Site-archief

Stortregen

De muze en de seizoenen

.

Op een dag als vandaag, wanneer de regen zonder pauze uit de hemel blijft vallen, zijn er altijd gedichten om de ‘pijn’ te verzachten. Ik ben een mens van de zomer en het voorjaar, het licht en de warmte en ik kan me heel moeilijk voorstellen dat er mensen zijn die de herfst en de winter als favoriet seizoen verkiezen. Het grijsgrauwe nat en de bijbehorende kilte en kou van deze seizoenen bevalt me maar niks.

In 1953, een gedenkwaardig jaar, gaf de Vereeniging ter bevordering van de belangen des boekhandels, ter gelegenheid van de Boekenweek, nog geen maand na de Watersnoodramp, de bundel ´De muze en de seizoenen´ een bloemlezing van verzen uit, waarin dichters de vier seizoenen bezingen verdeeld in vier afdelingen en bevattende twee en vijftig verzen, voor iedere week van het jaar één.

Het gedicht uit deze bundel dat nog het best bij de dag van vandaag past is het gedicht ´Herfstmiddag´, want zo voelt het vandaag, van Guillaume van der Graft (1920 – 2010) . Het gedicht verscheen in 1950 in de bundel ´Mythologisch´ bij uitgeverij Holland.

.

Herfstmiddag

.

Nu het stortregent

en ieder ding verdwijnt

in ’t overwegend

en onbelijnd

geweld van overvloed,

wordt mij bewuster

wat ik geloven moet:

men kan geruster

zijn als de ramp losbreekt

over het leven,

dan waar de lamp verbleekt

in angst en beven,

want in de overmacht

van ’t reppend oerbegin

zet God onverwacht

herscheppend in.

.

 

Bukowski

Mongoolse kusten schijnen in het licht

.

Omdat ik vandaag gewoon zin heb in een gedicht van Charles Bukowski (1920 – 1994) het gedicht ‘Mongolian coasts shining’ in light in het Engels en in een vertaling van Manu Bruynseraede.

..

Mongolian coasts shining in light

Mongolian coasts shining in light,

I listen to the pulse of the sun,

the tiger is the same to all of us

and high    oh

so high on the branch

our oriole

sings.

.

Mongoolse kusten schijnen in licht

Mongoolse kusten schijnen in licht,

ik luister naar het kloppen van de zon,

de tijger is dezelfde voor ons allemaal

en hoog oh

zo hoog op de tak

zingt onze

wielewaal.

.

Kringloopvers

Bas Boekelo

.

Zoals dat met bijzondere dingen gaat, zeker als ze aanslaan bij een groter publiek, komen er afgeleiden of variaties op het thema. Zo ook bij de Takhmis. Hierover schreef ik een paar dagen geleden al en op Het Vrije Vers zijn ook van deze variant al een aantal voorbeelden te vinden. Bas Boekelo verzon de variant en op voorspraak van Jaap van den Born werd de variant het Kringloopvers genoemd, wat volgens mij een heel adequate benaming is. Er zijn heel weinig regels voor deze variant maar een belangrijke is wel dat regel 1 en de laatste regel citaten zijn uit een bestaand gedicht moeten zijn.

Light verse dichter Remko Koplamp (1953) kwam met een variant, waarin uit twee heel verschillende gedichten geciteerd wordt: de eerste regel komt uit het gedicht ‘Februarizon’ van Paul Rodenko (1920 – 1976) en de laatste regel komt uit het gedicht ‘de ballade van de Katholiek’ van Anton van Duinkerken (1903 – 1968).

.

Weer gaat de wereld als een meisjeskamer open

Naar binnen toe was slechts een kwestie van techniek

Ik fluister zacht of zij haar blousje los wil knopen

Terwijl ik bezig ben mijn broek reeds af te stropen

Daarom, mijnheer, noem ik mij katholiek!

.

Voornemens

Guillaume van der Graft

.

In de jaren ’40 werden tijdschriften heel anders uitgegeven dan nu. Waar een tijdschrift tegenwoordig niet meer iets is wat bewaard wordt (behalve dan door sommige echte verzamelaars) daar werd in de jaren ’40 anders over gedacht. In de Helikon reeks, tijdschrift voor poëzie, werden kleine boekjes uitgegeven met een harde kaft, zorgvuldig vorm gegeven, met aandacht voor vorm en inhoud.

De Helikonreeks was een reeks dichtbundels die tussen 1941 en 1947 en in 1955 verscheen en uitgegeven werd door A.A.M. Stols (1900-1973). Stols was een Nederlandse uitgever en typograaf. Hij wordt gezien als een van de belangrijkste Nederlandse boekverzorgers uit het interbellum en gaf vooral dichtkunst uit in het Nederlands en Frans

In mijn boekenkast staat bijvoorbeeld No. 22 uit deze reeks uit 1946 getiteld ‘In Exilio’ van dichter Guillaume van der Graft. De dichter die achter dit pseudoniem schuilgaat is Willem Barnard (1920 – 2010) theoloog, schrijver en (vooral) dichter.

.

Voornemens

.

Het park met potlood en penseel beschrijven,

levensgroot naast een rijpe avond staan,

de beuken bij de boekerij inlijven,

munt uit de laagste zonnestralen slaan,

.

de meisjes die een vraag van mij bemant’len

verdiept het hof maken met pen en inkt

tot in de vijver waarvoor ze wand’len

de lichte aandacht van haar oogen zinkt,

.

haar hunkeringen languit laten drijven,

op de piano vlagvertoon aanslaan,

het witte tuinhuis in zijn onschuld stijven,

in het journaal dagteekenen: Voldaan.

.

Kat in het bakkie

Charles Bukowski

.

Op internet las ik het gedicht ‘the mockingbird’ van één van mijn favoriete dichters Charles Bukowski (1920 – 1994). Een van de reacties onder het gedicht was: A morbidly beautiful poem. En dat is het, een prachtig maar morbide gedicht. Toen ik het las moest ik denken aan een bericht van eerder dit jaar. De Vogelbescherming bracht toen een bericht naar buiten dat per jaar maar liefst 18 miljoen vogels door katten worden vermoord. Nu ben ik zelf een kattenmens en weet uit de eerste hand hoe het is om een poes of kat met een vogeltje rond te zien sjouwen. Volgens de woordvoerder van de Vogelbescherming loopt de populaties van huis-, tuin- en keukenmusjes, koolmeesjes en weidevogels  namelijk snel terug. Allemaal zijn ze niet veilig voor de kattenklauwen. “Mensen met een kat moeten hun verantwoordelijkheid nemen, een kat kan in het broedseizoen beter binnen blijven.”

Aangezien ik zeer binnenkort weer twee jonge poezen krijg zal ik deze aanbeveling ter harte nemen. Een belletje om hun halsband helpt al (dan horen vogels ze aankomen). Overigens loopt het broedseizoen van huis- tuin- en keuken en weidevogels van ca. begin maart tot ca. begin juli.

Om terug te komen op de poëzie rond dit onderwerp, het gedicht ‘the mockingbird’ verscheen voor het eerst in 1972 in de bundel ‘Mockingbird Wish Me Luck’.

.

the  mockingbird

.

the mockingbird had been following the cat
all summer
mocking mocking mocking
teasing and cocksure;
the cat crawled under rockers on porches
tail flashing
and said something angry to the mockingbird
which I didn’t understand.
.
yesterday the cat walked calmly up the driveway
with the mockingbird alive in its mouth,
wings fanned, beautiful wings fanned and flopping,
feathers parted like a woman’s legs,
and the bird was no longer mocking,
it was asking, it was praying
but the cat
striding down through centuries
would not listen.
.
I saw it crawl under a yellow car
with the bird
to bargain it to another place.
.
summer was over.
.
.

Wiegelend hoofd

De liefde zingt in verzen

.

De Uilenreeks, een literaire boekenreeks uitgegeven tussen 1934 en 1947 door uitgeverij Bigot & Van Rossum bestaat uit 52 delen. Allemaal prachtig uitgegeven boekjes met de grafisch heel mooie omslagen (met in elkaar passende uiltjes zoals je ze van Escher zou verwachten). Veel van de deeltjes zijn samengesteld door C.J. Kelk en Halbo C. Kool.

Ik heb inmiddels verschillende delen in mijn bezit en daar zijn er pas weer een aantal aan toegevoegd. Bijvoorbeeld deel 43 met als titel ‘De liefde zingt in verzen’ uit 1941.

Uit deze bundel met liefdespoëzie voor ‘minnende harten’ koos ik voor een gedicht van de symbolistische dichter J. H. Leopold (1865 – 1925) getiteld ‘Wiegelend hoofd….’. Het gedicht verscheen oorspronkelijk in de bundel ‘Verzen’ uit 1920.

.

Wiegelend hoofd ….

.

Wiegelend Hoofd, zoet vrouwenhoofd,

een zuivere vrucht, een reinblank ooft,

.

zoo zal het liggen in de schalen

van mijne handen, de goudovalen,

.

dat mijne mond het proeve moge

het rustgezicht, rijp overtogen,

.

met de lippen, die zwellend openbreken,

de volzoete en met de neergestreken

.

koele oogleden en de teere âren

in de slapen, de holle als rozenblaren.

.

Een boek van wondere dingen

Andrée Chédid

.

In 2018 verscheen bij uitgeverij De Geus in samenwerking met Amnesty International de verzamelbundel ‘Een boek van wondere dingen’. Een beetje wonderlijke titel bij een bundel met gedichten die inspireren, troosten en ontroeren. Op de achterkant van de bundel wordt ineens gerept van ‘Het mooiste uit de wereldpoëzie, alsof er niet echt een keuze is gemaakt over onderwerp en thema.

Toch is deze verzamelbundel vind ik zeer de moeite waard. Omdat, wanneer Amnesty zich verbindt aan een poëziebundel, je zeker weet dat er een breed scala aan dichters uit alle hoeken van deze wereld wordt voorgeschoteld. En het zijn vaak dichters in verzet, of zoals op de achterkant te lezen is: Poëzie is een vrijplaats. In gedichten is altijd ruimte voor hoop, mededogen, en vrijheid, zelfs wanneer ze geschreven worden onder regimes of in omstandigheden die hun die hoop en vrijheid willen ontnemen.

Daan Bronkhorst stelde de bundel samen en nam dichters op die vaak voor het eerst in Nederlandse vertaling verschenen. Zo’n voorbeeld is de dichter Andrée Chédid (1920 – 2011). Zij werd in 1920 geboren in Caïro, uit Syrisch-Libanese ouders. Ze ging naar Franse scholen en verhuisde in 1946 naar Parijs. Haar werk werd veelvuldig vertaald en werd onder meer bekroond met de Prix Goncourt. Als dichter verzette ze zich tegen oorlogen en het leed dat de door oorlog in de Arabische wereld werd aangericht.

In de bundel is het gedicht ‘Een venster om uit te leunen’ opgenomen dat verscheen in ‘Textes pour un poème’ uit 2014 in een vertaling van Annemarie de Wildt.

.

Een venster om uit te leunen

.

Ik geloof niet meer in scheepswrakken.

Er ligt een blauw masker op de bodem van de put;

de ene na de andere broodbezorgster komt voorbij

levens herinneren zich andere levens.

.

Altijd blijft er een venster om uit te leunen,

beloftes om te houden,

een boom die steun geeft.

.

Het gezicht van onze aarde moet ergens zijn.

Wie vertelt ons zijn naam?

.

Dagen van de week

Dubbel-gedicht

.

Vandaag in het Dubbel-gedicht twee gedichten over een specifieke dag van de week. In dit geval de Zondag (en de Zondagmorgen). Een paar jaar geleden ben ik begonnen met de dichter van de maand, elke zondag van een maand een gedicht van een en dezelfde dichter. Ooit begonnen met de dichter Herman de Coninck. En vandaag dus een dubbel-gedicht over deze bijzondere dag.

Het eerste gedicht is getiteld ‘Zondagmorgen’ en is van Guillaume van der Graft (pseudoniem van Willem Barnard 1920 – 2010). Het gedicht heb ik genomen uit de bloemlezing ‘Er loopt een gedicht voor mij uit’ samengesteld door Ingmar Heytze, dat verscheen in 2015.

Het tweede gedicht getiteld ‘Zondag’ van Anneke Brassinga (1948) komt uit de Verzamelde gedichten ‘Wachtwoorden’ ook uit 2015. Het gedicht verscheen oorspronkelijk in de bundel ‘Landgoed’ uit 1989.

.

Zondagmorgen

.

Een man ademt woorden

te groot voor zijn stem,

.

zegent vrede

te wijd voor zijn armen.

.

Het heet kerk, het is

duiventil, klokhuis, een nis

.

in de muur van de duisternis,

gemis dat wordt goedgemaakt, wit

.

om een gedicht heen dat is zoekgeraakt

.

Zondag

.

Zondag schrijdt door weiden
onzichtbaar maar toch schrijdt –
laat dauw aan halm, geen licht
overschaduwd zijn. Reigers
breken water niet, roeien
spoorloos weg; de wereld
onverbeterlijk gelaten.
.
.

De dictators

Pablo Neruda

.

In 1948 werd Chileense dichter en latere winnaar van de Nobelprijs voor de Literatuur Pablo Neruda (echte naam Ricardo Eliécer Neftalí Reyes Basoalto, hij vernoemde zichzelf naar de Tsjechische dichter Jan Neruda) door de Chileens president Gonzales Videla buiten de wet gezet. Neruda was op dat moment senator voor de communistische partij en die werd door Videla verboden. Diezelfde Videla zou later in 1973 de staatsgreep van generaal Augusto Pinochet steunen.

Neruda (1904-1973) voltooide tijdens zijn vlucht in 1948 over het Andesgebergte zijn bekendste werk ‘Canto General’. In dit werk van meer dan 670 pagina’s geeft Neruda het hele continent van Latijns Amerika een poëtische stem. Niet alleen de mooie dingen als de natuur, de flora en fauna, de landschappen maar ook de geschiedenis, geologie, de politiek en de sociale strijd van het volk.

De uiteindelijke versie van Çanto General’ zou in 1950 voor het eerst verschijnen in Mexico maar werd al snel over de hele wereld vertaald. In het Nederlands werd dit gedaan door Mark Braet, Willy Spillebeen en Bart Vonck.

Pablo Neruda schreef al poëzie op jonge leeftijd. Op zijn 13e stuurde hij al gedichten naar de lokale krant en op zijn 20ste bediende hij zich van zijn pseudoniem. Hij debuteerde in 1920 met ‘Het lied van het feest’ en vanaf dat moment verschenen om de paar jaar bundels van hem. In 1973 overleed Neruda onder dubieuze omstandigheden.

Omdat Neruda zich altijd heeft afgezet tegen de onderdrukkers van het volk wil ik hier het gedicht ‘De dictators’ uit de ‘Canto General’ plaatsen uit het hoofdstuk ‘Amerika, ik roep je naam niet tevergeefs aan’ in een vertaling van Willy Spillebeen.

.

De dictators

.

Een geur bleef hangen in de suikerrietplantages:

een mengsel van bloed en lijken, een doordringende

walgelijke bloesemgeur.

Onder de kokospalmen liggen de kuilen

vol kapotte skeletten, doodsreutels.

De verfijnde satraap converseert

met bekers, gouden kragen en linten.

Het kleine paleis blinkt als een klok

en de vlugge gehandschoende lachjes

doorlopen soms de smalle gangen

en voegen zich bij de dode stemmen

en de blauwe pas begraven monden.

Het schreien verschuilt zich als een plant

die onvermoeibaar haar zaad op de grond stort

en zonder licht haar grote blinde bladeren laat groeien.

De haat heeft zich schub na schub gevormd,

slag na slag, in het gruwelijke water van het moeras,

met een muil van slijk en stilte.

.

%d bloggers liken dit: