Site-archief

Dichtregels op brugwachtershuisjes

Brugwachtershuisjes.nl

.

De Stichting Brugwachtershuisjes heeft als doel om leegstaande brugwachtershuisjes een nieuwe bestemming te geven. Brugwachtershuisjes zijn vaak zorgvuldig ontworpen huisjes op markante plekken in een stedelijke of landelijke omgeving. De stichting heeft de overtuiging dat een positieve beleving van deze huisjes het beste gewaarborgd wordt door deze een nieuwe functie te geven. Stichting Brugwachtershuisjes initieert en stimuleert dit hergebruik en biedt zo mogelijk ondersteuning bij het vinden en realiseren van nieuwe gebruiksmogelijkheden.

Niet alleen wordt gekeken naar nieuwe gebruiksmogelijkheden, er wordt ook gekeken naar het meer aandacht geven binnen de stad aan deze huisjes. Een nieuw initiatief op dit gebied is het plaatsen van dichtregels die betrekking hebben op zo’n huisje of op de omgeving of  functie van zo’n een briugwachtershuisje.

Men heeft mij benaderd voor twee brugwachtershuisjes in Maassluis. Ik heb een gedicht aangedragen (weet niet of men daar iets mee kan, dat hoor ik nog) en ook de stadsdichter van Maassluis zal een gedicht voor een regel aanleveren.

In het centrum van Schiedam is al het brugwachtershuisje van de Ooievaarsbrug voorzien van een dichtregel van Wijbrand Boon. De regel die men aanbracht is: “Een brug …. je moet er voor open staan”. Als er meer nieuws te melden is over het aanbrengen van dichtregels van mij of in Maassluis zal ik hierop terug komen.

.

Advertenties

Utrecht Centraal Station

Hanny Michaelis

.

Van mijn collega Ronald kreeg ik een foto toegestuurd die hij maakte op Utrecht Centraal station. In het station heeft men een gedicht van Hanny Michaelis geplaatst bij de gele borden met de vertrektijden van de treinen.  Uiteraard heb ik gelijk gekeken of dit gedicht al op Straatpoëzie.nl was geplaatst en dat was het geval. Daar las ik het volgende:

Het gedicht is een geschenk van ProRail en de NS aan de reizigers. Het gedicht werd onthuld in december 2016 tijdens de officiële opening van het nieuwe stationsgebouw. Het gedicht komt uit de bundel ‘Water uit de rots’ uit 1957.

.

Nacht: veilige overkapping
waar de droomtrein te wachten staat
die me naar jou terugbrengt
door een tunnel van slaap

Samen gaan we het pad
naar de zee, blauw
en warm onder de zon
van een voorbije zomer

Maar altijd rijdt de trein
terug naar het lege perron
van een dag zonder jou

.

 

Gedicht op het raam van Leeszaal West

Gino van Weenen

.

Gino van Weenen (1986) is performer, schrijver, dichter en creatief ondernemer. In de eerste papieren dichtbundel die ik uitgaf met MUG Books ‘Wij dragen Rotterdam’ uit 2014 stonden al een aantal gedichten van Gino.  Hij werkt voor o.a.  Bibliotheek Aanzet, Poetry Circle Nowhere en hij was vice voorzitter van Jong RRKC, een adviesraad voor Rotterdam arts & culture. Gino publiceert zijn werk op verschillende blogs als Rotterdam, I Love You en Vers Beton.  Ook schrijft hij journalistieke stukken en columns.

Voor de Leeszaal West in Rotterdam schreef hij het gedicht ‘Binnenweg’ op een raam waarmee zijn werk voor alle bezoekers en passanten te lezen is. Mewer over Gino vind je hier https://ginovanweenen.com

.

Binnenweg

.

Binnen in de tram ontrolt er
een verhaal van het centrum naar west.
Dit is de legende van een straat
die oude ambachten doet herleven
en ongezien verandert.
Het gaat hier van volle naar lege glazen
het stroomt van de Westersingel over
en kronkelt het naar de havens.
Op lome dagen slentert de wereld langs
etalages en kiosken.
Snijdt men lokken van mannen
draait men dreads.
Eet je de wereld van keuken naar keuken
met elke hap dichter bij de zon.
Je proeft de tuin uit Turkije, Italië,
India of gewoon uit de buurt.
Dwarsstraten strepen langszij en geven voeding
aan de ijzeren aders van de tram.
Koffiekoppen klinken als het lepeltje er in roert,
zoals de naald schraapt over de plaat.
Ik hang lampen op en licht daarmee mijn planten uit,
gestekt en gezaaid. Het is verre van Rotterdam.
In de boeken bestaat er een Binnenweg.
.

Ne me quitte pas

Chanson op een kist

.

Op internet kwam ik via Pinterest een afbeelding tegen van een kist waarop de tekst van het lied ‘Ne me quitte pas’ van Jacques Brel was aangebracht. Toen ik de tekst en de video van Brel opzocht kwam ik ook een vertaling van het nummer tegen. De tekst is net zo poetisch in het Nederlands als ik al vermoedde (mijn Frans is niet zo geweldig). Daarom niet allen de video om nog eens van te genieten maar ook de Franse en Nederlandse tekst.

.

Ne me quitte pas

.

Ne me quitte pas, il faut oublier
Tout peut s’oublier, qui s’enfuit déjà
Oublier le temps des malentendus et le temps perdu
A savoir comment oublier ces heures
Qui tuaient parfois
A coups de pourquoi, le coeur du bonheur
Ne me quitte pas (3x)

Moi je t’offrirai des perles de pluie
Venues de pays où il ne pleut pas
Je creuserai la terre jusqu’après ma mort
Pour couvrir ton corps d’or et de lumière
Je ferai un domaine où l’amour sera roi
Où l’amour sera loi
Où tu seras reine
Ne me quitte pas (5x)

Je t’inventerai des mots insensés que tu comprendras
Je te parlerai de ces amants-là
qui ont vu
deux fois leurs coeurs s’embraser
Je te raconterai l’histoire de ce roi mort
De n’avoir pas pu te rencontrer
Ne me quitte pas (4x)

On a vu souvent rejaillir le feu de l’ancien volcan
Qu’on croyait trop vieux
Il est paraît-il
des terres brûlées
Donnant plus de blé qu’un meilleur avril
Et quand vient le soir pour qu’un ciel flamboie
Le rouge et le noir ne s’épousent-ils pas
Ne me quitte pas (5x)

Je ne vais plus pleurer
Je ne vais plus parler
Je me cacherai là à te regarder
Danser et sourire
Et à t’écouter
Chanter et puis rire
Laisse-moi devenir l’ombre de ton ombre
L’ombre de ta main
L’ombre de ton chien
Ne me quitte pas (4x)

.

Ga niet bij me weg

.

Ga niet bij me weg, je moet vergeten
Alles kan vergeten worden wat al bijna weg is
Vergeet de tijd van de misverstanden en de verloren tijd
Die je nodig had om te begrijpen hoe je de uren moet vergeten
Die de doodsteek gaven
Aan het geluk met teveel waaroms
Ga niet bij me weg (4x)

Ik zal je paarlen van regen aanbieden
Uit landen waar het niet regent
Ik zal het land bewerken tot na mijn dood
Om jouw lichaam met goud en licht te overdekken
Ik zal een omgeving scheppen waar liefde koning zal zijn,
Waar liefde zal heersen
Waar jij koningin zult zijn
Ga niet bij me weg (5x)

Ik bedenk voor jou dwaze woordjes die je zult begrijpen,
Ik zal het met je hebben over die geliefden
die al twee keer hebben gezien hoe hun hart
in vuur en vlam werd gezet
Ik zal je het verhaal van deze koning vertellen die is
gestorven omdat hij jou niet meer heeft kunnen vinden
Ga niet bij me weg (4x)

We zien zo vaak dat het vuur weer oplaait In een oude vulkaan
Waarvan we dachten dat hij uitgedoofd was
Het heeft veel weg van verbrande aarde
Die meer graan opbrengt dan een schitterende aprilmaand
En wanneer de avond valt met een vlammende hemel
Vermengen het rood en zwart zich dan niet met elkaar?
Ga niet bij me weg (5x)

Ik zal niet meer huilen
Ik zal niets meer zeggen
Ik zal me daar verstoppen om naar jou te kijken
Hoe je danst en glimlacht
En om naar je te luisteren
Hoe je zingt en daarna lacht
Laat mij de schaduw van jouw schaduw worden
De schaduw van jouw hand
De schaduw van jouw adem
Maar ga niet bij me weg
Ga niet bij me weg (3x)
.

Straatpoëzie

Ida Gerhardt

.

In ‘Onze taal’ het maandblad van het genootschap Onze Taal staat deze maand (nummer 7/8) een groot artikel van vier pagina’s over straatpoëzie met Kila van der Starre. De regelmatige lezer van dit blog weet dat Kila van der Starre de drijvende kracht is achter het project Straatpoëzie waaraan ook ik als partner ben verbonden. In het interview/artikel veel achtegrondinformatie over het project straatpoëzie en de website met deze naam.

Wat ik heel interessant vond om te lezen was dat in de top 10 van meestvoorkomende dichters, als het gaat om gedichten in de buitenruimte, Ida Gerhardt bovenaan staat. Gevolgd door twee, mij veel onbekendere, dichters Ina Stabergh (gewezen stadsdichter van Diest) en Tine Hertmans (tot voor kort dorpsdichter van Destelbergen) beide uit Vlaanderen, want straatpoëzie beperkt zich niet alleen tot Nederland  Er staan meer onbekendere namen in de top 10 maar dat komt omdat sommige streek- of stadsdichters vaak meerdere gedichten op straat hebben staan.

Het gedicht dat het vaakst voortkomt is ‘Het carillon’ van Ida Gerhardt, maar liefst 7 keer kun je dat in Nederland/Vlaanderen tegen komen in de publieke ruimte. Zoals Kila stelt in het artikel; Dat gedicht wordt vaak gebruikt voor Tweede Wereldoorlog-monumenten. het gedicht gaat weliswaar ook over kerkklokken en muziek, maar als het op zo’n monument staat, lijkt het alleen te verwijzen naar de Joodse gemeenschap en de Holocaust’.

Nog een conclusie uit het onderzoek van Kila; Nederlanders komen in aanraking met poëzie op verschillende manieren. Op 1 staan bruiloften en begrafenissen, op 2 allerlei televisieprogramma’s en op 3 de openbare ruimte. Toen ik dit las wist ik weer waarom een initiatief als Straatpoëzie.nl maar ook de Poëziebus van grote waarde zijn voor de waardering van poëzie. In het artikel vertelt Kila dat ze ook nader onderzoek gaat doen naar poëzie op sociale media, poëziefestivals, kussenslopen, waterflesjes en zelfs getatoeëerde gedichten. Ik zal haar wijzen op mijn rubriek Gedichten op vreemde plekken (maar volgens mij weet ze die wel te vinden), daar staan honderden voorbeelden.

Je kunt nog steeds gedichten in de openbare ruimte aanmelden bij http://www.straatpoezie.nl, eenvoudig en snel, dus weet je ergens een gedicht op straat of buiten check de website even en als het er nog niet op staat, voeg het toe!

.

Het carillon

.

Ik zag de mensen in de straten,
hun armoe en hun grauw gezicht, –
toen streek er over de gelaten
een luisteren, een vleug van licht.

Want boven in de klokketoren
na ’t donker-bronzen urenslaan
ving, over heel de stad te horen,
de beiaardier te spelen aan.

Valerius : – een statig zingen
waarin de zware klok bewoog,
doorstrooid van lichter sprankelingen,
‘Wij slaan het oog tot U omhoog.’

En één tussen de naamloos velen,
gedrongen aan de huizenkant
stond ik te luistr’ren naar dit spelen
dat zong van mijn geschonden land.

Dit sprakeloze samenkomen
en Hollands licht over de stad –
Nooit heb ik wat ons werd ontnomen
zo bitter, bitter liefgehad.

.

In het Hof van Breda in Kampen.

 

Ari

Langste gedicht van Nederland

.

Op 28 september 2010 schreef ik over het tunnelgedicht van Joke van Leeuwen in Antwerpen. Wat ik niet wist maar waar ik door Alek op gewezen werd, is dat Nederland ook over een tunnelgedicht beschikt. Dit is het gedicht ‘Lieve Ari’ van Jules Deelder. Deelder schreef het gedicht voor zijn in 1985 geboren dochter Ari. Het gedicht staat geschreven, of beter gezegd getegeld, over de gehele wand van de fietsbuis van de Benelux tunnel onder de Nieuwe Maas tussen Vlaardingen en Pernis. De tekst is 900 meter lang en daarmee het langste gedicht van Nederland (of dit ook het langste gedicht ter wereld is zoals wel beweerd weet ik niet, op 24 mei 2010 schreef ik al over het gedicht ‘De schaapsherder’ van Fernando Pessoa op een fietspad langs de Taag in Lissabon) en dat is aangebracht op de wanden van de fietstunnel naast de Beneluxtunnel bij Vlaardingen.

Het gedicht luidt:

.

Voor Ari

.

Lieve Ari
Wees niet bang

De wereld is rond
en dat istie al lang

De mensen zijn goed
De mensen zijn slecht

Maar ze gaan allen
dezelfde weg

Hoe langer je leeft
hoe korter het duurt

Je komt uit het water
en gaat door het vuur

Daarom lieve Ari
Wees niet bang

De wereld draait rond
en dat doettie nog lang

.

De zondvloed is nakende

Gedicht op een sluis

.

Het gedicht van George Moormann ‘De zondvloed is nakende!’ is in een door Thomas Widdershoven ontworpen letter Penta Rhei, in 2006 op de Prinses Margrietsluis nabij Lemmer aangebracht. Het kunstwerk van Moormann en Widdershoven is een van de dertien kunstprojecten die gedurende 2006 en 2007 werden gerealiseerd  langs de gehele vaarweg Lemmer-Delfzijl. De naam ‘WOORDENSTROOM’ verwijst naar de taal-beeldroute die door de uitvoering van deze kunstwerken is ontstaan langs de drie kanalen in de provincies Groningen en Friesland.

.

De zondvloed is nakende!

.

daarachter daarachter

alle sluizen en drijfgassen van europa

.

daarboven daarbovenThomas Wilders

alles tussen de mensen en de goden

.

hiervoor hiervoor

alles tussen wetenschap en techniek

.

landinwaarts landinwaarts

bijna te warm om te zwemmen

.

naar zee naar zee

verdrinken de koeien en verzuipt het riet

.

in sluizen in sluizen

vragen we ons af of het water toen hoger kwam

.

of de geschiedenis zich zal herhalen

of europa ook nu geschaakt wordt door een stier

.

of wij die achterblijven worden gered

of als stomkoppen verdiend kopje ondergaan

.

 

Straatkunst

Wan bon

.

R. Dobru (1935-1983) is het pseudoniem van vakbondslid en activist Robin Ravales, die zich zowel binnen als buiten de poëzie verzet heeft tegen de sociaal-maatschappelijke problemen in zijn land Suriname en de koloniale overheersing van de Nederlandse staat. Vlak voor zijn dood heeft hij ook nog in de regering van Suriname gezeten als Minister van Cultuur, in welke hoedanigheid hij zich inzette voor de politieke en culturele eenwording van Suriname.
Zijn poëzie kenmerkt zich door een sterke betrokkenheid bij het lot van de Surinamers en het lijden van hen die sociaal achtergesteld waren. Als dichter verwoordde en voedde hij vanaf de jaren zestig het steeds sterker wordende nationalisme en verlangen naar onafhankelijkheid van zijn volk. Het gedicht ‘Eén boom’  of ‘Wan bon’ is een van de bekendste voor-beelden van de behoefte om saamhorigheid te creëren in een tijd waarin de roep om vrijheid steeds luider wordt. De metaforiek is eenvoudig en geeft weinig ruimte voor misverstanden. Dobru stierf op achten-veertigjarige leeftijd aan de gevolgen van suikerziekte.

Het gedicht is in Suriname op het gebouw van het Welzijns Instituut Nickerie (Wingroep) aangebracht maar ook in Rotterdam West op het Virulyplein op de gevel van een huizenblok. De kunst is van kunstenaar Carlos Blaaker (1961). Het gedicht (in het Surinaams en het Nederlands) gaat als volgt:

.

Wan bon 

Wan bon
someni wiwiri
wan bon.

Wan liba
someni kriki
ale e go na wan se

Wan ede
someni prakseri
prakseri pe wan bun mus’ de

Wan Gado
someni fasi fu anbegi
ma wan Papa

Wan Sranan
someni wiwiri
someni skin
someni tongo

Wan pipel

.

Eén boom

.
Eén boom
zovele bladeren
één boom.

Eén rivier
zovele kreken
alle stromen naar één zee

Eén hoofd
zovele gedachten
gedachten waar een goede tussen moet zitten

Eén God
zoveel manieren om te aanbidden
maar één enkele Vader

Eén Suriname
zoveel soorten haar
zovele huidskleuren
zoveel talen

Eén volk

.

Kalamazoo

Muurgedichten

.

Zoals velen weten is Leiden de onbetwiste hoofdstad van Nederland als het gaat om muurgedichten. Uiteraard zijn er veel meer steden en dorpen in Nederland waar gedichten op muren zijn geplaatst. Zo ook in het buitenland. Ik kwam een mooi voorbeeld tegen van een muurgedicht in Kalamazoo. Ik heb even moeten googelen in welk land dit lag (ik dacht zelf ergens bij Australië) maar het is dus een stad in Michigan in de Verenigde Staten. Dat het hier niet zomaar een onbekend gat betreft blijkt uit het feit dat de wereldberoemde Gibson gitaar hier vandaan komt.

Vanaf 1980 is men begonnen met het aanbrengen van gedichten op muren. Maar bij elk gedicht werd een mural of muurschildering aangebracht door Conrad Kaufman en juist deze schilderingen maken deze muurgedichten iets bijzonders. De Kalamazoo Friends of Poetry kiezen de locaties uit en bepalen samen met Kaufman welk gedicht waar verschijnt. Door de bijzondere schilderingen vielen ze mij op en hieronder wil ik er enkele met jullie delen van respectievelijk Meredith Adams, Julie Stotz-Ghosh, Mark (acht jaar oud) en Emily Kunz, allemaal met schilderingen van Conrad Kaufman.

.

Gedichten op vreemde plekken

Ida Gerhardt

.

Van vriendelijke lezers krijg ik zo nu en dan tips over gedichten op vreemde plekken. Zoals bijvoorbeeld van Ronald over een gedicht op een bankje aan de Wijnhaven in Delft en van Eric over een gedicht op het gemaal De Poel in Zuiderwoude. En laten beide gedichten nu van dezelfde dichter zijn, namelijk van Ida Gerhardt. Toeval bestaat niet maar toch. Hieronder de foto’s van beide plekken. In juli 2016 publiceerde ik het gedicht ‘De profundis’ al. Het gedicht ‘Onvervreemdbaar’ komt uit haar bundel ‘Het sterreschip’ uit 1979.

.

Onvervreemdbaar

Dit wordt ons niet ontnomen: lezen
en ademloos het blad omslaan,
ver van de dagelijksheid vandaan.
Die lezen mogen eenzaam wezen.

Zij waren het van kind af aan.

Hen wenkt een wereld waar de groten,
de tijdelozen, voortbestaan.
Tot wie wij kleinen mogen gaan;
de enigen die ons nooit verstoten.

.

                                                                                                                                                                                                                               Foto: Ronald Wagenaar

%d bloggers liken dit: