen niet meer schoon te maken waren, is er een nieuw monument gemaakt met de namen van de overledenen erop. De originele stenen inclusief teer, zijn nog te zien in het museum bij Kamp Vught.

Kort na deze daad van vandalisme heeft iemand, een onbekende dichter, een papier bevestigd op het hek naar de fusilladeplaats toe. Het gedicht is te lezen bij de besmeurde stenen in het kamp, aan het hek van de fusilladeplaats is nu een permanent bord bevestigd waarop het gedicht, van de onbekende dichter in verzet tegen deze vandalistische daad, te lezen is.

.

%d bloggers liken dit: