Site-archief

schoon

Dubbel-gedicht

.

Wanneer ik een gedicht ergens tegenkom (meestal in een dichtbundel) waarvan ik denk; Dat is een mooi gedicht voor een dubbel-gedicht dan begint het zoeken naar een tweede gedicht dat daarbij past. De ene keer gaat dat vrij vlot en de andere keer zoek ik me helemaal een slag in de rondte naar een passend tweede gedicht. Dat laatste overkwam me toen ik het gedicht ‘Palmolive’ van dichter Jos Versteegen uit de bundel ‘Een huis verlaten’ uit 2012.

Ga er maar aan staan dacht ik en ik kreeg gelijk. Bij het zoeken naar een tweede gedicht richt ik mij meestal op mijn geheugen of op de inhoudsopgaven met titels van de vele dichtbundels in mijn kast. In dit geval lieten beide mij behoorlijk in de steek. Maar uiteindelijk heb ik een tweede gedicht gevonden dat ook als onderwerp Schoon of Schoonmaken als onderwerp heeft. Het aardige is natuurlijk dat, hoewel je de onderdelen in de gedichten herkent van het schoon of schoonmaken, de gedichten feitelijk over heel andere zaken gaan. Dat maakt het Dubbel-gedicht voor mij zo verrassend.

Het eerste gedicht ‘Palmolive’, is, zoals gezegd, van Jos Verstegen (1956). Versteegen is dichter, biograaf en vertaler. Hij is ook bekend onder de namen Robert Alquin, Alkwin en Jacob Steege. Daarnaast was hij jarenlang redactiesecretaris van het tijdschrift ‘De tweede ronde’. Het gedicht ‘Vrienden’ dat hij schreef ter gelegenheid van Eenzame uitvaart nr. 254 in augustus 2020 werd bekroond met de Ger Fritz-Prijs.

Het tweede gedicht is van Robert Anker (1946 – 2017) en is getiteld ‘In jouw handdoek’. Het gedicht is genomen uit de bundel ‘In het vertrek’ uit 1996.

.

Palmolive

.

Zo eindigt zeep: een smalle tong,

soms grijze barstjes in de lengte.

.

Olijven, palmen: niemand dacht

aan warme landen, ’s ochtends vroeg,

wanneer het raam nog donker was.

De zeep lag in het plastic bakje.

Schuimbelletjes, half weggegleden,

dat was je moeder of je vader.

.

Kleine tongen, wit of groen,

steeds dunner, met een scherpe rand,

zo doodmoe in hun plastic bakjes:

niets voor een inventarislijst.

Zeep, soms met barstjes, erf je niet,

daar branden ovens voor.

.

In jouw handdoek

.

Is dit je buik dit is je huid die langs je hand omhoog

Kruipt en het water loopt je navel in en uit

Allemaal detail ben je vrolijk water zing je

Draagt ons overal je krullen ach in golven weggelopen eb

Trekken als een kam je ogen aan en zien ze mij

.

Buiten zingt een vloed supporters met hun sjaals

De leegte toe een oude man onder de voet het draait

Mij om en door de stoom ik roep je toch je hoort me niet

Ik hoor je stem maar zoek me niet nadat ik viel

.

Ben jij het hier en blijf je kletsnat over mij gevallen

Dit is geen grond voor even ik doe de ramen open

De wereld krijst voorbij en ik kan in jouw handdoek leven

.

De eerste op de laatste

Herman de Coninck gedicht

.

Op de laatste zondag van 2015 wil ik het eerste gedicht uit de eerste bundel van Herman met jullie delen. Herman heeft zoveel prachtige gedichten geschreven dat een keuze maken uit zijn gedichten elke zondag, aan de ene kant heel makkelijk is (er zijn er zoveel) en aan de andere kant elke keer weer zoeken is (wat wil deze zondag met jullie delen?). Toch blijkt me dat veel lezers heel blij worden van een de Coninck gedicht op zondag. Daarom zal ik voorlopig nog even doorgaan met de Herman de Coninckzondag.

Vandaag dus het eerste gedicht uit ‘De lenige liefde’ uit 1969 zonder titel of het moet 1. zijn.

.

1

.

Zo is hier elke dag: de bloemen

gaan de perken te buiten, bomen

waaien in het honderd, en van overal

stroomt klaarte toe

als volk voor een voetbalwedstrijd.

Reeds komt de zon het terrein op-

gelopen, stralend van zelfvertrouwen.

.

En even sterk zijn hier de dichters.

Hun stevige beelden bewerken de realiteit

als boeren het land,

een hele werkelijkheid kunnen zij

in hun armen dragen.

.

Ik hou van dit land.

Als ik ooit uitwijk neem ik het mee.

Ik zal zijn naam noemen

en het zal me volgen.

.

mechelen

Mijn allereerste

1976

Zoals beloofd volgt hier het allereerste gedichtje dat ik ooit schreef toen ik dertien was.

.

Niets

.

Gedachten spelen door mijn hoofd

ben ik dan werkelijk gelukkig

word ik van mijn zin beroofd?

terwijl ik hier op bed lig

.

alles draait nu om mij heen

wat ik altijd wilde weten

gaan we er dan nu doorheen

of ben ik het alweer vergeten

.

1976

.

%d bloggers liken dit: