Site-archief

Dichter van de maand

Hugo Claus

.

In de laatste maand van 2018 wil ik op de resterende zondagen de dichter Hugo Claus als dichter van de maand een plek geven. Hugo Maurice Julien Claus (1929 – 2008) was een toonaangevende Vlaams schrijver en dichter die onder zijn eigen naam publiceerde, evenals onder verschillende pseudoniemen. Claus’ literaire bijdragen omvatten de genres van drama, de roman en poëzie; hij was daarnaast actief als schilder en filmregisseur. Hij schreef voornamelijk in het Nederlands, hoewel hij ook poëzie in het Engels schreef. Hugo Claus ontving tijdens zijn leven vele literaire prijzen zoals de Constantijn Huygens-prijs, de VSB poëzieprijs (voor ‘De sporen’) en de prijs der Nederlandse letteren.

Uit de bundel ‘Ik schrijf je neer, de mooiste gedichten’ uit 2002 koos ik het gedicht ‘Zomer’, leek me wel grappig zo bijna in de winter.

.

Zomer

.

Ineens die drie maanden
met alleen maar droogte.

De cipressen met hun rosse borstels.
De witte schorpioen zonder venijn.

Een zomer van verbrand papier.
De natuur blijft snateren
terwijl ik rot.

Toen kwam jij
en sindsdien kom ik
handen en ogen tekort
met mijn mond vol tanden.

.

Advertenties

Elektron, Muon, Tau

Maria van Daalen

.

In 1989 debuteerde dichter Maria van Daalen met de bundel ‘Raveslag’ bij uitgeverij Querido. Deze bundel viel toen op door zijn mystieke toon en werd het jaar daarop genomineerd voor de C. Buddingh’ prijs. In de jaren hierna volgden nog 8 dichtbundels waaronder een Engelstalige bundel.

Van Daalen was drie jaar lang (1992 t/m 1994) redacteur van De Revisor en was later lid van de redactieraad van Dietsche Warande & Belfort. Zij publiceerde regelmatig verhalen en gedichten in DWB, Awater, De Revisor, Lust & Gratie, Parmentier, Tzum en andere literaire tijdschriften.Haar Amerikaans-Engelse werk verscheen in buitenlandse tijdschriften (The Southern Review/LSU, AGNI/Boston University, etc.). Van haar werk bestaan vertalingen in het Italiaans, Engels, Frans, Duits, Fries, Fins, Bosnisch, Bahasa Indonesia, Farsi. Bekendheid kreeg zij ook als organisator, bij ‘Winterschrift’ (Groningen) en bij ‘De Langste Dag’ (2010).

Uit haar erotische bundel ‘Elektron, Muon, Tau’ uit 2003 hier het sonnet  ‘Margo Timmins’.

.

Margo Timmins

.

de zangeres van Cowboy Junkies

tijdens een concert in Paradiso op 15 november 2001

.

de hand die ze om de microfoonstandaard vouwt

de andere hand bij de eerste tonen

losjes zoals ze in haar stem gaan wonen

zichzelf zuiver aan haar lichaam toevertrouwt

.

de stilte opzoekt wacht in een klank beschouwt

de diepte van het interval met lome

gebaren door het dal het licht intomen

legt ze mij uit dat en hoe ik van hem houd

.

die elk woord geluidloos meezingt en geniet.

Tranen glanzen in zijn vermoeide ogen.

Hij wiegt zich zoals zij zelf op haar muziek.

.

Kunst is niet om te troosten, dat is tragiek.

Bloeiende woorden zegt ze, volgezogen

groeit vanuit de wortel van de pijn het lied.

.

 

Dix

Bijzondere poëzie

.

Zoals de regelmatige lezer van dit blog ongetwijfeld weet beperk ik mij in geen enkele mate als het gaat over het schrijven over poëzie. Wat ik wel de rafelranden van de poëzie noem, daar heb ik grote interesse in. Maar ook in uitwassen, de vreemde vogels in de poëzie, de mafketels, de dwarsliggers, de uitzonderingen op de poëtische regel. Zo’n uitzondering is de dichter François Henricus Anthonie van Dixhoorn (1948), of wel F. van Dixhoorn, of wel Dix.

Van Dixhoorn debuteerde in 1994 met de bundel ‘Jaagpad / Rust in de tent / Zwaluwen vooruit’ bij De Bezige Bij en werd meteen bekroond met de C. Buddingh’-prijs voor nieuwe poëzie. De bundel ‘De zon in de pan’ uit 2012 werd genomineerd voor de VSB Poëzieprijs 2013. Gedichten van F. van Dixhoorn verschenen in zelfstandige bundels en poëzietijdschriften en zijn vertaald in het Frans, Duits en Engels.

In zijn bundel ‘De zon in de pan’ presenteert van Dixhoorn 29 keer min of meer dezelfde vier regels:

.

om

de enemafketels, dwarsli

na de andere

om

.

In zijn bundel ‘De verre uittrap’ staat 6 maal op een verder lege pagina het woord ding.’ F. van Dixhoorn is niet zomaar met ding.’ op de proppen gekomen. Het gaat om een woord dat constant in het menselijke verkeer te horen valt, en in herhaling buitengewoon muzikaal van toon kan zijn. Behalve ding.’ zijn er nog 89 woorden in het gedicht, zoals twee keer maal.’ – eveneens geplaatst aan de rand van de linkerpagina. Allemaal woorden die hij uit de lucht heeft geplukt, of in de krant gelezen, en bewaard in de map ‘lijstje aantekeningen’.

Een eigenzinnig dichter dus die van Dixhoorn. Kunststromingen uit de jaren zestig zijn vormend voor Dix geweest. Vanuit hier heeft hij zich verder ontwikkeld. Het gaat over korte registraties van de werkelijkheid, veel hoef je daar niet over te praten, dat is er gewoon. Daarom gebruikt hij geen moeilijke woorden. Hij laat een herkenbaar decor ontstaan, met eenvoudige beelden van eenlettergrepige woorden als boot, vis en klei.

In Vlissingen is zijn werk ook in de openbare ruimte te bewonderen. Een tekstregel op parkeergarage Spui Centrum maakt onderdeel uit van een totaalkunstwerk wat door financiële omstandigheden maar deels gerealiseerd is (2008)

.

Lyrik line

Vertalingenwebsite

.

Via Facebook vroeg mij iemand naar een vertaling van een gedicht. Toen ik dit googlede kwam ik terecht op een Duitse website https://www.lyrikline.org

Op deze website, met partners uit 46 landen van over de hele wereld, kun je op dichter of gedicht zoeken en wanneer je deze gevonden hebt, kun je meteen zien of en welke vertalingen er beschikbaar zijn. In de menubalk bovenaan kun je al kiezen uit 9 talen. Onder Dichters kun je zoeken op land, op naam of op taal. Een voorbeeld:

Als ik op taal (Nederlands) zoek vind ik 27 dichters. Als ik dan naar de dichter Bernard Dewulf (1960) ga, dan vind ik daar 10 gedichten van deze dichter uit Brussel. Als ik vervolgens naar het onderstaande gedicht ga zie ik daar dat er maar liefst 3 vertalingen zijn van ‘Dido’s klacht’ namelijk een Franse, een Engelse en een Duitse vertaling. Naast het gedicht in tekst is er bij elk gedicht een geluidsfragment te horen waarin de dichter het gedicht voordraagt. Deze laatste overigens alleen in de oorspronkelijke taal. Naast de tekst is dan ook nog een biografie opgenomen. Een website kortom waar ik heel blij van word. Hier het voorbeeld van Dido’s klacht in de oorspronkelijke Nederlandse taal en in de vertaling in het Duits in een vertaling van Uwe Kolbe.

.

Dido’s klacht

De tijd is met ons klaar.
Vannacht nog rijdt hij mij de dageraad in
van een ander land. De nieuwe ochtend zal mij wekken
aan een onbegrijpelijk raam.

Niemand is voor iemand ooit gemaakt. Soms
raken wij verstrikt in het lamento van een tegenziel.
En is niet, zei je, elk moment op elk moment
bereid tot iedereens oneindigheid?

De oneindigheid is nu gedaan. Ik wil mijn tijd
en mijn geluk. Het kan ons tijdelijk hart bewegen
als het twintig mooie regels lang mislukt.
Maar in de spiegel valt het lelijk tegen.

Ik ga nu, man van mij van nooit. Ik ben van deze kant.
Ik ben van vrouw gemaakt.
Ik heb je lief.
Ik heb je lief alleen, zo ademen wij.

Mijn nieuwe land zal mij in stromend water wassen,
mij wiegen in zijn nette bedden, bedenken in zijn taal.
Ik zal er duizend foto¹s van je maken
en kijkend zal ik op je leegte uitgekeken raken.

.

Didos Klage

Die Zeit ist mit uns fertig.
Heut nacht noch fährt er mich in einen Tagesanbruch
eines anderen Landes. Der neue Morgen wird mich wecken
an einem unbegreiflichen Fenster.

Niemand wurde je für jemanden geschaffen. Manchmal
verstricken wir uns im Lamento einer Gegenseele.
Und ist nicht, wie du sagst, jeder Nu in jedem Nu
bereit zu jedermanns Unendlichkeit?

Die Unendlichkeit ist nun vorbei. Ich will meine Zeit
und auch mein Glück. Es kann die Weile unser Herz bewegen,
wenn es zwanzig schöne Zeilen lang mißlingt.
Doch im Spiegel kommt dir was ganz anderes entgegen.

Ich geh jetzt, du warst nie mein Mann. Ich bin aus diesem Land.
Ich bin aus Frau gemacht.
Ich hab dich lieb.
Ich hab dich lieb allein, so atmen wir.

Mein neues Land wird mich mit fließend Wasser waschen,
mich wiegen in adretten Betten, mich umdenken in sein Idiom.
Ich werd dort tausend Fotos von dir machen
und im Schauen mich an deiner Leere sattgesehen haben.

.

De enige vrouw

Bertalicia Peralta

.

De Panamese journaliste, schrijfster en dichter Bertalicia Peralta (1939 volgens de bundel, 1940 volgens andere bronnen) schrijft vaak over de positie van de vrouw, onder andere in essays maar ook in haar poëzie. Als schrijver specialiseert ze zich in poëzie en korte verhalen  en publiceert in tijdschriften, bloemlezingen en literaire supplementen in Amerika en Europa. Haar werk is vertaald in het Engels, Frans, Italiaans en Portugees. Ze is winnaar van verschillende literaire prijzen, waaronder een eervolle vermelding in de wedstrijd Ricardo Miró.

In de bundel ‘Zo’n gelukkige dag, dichters voor Amnesty International’ uit 2005, samengesteld door Daan Bronkhorst, staat het gedicht ‘De enige vrouw’ van haar hand in een vertaling van Koosje Verhaar.

.

De enige vrouw

.

De enige vrouw die kan bestaan

is zij die weet dat nu de zon over haar leven gaat schijnen

.

zij die geen tranen stort maar pijltjes uitstrooit

om haar territorium af te bakenen

.

zij die geen verzoeken doet

zij die haar mening geeft en haar hoofd optilt en met haar

lichaam zwaait

en die teder is zonder schaamte en hard zonder haat

.

zij die het alfabet van onderworpenheid heeft verleerd

en rechtop loopt

.

zij die de eenzaamheid niet vreest omdat zij alleen is

geweest

zij die de grote kreten van geweld voorbij laat gaan

.

en dat alles doet met gratie

zij die zich bevrijdt te midden van liefde

zij die bemint

.

de enige vrouw die de enige kan zijn

is zij die gepijnigd en zuiver voor zichzelf besluit

om uit haar voorgeschiedenis te stappen

.

 

Olijfboom

Gedicht in de metro

.

Op 22 maart 2016 werden diverse aanslagen in en rond Brussel gepleegd, door teruggekeerde IS aanhangers, waarbij in totaal 35 mensen om het leven kwamen. Een van deze aanslagen was in de metro van Maalbeek.

Op 20 juli 2016 werd in dat zelfde metrostation Maalbeek een herdenkingsmonument ingehuldigd voor de slachtoffers van de aanslag op 22 maart. Het gaat om een getekende olijfboom van de hand van kunstenaar Benoît Van Innis, geflankeerd door een gedicht van Federico García Lorca. Van Innis zegt hierover: “De olijfboom is een universeel symbool van de vrede. Ik hoop dat ze dat hier ook kan zijn.”

Het kunstwerk is 2,75 meter op 6,5 meter groot, en terug te vinden aan de ingang langs de Etterbeeksesteenweg. Het kunstwerk stelt een olijfboom voor, met aan weerszijden een gedicht van Federico García Lorca – een Nederlandstalige en Franstalige versie. Daarnaast zijn er nog zes vertalingen in het Duits, Spaans, Engels, Arabisch, Russisch en Chinees. Toen het kunstwerk werd onthuld bleek er een fout geslopen te zijn in de naam van García Lorca (zijn voornaam werd geschreven als Frederico en niet Federico), deze fout is inmiddels hersteld.

De tekst in het Nederlands luidt:

.

Blauwe hemel.

Gele akker.

.

Blauwe berg.

Gele akker.

.

Over de verschroeide vlakte

stapt een olijfboom.

Een eenzame

olijfboom.

.

Dankie

Gert Vlok Nel

.

De Zuid Afrikaanse dichter/singer-songwriter Gert Vlok Nel (1963) studeerde Engels, Afrikaans en geschiedenis aan de Universiteit van Stellenbosch en werkte daarna als gids, barman en bewaker. Hij publiceerde slechts 1 bundel, die hem bekend maakte ‘Om te lewe is onnatuurlik’ . Deze bundel bevat een aantal persoonlijke gedichten, waarvoor hij de Ingrid Jonkerprijs kreeg. In  2007 verscheen een Nederlandse editie van Nel’s dichtbundel, met de originele Afrikaanse teksten én een Nederlandse vertaling. De Zuid-Afrikaanse dichteres Antjie Krog schreef er een voorwoord bij.

.

Dankie

.

Trek my nader.

wieg, wieg saam

en dankie vir jou

hartklop teen myne.

.

Jouw glimlag teen my wang

en jou asem in my hare

en elke dou sag soen

is vir my my son opkoms

en goue druppels lig.

.

D

Slagbaai

Alette Beaujon

.

Uit de serie ‘dichters omnibus’. Heb ik nu ook deel 6 bemachtigd. Een klein beetje waterschade maar dat mag de pret niet drukken. In dit deel uit 1959 , een geschenk van Esso Nederland n.v., staan weer een aantal dichters die ik niet ken. Een daarvan is de dichter Alette Beaujon.

Alette Clemence Beaujon, geboren op Curacao (1934 – 2001) studeerde in Chicago en Amsterdam. In de jaren ‘60 werkte Beaujon als klinisch psycholoog. Schreef poëzie in het Engels, Papiamento maar hoofdzakelijk in het Nederlands. Van haar hand verscheen een grote bundel ‘Gedichten aan de baai en elders’ en de dichtbundel ‘De schoonheid van blauw’. Daarnaast publiceerde ze poëzie in het magazine ‘Amigoe’ in de Nederlandse Antillen.

.

Slagbaai

.

Stil te zitten in de schemering

voor een huis te staren

wanneer de hemel plots

heel laag zijn kleuren offert

aan de nacht

.

Snelle Spaanse waaiers in de lucht

een dansend begin

wordt langzaam donker in de verte

en komt vreedzaam naar ons toe

in de omtrek sterft het weg

.

De gladde strekenvan de zee

slepen nog kleine stenen mee

alle beweging is moeizaam

en boeit niet meer

.

Ik kom hier elke dag

de avond zoeken

en de dag want beide

heb ik op dit strand voor het eerst gevonden

heel lang geleden

.

 

Lady Madonna

The Beatles

.

Heel eerlijk gezegd ben ik geen groot fan van de Beatles ook al zing ik, net als zoveel mensen denk ik, al hun liedjes woordelijk mee. Ik hou wel erg van het werk en de nummers van George Harrison, dat dan weer wel. Afgelopen week vond ik bij de afgeschreven boeken in de bibliotheek van Manheimm echter het boekje ‘The Beatles Songbook’ Deutsche Ausgabe uit 1971 met daarin 100 teksten van Beatles nummers in het Engels en vertaald in het Duits. Daarnaast staan er in dit fijne vintage boekje hele fraaie illustraties van onder andere Tomi Ungerer, Alan Aldridge en James March. Het aardige van dit boekje is dat je de tekst van heel bekende liedjes nu ook zonder de muziek kunt lezen waardoor de inhoud beter binnen komt.

Uiteraard staan er teksten in van vooral John Lennon en Paul McCartney maar er is ook ruimte voor George Harrison en zelfs Ringo Starr. Lezend in de liedteksten kwam ik bij het nummer Lady Madonna. En hoewel dit op het eerste gezicht, of gehoor eigenlijk,  een vrolijk nummer lijkt heeft het wel degelijk ook een inhoudelijke boodschap.

Een foto en het concept van de Maagd Maria met haar kind op de arm, deed Paul McCartney denken aan de hardwerkende vrouw. De moeder die zeven dagen per week klaarstaat voor haar kinderen en zich afvraagt hoe ze de eindjes aan elkaar moet knopen. Met John Lennon ging hij begin 1968 voor de tekst zitten en probeerde hij zich te verplaatsen in zo’n vrouw. Samen met John, schetste Paul de luisteraar in de tekst hoe de werkweek van deze Lady Madonna er uit zou zien. Over de dinsdagmiddag waar maar geen eind aan komt, de papieren die er op woensdagochtend nog niet zijn en de sokken die op donderdagavond nog gestopt moeten worden. Een leven vol zorgen. Later ontdekte McCartney dat hij alle dagen van week beschreven had, maar de zaterdag vergeten was. “Ze was vast een zaterdagavondje stappen”, grapte hij daarover.

.

Lady Madonna

.

Lady Madonna, children at your feet
Wonder how you manage to make ends meet
Who finds the money when you pay the rent?
Did you think that money was heaven sent?
Friday night arrives without a suitcase
Sunday morning creeping like a nun
Monday’s child has learned to tie his bootlace
See how they run
Lady Madonna, baby at your breast
Wonders how you manage to feed the rest
See how they run
Lady Madonna lying on the bed
Listen to the music playing in your head
Tuesday afternoon is never ending
Wednesday morning papers didn’t come
Thursday night your stockings needed mending
See how they run
Lady Madonna, children at your feet
Wonder how you manage to make ends meet
.

Levensloop

Menno Wigman

.

Gisterochtend overleed de dichter, schrijver en essaist Menno Wigman (1966) aan een hartziekte. Menno Wigman debuteerde in 1997 met de bundel ‘Zomers stinken alle steden’, waarmee hij meteen doorbrak naar een groot publiek. Ook met zijn latere werk oogstte hij succes bij zowel de critici, de pers als het publiek.

Zijn laatste bundel, ‘Slordig met geluk’, verscheen in 2016 en werd afgelopen nog woensdag voorgedragen voor de Ida Gerhardt Poëzieprijs. Volgens zijn uitgever heeft dit nieuws hem nog bereikt.

Behalve gedichten publiceerde Wigman ook essays en een autobiografisch werk. Zijn gedichten zijn vertaald in onder meer het Frans, Engels en Duits.

Van 2012 tot 2014 was Wigman stadsdichter van Amsterdam en moest hij regelmatig her en der opdraven. Achteraf was dat een te zware periode, moest hij vaststellen toen hij met een hartkwaal op de intensive care belandde. Uiteindelijk was het dus die hartkwaal die hem noodlottig werd. Een mooi inhoudelijk stuk over zijn leven en poëzie kun je lezen op https://www.volkskrant.nl/boeken/een-leven-verpest-door-poezie-maar-hij-kon-het-niet-laten-dichter-menno-wigman-51-overleden~a4564840/

Menno Wigman ontving in 2002 de Jan Campert-prijs voor de bundel ‘Zwart als kaviaar’ en in 2015 de A. Roland Holst-penning.

Ik heb gekeken of ik een toepasselijk gedicht van zijn hand kon vinden. Het is het gedicht ‘Levensloop’ geworden uit zijn bundel ‘Dit is mijn dag’ uit 2004 waarbij vooral de laatste regels me deden besluiten voor dit gedicht te kiezen.

.

Levensloop

.

Voor bijna alles heb ik mij geschaamd.
Mijn nek, mijn haar, mijn handschrift en mijn naam,

de schooltas die ik van mijn moeder kreeg,
mijn vader die zich in een blazer hees,

het huis waar ik voor vriendschap heb bedankt.
Maar nu mijn vader aan vijf slangen hangt,

zijn mond steeds heser over afscheid spreekt,
nu hurkt mijn schaamte in een hoek. Hij stierf

zoals hij in zijn Opel reed: beheerst,
correct, zijn ogen dapper op de weg.

Geen zin in dom geworstel met de dood.
Hoe alles wat ik nog te zeggen had

onder de wielen van de tijd wegstoof.

.

%d bloggers liken dit: