Site-archief

Rotterdam

J.C. Bloem

.

In 1990 publiceerde Dr. J. de Gier bij het Boekencentrum in Den Haag, de bundel ‘Poëzie als wapen’ een overzicht met bloemlezing van gedichten rond oorlog en verzet 1940-1945. In deze bundel dus veel oorlogspoëzie waaronder het gedicht van J.C. Bloem ‘Rotterdam’.

Bloem publiceerde op 4 september 1940 in de Telegraaf dit gedicht dat vervolgens in een aantal verzamelbundels werd opgenomen. In dit gedicht beschrijft hij de stad Rotterdam na het bombardement. Een stad die ‘open ‘ligt. In dit gedicht is eerder sprake van bevreemding en bedeesdheid dan dat de dichter geschokt is door hetgeen is gebeurd. Of, zoals Bloem indirect stelt, de hemel, de zon en de natuur blijven onaangetast en ook op de puinhopen van Babylon en Nineveh is het leven doorgegaan.

De Gier schrijft in de bundel over dit gedicht: “Het lijkt niet erg aannemelijk dat velen in de harde realiteit van toen de hoge vlucht van Bloems verbeelding konden meegaan”. In retrospectief gezien, met de kennis van de stad Rotterdam van nu, is dat al veel beter te doen.

.

Rotterdam

.

Hoe vreemd ligt deze stad nu open,

hoe is zij wonderlijk en licht:

De huizenloze straten lopen

van niets naar niets – toch niet ontwricht.

.

De hemel straalt als nooit tevoren

op waar der eeuwen bouw verdween-

de zomer heeft geen glans verloren,

de zon scheen zoals ze altijd scheen.

.

Men gaat in innerlijke afzondring,

herdenkend hoe het is geweest,

en vindt zichzelf tot zijn verwondring

geschokt veel minder dan bedeesd.

.

Klaag niet. Steeds bloesemen de tuinen

boven vergankelijkheid en wee:

Een herder rust thans op de puinen

van Babylon en Niniveh.

.

paw

Nieuwspoort

Jan H. de Groot

.

Op de gevel van perscentrum Nieuwspoort in Den Haag is een gedenksteen aangebracht met daarop een kunstwerk en een gedicht van Jan H. de Groot.

Jan Hendrik de Groot (1901-1990) gebruikte de pseudoniemen J. ten Mutsaert en Haje Sikkema. Haje zijn zijn eigen voorletters, maar dan omgedraaid en Sikkema komt van de ‘sik’ die De Groot vrijwel altijd als ‘kinnesier’ droeg. Hij gebruikte beide schuilnamen in de Tweede Wereldoorlog en nog een enkele keer daarna.

De Groot was een van de eerste schrijvers die een waarschuwend geluid tegen Hitler-Duitsland lieten horen. Hij deed dat o.a. in het decembernummer 1938 van ‘Opwaartsche Wegen’. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij met zijn vrouw Nel actief in het verzet. Hij werd twee keer door de Duitsers gevangen genomen. Hij ontving in 1945 de Verzetsprijs voor Letterkundigen. Tot op hoge leeftijd bleef Jan H. de Groot poëzie publiceren.

Van zijn hand is het gedicht 1940-1945 dat te lezen is op het kunstwerk in Den haag.

.

Jan H. de Groot

 

nieuwspoort

 

grootdejanh

%d bloggers liken dit: