Site-archief

Levenslang

Jean Pierre Rawie

.

In de jaren ’80 en ’90 van de vorige eeuw was dichter Jean Pierre Rawie (1951) één van de toonaangevende dichters in Nederland (en Vlaanderen). Zijn bundels verkochten beter dan menig roman. Ik herinner mij een avond in de bibliotheek van Wateringen waarop Rawie zou vertellen en voordragen en waar bijna 80 mensen aanwezig waren. Voor een dichter een meer dan respectabel aantal. Vooral zijn bundel ‘Een onmogelijk geluk’ uit 1992 was een enorm groot (verkoop)succes.

Tussen 2001 en 2012 was het erg stil rond Jean Pierre Rawie. In die periode verscheen alleen ‘Verzamelde verzen’ (2004). Na 2012 kwamen er weer met enige regelmaat bundels uit van zijn hand. Te beginnen in 2012 met de bundel ‘De tijd vliegt, maar de dagen gaan te traag’. Uit deze bundel het gedicht ‘Levenslang’ over verwachtingen die niet uitkomen.

.

Levenslang

.

De dronken dagen, doorgehaalde nachten

(wij konden niet kapot in onze jeugd),

de herdersuren waar ons geen van heugt,

de gouden tijd die wij oneindig achtten.

.

Toch waren wij ten prooi aan de gedachte

dat wat voor ons was weggelegd niet deugt;

wij hebben ons een leven lang verheugd

op iets wat levenslang op zich liet wachten.

.

Straks zijn wij oud, en met doorgroefd gelaat,

bedroefd en moe, en met de dood voor ogen,

vertrouwd met hoe het in de wereld gaat,

.

maar met behoud, naar buiten onbewogen,

van het vooruitzicht waar ons hart voor slaat,

dat wij daar tot het laatst naar haken mogen.

.

 

Advertenties

Jan Glas

Dichter op verzoek

.

Van Jaap Bakker kreeg ik onder andere de naam van Jan Glas door als dichter op verzoek. Jan Glas (1958) is dichter/beeldend kunstenaar en zanger. Hij dicht in het Nederlands en in het Gronings. Hij is hoofdredacteur van het tijdschrift ‘Krödde’ dat inmiddels niet meer bestaat maar is overgegaan in de website Oader.nl)  en redacteur van ‘Webloug’. Hij treedt regelmatig op en in juni 2013 stond hij als eerste Groningstalige dichter op het podium van Poetry International.

In 2004 debuteerde Glas met ‘De vangers van zummer’. De bundel werd bekroond met de Literaire Pries van Stichting ’t Grunneger Bouk. Jan Glas was mede samensteller van ‘De 100 mooiste Groningse gedichten’ en ‘Verrassend Nedersaksisch’. Hij vertaalde zeven gedichten van Rilke in het Gronings voor het boek ‘Rilke Sieben’. Glas won diverse literaire prijzen, waaronder de Duitse Freudenthal-prijs voor nieuwe Nedersaksische literatuur en het Belcampostipendium. Jan Glas heeft een eigen website op https://volglas.wixsite.com

Uit de bundel ‘Als was zij mijn vrouw’ uit 2012 het gedicht

.

De hotelmanager

De hotelmanager heeft mij verlaten.

Ik mis hem zo erg dat het pijn doet.

Ik moet opnieuw leren slapen.

Ik heb grote fantastische herinneringen.

We zwommen elke ochtend baantjes in ‘De Parel’

voor hij naar het hotel ging.

We lieten onze tanden bleken,

er brak een eindeloos mooie zomer aan.

Wij fietsten veel. Hij zwaaide naar voorbijvarende boten.

Het was ideaal.

Mijn zus was blij voor me dat ik eindelijk

iemand had gevonden.

Ik wilde alles van hem weten.

Hij vertelde over zijn jeugd, z’n moeder,

over z’n werk als hotelmanager.

Het hotel had bijvoorbeeld 34 kamers.

Hij had een paar leuke collega’s.

Toen begon ik hem vast te houden

en dat moet je nooit doen,

dat staat in alle boeken.

.

Liplezer

Vacuüm en ozon

.

De Vlaamse Yves Coussement (1978) studeerde voor ingenieur-architect aan de Universiteit Gent. Hij is designer, beeldend kunstenaar, videokunstenaar en dichter. In 2004 debuteerde hij met de bundel ‘Vacuüm en ozon’ bij Meulenhoff | Manteau. De bundel ‘Vacuüm en ozon, gedichten’ is opgebouwd uit gedichten zonder titel omrand door woorden en teksten die ogenschijnlijk een verband hebben met de gedichten maar na intensievere lezing soms volledig willekeurig zijn en soms heel nadrukkelijk wel bij het gedicht passen. Daarbij komt dat de bundel horizontaal gelezen moet worden. Allemaal heel kunstzinnig maar het komt de leesbeleving niet echt ten goede. De gedichten in de bundel zijn echter wel de moeite waard. Zoals het titelloze gedicht dat begint met het woord liplezer.

.

liplezer.

.

steeds ten dienste van de monoloog

met een verstopte tong.

.

leren lispelen houdt geen steek.

misschien wel de anatomie van gestotter.

.

en wanneer al het overbodige is ingeslikt

wordt alle verloren moeite gevleid.

.

applaudisseert de verliezer binnensmonds.

en vervelt dan de autocue.

.

Waardeloze beelden

Bram Vermeulen

.

De zanger, componist, cabaretier, volleyballer, kunstschilder en liedschrijver Bram Vermeulen (1946 – 2004) was, zo blijkt uit de dingen die hij deed, een zeer veelzijdig mens. Ik heb verschillende herinneringen aan hem, van Neerlands Hoop, zijn mooie liedjes tot aan een programma op televisie waarin hij naar de zuidwesthoek van Vlaanderen reisde op zoek naar overblijfselen van de Eerste Wereldoorlog (vooral de scene waarin hij middenin een akker gewoon begint te graven en daar op iets  meer dan een meter diepte allerlei overblijfselen tegenkomt zoals onderdelen van uniformen, wapens en munitie).

Tegenwoordig wordt Bram Vermeulen door een grote groep mensen vooral ook gewaardeerd om zijn prachtige liedjes. In 1995 won hij met ‘Een doodgewone jongen’ de Annie M.G. Schmidtprijs voor het beste kleinkunstlied. Ook kreeg hij enkele Edisons voor albums als ‘Doe het niet alleen’ en ‘Bram Vermeulen’.

Vlak na zijn dood vindt zijn geliefde Shireen Stroker op haar computer een ‘boek’ die Bram haar voor zijn overlijden heeft toegestuurd met de titel ‘RUST!’. In 2005 wordt dit als boek uitgegeven en in RUST! staan allerlei literaire teksten van Bram, waaronder veel liedteksten en gedichten. Uit deze bundel heb ik gekozen voor het prachtige ‘Waardeloze beelden’ waarin een heel mooie melancholische ondertoon zit.

.

Waardeloze beelden

.

De lage gele zon over de heuvels.

Een meisje met mijn trekharmonica.

Glimmende varens onder in een bos.

Het eindeloze koren van Noord-Frankrijk.

.

Het uitzicht van een steiger op een meer.

Een zwarte hond in een groene wei.

Drie zoons met hun vader op de hei.

Mijn lief, lang voor zij dat was van mij.

.

Waardeloze beelden voor een ander

waar ik uit besta.

Een stapel foto’s in een la.

.

Het uitzicht uit een raam waar ik niet meer woon.

Drie stenen op elkaar in een rivier.

Een kleine vrouw op een breed leeg strand.

Twee oma’s samen op een bank.

.

Een pratende groep mannen op een plein.

Een wolk die rolt over een kam.

Een tekening van een kind van twee.

Een zwarte hond in een blauwe zee.

.

Waardeloze beelden voor een ander

waar ik uit besta.

Een stapel foto’s in een la.

.

En het is oppassen,

als een bos heel stil is,

als ik de rivier hoor,

als het vuur glanst in mijn glas.

Dan winnen die beelden één voor één

en ben ik niet meer dan wie ik was.

.

Martin Bril

Verzameld werk

.

Elke keer als ik een schrijver ontdek die ook gedichten geschreven heeft (waar ik geen weet van heb) ben ik weer verbaasd. Blijkbaar heeft de poëzie een enorme aantrekkingskracht op schrijvers, columnisten en journalisten. Zij die bezig zijn met de taal en met teksten komen blijkbaar altijd wel een keer op het pad der poëzie. Zo ook schrijver en columnist (1959 – 2009) Martin Bril. Bril was een veelschrijver. Tijdens zijn leven verschenen maar liefst 51 titels van zijn hand (waarvan een aantal in het begin van schrijversleven met Dirk van Weelden) en na zijn overlijden nog eens 21 postuum.

In 2002 en 2004 verschenen deel 1 en deel 2 van zijn verzamelde gedichten. In deze twee bundels veel korte puntige gedichten. En omdat in eenvoud vaak het geniale schuil gaat deel ik hier een aantal korte gedichten uit deze twee delen.

.

Credo

.

Je mist meer

Dan je meemaakt

.

Helemaal

Niet erg

.

Gemiddelde

.

Het valt niet mee

Het valt niet tegen

.

Scheepsrecht

.

Hij wou haar

Hij wou haar

Hij wou haar

.

Zij hem

Dus niet

.

Angst

.

Je doet er niets aan

.

Al wordt van hogerhand

Nog wel het

Nodige bedacht

.

Niemand is alleen

.

Gaat de boer dood

Huilen de koeien

.

Ontdekking

.

Bezoek nooit

De plaatsen

Van je jeugd

.

Ze vallen tegen

.

Net als die

Hele jeugd

.

Horizon

Hugo Claus

.

Zondag in december betekent een gedicht van de dichter van de maand Hugo Claus. Dit keer het gedicht ‘Horizon’ uit de bundel ‘In geval van nood’ uit 2004. Een typisch Claus gedicht wat mij betreft maar oordeel zelf.

.

Horizon

.

De horizon is de taal, de taal die ik word
geacht te delen met
het verminkte kind,
met de jongeling die soldaat geworden is
en zo fier op zijn laarzen,
met de grijsaard met zijn gescheurde darmen
in zijn armen.

Het regent fosfoor en sirenes

De stemmen van mijn land
meestal in de televisie.
Moordzuchtige families.
Misdadig gezang.

En alom de bloedslurpende goden

.

Het was voorspeld

De mooiste gedichten over weer of geen weer

.

In de loop der jaren zijn er veel, heel veel poëziebundels verschenen rondom een bepaald thema. Inmiddels bezit ik er al vele tientallen van. Zo zijn er bundels over muziek, voetbal, dieren, moeders, kinderen, tuinieren, seks, Europa, het geloof, de oorlog (wereldoorlog I en II), de vrede, katten en ga zo maar door. Het aardige van dit soort bundels vind ik de variëteit in dichters en vormen van poëzie die samenstellers bij elkaar weten te vinden. Pas geleden heb ik weer een nieuw exemplaar aan mijn verzameling kunnen toevoegen, dit keer met als thema ‘het weer’, Nederlandser kun je het bijna niet krijgen.

In 2004 gaf uitgeverij Mozaïek uit Zoetermeer, de bundel ‘Het was voorspeld’ uit met als ondertitel ‘de mooiste gedichten over weer of geen weer’. Deze zelfde uitgeverij gaf al eerder themabundels uit over koeien en rivieren en dijken. Deze bundel werd samengesteld door Rien van den Berg en Liesbeth Goedbloed en bestaat uit gedichten van bekende dichters (Gerrit Achterberg, Herman de Coninck, Anna Enquist,Judith HerzbergToon tellegen, Vasalis en Willem Wilmink) en minder bekende dichters (Peter van Lier, Lenze L. Brouwers, Koos Geerds en Rouke van der Hoek). Onderwerpen zijn vormen van neerslag, de maanden, de seizoenen, weermannen maar ook de wind, de wolken en de zon.

Ik koos voor en gedicht van dichter Menno Wigman getiteld ‘Stil maar, wacht maar’.

.

Stil maar, wacht maar

.

Wat een geluk dat Holland niet bestaat.

Alleen een tenger land van mist en klei,

alleen miljoenen doden zonder steen,

alleen het ultimatum van de zee.

.

En wat een troost dat er geen morgen is,

dat er nooit sprake was van sneeuw en hagel,

zon en voorjaarswind – helemaal niks.

.

Alleen het ultimatum van het licht.

.

Tot zover het weerbericht.

.

 

Waar is de eerste morgen?

Levende experimentele poëzie in Vlaanderen

.

Van een vriendin kreeg ik onder andere de bundel ‘Waar is de eerste morgen?’ een bundel uit de Ad Multosreeks van uitgeverij A. Manteau uit 1960. Een bundel over de “levende experimentele poëzie in Vlaanderen” samengesteld en ingeleid door Jan Walravens. Het leuke aan dit soort oude bundels is dat er dichters in worden opgevoerd die aan het begin staan van hun carrière of al wel bekend zijn maar inmiddels (bijna 60 jaar later) in veel gevallen al zijn overleden of waarvan nooit meer iets is vernomen. In de inleiding veel aandacht aan de groep en het literaire tijdschrift ‘Tijd en Mens’ een Vlaams vrijzinnig literair tijdschrift, opgericht in 1949 door Jan Walravens en Remy van de Kerckhove. Het verscheen voor de laatste maal in 1955. Het bestond maar vijf jaar, maar had toch veel invloed op de vernieuwing in de naoorlogse Vlaamse literatuur.

Vooral van Hugo Claus verschenen nogal wat gedichten in dit tijdschrift, hij was dan ook nauw betrokken bij ‘Tijd en Mens’, net als onder andere Louis Paul Boon, Tone Brulin, Albert Bontridder, Jef van Tuerenhout, Maurice D’Haese en Ben Cami. Behalve de eerste twee allemaal dichters die ik niet ken of kende.

In de inleiding wordt ook de verbinding gelegd met de Nederlandse moderne of experimentele poëzie, maar ook worden de verschillend benoemd. Zo was de deze beweging boven de Moerdijk volgens de inleider “jeugdiger, onstuimiger maar ook esthetischer, terwijl in Vlaanderen men meer streefde naar “bezinning en ethische bekommernis”.

In deze fijne bundel worden een groot aantal dichters die in de Tijd en Mens periode actief waren opgevoerd maar ook een aantal opvolgers die meer neigde richting de Franse surrealisten. Een groot aantal bekende namen komen voorbij zoals de genoemde Louis Paul Boon en Hugo Claus maar ook dichters die minder bekend zijn als Jaak Brouwers, Claude Korban en Ben Cami.

Ben Cami  (1920 – 2004) was een Vlaams dichter, leerkracht en goede vriend van Louis Paul Boon. Hij gebruikte in het begin van zijn carrière het pseudoniem Johan Benth. Na zijn studie Germaanse talen is Cami tot 1975 leraar aan verschillende rijksscholen. Hij was één van de oprichters van het experimentele Vlaamse tijdschrift Tijd en Mens en zat in de redactie van dit tijdschrift. In 1950 debuteerde Cami met de poëziebundel ‘In de tijd verloren’, waarna hij diverse werken uitbracht met daarin een boodschap van protest. Cami schreef overwegend poëzie, maar ook aforismen en korte verhalen.

Uit de bundel ‘Waar is de eerste morgen?’ het gedicht ‘Thuiskomst’ van Ben Cami.

.

Thuiskomst

.

In puur blauw ijs van winters licht

Vinden wegen rivieren steden

Hun plaats opnieuw in het bekend bestel.

.

Een oud man vraagt:

Wie won de oorlog, vrienden?

Het klinkt misplaatst en wreed.

.

Langs de wegen staren uit magere knapengezichten

Dezelfde ogen ons aan,

Hunkerend.

.

 

Dan neem ik je mee

Jeroen Naaktgeboren

.

De Rotterdamse dichter, presentator en leerkracht Jeroen Naaktgeboren won met zijn poetryrockgroep De WoordDansers in 2004 het NK Poetry Slam en eindige het jaar daarop als tweede op het WK Poetryslam. In 2007 werd Naaktgeboren tot eerste officiële stadsdichter van Rotterdam benoemd en schreef hij samen met ontwerper Saskia Dorsman het boek ‘Poetry Slam, het festival’. Gedichten van Jeroen zijn gepubliceerd in tientallen bloemlezingen en tijdschriften. Er werden filmclips van zijn gedichten gemaakt die o.a. zijn uitgezonden bij de VARA, BNN, The Box, TV Rijnmond en MTV. Hij geeft regelmatig workshops op (hoge)scholen over het schrijven en uitvoeren van poëzie. Hij presenteerde tientallen poppodia, talentenjachten en (pop)festivals en in 2017 was hij één van de Poëziebusdichters. Het gedicht ‘dan neem ik je mee’ verscheen eerder in de bundel ‘Staalkaart van de Nederlandstalige podiumpoëzie’uit 2017.

.

dan neem ik je mee

.

wanneer ik voor mij kijk

dan zie ik meer

dan wat er niet is

.

vergeten wat we kunnen

is veel meer dan wat we doen

.

geklemd om randen, toetsen,

vellen en platen

laten we meer los

dan dat we vast houden

.

dan neem ik je mee

.

de stad uit

.

het veld in

.

Poems from the heart

Een hart met gedichten

.

Kunstenaar Charles Hobson heeft in 2004 voor de openbare bibliotheek van San Francisco een groot hartvormig kunstwerk gemaakt dat achttien gedichten gedichten van kinderen over de liefde en het hart bevat. Op het hart zijn boeken aangebracht waarop de gedichten zijn aangebracht. Elk boek is met de hand genaaid in een geschilderde omslag en gemonteerd in een gevouwen golvende map. Het bevat digitale pigmentafdrukken van een Epson 2200-printer die de gedrukte boeken en gedichten toont die worden gebruikt op de hartsculptuur.

De opbrengsten van de verkoop van het boek, ‘Poems from the heart’, komt ten goede aan het Algemeen Ziekenhuis van San Francisco via het project ‘Harten in San Francisco’. De gedichten zijn gebruikt met de vriendelijke toestemming van de dichters die ze gratis ter beschikking hebben gesteld.

Inmiddels zijn er meer dan 130 van dit soort harten geplaatst in en rond San Francisco. Charles Hobson kwam op het idee van de poëzieharten door een gedichtje van Meaghan Crowley, 13 jaar oud van de Davidson Middle School. Toen hem gevraagd werd iets te doen voor het ziekenhuis herinnerde hij zich het gedicht en kwam hij op het idee van het hart.

.

 

%d bloggers liken dit: