Site-archief

Stel vier bomen

Rein Bloem

.

Op verzoek van oud collega en literatuurliefhebber Leo Willemse schenk ik vandaag aandacht aan de dichter Rein Bloem (1932 – 2008). Rein Bloem was dichter, vertaler en criticus. Hij publiceerde enkele bundels poëzie waarin wordt geëxperimenteerd met de taal. Bloems debuut ‘Overschrijven’ uit 1966 vertoont al in de titel zijn preoccupatie met intertekstualiteit, het verwerken van bestaande teksten om daar een eigen interpretatie aan te verlenen. Bloem stelde zich op aan de kant van de dichter Ezra Pound, die met verstand en inlevingsvermogen culturele gegevens reconstrueert om er een nieuwe bezieling aan te geven.

Als vertaler vertaalde hij werk vanonder andere Pound, Joyce, Baudelaire en Mallarmé. Hij was medewerker van de literaire bladen Merlijn en Raster en verzorgde poëziekritiek in dag- en weekbladen (onder andere in Vrij Nederland en De Groene Amsterdammer).

Een belangrijk aspect in zijn werk is de taal, Bloem is met dichters als Kouwenaar, Ten Berge, Faverey, Mallarmé, Reverdy Du Bouchet en anderen van mening dat persoonlijke en actuele aanleidingen moeten worden weggewerkt in een spel van taal en ritme. In het gedicht ‘Stel vier bomen’ uit de bundel ‘Scenarios’ uit 1970 komt dat goed naar voren.

.

Stel vier bomen

.

Stel vier bomen
op onderling gelijke
afstand van elkaar.
Eén speler in het midden
wiens taak het is
eerder bij een boom
te zijn dan de andere
spelers die rennen
van stam tot stam
en wisselen van plaats.

Lukt het –
een ander komt
in het midden.

Lukt het niet –
hij mag het
nog eens proberen.

Als je hier goed
over nadenkt
is het om gek
van te worden.

.

The Faber book of modern verse

William Carlos Williams

.

Voor Vaderdag kreeg ik The Faber Book of Modern Verse (wat is dat toch dat Engelse poëzietitels alle zelfstandig voornaamwoorden zo vaak met een hoofdletter schrijven als ware het Duits?). Dit exemplaar uit 1979 met ruim 400 bladzijden behandelt vele dichters uit de 19e en 20ste eeuw. At random koos ik voor een (voor mij) onbekende dichter namelijk William Carlos Williams. Het gedicht ‘Portret of a lady’ komt uit 1920 en werd gepubliceerd in The Dial’.

William Carlos Williams werd in 1863 in Rutherford in de VS geboren en hij stierf daar ook bijna 100 jaar later in 1963. Hij was arts maar werd als dichter beïnvloed door Ezra Pound die hij op de universiteit had leren kennen.

Williams wilde een heel directe poëzie die aansloot bij de werkelijkheid zoals ze is, en hij had dan ook een afkeer van het gebruik van metaforen en symbolisme in poëzie, iets waarvoor hij later werd bewonderd door de dichters van de Beat generation.

.

Portret of a lady

.

Your thighs are appletrees
whose blossoms touch the sky.
Which sky? The sky
where Watteau hung a lady’s
slipper. Your knees
are a southern breeze — or
a gust of snow. Agh! what
sort of man was Fragonard?
— As if that answered
anything. — Ah, yes. Below
the knees, since the tune
drops that way, it is
one of those white summer days,
the tall grass of your ankles
flickers upon the shore —
Which shore? —
the sand clings to my lips —
Which shore?
Agh, petals maybe. How
should I know?
Which shore? Which shore?
— the petals from some hidden
appletree — Which shore?
I said petals from an appletree.

.

The Waste Land

T.S. Eliot

.

Vorige week bezocht ik het filmhuis voor de film ‘Problemski Hotel’ naar het boek van Dimitri Verhulst. Een bijzondere film, dramatisch en komisch tegelijk. In deze film citeert de hoofdpersoon Bipul enige keren een aantal zinnen uit het gedicht ‘The Waste land’ van T.S. Eliot (1888 – 1965) en dan met name de regels uit de eerste strofe  ‘April is the cruelest month’. De eerste 7 regels van de eerste strofe bevatten deze regels. In deze regels noemt T.S. Eliot April een wrede maand terwijl wij hier in het Westen April zien als de maand dat de Lente begint.

In dit gedicht spreekt een getormenteerd mens. Een dichter die aan depressies lijdt. In plaats van het mooie nieuwe te zien voelt de dichter hier een pijnlijke opluchting en brengt dit pijnlijke herinneringen bij hem boven. In de rest van het gedicht werkt hij dit (zijn depressie) verder uit. In de film verwijzen deze regels naar de problemen en uitzichtloosheid van de vluchtelingen in de opvang (het Problemski Hotel).

T.S. Eliot droeg dit gedicht op de dichter Ezra Pound. Het gedicht bestaat uit 5 delen. Als je het gehele gedicht wil lezen kan dat op http://www.poetryfoundation.org/poem/176735 Ik plaats hier het eerste gedeelte.

.

The waste Land

              I. The Burial of the Dead

 

 April is the cruellest month, breeding
Lilacs out of the dead land, mixing
Memory and desire, stirring
Dull roots with spring rain.
Winter kept us warm, covering
Earth in forgetful snow, feeding
A little life with dried tubers.
Summer surprised us, coming over the Starnbergersee
With a shower of rain; we stopped in the colonnade,
And went on in sunlight, into the Hofgarten,
And drank coffee, and talked for an hour.
Bin gar keine Russin, stamm’ aus Litauen, echt deutsch.
And when we were children, staying at the arch-duke’s,
My cousin’s, he took me out on a sled,
And I was frightened. He said, Marie,
Marie, hold on tight. And down we went.
In the mountains, there you feel free.
I read, much of the night, and go south in the winter.

 

  What are the roots that clutch, what branches grow
Out of this stony rubbish? Son of man,
You cannot say, or guess, for you know only
A heap of broken images, where the sun beats,
And the dead tree gives no shelter, the cricket no relief,
And the dry stone no sound of water. Only
There is shadow under this red rock,
(Come in under the shadow of this red rock),
And I will show you something different from either
Your shadow at morning striding behind you
Or your shadow at evening rising to meet you;
I will show you fear in a handful of dust.
                      Frisch weht der Wind
                      Der Heimat zu
                      Mein Irisch Kind,
                      Wo weilest du?
“You gave me hyacinths first a year ago;
“They called me the hyacinth girl.”
—Yet when we came back, late, from the Hyacinth garden,
Your arms full, and your hair wet, I could not
Speak, and my eyes failed, I was neither
Living nor dead, and I knew nothing,
Looking into the heart of light, the silence.
Oed’ und leer das Meer.

 

  Madame Sosostris, famous clairvoyante,
Had a bad cold, nevertheless
Is known to be the wisest woman in Europe,
With a wicked pack of cards. Here, said she,
Is your card, the drowned Phoenician Sailor,
(Those are pearls that were his eyes. Look!)
Here is Belladonna, the Lady of the Rocks,
The lady of situations.
Here is the man with three staves, and here the Wheel,
And here is the one-eyed merchant, and this card,
Which is blank, is something he carries on his back,
Which I am forbidden to see. I do not find
The Hanged Man. Fear death by water.
I see crowds of people, walking round in a ring.
Thank you. If you see dear Mrs. Equitone,
Tell her I bring the horoscope myself:
One must be so careful these days.

 

  Unreal City,
Under the brown fog of a winter dawn,
A crowd flowed over London Bridge, so many,
I had not thought death had undone so many.
Sighs, short and infrequent, were exhaled,
And each man fixed his eyes before his feet.
Flowed up the hill and down King William Street,
To where Saint Mary Woolnoth kept the hours
With a dead sound on the final stroke of nine.
There I saw one I knew, and stopped him, crying: “Stetson!
“You who were with me in the ships at Mylae!
“That corpse you planted last year in your garden,
“Has it begun to sprout? Will it bloom this year?
“Or has the sudden frost disturbed its bed?
“Oh keep the Dog far hence, that’s friend to men,
“Or with his nails he’ll dig it up again!
“You! hypocrite lecteur!—mon semblable,—mon frère!”
.
.

PH.

September 1958: Portrait of American-born poet TS Eliot (1888 - 1965) sitting with a book and reading eyeglasses, around the time of his seventieth birthday. (Photo by Express/Express/Getty Images)

September 1958: Portrait of American-born poet TS Eliot (1888 – 1965) sitting with a book and reading eyeglasses, around the time of his seventieth birthday. (Photo by Express/Express/Getty Images)

Samizdat dichter

Olga Sedakova

.

Vandaag een gedicht van een zeer geleerde Russische vrouwelijke dichter. Olga Sedakova (1949) is dichter, vertaler, filoloog en Russisch etnografe, ze is doctor honoris causa in de theologie aan de universiteit van Minsk en ze bekleedt de leerstoel van Theorie en Geschiedenis van de Wereld Cultuur in de Faculteit der wijsbegeerte aan de universiteit van Moskou.

Olga Sedakova begon met het doorgeven van haar poëzie als samizdat. De samizdat was een clandestiene circulatiesysteem van geschreven of getypte teksten, geschreven door dissidenten in de Sovjet Unie en in de landen van het voormalig Oostblok.

In 1986 verschenen haar eerste gedichten in Parijs en sinds 1989 publiceert ze in Rusland. Naast eigen werk schrijft ze over Russische schrijvers en dichters en publiceert ze vertalingen van onder andere  Emily Dickinson, Rilke, Heidegger, Claudel, Paul Celan, Ezra Pound en vele anderen.

.

Code

.

Dichter is hij die wil, wat allen

wensen willen. Als een eekhoorn in een molentje

draait hij zijn verbeelde noodlot rond.

Maar zijn stijl, hoog als een dorpel,

voert van een verlicht bordes

in een eindeloos gebied voorbij de polen,

waar hij blijft sjirpen vanaf een speerpunt

als een krekel in het gras van het niet-zijnde.

.

En als we daar een steelse blik op werpen-

is de klank zelf toevallig, als een traan.

.

olga

Met dank aan: ‘Spiegel van de Russische poëzie’, 2000

A girl

Ezra Pound

.

Al eerder schreef ik over Ezra Pound (1885 – 1972) en deze week werd ik weer eens herinnerd aan zijn bestaan. Op 13 juli 2013 schreef ik over de poëzietheorie van Pound en op 14 januari 2013 kwam zijn gedicht ‘In a Station of the Metro’ voor op een lijstje met de 9 meest vreemde gedichten die je ooit las. Ik zag dat ik dit gedicht toen niet plaatste, vandaar vandaag twee gedichten van deze bijzondere dichter.

.

In a Station of the Metro

The apparition of these faces in the crowd;

Petals on a wet, black bough.

.

A Girl

The tree has entered my hands,
The sap has ascended my arms,
The tree has grown in my breast –
Downward,
The branches grow out of me, like arms.

Tree you are,
Moss you are,
You are violets with wind above them.
A child – so high – you are,
And all this is folly to the world.

.

Ezra_Pound_2                                                                                                                Ezra Pound in 1913

.

Met dank aan Poemhunter.com

Wat is poëzie?

De theorie volgens Ezra Pound

.

Wat is poëzie? Hoe beoordeel je poëzie en waaraan moet poëzie voldoen? Vraag het aan honderd mensen en je krijgt honderd antwoorden. In een ver verleden waren er theorieën over wat poëzie was, denk aan allerlei vaste versvormen, maar tegenwoordig is het vrijwel ondoenlijk om te bepalen wat nu precies poëzie is. En misschien moeten we dat ook wel niet willen, bepalen wat poëzie is en wat niet.

Toch blijven er mensen, dichters, literatuurwetenschappers die een poging doen. De dichter Ezra Pound heeft getracht de poëzie onder te verdelen in drie richtingen of tendensen. Deze onderverdeling is gebaseerd op cognitieve gebieden of op dat wat we kennen of weten.

Welk aspect wordt aangesproken bepaald de onderverdeling. Allereerst is er de Melopoeia, de poëzie die als een lied wordt genoten en vooral het oor aanspreekt. Dan is er de Phanopoeia welke middels beelden de visuele cortex activeert. En tot slot is er de Logopoeia welke een spel speelt met betekenissen en welke een een intellectuele dans veroorzaakt te midden van woorden.

Natuurlijk is dit een hele brede onderverdeling en zal de praktijk altijd weerbarstiger blijken dan de theorie. Toch kun je je er meteen wat bij voorstellen. Iedere poëzieliefhebber herkent waarschijnlijk een voorkeur voor een van de typen.

Je zou kunnen stellen dat wat de meeste mensen typeren of beoordelen als goede poëzie een vorm van poëzie is die de drie in zich kan verenigen.

Welk type spreekt jou als meeste aan?

Ezra

Met dank aan Piet Gerbrandy : Een verhaal gaat altijd over iets. De Groene Amsterdammer.

RAAR!

9 van de vreemdste gedichten die je ooit las

Wie zei er dat poëzie saai was? Die heeft de website shmoop.com nog nooit gelezen. Op deze website staat onder andere een lijstje van 9 van de meest vreemde gedichten ooit geschreven. Dit is het lijstje:

1. The Rime of the Ancient Mariner door Samuel Taylor Coleridge (1798)

2. Porphyria’s Lover door Robert Browning (1836)

3. Goblin Market door Christina Rossetti (1862)

4. Jabberwocky door Lewis Carroll (1872)

5. In a Station of the Metro door Ezra Pound (1912)

6. In Just- door E.E. Cummings (1923)

7. Oda al Caldillo de Congrio door Pablo Neruda (1954)

8. Farm Implements and Rutabagas in a Landscape door John Ashbery (1966)

9. A Boy named Sue door Shel Silverstein (1969)

 

Ongetwijfeld zijn er nog veel meer heel vreemde gedichten geschreven en uitgegeven. Als je er een weet; Reageer! en wie weet begin ik een nieuwe categorie Vreemde gedichten.

Meer informatie over de gedichten en waarom ze nu eigenlijk zo vreemd zijn kun je vinden op http://www.shmoop.com/news/2010/04/05/weird-poems/

 

%d bloggers liken dit: