Site-archief

Jana Arns

Twaalf ribben

.

Opnieuw een dichter op verzoek, dit keer op verzoek van Luce Rutten. De Gentse Jana Arns (1983) is muzikant (dwarsfluit), fotograaf en dichter. Met haar debuut ‘Status: het is ingewikkeld’ uit 2016 won zij de prijs Letterkunde Oost-Vlaanderen 2017. Haar tweede bundel ‘Nergens in het bijzonder’ verscheen in februari 2018 . Ze publiceerde in De poëziekrant, Deus ex Machina, Gierik & NVT, Meander, Het Gezeefde Gedicht, Het Liegend Konijn en won de eerste prijs van de Literaire Prijzen Stad Sint-Truiden (2018) én Literatuurprijs Zeist (2018). Ze was ook meermaals genomineerd voor de Melopee poëzieprijs. Enkele gedichten werden opgenomen in de bloemlezing ‘De 100 beste Nederlandstalige gedichten’ van de VSB Poëzieprijs uitgegeven door De Arbeiderspers 2018.

Samen met dichters Roel Richelieu van Londersele en Charles Ducal maakte ze de voorstelling ‘Het muzikale huwelijk’ en met dichters Frouke Arns en Astrid Arns vormt ze ‘Drie maal Arns en daarmee BASta!’.

Met het gedicht ‘Twaalf ribben’ won met ze de Literatuurprijs Zeist 2018

.

Twaalf ribben

.
Ons kind is bang voor suikerspinnen.
Het spiegelpaleis in haar hoofd is beslagen.
Zij is de schim binnen dit spookhuis.
Eten is hier hogere wiskunde
met rijstkorrels na de komma,
tafels gedekt met breuken.
Het model op de flatscreen juicht haar toe.
Samen snijden ze het brood van de korsten.
Lopen op eetstokjes over onaangeroerde borden.
Geen snoep in de gaatjes van haar tanden.
Zij is twaalf ribben,
aangelengd met water.
.
                                                                                                                                               Zelfportret : fotograaf Jana Arns
Advertenties

Kanneelgebed

Don Beukes

.

Het mooie van social media (naast heel veel minder aangename kanten) is dat je met de hele wereld in verbinding staat of kan staan. Zo kreeg ik via Facebook (the groep Poetry Club) contact met de Zuid Afrikaanse dichter Don Beukes. Don Beukes werd geboren in Kaapstad en studeerde Engels, geografie en psychologie voordat hij docent werd in Zuid Afrika en in Groot Brittannië. Inmiddels is hij gepensioneerd en in 2016 werd zijn eerste poëziebundel gepubliceerd ‘The Salamander Chronicles’ waarin thema’s als onderdrukking, pesten, politiek, globalisme, seksisme, misbruik, geboorte, dood, vluchtelingen en racisme aan de orde komen.

Zijn tweede boek ‘Icarus Rising – Volume One’ is een verzameling Ekphrastic-poëzie ( Ekphrastic-gedichten richten zich op kunstwerken, meestal schilderijen, foto’s of standbeelden) waarbij de meeste gedichten gebaseerd zijn op originele kunstwerken en in nauwe samenwerking met kunstenaars uit Zuid-Afrika, Amerika en het Verenigd Koninkrijk zijn geschreven.

Zijn Zuid-Afrikaanse publicatie-debuut van veertien exclusieve gedichten verscheen in augustus 2018 met drie andere prominente Zuid Afrikaanse auteurs (Bevan Boggenpoel, Leroy Abrahams en Selwyn Milborrow) in een unieke bloemlezing ‘In Pursuit of Poetic Perfection’, die na publicatie meteen op nummer 1 terecht kwam op de lijst van ‘Afrikaanse Literatuur’ op Amazon Kindle. Zijn poëzie is gepubliceerd in tal van literaire tijdschriften en tijdschriften in de VS, Canada, India, Bangladesh en de Filippijnen, evenals in verschillende bloemlezingen. Sommige van zijn gedichten zijn ook in het Albanees vertaald en in het Afrikaans en het Farsi.

Hij is van plan zijn publiciteitssucces te gebruiken om op een dag zijn eigen stichting in Zuid-Afrika te vestigen om de leesvaardigheid op scholen te verbeteren en om een ​​leescultuur in verarmde gemeenschappen te bevorderen. Don heeft ook een blog waarop je veel meer kunt lezen: https://donbeukes.wordpress.com

Van Don ontving ik een prachtig gedicht met getiteld ‘Kanneelgebed’ of in zijn eigen vertaling in het Engels ‘Cinnamon prayer’.

.

Kanneelgebed

.

As ek net jou spesery geure elke dag

kan aantrek, weet ek my siel sal weer

aansterk, maar jou daaglikse onsigbare

stem laat my weer jou soete woorde

verken – Geen meer goeiemôre soentjies

van my Godgegewe noentjies, geen meer

trane van blydskap soos ek saam lag met

my kosbare skat, terwyl ek gereed maak vir

markdag elke Maandag en heuningbloeisel

soene jou kant toe blaas.

.

Mense knik nog nou en dan medelyend

my kant toe, selfs ons nommer een

mededinger, wat soms ons robynrooi

waatlemoen effens proe – Kan jy glo hy

lok nou andere my kant toe?

Ek glimlag maar net gedwee terwyl ek

eerbiedig proe aan jou hemelsoet kanneeltee-

Gemeng met liefdevolle smeltende

herinneringe – Net die aromatiese

teenwoordigheid van jou verbied

my om onophoudelik te rou

vir jou.

.

Ek dra nog steeds die hemp wat jy in

Mauritius gekoop het, selfs al is die blou

nou verflou – Elke kledingstuk aanraking

teen my dorre woestynvel laat my

glimlaggend altyd wonder – Is ek nog

steeds jou kanneel koning?

.

Ek is omring deur jou – Elke spesery en

kruiedrankie herinner my aan jou – Die

kanneelgevulde plooie in my hand brandersvir jou,

Soms verbeel ek my ek gewaar jou oorkant my,

maar dan voel ek soos ’n jong verliefde gek en

fluister dan saggies my daaglikse

kanneelgebed…

.

Cinnamon Prayer

.

If I could wear your spicy

essence each and every day

I know I will not go astray

but only your daily echo illuminates

your fading halo – No more early

morning kisses from my heaven sent

missus, no more tears of joy just

to hear you say hey, as I leave

for market day, blowing your

honey blossom kisses my way.

.

People still nod sympathetically to

me, even our rival stall enemy –

can you believe he reluctantly

offered me his best ruby red watermelon?

I just proudly smile, honouring your

memory whilst sipping your favourite

cinnamon tea – infused with

loving melting reverie – Only the

aromatic presence of you prevents

my ginger grieving; my daily solitude.

.

I still wear the clothes you

mended, however much faded – each

brush of cloth against my parched skin

always gets me asking – Am I still your

cinnamon king?

.

I am surrounded by you – each spice

and herb reminds me of you – The cinnamon

filled crevices in my hands burn for you

I sometimes think I glimpse you over

there but then I just recite my daily

cinnamon prayer…

.

Wil je meer van Don Beukes lezen ga dan naar http://ourpoetryarchive.blogspot.com/2018/02/don-beukes.html 

.

 

Alle letters tellen

Beginletter Pangramkwintijn

.

Elke keer verbaas ik me weer over de hoeveelheid versvormen die er zijn en over de vindingrijkheid van mensen die nieuwe versvormen bedenken. Een van die mensen is Frits Criens. In 2016 bedacht hij de ‘Beginletter Pangramkwintrijn’ en publiceerde deze op http://www.hetvrijevers.nl/, de website voor light verse, vaste vormen, nonsenspoëzie, humorpoëzie en plezierdichten met nieuws en teksten van en voor professionals en liefhebbers.

Een pangram (Grieks: pan gramma, “alle letters”) of holo-alfabetische zin is een zin waarin alle letters van het alfabet voorkomen. De bekendste is misschien wel: The quick brown fox jumps over the lazy dog. Volgens Wikipedia bevat een volmaakt pangram elke letter (uit het alfabet) slechts eenmaal. De uitdaging is om een zo kort mogelijke zin te maken die aan deze voorwaarde voldoet. Frits Criens voegt hier aan toe, dat voor deze vorm sprake dient te zijn van een perfect beginletter-pangram waarbij de beginletters in alfabetische volgorde staan. Aan deze eis zijn de de elementen metrum en rijm toegevoegd.

Een Beginletter pangramkwintijn bestaat uit: 5 regels, rijmschema abaab en heeft als metrum 6 jamben maar een ander metrum is ook mogelijk afhankelijk van de woorden die bedacht worden (wat op zichzelf al best moeilijk is).

Hier een voorbeeld van Frits Criens zelf:

Als Bernadine, constant dwarsig, explodeert

– Flink geile heks in jeugdig kekke lingerie –

Met nichterige ophef pinnig querelleert,

Rechtstandig saluerend tweemaal urineert,

Verzucht Winet: X-benig yonidiertje… zie!

.

Frederique Spigt tekent ervoor

Frans Vogel

.

In 2012 verscheen bij uitgeverij Douane een klein maar fijn bundeltje van de Rotterdamse singer/songwriter Frederique Spigt (1957) en de minstens zo Rotterdams geworden dichter, kunstenaar en collagist Frans Vogel (1935 – 2016) getiteld ‘Frederique Spigt tekent ervoor’ een mini-bloemlezing uit de gedichten van Frans Vogel. De twee waren elkaar na een optreden in de Schouwburg tegen gekomen waarop Spigt aan Vogel haar plan om tekeningen bij gedichten van Vogel te maken onthulde. Spicht, die van 1975 tot 1980 Grafisch Ontwerpen aan de Rotterdamse kunstacademie studeerde maakte vroeger al onconventioneel werk (aldus Willem van Drunen, beeldend kunstenaar) en dat paste uitstekend bij de aard van het werk van Vogel. Uit het uitgegeven werk van Vogel selecteerde zij 11 gedichten en tekende daarbij in Oost-Indische inkt 11 visuals met oog voor de woordelijke inhoud van het gedicht. Op de voorkant een ‘sticker’ in geel met de woorden ‘Must have’. Of zoals Vogel op de achterkant zegt: “met dit boekje hebbie onmiskenbaar een must have in handen”.

.

Beknopte ornti(h)opografie van Het Ouwe Noorden

.

Hier is men aardig

in de buurt:

Vinkenstraat en

(ik noem maar

een zijstraat)

Vinkendwarsstraat.

.

Op loopafstand

voor kievit die kuiert:

Rietvinkstraat.

Goed gezien.

.

Nabij gelegen (‘Rust zacht,

dappere dode Dodo!’)

op Crooswijk:

café Vogel, hoek Crooswijk-

sestraat/Linker Rottekade.

Neit al te ver van café

De Kraaienpoot, hoek Crooswijk-

seweg/Isaäc Huberstraat.

.

terwijl café Vink

weer ligt op de hoek van

Noordplein en het Zwaanshals,

op nr. 274 waarvan

(schuin tegenover Witte Zwaanhof

en Ooievaarstraat)

café De Lijster-

met die brutale beo!

.

En de korte Kipstraat?

Eervorige eeuw al gevlogen.

.

Kamala Das

Indiase vrouwelijke dichters

.

In 2016 verscheen op ‘The better India’ een lijstje van de 8 beste vrouwelijke dichters die India heeft voortgebracht. Zeven van hen werden in de 20ste eeuw geboren en 1 van hen in de 16e eeuw. Bovenaan het lijstje staat Kamala Surayya of Madhavi Das of Kamala Das, zoals ze bekend is geworden door haar Engelstalige poëzie.  Kamala Das werd in 1934 geboren in Punnayurkulam in Kerala en overleed in 2009. Ze werd bewonderd voor haar gedurfde en eerlijke behandeling van de seksualiteit van vrouwen in een tijd waarin maar heel weinig vrouwen de moed hadden om erover te praten. Twee van haar poëziebundels zijn ‘Summer in Calcutta’ en ‘The Descendants’. Haar populariteit in Kerala is voornamelijk gebaseerd op haar korte verhalen en autobiografie, terwijl haar oeuvre in het Engels bekend staat om de vurige gedichten en expliciete autobiografie.

Haar eerste dichtbundel, ‘Summer In Calcutta’, was een verademing in de Indiase Engelse poëzie. Ze schreef vooral over liefde, het verraad en de daaruit voortvloeiende angst. Das verliet de zekerheden die werden geboden door een archaïsch, en enigszins steriel, estheticisme voor een onafhankelijkheid van lichaam en geest in een tijd waarin Indiase dichters nog steeds werden geregeerd door ‘negentiende-eeuwse dictie, sentiment en geromantiseerde liefde’. Haar tweede dichtbundel ‘The Descendants’ was nog explicieter. Zoals in het gedicht ‘The looking Glass’:

Gift him what makes you woman, the scent of
Long hair, the musk of sweat between the breasts,
The warm shock of menstrual blood, and all your
Endless female hungers …

Door haar directheid werd ze vergeleken met Marguerite Duras en Sylvia Plath. Tijdens haar leven kreeg Das (die op 65 jarige leeftijd moslim werd toen ze een relatie kreeg met wetenschapper Sadiq Ali en toen de naam Kamala Surayya aannam) verschillende literaire prijzen waaronder The Asian Poetry Prize (1998) The Asian World Prize (2000) en de Kent Award for English Writing from Asian Countries (1999). Uit haar eerste poëziebundel ‘Summer in Calcutta’ uit 1965 het gedicht ‘Words’

.

Words

.

All round me are words, and words and words,
They grow on me like leaves, they never
Seem to stop their slow growing
From within… But I tell my self, words
Are a nuisance, beware of them, they
Can be so many things, a
Chasm where running feet must pause, to
Look, a sea with paralyzing waves,
A blast of burning air or,
A knife most willing to cut your best
Friend’s throat… Words are a nuisance, but.
They grow on me like leaves ona tree,
They never seem to stop their coming,
From a silence, somewhere deep within…

.

Amalia Rodriguez zingt

Hubert van Herreweghen

.

De Vlaamse dichter Hubert van Herreweghen (1920 -2016) wordt samen met generatiegenoten als Anton van Wilderode en Christine D’haen gezien als dichters van de bezettingsgeneratie. Hij debuteerde in de oorlog (1943) met de bundel ‘Het jaar der gedachtenis’ en in 2015, op 95 jarige leeftijd, verscheen zijn laatste bundel ‘De bulleman en de vogels’. Hij werkte als onderwijzer, journalist en bij de Vlaamse televisie. Naast dichter was van Herreweghen redacteur van enkele literaire tijdschriften, waaronder Podium (1943-1944) en vanaf 1947 van Dietsche Warande & Belfort. In dat laatste tijdschrift verschenen vrijwel al zijn gedichten. Daarnaast was hij samensteller van bloemlezingen van gedichten. Van 1965 tot 2000, 36 jaar lang, verzorgde hij voor het Davidsfonds een selectie van 50 gedichten uit de poëtische jaarproductie in tijdschriften. Hubert van Herreweghen ontving tijdens zijn leven verschillende literaire prijzen waaronder de Prijs van de provincie Brabant (1945), de driejaarlijkse staatsprijs voor poëzie (1962) en de Prijs voor Letterkunde voor de Vlaamse Provincies voor zijn gehele oeuvre (2006).

Uit ” Vleugels’ Poëtisch Erfdeel der Nederlanden uit 1962, koos ik voor het gedicht ‘Amalia Rodriguez zingt’ vooral omdat dit bij mij een herinnering naar boven bracht aan mijn ouders die naar haar luisterde.

.

Amalia Rodriguez zingt

.

I

Hartstochtelijk uit de ellende klagen,

tegen vernedering steigerende trots,

om hemel en aarde uit te dagen

en de oneindige barmhartigheid Gods.

.

O nooit nooit in het leven te dulden

wat ons tot droeve narren verminkt,

berusten nooit, maar schelden op schulden

en klagen om wat in ’t graf verzinkt.

.

Voor de ongeborenen is er het leven,

voor levenden is er schande en dood;

en tot wij liggen in dezelfde schoot

zullen de doden geen teken geven.

.

II

Klagen zoals de tortels klagen

diep in ’t van koeren ronkend bos,

de dove echo ondervragen,

maar niets komt uit de stilte los.

.

Klagen zoals al wat geschapen

is, klaagt, en jankt en kermt,

klagen zoals de schapen blaten

totdat de slachter zich ontfermt,

.

klagen zoals de golven klagen,

schreeuwen zoals de zeemeeuw schreeuwt;

duizend gedoofde huilen dragen

zeeën en wind. De stilte geeuwt.

.

.

Cees Nooteboom

Monniksoog

.

Op donderdag 22 november komt Cees Nooteboom naar de bibliotheek van Gouda alwaar hij zal worden geïnterviewd door Daan Cartens.

Cees Nooteboom (1933) werd bij mij destijds bekend door zijn roman ‘Rituelen’ en daarna vooral door zijn reisverhalen. Inmiddels is hij één van onze belangrijkste hedendaagse auteurs en is gelauwerd in binnen- en buitenland. Zijn naam wordt elk jaar weer gefluisterd als het om de Nobelprijs voor de literatuur gaat. Zijn veelzijdige oeuvre (romans, poëzie, reisverhalen) is bekroond met de P.C. Hooftprijs en de Prijs der Nederlandse Letteren. Iets minder bekend is Cees Nooteboom om zijn poëzie al schreef en publiceerde hij 15 dichtbundels waaronder zijn laatste bundel ‘Monniksoog’ uit 2016.

Hoewel de 85-jarige maestro nog zelden optreed, maakte hij voor de Bibliotheek Gouda een uitzondering. Op deze avond zal de nadruk ook komen liggen op zijn poëzie. Wil je aanwezig zijn op deze bijzondere avond ga dan naar https://www.bibliotheekgouda.nl/agenda/donateursavond-Cees-Nooteboom.html en bestel daar je kaart(en).

Uit zijn laatste poëziebundel ‘Monniksoog’ die bestaat uit een aantal vormvaste verzen die tezamen één verhaal vormen, koos ik voor het derde gedicht.

.

Niet in ieder leven speelt een vuurtoren een rol

maar wel in het mijne. Vandaag op dit andere eiland

naar de toren gelopen, regen, geschreeuw

van meeuwen. ’s Nachts mocht ik bij de wachter zitten

.

die deed of hij nog bestond. Hij schreef het op

een schip om de Noord, de windkracht. En ik zag

in het duister een licht tegen de golven, en dichterbij

wat hij schreef in een handschrift van vroeger.

.

Allang dood, hij. Alle zeeën bevaren, alle havens gezien,

Archangel, Valparaíso, het gedicht van de scheepsarts.

Vier op, vier af. een nacht op de toren, brik om de Noord,

stilte, roken, schrijven, stilte, het licht over het duin,

.

de toren nu zonder een mens.

.

Dichter aan huis

Simon Vinkenoog

.

In de kringloopwinkel kocht ik een paar bundels van ‘Dichter aan huis’. De manifestatie ‘Dichter aan Huis’, die in 1991 als een éénmalige gebeurtenis was bedacht, en in 1993 nog eens éénmalig werd herhaald, was een dermate groot succes dat de organisatie er wegens succes een tweejaarlijkse traditie van maakte. Tijdens Dichter aan Huis 1991 bleek dat veel poëzie zich er heel goed voor leent om in kleine, huiselijke kring te worden voorgelezen. Er ontstonden heel verrassende confrontaties van dichters en publiek. De locaties, particuliere huizen, met hun gevarieerde architectuur en interieurs, hun uiteenlopende typen bewoners en de zeer verschillende wijzen van ontvangst van het publiek, gaven dit poëzieweekend een uniek karakter. Dichter aan huis zou 11 edities kennen (tot en met 2011) en kreeg in 2016 een herstart. In 2017 echter werd de stichting ‘Dichter aan huis’ opgeheven.

De vijftig huizen van waaruit de dichters voordroegen bevinden zich verspreid over Den Haag maar vooral in de oude binnenstad, in het Bezuidenhout en het Benoordenhout, in de Vogelwijk, rond het Sweelinckplein en in het Statenkwartier. Ik herinner mij, begin deze eeuw dat er ook bij mijn overburen een dichter kwam voordragen en dat dat toen nogal wat belangstellenden trok.

Gelukkig zijn er de bundels nog, zoals ook de bundel van de 2001 editie, toen met dichters als Rutger Kopland, Gerrit Kouwenaar, Hanny Michaelis, Neeltje Maria Min, Ilja Leonard Pfeijffer, Jean Pierre Rawie, Jan Wolkers, Bart Chabot, Carla Bogaards en Simon Vinkenoog (en nog 40 anderen!). Uit de bundel koos ik voor het gedicht ‘Niets dan goeds’ van Simon Vinkenoog.

.

Niets dan goeds

.

Niets dan goeds

onder woorden brengen

niets dan goeds

op je kerfstok hebben

niets dan goeds

als metgezel

.

-maar ik wist niet wat

noch wist ik hoe

.

tranen drogen

honger stillen

dorst lessen

.

pijn doen verdwijnen

honger uit de wereld helpen

.

-maar ik wist niet wat

noch wist ik hoe

.

kwaad bestrijden

twisten laten betijen

oorlogen doen wijken

vriendschappen sluiten

eigen taken kwijten

.

-niets dan goeds

maar ik wist niet wat

noch wist ik hoe

.

Niets dan goeds wens ik de wereld toe

levenskrachtig levensmoe tot daden geleid

of aan het einde van de strijd

in een tartende tussentijd

.

uit de hoorn des overvloeds

niets dan goeds

in de toekomende tijd

.

Wakker vallen

Recensie

.

Els de Groen ken ik van een optreden bij Ongehoord! in december 2016. Dat Els de Groen nogal wat in haar mars heeft blijkt uit de uitgebreide biografie op haar website http://www.elsdegroen.nl/ . De vele boeken die Els de Groen schreef (voor volwassenen en kinderen) zijn tot nu toe 27 maal vertaald, in 13 talen, en er zijn wereldwijd 1.750.000 exemplaren van verkocht. Centrale thema’s in haar werk zijn onze omgang met macht, vrijheid en verantwoordelijkheid. In de vrijheid van onze keuzes ligt ook de beperking van onze vrijheid besloten.

Nu is haar nieuwe dichtbundel ‘ Wakker vallen’ gepubliceerd bij uitgeverij In de Knipscheer. Ook in deze bundel komen de centrale thema’s uit haar eerdere werk terug maar daarover straks meer. De bundel is mooi uitgegeven, in vele kleuren met illustraties (op 1 na) van Els zelf. Het lettertype van de titels daar ben ik persoonlijk niet zo enthousiast over, die doet wat gedateerd aan. Maar dat er verder veel aandacht aan het uiterlijk van de bundel is geschonken is bewonderendswaardig. Mooie kwaliteit papier, goed formaat, met extra voor en achterflap met informatie. Op de extra flap aan de voorpagina schrijft Els een verklaring van de titel:

Britten en Fransen vallen verliefd, fall in love, tombent amoureux, Nederlanders vallen in slaap. Wakker vallen doet niemand. Waarom eigenlijk niet? Waarom sluiten we vriendschap als we openen bedoelen? Waarom is vogelvrij allerminst vogelveilig? Taal is boeiende materie. Wie woorden kantelt, verandert het perspectief en daarmee zijn kijk op de wereld. Wakker vallen is meer dan een spel met de taal. De vorm tornt aan de inhoud en wakkert je verbeelding aan. Dat is een heilzaam proces.

De inhoud van dit stuk tekst kan ik zeer waarderen maar maakt de bundel deze woorden waar? Dat Els in ‘ Wakker vallen’  met taal speelt is duidelijk maar het blijft wat betreft die ‘kanteling’ toch vooral bij de  voorbeelden zoals ze hierboven noemt. Niet dat dat erg is, haar poëzie is helder, goed leesbaar en beschrijvend zoals in het hoofdstuk ‘ Mensen’ in het gedicht ‘ Deskundige’:

 

Hij krijgt een glaasje water en

dezelfde stoel als gewone gasten

maar wanneer hij plaatsneemt is het op een troon en

houdt hij een rede in

zijn dasspeldmicrofoon.

 

Els achtergrond als Europarlementariër en schrijver en de thema’s waarmee ze zich al jaren bezighoudt komen vooral naar voren in het hoofdstuk ‘ Macht en Onmacht’. Hierin komen het rechtvaardigheidsgevoel en de democratische waarden van Els de Groen duidelijk naar voren in gedichten over recht, politici, solidariteit en staatshoofden. Daarnaast put ze uit eigen ervaring vanuit de reizen die ze maakte in de gedichten over Aleppo, Gaza, Sarajevo en Kaapstad. Maar ook haar woonplaats Nijmegen wordt niet over geslagen.

De gedichten in deze bundel zijn geen doorwrochte gedachten-experimenten, ze zijn niet doorspekt van symboliek en er staan geen vaste of ingewikkelde versvormen in. Ze maakt zo nu en dan gebruik van rijm (eindrijm, binnenrijm) en alliteraties en afbrekingen worden slechts sporadisch gebruikt. Hier is een dichter aan het woord die wat te vertellen heeft, die een boodschap aan de wereld wil sturen en vooral de inhoud laat prevaleren in haar poëzie.

Deze bundel bevat vele kleine schilderijtjes in woorden in gewone taal met hier en daar een twist. Els haar belezenheid en haar woordenrijkdom maken haar poëzie interessant en genietbaar.

Uit deze bundel het gedicht ‘Trump’ dat eerder ook in het literair tijdschrift Extaze verscheen.

.

Trump

.

Ook orkanen krullen hun lippen

als ze vanbinnen koken

en in vuilbekkerij toch hun

mond weer voorbijpraten.

.

Ook orkanen hebben hun ogen

diep in windstille zakken

en zijn blind voor de schade

die hun armen aanrichten.

.

Ook zeeën schikken hun kapsels

op de kop van de wereld

broeierig van gedachten aan geld

als water – smeltwater wordend.

.

Antiaanbaklaagbeklaag

Poëziebus

.

Zoals jullie misschien weten ben ik voorzitter van de Raad van Toezicht van de stichting Poëziebus. In 2015 reed de Poëziebus voor het eerst en inmiddels zijn er 4 edities geweest. De Poëziebus is nog steeds in ontwikkeling maar het idee om met een bus vol dichters Nederland en België (Vlaanderen) door te trekken staat nog steeds. Vele busdichters hebben mooie ervaringen opgedaan op de bus, vriendschappen gesloten en ontwikkelingen doorgemaakt waarbij die week op de Poëziebus zeker een rol heeft gespeeld.

Een van de Poëziebusdichters van 2015 speelde ook een rol in latere edities als organisator van de halte Maastricht, Merlijn Huntjens. Merlijns’ schrijfcarrière begon in 2006 bij het Heerlens Schrijverscafé. In 2013 deed hij mee aan zijn eerste Poetry Slam, de Dichtslamrap in Boxtel. In 2016 en 2017 was hij finalist in het NK Poetry Slam, georganiseerd door het Literatuurhuis in Utrecht. In 2015 richtte hij samen met Nina Willems PANDA op. Samen maken zij werk waarin poëzie en performance centraal staat en organiseren zij Borderlines Poetry Slams in de Euregio. Sinds februari 2017 is Merlijn ook stadsdichter van Heerlen. Zijn stadsdichterschap laat zich, naast gedichten over Heerlen, ook kenmerken door projecten waarbij de inwoner van Heerlen inspraak krijgt.

In de Poëziebusbundel van 2015 ‘Verzamelde werken’ is van Merlijn het gedicht Antiaanbaklaagbeklaag’ opgenomen.

.

Antiaanbaklaagbeklaag

.

grootvader vond de haard gezellig en ik

gooide er konijn job in, ingepakt in tranen

.

en het vel papier met de planning. we waren

van de crematies. allemaal huilen, wél een zure andere eten.

.

het huis rook naar houtskool, opa naar

de jus op zijn broek. bijna alles was toen traditie.

.

brandblaren op zijn benen ook. het vallen en

de crematie niet. muziek speelde de laatste

.

latten aan zijn kist recht. harde tikken. we dachten

aan kloppen op het kisthout. allemaal huilen, vlaai eten.

.

nu zijn we de traditie vergeten. haardcrematies,

knaagdieren, jusbroeken, blaren. ze zijn gourmetsets.

.

ik vond de haard met job gezelliger. ik antiaanbaklaagbeklaag

me. iedereen mist opa dan en draait zijn foto weg.

.

%d bloggers liken dit: