Site-archief

Aan den uitgever

G. Brandt Maas

.

Ik hou van bijna vergeten dichters, vaak zijn dit dichters die enige bekendheid hebben gehad in een bepaalde tijdsperiode maar is hun bekendheid tot die periode beperkt. Grappig genoeg doen veel van dit soort namen toch altijd wel ergens een belletje rinkelen. Bij de dichter G. Brandt Maas, de dichter die ik vandaag in deze categorie wil behandelen, is dat maar zeer de vraag. In de bundel ‘Dichten over dichten’ bloemlezing uit de Nederlandse poëzie van de 19e en 20ste eeuw (samengesteld door Atte Jongstra en Arjan Peters, 1994), staat Brandt Maas met twee gedichten.

Maar na enig speurwerk kom ik toch niet veel verder dan dat deze beste man (?) in de eerste helft van de 19e eeuw vooral vertaalde uit het Duits en het Engels. In dit geval kun je dus wel spreken van een vergeten dichter. Het gedicht ‘Aan den uitgever’ werd oorspronkelijk gepubliceerd in “Gedichten, deel I’. Vooral de laatste regel spreekt mij als uitgever van MUG books erg aan want zo is het maar net.

.

Aan den uitgever

.

Zou het mij hetzelfde wezen,

Wat gij aan mijn boekje deed?

Man! wenscht gij te zijn geprezen

Zorgt dan, dat gij ’t netjes kleedt.

’t Zij een hupsch, aanvallig klantje,

Zoo door letter als papier;

Keurig ook door ’t proper bandje,

Wel eenvoudig, maar met zwier.

Laat een prentje dan ook prijken

Op het zindlijk titelblad;

Geef te lezen en te kijken,

Elk zijn’ smaak en ieder wat.

Neen, het zijn geen grilligheden,

Dat die zorge u wordt verzocht;

’t Heeft gewis zijn goede reden,

Wel getooid is half verkocht!

.

In mantels van tandvlees

Ton Luiting

.

In 1971 verscheen bij de noord-nederlandse poëziereeks “taal op de tong”deel 1 met als titel ‘In mantels van tandvlees’. Dit heerlijk obscure werkje vond ik in een kringloopwinkel. Wat al helemaal grappig is , is dat het in Oudenaarde (België) werd gedrukt bij uitgeverij Saeftinge én bij uitgeverij de Koepel in Roosendaal.

In deze bundel staan gedichten van dichters als Hans Dütting, Catharina de Haas, Remco Heite, Wouter Kotte, Wim Pendrecht en Jan Visser. Zij staan ook op een werkelijk prachtige jaren zeventigfoto op de achterflap. Van elke dichter staat er een korte bio- en bibliografie (indien aanwezig) en zelfs korte stukjes uit krantenrecensies (indien aanwezig).

Kortom veel te genieten in dit bundeltje. In de categorie (bijna) vergeten dichters kunnen alle 6 de dichters zo bijgeschreven worden. Misschien is het dus niet de laatste keer dat ik uit dit bundeltje put.

Voor nu heb ik gekozen voor Wim Pendrecht. Als C.W. van der Neut geboren in 1930 woonde hij vooral in het Gooi. Behalve met het geven van taal-onderwijs houdt hij zich (in 1971) bezig met de taal van de liturgie en van de poëzie. In 1968 verscheen van hem de bundel ‘Communicerend’ en was zijn bundel ‘Voor de zonen van aardman’ in voorbereiding.

.

Belastende verklaringen

.

Familiereünie

.

Van woorden met een neef of nicht

wemelt het huis: een gek gezicht

al die portretten die maar jonger worden-

in ’t nieuw geslacht tenminste (en allicht)!

.

Pseudoniem

.

Mijn naam ontloopt de burgerlijke stand

en schuilt nu weg onder de hand.

Wanneer die naam is uitgeschreven

maakt hij zich overbodig en van kant.

.

Schools

.

Argeloos gaan zij naar school, in draf.

In rechte rijen levert men ze af

om in een proeflokaal te onderzoeken

wie koren is en wie het kaf.

.

Afgrond

.

Leven alleen bij plus en min

is dor en doelloos, zonder zin.

Wie aarzelt voor de tijd als voor een zwarte diepte

die valt er wikkend, wegend in.

.

Wat we achterlieten

Dichter op verzoek: 8

.

Naar aanleiding van de (tweede) Ierse dichtersweek kreeg ik van Wout Joling de tip om eens iets te schrijven over de bundel ‘Wat we achter lieten / What we left behind’.  De gedichten in deze bundel zijn gemaakt door Edith de Gilde, Frida Domacassé, Mariet Lems, Wim Hartog en Wout Joling. Zij zijn allen lid van de groep Divers. Deze groep bestaat sinds 1997.

De grondslag van deze bundel met gedichten over Ierland wordt gevormd door de foto’s die Mariet Lems sinds jaar en dag in Ierland maakt. De dichters waren geheel vrij in hun interpretatie van de foto’s. Soms bleven ze dicht bij de afbeelding, soms lieten ze hun fantasie werken en gingen er wat verder vandaan. Maar in alle diversiteit geldt voor elk van hen dat de foto’s (en Ierland) hen hebben geïnspireerd. Zij schreven hun gedichten in het Nederlands, Wim Tigges zorgde voor vertalingen in het Engels.

Dus geen Ierse dichters maar wel dichters op z’n Iers. Ik koos voor het gedicht ‘Scheppers’ van Poëziebusdichter van de editie 2016 Edith de Gilde van haar website http://www.edithdegilde.nl. De bundel is verkrijgbaar bij De zwarte els in Den Haag.

.

Scheppers

.

Op een dag hadden we er genoeg van.
We gingen na wat we zeker wisten
en pakten het in een rugzak.

Die was niet zwaar. We sjorden hem om
en verlieten het huis. Dat we opnieuw
ballast zouden vergaren was op dit ogenblik

van geen belang. We gingen schoonheid
scheppen door niets doen. In wat we achterlieten.
We waren de God van schimmels en spinnen.

Zij gedijden, natuurlijk, zonder ons.
Wij – we kunnen niet anders – ontwierpen
een nieuwe orde. Tot we ook daarvan

.

                                                                                                                                                                 De foto van Mariet Lems die als inspiratie diende voor het gedicht ‘Scheppers’.

Limerick 2020

#Stanzas

.

Ieder jaar worden er in Europa in twee landen Culturele hoofdsteden gekozen. Dit gebeurt al vanaf 1985 toen Athene (toen nog in 1 land) het spits afbeet. In 1987 was Amsterdam aan de beurt, in 2001 Rotterdam en in 2018 is Leeuwarden een van de culturele hoofdsteden van Europa ( in de tussenliggende jaren waren er nog vele andere steden Culturele hoofdstad uiteraard ). In 2020 mogen Ierse steden een gooi doen naar deze titel. De stad Limerick (waar de versvorm naar vernoemd is) doet een gooi naar deze benoeming met onder andere het project ‘Poetry goes 3D’ van de poëzie- en prozagroep Stanzas.

Acht dichters uit Stanzas, kregen de opdracht om gedichten te schrijven voor Limerick 2020. Stanzas stimuleert de ontwikkeling van jong literair talent door middel van reguliere bijeenkomsten en evenementen. Deze diverse groep schrijvers omvat: Melanie White, Aoife Deegan Donnellan, Emer Hayes, Caleb Brennan, RG Allen, Rachel Armstrong, Shane Vaughan en Nina O’Donovan. Citaten uit hun geselecteerde gedichten zullen binnenkort op mysterieuze locaties in en rond de stad waar te nemen zijn, waardoor er interactieve poëziepaden worden gecreëerd.

Ze roepen de inwoners van Limerick op om foto’s te nemen van deze poëzie en te delen via Instagram, Facebook en Twitter  (@Limerick2020). Op de website van Limerick2020 kan dan het volledige gedicht worden gelezen. In juli verschijnt dan ook een papieren magazine met alle poëziepaden in de stad.  De website van Limerick2020 is http://www.limerick2020.ie

Hier een gedicht van één van de Stanzasdichters Melanie White getiteld ‘The tigress’

.

The Tigress

.

The power and poise in her stride;
the confident toss of her head;
the hunger that simmered inside.
He longed to approach
but she could tear him to shreds.

He stalked the prowling tigress
addicted to her rage.
She directed his dreams,
he couldn’t rest or digress
till he’d put her in a cage.

He clipped her claws,
he filed her teeth,
extracted the venom from the snake.
To prove his superiority
her spirit had to break.

Intoxicated by his need to possess,
he didn’t realise that
once he’d collared the tigress
and muted her wildness
he wouldn’t love her as a pussycat.

.

Poëzie in het alledaagse

Marktplaatspoëzie

.

Wanneer je mijn blog al wat langer en vaker leest dan weet je dat ik, naast veel aandacht voor fantastische poëzie, ook graag aandacht geef aan, wat ik de rafelranden van de poëzie noem. Een mooi voorbeeld van zo’n rafelrand is het boekje dat ik tegenkwam in de kringloopwinkel. Marktplaatspoëzie, ‘de meest ontroerende advertenties’ verzameld door Jan Hoek.

Zoals Jan het stelt: Bij het lezen van Marktplaatspoëzie word je overvallen door lachbuien, diep medelijden en tranen van ontroering. Nu kan het zijn dat Jan snel aangedaan is (de tranen, lachbuien en het medelijden bleven bij mij tenminste uit bij het lezen) maar dat er wat te genieten valt is een feit. Als je sommige advertenties bekijkt als een vorm van ready made poëzie dan begrijp je wat ik bedoel.

Ik heb er een paar geselecteerd die ik hier met je wil delen.

.

Spoed

.

wie kan ons op korte termijn helpen

meer info per mail

is echt heel dringend!!!

.

Als je je ouders niet eert…

.

Als je je ouders geen eer aandoet…

gaat het HELEMAAL MIS met je!!

…op school.. en in je privéleven…en overal!!!

Let er maar eens op.

Dit is niet zomaar een opmerking!

.

1zaam

.

wie kent het

zo eenzaam zijn, dat je jezelf een SMSje stuurt…

.

Vallen oudere vrouwen op jongere jongens?

.

Vallen oudere vrouwen op jongere jongens, of is dat een fabel?

.

Poëten in het parlement

Vlaanderen & Co

.

In 2002 bestond het Vlaams parlement dertig jaar en naar aanleiding van dit jubileum én de opening van het Huis van de Vlaamse Volksvertegenwoordigers, organiseerde het Vlaams parlement een poëziefeest. Vierentwintig dichters lazen voor uit eigen werk. En er werd een bundel uitgegeven met daarin gedichten van deze vierentwintig dichters.

De dichters kwamen uit alle hoeken en gaten van de wereld waar het Nederlands (of een dialect van het Nederlands) gesproken wordt: 10 Vlamingen, 8 Nederlanders, 1 Antilliaan, 1 Surinamer, 1 Zuid Afrikaan en ook 2 Franstalige Belgen en een Duitstalige Belg. Verrassende namen ook (voor mij dan) zoals Frank Martinus Arion (ik kende hem niet als dichter), Shrinivási (Suriname) en William Cliff (een Franstalige dichter).

De bundel is samengesteld door Jozef Deleu en van elke dichter zijn zo’n vijf gedichten opgenomen. Van de Frans- en Duitstalige gedichten ook de Nederlandse vertalingen.

Misschien is dit voor het Nederlandse Parlement ook een goed idee, laat alle parlementariërs hun favoriete gedicht kiezen en bundel deze. Voor dit moment doen we het met dit mooie initiatief uit Vlaanderen. Ik koos voor een gedicht van Gwij Mandelinck (1937).

Mandelinck (pseudoniem van Guido Haerynck) richtte in 1980 de Poëziezomers van Watou op die hij artistiek leidde tot 2008 samen met zijn echtgenote Agnes Hondekyn.

.

Beschuldigde

.

Ben ik vermengd met wolvenbloed,

kwam de stem van het gebroed in mij terecht?

Niet dat ik ben beducht voor averij

al zwakte mijn duim de schokken af

.

van deuren in het waaigat dichtgeklapt,

al zijn er messen aan te slijpen op mijn

onbehouwen kant. Een hand ligt in

de richting van mijn haar. Verbijt

.

jij straks de vinger die mij heeft beticht?

.

Zomerpodium

Jacobustuin

.

Elk jaar organiseer ik met de stichting Ongehoord! het Zomerpodium in de Jacobustuin in Rotterdam. Deze binnentuin is normaal gesloten voor publiek maar één maal per jaar, tijdens de Geheime Tuinen Route, gaat de tuin open voor publiek en dan organiseren wij er dus een poëziepodium. Elk jaar opnieuw is dit podium weer bijzonder. Door de ligging in het hart van Rotterdam, door de bijzondere sfeer die er heerst, door het groen, de vogels die je hoort en door de dichters die hier altijd boven zichzelf uit lijken te stijgen is het Zomerpodium voor mij mijn favoriete podium van het jaar.

Ook dit jaar is er dus weer een podium en wel op zondag 11 juni van 14.00 tot ca. 17.00 uur. Ook dit jaar kun je onder het genot van een hapje en een drankje (de hapjes zijn gratis) weer genieten van een aantal mooie dichters en muziek.

Dit jaar maar liefst twee Vlaamse dichters op het podium te weten Lies Jo Vandenhende en Philip Volckaert maar ook Gerda Posthumus (eilanddichter van Vlieland), Peter Swanborn (als Rotterdamse dichter), Daniëlle Zadawi (Winnaar van de voorronde Taal van de Kunstbende) en Ylka Kolken die voor het muzikale intermezzo zorgt.  Kortom veel om van te genieten.

Natuurlijk is er weer een open podium, is er alle mogelijkheid om de Jacobustuin te bekijken, een heerlijk drankje te genieten en wat te eten en interactief met dichters en publiek van deze dag te genieten.

De tuin is al om 12 uur open maar het programma begint rond twee uur. Ik hoop jullie daar te mogen ontmoeten en begroeten. Als voorproefje een gedicht van Gerda Posthumus getiteld ‘Zeeblues’.

.

zeeblues

.

niets van het zoute water uit haar ogen streeft
naar opgeloste weemoed die het hart verlicht
en is zelfs niet op iets van een gemis gericht
waarom het wenen zelf is wat haar inzicht geeft

zoals ze ieder tij zijn eigen hoogte geeft
maar ook de laagte met zijn eigen zwaargewicht
naar opgeloste weemoed die het hart verlicht
dat is hoe zij en in zichzelf haar waarheid leeft

druist ook de maan tegen een valse volte in
een chûte die zich keert tegen een nieuw begin
heeft ooit een leeg heelal uit haar verval gesticht

maar ook de laagte met zijn eigen zwaargewicht
en is zelfs niet op iets van een gemis gericht:
vervult haar volte tot een vloed ebt binnenin

.

Herman de Coninck

Statistiek

.

Het aardige van een website in WordPress bijhouden is dat er een nogal uitgebreid statistiekmodel achter hangt. Zo kan ik zien waar mensen vandaan inloggen op mijn site (uit welk land), onder welke termen met zocht en op mijn website terecht kwam en een leuke (vind ik) welke berichten het meest gelezen worden. Zo nu en dan kijk ik daar eens naar en wat me dit keer opviel is dat onder de berichten die het hoogst genoteerd staan een aantal buitenlandse dichters staan vóór de eerste Nederlandse dichtersnaam.

Die dichters zijn grappig genoeg niet meteen de dichters die ik zou verwachten; Rainer Maria Rilke, Goethe, E.E. Cummings, Antonio Machado én (en dat doet mij deugd) Herman de Coninck. In 2014 en het grootste deel van 2015 was Herman de Coninck dichter van de maand maar dan maandenlang. Elke zondag deelde ik een gedicht van deze meesterdichter met jullie.

Na ongeveer anderhalf jaar wilde ik weer eens iets anders proberen en ging ik variëren in de maandelijkse dichter en sinds kort elke zondag Dichter op verzoek. Daardoor is het werk van Herman de Coninck een beetje uit beeld gebleven de afgelopen periode. Een enkele keer plaatste ik nog wel eens een gedicht van hem maar de laatste dateert alweer van 17 februari van dit jaar.

Daarom voor alle liefhebbers, waaronder niet in de laatste plaats ikzelf vandaag nog een gedicht van deze prachtige Vlaamse dichter getiteld ‘Voor mekaar’ uit ‘Met een klank van hobo’ uit 1980.

.

Voor mekaar

.

Vroeger hield ik alleen van je ogen.

Nu ook van de kraaiepootjes ernaast.

Zoals er in een oud woord als mededogen

meer gaat dan in een nieuw. Vroeger was er alleen haast

.

om te hebben wat je had, elke keer weer.

Vroeger was er alleen maar nu. Nu is er ook toen.

Er is meer om van te houden.

Er zijn meer manieren om dat te doen.

.

Zelfs nietsdoen is er daar één van.

Gewoon bij mekaar zitten met een boek.

Of niet bij mekaar, in ’t café om de hoek.

.

Of mekaar een paar dagen niet zien

en mekaar missen. Maar altijd mekaar,

nu toch al bijna zeven jaar.

.

Kalamazoo

Muurgedichten

.

Zoals velen weten is Leiden de onbetwiste hoofdstad van Nederland als het gaat om muurgedichten. Uiteraard zijn er veel meer steden en dorpen in Nederland waar gedichten op muren zijn geplaatst. Zo ook in het buitenland. Ik kwam een mooi voorbeeld tegen van een muurgedicht in Kalamazoo. Ik heb even moeten googelen in welk land dit lag (ik dacht zelf ergens bij Australië) maar het is dus een stad in Michigan in de Verenigde Staten. Dat het hier niet zomaar een onbekend gat betreft blijkt uit het feit dat de wereldberoemde Gibson gitaar hier vandaan komt.

Vanaf 1980 is men begonnen met het aanbrengen van gedichten op muren. Maar bij elk gedicht werd een mural of muurschildering aangebracht door Conrad Kaufman en juist deze schilderingen maken deze muurgedichten iets bijzonders. De Kalamazoo Friends of Poetry kiezen de locaties uit en bepalen samen met Kaufman welk gedicht waar verschijnt. Door de bijzondere schilderingen vielen ze mij op en hieronder wil ik er enkele met jullie delen van respectievelijk Meredith Adams, Julie Stotz-Ghosh, Mark (acht jaar oud) en Emily Kunz, allemaal met schilderingen van Conrad Kaufman.

.

2 Muzen

Boekenweekgeschenk

.

In 1955 werd in het kader van de Boekenweek het bundeltje ‘2 Muzen’ uitgebracht als boekenweekgeschenk. Een verzameling van Nederlandse gedichten handelend over muziek, uitgezocht door Jan Engelman en Wouter Paap. In de inleiding bij dit boekje staat:

Dit bundeltje wordt de wereld ingezonden in de hoop, dat de jeugdige muziekminnaars er de schoonheid van de dichtkunst door op het spoor mogen komen, en dat de poëzieminnaars er iets van de mysterieuze werking der muziek uit zullen leren kennen. De omgang met dit zusterpaar: dichtkunst en muziek, kan het leven van kunstgevoelige naturen in dubbele zin verrijken.

Tegenwoordig zou een dergelijke bundel waarschijnlijk gevuld zijn met de cross over tussen rap muziek en poëzie. Toen ging het vooral om klassieke muziek zoals in het gedicht ‘Eine kleine Nachtmusik’ van Gerrit Achterberg, oorspronkelijk verschenen in de bundel ‘Cryptogamen’ uit 1946.

.

Eine kleine Nachtmusik

Terwijl hij onder den vleugel sliep
alsof geen morgen hem meer riep,
begonnen zacht op ‘t wit en zwart
van ‘t doodstil glanzend mechaniek
de snelle maten van het lied
dat in zichzelf verdronken sliep,
dat in zichzelf verzonken zag
naar wie het riep
met klare, jubelende kracht.

Haastig en diep gelukkig schiep
Mozart zijn kleine nachtmuziek.

.

%d bloggers liken dit: