Site-archief

Verdoving

Vrouwkje Tuinman

.

De poëzie app Muze is een app die wekelijks een gedicht naar je smartphone of tablet stuurt. De gedichten kun je beluisteren of lezen en behalve gedichten staan er op de app inmiddels ook fiets- en wandelroutes waarbij je onderweg kunt luisteren naar gedichten middels Muzebakens waarop QR codes zijn aangebracht. Scan je zo’n QR code dan kun je via je telefoon of tablet het gedicht beluisteren of lezen.

Door deze app werd ik deze week gewezen op een gedicht van Vrouwkje Tuinman met de titel ‘Verdoving’ uit haar bundel ‘Sanatorium’ uit 2014. Waarom dit gedicht bleef hangen (ik lees regelmatig gedichten via deze app) was het feit dat het gedicht gaat over een man die, zo gauw er een auto verzet wordt in zijn straat, opspringt om zo zijn eigen auto zo recht mogelijk voor zijn eigen raam te kunnen zetten. Behoorlijk dwangmatig gedrag dus. Toen ik jong was en nog thuis woonde bij mijn ouders hadden wij zo’n overbuurman. Deze man zat, als hij thuis was, altijd voor het raam. Als er ook maar iemand in de buurt van zijn auto kwam, stond hij op en als ze te dichtbij kwamen liep hij al naar buiten. En als er een andere auto op ‘zijn’ plekje stond, voor zijn raam, rustte hij niet voor die auto was verdwenen en hij zijn auto daar neer kon zetten. Blijkbaar zijn er meer van dit soort mannen want Vrouwkje schreef erover in het volgende gedicht.

.

Verdoving

.

De auto’s zijn de verstandskiezen van de straat,

teveel volume voor te weinig kaak. Dus springt

de buurman uit zijn schietstoel als

de andere buurman in zijn wagen stapt, iemand

van de overkant of iemand die op visite kwam.

Hij holt het huis uit. Voor zijn schoenen is geen tijd.

Het portier kan open blijven staan. Hij rijdt twee meter

achteruit, of vijf naar voren, exact het stuk dat

nodig is om het licht in, het zicht op, het hele

woonkamerraam, weg te nemen. Totdat alles klopt.

.

Verzet

Ted van Lieshout

.

Dat de combinatie dichter en verzet ook tot opmerkelijke gedichten kan leiden bewijst Ted van Lieshout met zijn gedicht ‘Verzet’ uit 1997.

.

VERZET

Toen de buren waren weggevoerd, stalde zij hun spullen
veilig op haar eigen zolder. Tegen plunderaars en met
groot gevaar voor eigen leven, want wie de vijand
van de Duitsers hielp, werd op zijn minst gedeporteerd.
.
.
En toen de oorlog over was, bleek van het gezin alleen
de buurman nog in leven. Hij haalde zijn huisraad af,
zweeg, en deed de deur op slot. Al die tijd, moppert
zij, had ik ondergedoken joodse spulletjes in huis
en toen de vrede kwam, kon er nog geen bedankje af!
Wat, vraag ik haar, als niemand was teruggekeerd?
Aan wie zou u ze dan hebben gegeven? Aan niemand
natuurlijk, zegt ze. Dat had ik dan wel verdiend..
Met dank aan http://www.4en5mei.nl
.
logo_nationaal_comite_4_5mei
%d bloggers liken dit: