Site-archief

Gedicht over een bibliotheek

Tracey Herd

.

De in Dundee (Schotland) geboren dichter Tracey Herd (1968) debuteerde in 1995 met de bundel ‘No Hiding Place’ die meteen op de shortlist kwam van de Forward Prize. Voor haar debuut was ze al gepubliceerd in een aantal bloemlezingen zoals ‘New Women Poets’ uit 1990 en ‘The Gregory Anthology 1991-1993’. Herd studeerde Engelse en Amerikaanse studies aan de universiteit van Dundee. Van 2009 tot 2011 was Herd een Royal Literary Fund Fellow aan de Dundee University en ze is momenteel een Royal Literary Fund Lector aldaar.

Een van de grote passies van Herd is paardenrennen. Haar eerste gedicht werd gepubliceerd in ‘Pacemaker’, een tijdschrift voor het fokken van paarden, en ze heeft online beoordelingen en overlijdensberichten geschreven van paarden die ze bewondert. De poëzie van Herd wordt beschreven als ‘onschuldig huiselijk’ en ‘donker seksueel’.  De Australische dichter, criticus en essayist John Kinsella omschrijft haar werk als ‘riskant en uitdagend’. 

Op zoek naar een gedicht van haar hand kwam ik het gedicht ‘Library’ tegen en je begrijpt dat ik dat gedicht hier met je wil delen.

.

Library

.

When he’s away she doesn’t like it much,
Pushing the reheated food around the plate,
The big, brass key rigid in the lock
Which she’ll go back three times
To check before turning off the radio
And taking the water-glass to bed.

.

Christie, Sayers, Marsh are sitting
Well-mannered on the shelf
Pushed in tight to keep
Their suave murderers inside,
Their victims choked cries unheard.

.

She turns over onto her other side
Pushing the pillows forward, back,
Thinking of the spinster pulling weeds
And tidying the tubs in her well-tended
Garden in St. Mary Mead, between murders
As it were, but soon will come
The poison pen, the bullet in the dark
That could have been blindly fired
When the house’s lights went out
But was only ever meant for one.

.

Jas

Vicki Feaver

.

De BBC gaf in de jaren ‘90 van de vorige eeuw een aantal bundels uit met daarin de keuze van het Engelse publiek als het gaat om de mooiste gedichten, de mooiste liefdesgedichten, reisgedichten en de grappigste gedichten. Men vroeg het Engelse volk welk liefdesgedicht men het mooiste en beste vond.  Daaruit kwam een top 100 met daarin klassiekers als ‘Shall I compare thee to a summer’s day’ van Shakespeare en Elisabeth Barret Browning’s ‘How do I love thee’ (op de eerste plaats). Maar er staan ook minder bekende liefdesgedichten in, verrassende gedichten ook zoals die van Vicki Feaver (1943) ‘Coat’.

.

Vicki Feaver is een Engelse dichter. Ze heeft meerdere dichtbundels gepubliceerd. Feavers gedicht ‘Judith’, uit haar bundel ‘Handless  Maiden’, kreeg de Forward Prize voor het beste gedicht. De bundel ontving ook de Heinemann-prijs en werd genomineerd voor de Forward-prize. Feaver ontving ook een Cholmondeley Award.

.

Coat

.

Sometimes I have wanted

to throw you off

like a heavy coat.

.

Sometimes I have said

you would not let me

breathe or move.

.

But now that I am free

to choose light clothes

or none at all

.

I feel the cold

and all the time I think

how warm it used to be.

.

%d bloggers liken dit: