Site-archief

Gedichten voor tuiniers

Anne Ridler

.

Poëziebundels zijn er in vele maten en soorten. Een van de leukste categorieën van poëziebundels vind ik wel de bundels op onderwerp. Zelf bezit ik er inmiddels al heel wat. Gedichten over dieren ( Het grote dieren gedichtenboek), gedichten over geld (Het geld dat spant de kroon), gedichten over vrijheid (Vrij!), over de liefde (De mooiste liefdespoëzie), over muziek (Rock & Roll, klinkende gedichten) en ga zo maar door.

Een bijzondere categorie binnen dit genre vind ik toch wel de gedichten over tuinieren. In 2003 werd bij Virago de bundel ‘Poems for gardeners’ uitgegeven, edited by Germaine Greer. Ruim 200 bladzijden met poëzie over tuinen, tuinieren, planten en flora. En niet door de minste dichters. Seamus Heaney, Sylvia Plath, Emily Dickinson, Robert Frost, D.H. Lawrence maar ook onbekendere namen als Grace Tollemache en Anne Ridler.

Ik koos vandaag uit deze fijne bundel voor een gedicht van Anne Ridler vooral omdat ik haar niet kende en omdat het ik haar gedicht ‘Picking Pears’ uit deze bundel een mooi voorbeeld van het genre vind.

Anne Barbara Ridler (1912 – 2001) was een Engels dichter en redacteur van ‘A Little Book of Modern Verse’ samen met  T. S. Eliot (1941). Haar ‘Collected Poems’ werden gepubliceerd in 1994.

.

Picking Pears

.

Nor heaven, nor earth, a state between,

Whose walls of leaves

Weave in a chequer of dark and bright

The falling sky; whose roofs of green

Are held by ropes and chains and beams of light.

.

Regenerate summer hangs in the trees:

Hours of sunshine

Charged the cells, and spread the loot

So thick about us that we seize

Even the kleaves dissembling globes of fruit.

.

Strabge that we only in harvest season

Borrow from birds

These parks of air, these visions over the fence:

Not the flat view of roaring season

But a sharper angle, the height of exalted sense.

.

We enter only to despoil:

Solaced and proud

Though a barren twigs are left behind,

Through a weft of leaves we sink to the soil,

But summer’s nimbus shrivels on the rind.

.

The Poet’s Tongue

An anthology chosen by W.H. Auden and John Garrett

.

Uit mijn boekenkast dit keer de gebonden bundel ‘The poet’s  tongue’ uit 1956 uitgegeven door G. Bell & Sons ltd. en samengesteld door niemand minder dan W.H. Auden en John Garrett.

De introductie begint al gelijk veelbelovend : Of the many definitions of poetry, the simplest is still the best: ‘memorable speech’. That is to say, it must move our emotions, or excite our intellect, for only that which is moving or exciting is memorable, and the stimulus is the audible spoken word and cadence, to which in all its power of suggestion and incantation we must surrender, as we do when talking to an intimate friend.

Een mooier introductie voor het project De Poëziebus lijkt me niet te vinden (zie elders op dit blog). Maar terug naar de bundel. Een aantal uitgebreide indexen maken de bundel leesbaar en de gedichten vindbaar. Op auteur, op eerste regel en op onderwerp, zo zijn de gedichten ontsloten.

Alle grote Engelse dichters zijn vertegenwoordigd. Van William Blake, George Gordon Byron, T.S. Elliot tot Emily Dickinson en Mary Coleridge. Van Shakespeare, Yeats en D.H. Lawrence tot Robert Frost en John Milton.

Prachtig uitgegeven in een heerlijk saaie linnen kaft biedt deze bundel voor ieder wat wils. Mijn keuze is gevallen op een gedicht van een voor mij redelijk onbekende dichter A. E. Housman (1859 – 1936). Housman was een Engels klassiek geschoold geleerde en dichter. Hij werd beschouwd als een van de belangrijkste classici van zijn tijd, en behoort tot de grootste geleerden van alle tijden.

.

In valleys green and still

Where lovers wander maying

They hear from over hill

A music playing

.

Behind the drum and fife,

Past hawthornwood and hollow,

Through earth and out of life

The soldiers follow.

.

The soldiers’s is the trade:

In any wind or weather

He steals the heart of maid

And man together.

.

The lover and his lass

Beneath the hawthorn lying

Have heard the soldiers pass,

And both are sighing.

.

And down the distance they

With dying note and swelling

Walk the resounding way

To the still dwelling.

.

Alfred Edward Housman

poets t

Gedicht als inspiratie voor song

Cucurucu

.

Donderdagochtend was singer-songwriter Nick Mulvey bij de ochtendshow van Giel Beelen. Zijn nieuwste single Cucurucu is, zo vertelde hij, een combinatie van een gedicht van D.H. Lawrence en een kinderrijmpje dat zijn moeder vroeger voor hem zong.

Het gedicht van D.H. Lawrence heet ‘Piano’ en dat kun je hieronder lezen.

.

Piano

.

Softly, in the dusk, a woman is singing to me;

Taking me back down the vista of years, till I see

A child sitting under the piano, in the boom of the tingling strings

And pressing the small, poised feet of a mother who smiles as she sings.

 

In spite of myself, the insidious mastery of song

Betrays me back, till the heart of me weeps to belong

to the old Sunday evenings at home, with the winter outside

And hymns in the cosy parlour, the tinkling piano our guide.

 

So now it is vain for the singer to burst into clamour

With the great black piano appassionato. The glamour

Of childish days is upon me, my manhood is cast

Down in the flood of remembrance, I weep like a child for the past.

.

 

En dit is wat Nick Mulvey ervan heeft gemaakt.

.

.

Met dank aan Youtube en 3FM
%d bloggers liken dit: