Site-archief

Zoals regen

Cees Nooteboom

.

In 1956 debuteerde Nooteboom als dichter met de bundel ‘De doden zoeken een huis’. In die periode was er in Nederland een dominante stroming experimentele nieuwe dichters (De Vijftigers), maar daar hoorde Nooteboom niet bij, noch bij een andere stroming. Hij was een eenling die zich thuis voelde in vele kamers van ‘het huis van de poëzie’, en werd veelal beïnvloed door buitenlandse dichters.

Daan Cartens schrijft over de poëzie van Nooteboom: “Poëzie is voor Nooteboom een vorm van ascese, van mediteren; een manier van denken. In zijn gedichten stelt hij zich vragen over het wezen van de tijd, de zielsverhuizingen van een mens tijdens zijn leven of de ontvankelijkheid voor poëzie bij hemzelf of (klassieke) collega’s.”.

In ‘Het gezicht van het oog’ de dichtbundel uit 1989 waarin de Latijnse dichter Lucretius een belangrijke rol speelt, schrijft Cees Nooteboom: “De dichter is een gemaal, door hem wordt het landschap van woorden”.

Uit zijn bundel ‘Koude gedichten’ uit 1959, het laatste gedicht van Nooteboom als dichter van de maand November getiteld ‘Zoals regen…’ waarin de dichter met woorden een landschap creëert.

.

Zoals regen…

.

zoals regen zoekt een natuurlijk versmelten
en planten hun aarde ten zeerste bevroeden

.

zo drijvend op een lange zijden zeewind
blies jij in mijn gebied je oevers, mistiger,
heb jij verdriet voortdurend op mij ingesproken
zoals ook regen steeds zoekt een natuurlijk versmelten.

.

en groeit nu dit bitter stromen rustiger, zijns ondanks, en
opgesierd met vreemde dingen van het maanspel –
het blijft mijn grondwater van dagelijks versterven
en jij en ik is dood en verder machteloos.

.

Sneeuwbed

Paul Celan

.

De van Joodse afkomst en Roemeense dichter Paul Celan (1920-1970) wordt algemeen beschouwd als een der grootste dichters van de tweede helft van de twintigste eeuw. Hij schreef, beïnvloed door het symbolisme en het surrealisme, gedichten waarin hij op zijn eigen wijze zijn ervaringen met de Holocaust verwerkte.  Paul Celan was het meest gebruikte pseudoniem van Paul Antschel (een anagram van zijn Roemeense achternaam Ancel). Celan gaat spaarzaam met woorden om en schrijft op de rand van het zwijgen. Hij gebruikt gewaagde metaforen en neologismen, die hij voor een deel haalde uit lectuur van geologische boeken.

Zoals het gedicht ‘Sneeuwbed’ of ‘Schneebett’, dat een voorbeeld is van de anorganische poëzie die Celan schreef.  Organische poëzie is levende, dynamische, telkens veranderende poëzie, waar anorganische (niet-levend) poëzie, een kunstwerk op zichzelf dat niet verandert of evolueert.

In 1959 verscheen van Celan de bundel ‘Sprachgitter’ met daarin het gedicht ‘Schneebett’, hier in het Duits en in een vertaling die ik heb gevonden op de website https://mystiekfilosofie.com/ .

.

Sneeuwbed

.

Ogen, wereldblind, in de sterfkrochten: ik kom,
met verharding in het hart,
ik kom.

.

Steile wand maanspiegel. Afdalen.
(Met adem bevlekte schijnsels. Vegen bloed.
Wolkende ziel, nog eens gestalte haast.
Tienvingerschaduw – vastgeklampt.)

.

Ogen wereldblind,
ogen in de sterfkrochten,
ogen ogen:

.

het sneeuwbed onder ons beiden, het sneeuwbed.
Kristal na kristal,
met een tijddiep rooster, we vallen,
we vallen en liggen en vallen.

.

En vallen:
we waren. We zijn.
We zijn één vlees met de nacht.
In de gangen, de gangen.

.

Schneebett

.

Augen, weltblind, im Sterbegeklüft: Ich komm,
Hartwuchs im Herzen.
Ich komm.

.

Mondspiegel Steilwand. Hinab.
(Atemgeflecktes Geleucht. Strichweise Blut.
Wölkende Seele, noch einmal gestaltnah.
Zehnfingerschatten – verklammert.)

.

Augen weltblind,
Augen im Sterbegklüft,
Augen Augen:

.

Das Schneebett unter uns beiden, das Schneebett.
Kristall um Kristall,
zeittief gegittert, wir fallen,
wir fallen und liegen und fallen.

.

Und fallen:
Wir waren. Wir sind.
Wir sind ein Fleisch mit der Nacht.
In den Gängen, den Gängen.

.

Gek van liefde

Francine Oomen

.

De illustratrice, ontwerpster en schrijfster ( van vooral heel veel succesvolle) jeugdboeken voor pubers ( de ‘Hoe overleef ik..’ reeks) Eclaire Francine Marie Oomen ( 1959) ken ik beroepshalve al heel lang. groot was dan ook mijn verbazing toen ik een dichtbundel tegenkwam van haar hand.

De bundel ‘Gek van liefde’ uit 2008 heeft de liefde als onderwerp. In ‘Gek van liefde’ beschrijft Francine Oomen gevoelens van verlangen, verliefdheid en liefdesverdriet. Haar gedichten bieden troost aan wie afscheid moet nemen van een oude liefde en herkenning voor wie hunkert naar een nieuwe.

Het leuke aan deze bundel vind ik dat er niet slechts liefdesgedichten in staan in de romantische betekenis van het woord maar dat de liefde hier dus veel ruimer geïnterpreteerd moet worden, dus ook de donkere kant van de liefde. Een van die gedichten heb ik uitgekozen omdat iedereen zich hier wel iets bij voor kan stellen.

.

Uitgesteld afscheid

.

ik wil je graag nog een keer zien

op een afschuwelijke plek

op een grauwe dag

op een onmogelijk tijdstip

.

trek je meest onflatteuze kleren aan

zet een ongeïnteresseerde kop op

rook sigaret na sigaret

blaas de rook in mijn gezicht

(een beetje rochelen helpt ook)

.

Maak me niet aan het lachen

en boei me niet, met niks

vertel me hoe gelukkig je bent

opgebloeid, doorgegroeid

tevreden en voldaan

.

als je me nog een keer aan wilt raken

doe dat dan met klamme hand

zodat ik je eindelijk kan schrappen

uit mijn hart, mijn lijf

en mijn verstand

.

De Muze en het heelal

Fruit der firmamenten

.

Ter gelegenheid van de boekenweek in 1959 gaf de vereeniging ter bevordering van de belangen des boekhandels een verzameling gedichten, handelende over licht en duister, over aarde, zon, maan en sterren, over ruimtevaart, een primula en een citroen uit.

Toegegeven, ik werd ook op het verkeerde been gezet door de primula en de citroen maar bedenk dat ook de ruimtevaart in 1959 nog iets magisch en onbekends was, het heelal was nog een groot onbekend zwart gat. De primula en de citroen komen overigens uit een gedicht uit de bundel van Jan van Nijlen:

.

Meer dan sterren, meer dan het heelal

is mij de primula, een geel citroen.

.

Omdat deze bundel uitgegeven is ten behoeve van jonge mensen, stelde de commissie van de vereeniging een prijsvraag in onder pas-afgestudeerden op het gebied van vormgeving. Pas-afgestudeerden Bartha Bik (typografie) en Frédérique Spaanderman (omslag en illustratie) vulden elkaar zo goed aan volgens de commissie dat zij de opdracht kregen.

In de bundel gedichten van alle bekende dichters uit die tijd zoals Campert, Lucebert, Vasalis, Achterberg, van Ostaijen, Marsman, Lodeizen, Vestdijk, Boutens, Roland Holst etc. Maar ook een enkele wat minder bekende dichters als Albert Besnard, Gabriël Smit en Nes Tergast.

Al met al een fijne bundel ( de 11e uit deze Muze-reeks).

Ik koos uit deze bundel het gedicht ‘Fruit der firmamenten’ van Anton van Duinkerken.

.

Fruit der firmamenten

.

Ik vind:

de sterren zijn een witte wervelwind,

een hemelgril,

sneeuw die niet vallen wil,

uren die stil bleven staan,

werelden die de kracht niet vonden te vergaan.

.

En jij, wat denk je van de maan?

een ijspaleis,

een lachend gelaat

of een verzilverd paradijs?

.

Een wandelaar die langs de melkweg gaat

en ziet de zon als een fosforisch lijk

heeft die gelijk of ongelijk?

o kind, wat zou het heerlijk zijn te happen in de sterren!

.

Waarom Amerikanen niet lopen

Mona van Duyn

.

Ik lees het geweldige boek ‘Waarom Amerikanen niet lopen’ van Arjen van Veelen. En met geweldig bedoel ik in dit geval, geweldig interessant en ook wel heel confronterend. Ik was een aantal jaren geleden in de Verenigde Staten en reisde toen met vrienden van Chicago, via Memphis naar New Orleans. We zouden ook naar Saint Louis gaan maar omdat we via een andere staat reisden (waar de de Rock & Roll hall of fame is gevestigd) sloegen we Saint Louis over. Nu ik ‘Waarom Amerikanen niet lopen’ lees spijt me dit maar tegelijkertijd weet ik nu wel veel meer over de stad. En over de VS. Want wat mij toen al opviel, namelijk de enorme armoede, segregatie en het enorme verschil tussen arm en rijk, wordt in dit boek bevestigd en uitgelegd. ik begrijp waarom dit boek, uitgegeven door De Correspondent zo’n enorm succes is. Niet alleen leer je uit dit boek dat de VS nog steeds heel racistisch is maar ook hoe dit komt, waar het vandaan komt maar ook dat er grote armoede heerst onder grote delen van de witte bevolking.

Natuurlijk begin ik niet over dit boek als er niet een verwijzing naar poëzie in zou staan. En die is er inderdaad. In een hoofdstuk waarin de schrijver binnen de straal van ‘1 tank benzine’ zo’n beetje alle hoofdsteden van Europa en daarbuiten afreist (veel Amerikaanse steden hebben de namen van buitenlandse steden als Cairo, Athene, maar ook Berlijn (ben er geweest) en Parijs). De schrijver verwijst in het boek naar een gedicht van de Amerikaanse dichter Mona Van Duyn  die vanaf getiteld ‘A small excursion’ waarin ze veel van deze steden aanhaalt.

Mona Van Duyn (1921 – 2004) werd geboren in Waterloo (!)  was dichter en schrijfster. Ze stamde af van een Nederlandse familie die zich in 1649 vestigde in het Nieuw Nederland van Peter Stuyvesant. In 1971 won ze de National Book Award, in 1991 de Pulitzerprijs voor poëzie en in 1992-1993 was ze de United States Poet Laureate, een soort dichter des vaderlands. In 1959 debuteerde ze met ‘Valentines to the Wide World’.

.

Wij-materie

Sybren Polet

.

Van alle dichters uit de beweging van de Vijftigers ken ik Sybren Polet het minst goed. Sybren Polet (1924 – 2015) was het pseudoniem van schrijver, dichter Sybe Minnema. Polet volgde een opleiding tot leraar in Zwolle. In 1946 debuteerde hij onder zijn eigen naam met de dichtbundel ‘Genesis’. Als Sybren Polet debuteerde hij in 1949 in het literaire tijdschrift Podium, waarvan hij van 1952 tot 1965 redacteur zou zijn. De stad Amsterdam speelt er een centrale rol in zijn werk en de personages, aangeduid als Mr. Iks, Mr. X, en dergelijke, veranderen continu van gedaante. Polet schreef ook toneelstukken en kinderboeken en stelde bloemlezingen samen van poëzie en sciencefiction. Ook vertaalde hij Zweedse poëzie naar het Nederlands  Voor zijn werk ontving Polet verschillende belangrijke literaire prijzen zoals de Jan Campert-prijs voor zijn dichtbundel ‘Geboortestad’ in 1959, de Herman Gorterprijs voor zijn dichtbundel ‘Persoon/onpersoon’ in 1972 en de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre in 2003.

In 1961 verscheen van hem de dichtbundel ‘Konkrete poëzie’ en uit die bundel komt het gedicht ‘Wij-materie’ waarin het experimentele karakter van de Vijftigerspoëzie heel goed tot uitdrukking komt..

.

Wij-materie

.

Ik zeg. Zeg niets. Niets zeg ik dan: Wij. Het splijt
dikwijls maar is, immers heeft een soort. gewicht
van 34.3, atoomnummer 2 : 2 protenen (jij
en ik), 2 neutronen (?) en een heel kleine neutrino.
Onder het uitzenden van een λ-deeltje
ontwikkelen wij een zo sterke erotiese warmte
—gelijk aan zes volledige echtparen in hun eerste graad
van kennismaking—dat wij materiemystici oplossen
in licht. Neutraal is de witheid
die niets omringt, niets is, niets
wil.
Geen astrofysikus zweeft voorbij. Geen supersoniese engel
ruist. –Geen adem, geen adat, geen Adam.

.

 

Martin Bril

Verzameld werk

.

Elke keer als ik een schrijver ontdek die ook gedichten geschreven heeft (waar ik geen weet van heb) ben ik weer verbaasd. Blijkbaar heeft de poëzie een enorme aantrekkingskracht op schrijvers, columnisten en journalisten. Zij die bezig zijn met de taal en met teksten komen blijkbaar altijd wel een keer op het pad der poëzie. Zo ook schrijver en columnist (1959 – 2009) Martin Bril. Bril was een veelschrijver. Tijdens zijn leven verschenen maar liefst 51 titels van zijn hand (waarvan een aantal in het begin van schrijversleven met Dirk van Weelden) en na zijn overlijden nog eens 21 postuum.

In 2002 en 2004 verschenen deel 1 en deel 2 van zijn verzamelde gedichten. In deze twee bundels veel korte puntige gedichten. En omdat in eenvoud vaak het geniale schuil gaat deel ik hier een aantal korte gedichten uit deze twee delen.

.

Credo

.

Je mist meer

Dan je meemaakt

.

Helemaal

Niet erg

.

Gemiddelde

.

Het valt niet mee

Het valt niet tegen

.

Scheepsrecht

.

Hij wou haar

Hij wou haar

Hij wou haar

.

Zij hem

Dus niet

.

Angst

.

Je doet er niets aan

.

Al wordt van hogerhand

Nog wel het

Nodige bedacht

.

Niemand is alleen

.

Gaat de boer dood

Huilen de koeien

.

Ontdekking

.

Bezoek nooit

De plaatsen

Van je jeugd

.

Ze vallen tegen

.

Net als die

Hele jeugd

.

Slagbaai

Alette Beaujon

.

Uit de serie ‘dichters omnibus’. Heb ik nu ook deel 6 bemachtigd. Een klein beetje waterschade maar dat mag de pret niet drukken. In dit deel uit 1959 , een geschenk van Esso Nederland n.v., staan weer een aantal dichters die ik niet ken. Een daarvan is de dichter Alette Beaujon.

Alette Clemence Beaujon, geboren op Curacao (1934 – 2001) studeerde in Chicago en Amsterdam. In de jaren ‘60 werkte Beaujon als klinisch psycholoog. Schreef poëzie in het Engels, Papiamento maar hoofdzakelijk in het Nederlands. Van haar hand verscheen een grote bundel ‘Gedichten aan de baai en elders’ en de dichtbundel ‘De schoonheid van blauw’. Daarnaast publiceerde ze poëzie in het magazine ‘Amigoe’ in de Nederlandse Antillen.

.

Slagbaai

.

Stil te zitten in de schemering

voor een huis te staren

wanneer de hemel plots

heel laag zijn kleuren offert

aan de nacht

.

Snelle Spaanse waaiers in de lucht

een dansend begin

wordt langzaam donker in de verte

en komt vreedzaam naar ons toe

in de omtrek sterft het weg

.

De gladde strekenvan de zee

slepen nog kleine stenen mee

alle beweging is moeizaam

en boeit niet meer

.

Ik kom hier elke dag

de avond zoeken

en de dag want beide

heb ik op dit strand voor het eerst gevonden

heel lang geleden

.

 

Tempels in woestijnen

Boeli van Leeuwen

.

Willem Cornelis Jacobus (Boeli) van Leeuwen (1922 – 2007) was een Nederlands-Antilliaans schrijver en dichter. Van Leeuwen studeerde rechten in Leiden en promoveerde aan de Universiteit van Amsterdam. Op Curaçao vervulde hij verschillende publieke functies waaronder die van bestuurssecretaris van de Antillen. Na zijn pensionering werkte hij als pro-Deoadvocaat in de probleemwijk Scharloo.

Als dichter debuteerde hij in 1947 met de, in eigen beheer uitgegeven, bundel ‘Tempels in woestijnen’ bij Imprenta Bolívar. In 1959 publiceerde hij zijn eerste roman ‘De rots der struikeling’ waarvoor hij in 1961 de Vijverbergprijs (nu Ferdinand Bordewijk Prijs) kreeg. Binnen dit werk speelt het leven op Curaçao een belangrijke rol. Dit wordt veelal gekoppeld aan belangrijke Bijbelse thema’s rondom schuld, seksualiteit en verantwoordelijkheid. De paradoxen tussen individu en sociale omgeving worden hiermee uitgedrukt.

In De Parelduiker, tijdschrift over schrijvers, litaratuur en hun geschiedenis, nummer 5 van 2013  http://docplayer.nl/13575712-De-parelduiker-een-parelduiker-vreest-den-modder-niet-multatuli.html  staat een lang artikel over Boeli van Leeuwen en een paar gedichten uit zijn debuutbundel waaronder het gedicht ‘Nacht’.

.

Nacht
.
Tropennacht, karbonkelsterren aan het firmament,
Het zwoel gewelf waaruit de bleke maan
Schaduwen van weemoed achter lemen hutten zendt
En schimmige geraamten triest vergaan.
De schurftige kokosstammen met verziekte huid
Kreunen in de dorre grond van dorst.
Het landhuis, een verlaten bruid,
Droomt hooghartig boven krullengeborduurde gevelborst.
1947,
Een negerin gaat door de nacht
Gevangen in betovering der dingen;
En de lucht wordt zwaar van angst en macht.
Nu groeit het menselijk verlangen
En de hunkering
Naar beelden die men nooit meer kan vervangen.
.
.

Directory

Conceptuele poëzie

.

Omdat ik een stuk las over conceptuele kunst en poëzie ging ik op zoek naar vormen van conceptuele poëzie. Op de website https://www.poetryfoundation.org kwam ik een bijzondere vorm tegen van de conceptuele dichter Robert Fitterman (1959).  Fitterman schreef vele boeken over conceptuele poëzie waaronder bundels met intrigerende titels als  ‘No. Wait. Yep. Definitely Still Hate Myself’, ‘Holocaust Museum’ en ‘I Love You Forever, No Matter’.

Het gedicht ‘Directory’  is een doorlopend onderdeel van het epische Metropolis-gedicht van Robert Fitterman, dat het consumentistische stedelijke landschap door middel van de gevonden taal onderzoekt.  Een directory van een niet bij naam genoemd winkelcentrum, aan elkaar gelust met poëtische zorg voor vorm, metrum en geluid. Fitterman’s namenlijst van bedrijven in een winkelcentrum lijkt net zo verdovend, dood en saai te zijn als de winkelcentrum-ervaring zelf, waarbij hij de waarheid uitdrukt in de non-expressiviteit van zijn taalkundige onderwerp.

.

Directory
.

Macy’s                               Hickory Farms

Circuit City                         GNC

Payless ShoeSource                   The Body Shop

Sears                                Eddie Bauer

Kay Jewelers                         Payless ShoeSource

GNC                                  Circuit City

LensCrafters                         Kay Jewelers

Coach                                Gymboree

H&M

RadioShack

Gymboree                             The Body Shop

Hickory Farms

Coach

The Body Shop                        Macy’s

Eddie Bauer                          GNC

Crabtree & Evelyn                    Circuit City

Gymboree                             Sears

Foot Locker

Land’s End

GNC                                  H&M

LensCrafters                         Kay Jewelers

Coach                                Land’s End

Famous Footwear                      LensCrafters

H&M                                  Eddie Bauer

Cinnabon

LensCrafters

Foot Locker                          RadioShack

GNC                                  GNC

Macy’s                               Sears

Crabtree & Evelyn                    Crabtree & Evelyn

H&M

Cinnabon

Kay Jewelers

Lands’s End

.

%d bloggers liken dit: