Site-archief

Niet in goede doen

Charles Bukowski

.

Ik lees vrijwel dagelijks poëzie, in allerlei stijlen en vormen, vrij en vast. En soms heb ik dan ineens de behoefte aan een vaste waarde in mijn poëtische leven, een dichter waar ik altijd van geniet, die zegt waar het op staat, die geen blad voor de mond neemt, niet met meel in de mond spreekt, die geen meer gelaagde gedichten schrijft (hoe prachtig die ook zijn) en die me altijd weer weet te verassen met zijn keuze in onderwerpen. Ik heb het hier over de dichter en schrijver Charles Bukowski (1920-1994) die in een interview op de vraag hoe hij dacht over het beeld dat mensen in Amerika van hem hebben antwoordde:  “O, dat, wel, het is nogal overdreven – dat ik een harde ben, dat ik met alle vrouwen in en uit bed spring, dat soort dingen. Ze zijn een beetje achter op de tijd met mij. Ik deed zoiets wel eens, tot op zekere hoogte, maar in het algemeen is dat zwaar overdreven. Ze vergroten uit wat ik ben, wat ik deed, wat ik doe.”

Wat zeker niet overdreven is, is het dichter- en schrijverschap van Bukowski, los van de periode waarin je (ik) hem lees, ik word altijd vrolijk van zijn gedichten. Dit gedicht ‘Bad form’ of ‘niet in goede doen’ komt uit de bundel ‘Betting on the Muse’ uit 1996. De vertaling is van Manu Bruynseraede

bad form

.

the famous actor sat at the table with

his friends and the friends of the owner

of the horse

who was to run in the big race.

everybody had purchased tickets on the

owner’s horse.

they sat together and watched the

race.

the owner’s horse ran

badly, he ran

last.

some moments passed,

then the famous actor took his

stack of tickets

and tossed them down in front of the

owner.

they were spread there upon the white

tablecloth.

I no longer liked any of the movies

I had seen the famous actor

in.

I no longer liked the famous

actor.

I left the table.

I left the Director’s Room.

I took the elevator down and out of

there.

I walked across to the

grandstand area

to where the non-famous

poor people were

and they were beautiful,

they had faces like

flowers

and I stared at them,

drinking in their

voluptuous

normalness.

niet in goede doen

.

De beroemde acteur zat aan tafel met zijn vrienden

en de vrienden van de eigenaar van het paard

dat zou gaan rennen in de grote wedstrijd.

Iedereen had kaartjes gekocht

voor het paard van de eigenaar.

Ze zaten bij elkaar en volgden

de wedstrijd.

Het paard van de eigenaar rende

niet goed, het

kwam als laatste.

Enkele ogenblikken gingen voorbij,

toen haalde de beroemde acteur

de stapel kaartjes boven

en gooide ze neer voor de eigenaar.

Daar lagen ze uitgespreid op het

witte tafellaken.

Ik hield niet meer van alle films

waarin ik de beroemde acteur

had zien spelen.

Ik hield niet meer

van de beroemde acteur.

Ik verliet de tafel.

Ik verliet de Directeurskamer.

Ik nam de lift naar beneden

weg van daar.

Ik stak over naar de plaats van de tribunes

waar de niet-beroemde arme mensen zaten

en ze waren mooi,

ze hadden gezichten als bloemen

en ik keek naar hen

en dronk

in hun wellustige

normaalheid.

.

Vacantie

Willem Barnard

.

In zijn bundel ‘na veertig’ uit 1973 (vandaar de c in vacantie) schrijft dichter Willem Barnard (1920-2010) een vakantiegedicht met de bijpassende titel.

.

Vacantie

.

Met de grote schuldgevoelens

op de hielen van mijn geest

en een bril van sleutelbloemen

wiebelende op mijn neus

.

loop ik in het bos te zoeken

berg op en berg af

naar de ogen van de onschuld,

vogels uit een open graf;

.

met de woorden in de longen

achter adem om

loop ik in de zomergangen

denkend boom na boom,

.

denkend met een kier van blijdschap

tussen schors en stam

waar genadesap door sijpelt

wat mij overkwam.

.

Vervulling

Guillaume van der Graft

.

Dichter, schrijver en theoloog Willem Barnard (1920-2010) was als dichter vooral bekend onder het pseudoniem Guillaume van der Graft. Deze Rotterdammer debuteerde in 1946 met de bundel ‘In Exilio’ waarna nog verschillende bundels volgden. Na ‘Gedichten’ (1961) publiceerde hij voornamelijk essays, preken, liederen en studies. De bundel die ik in bezit heb is een mysterie, nergens kan ik vinden uit welk jaar deze bundel is. De bundel is getiteld ‘Gedichten’ en is uitgegeven door Uitgeversmaatschappij Holland – Haarlem en zelfs op ISBN nummer kan ik geen duidelijkheid krijgen over het jaar van uitgave.

Waarschijnlijk is de bundel uit begin jaren ’80 (gezien de uitvoering en grafische vormgeving). De eerste druk is van 1961 (ik heb een tweede druk) en daar wordt naar bundels en boeken verwezen uit 1969, mijn exemplaar moet dus van daarna zijn. Opvallend in het werk van Guillaume van der Graft is dat er in verschillende jaren ‘Verzamelde gedichten’ zijn uitgegeven.

In de bundel ‘Gedichten’ staan zo’n 150 gedichten, een keuze (volgens de tekst op de achterflap) uit zijn ‘vrije’ poëzie. Hiermee wordt denk ik bedoeld dat de gedichten niet vanuit een religieus oogpunt of thematiek zijn geschreven. Het liefdesgedicht dat ik uit deze bundel wil delen is dat in ieder geval niet.

.

Vervulling

.

Zij is vervuld van mij;

haar lichaam is gelukkig

en haar geluk belichaamd.

.

Ik leger mij opzij.

Het mijne is te nukkig.

Een geluk dat zich schaamt

.

om bloed en vlees te worden

verdicht zich wel in woorden

en die houden mij vrij:

.

wanneer ik niet genoeg van

haar houden kan, zij houdt

alles van mij geborgen.

.

Morgen is het weer vroeg, dan

ontbijten wij getrouwd.

Ontoegankelijk morgen.

.

 

Paul Celan

Welige melding

.

Paul Celan (1920-1970) werd geboren in Cernauti, nu Tsjernivtsi in Oekraïne. Hij was een Duitstalige dichter. Paul Celan was het meest gebruikte pseudoniem van Paul Antschel (De Duitse schrijfwijze van zijn Roemeense achternaam Ancel). Celan stond op de Duitse uitspraak van zijn naam.  Hij is de belangrijkste dichter van de tweede helft van de vorige eeuw. In 2020 is hij honderd jaar geleden geboren en vijftig jaar geleden gestorven.

Hij stierf door in de Seine te springen, na een leven getekend door de Holocaust. Zijn belangrijkste en waarschijnlijk bekendste gedicht is ‘Todesfuge’. Zijn werk is een indringende uitdrukking van verwantschap, betrokkenheid en liefde. Zijn verzameld werk is in 2022 opnieuw uitgegeven, in een door de vertaler geheel herziene uitgave. De vertaler van zijn werk is Ton Naaijkens, hij schreef ook de toelichting op zijn werk. Ruim 800 pagina’s dik is dit werk met naast alle gedichten, proza, brieven en nagelaten gedichten in het Duits dus ook in de vertaling.

Ik heb na lezing van een groot deel van zijn gedichten gekozen voor het gedicht ‘Üppige Durchsage’ of ‘Welige melding’ gekozen.

.

Üppige Durchsage

.

in einer Gruft, wo

wir mit unsern

Gasfahnen flattern,

.

wir stehn hier

im Geruch

der Heiligkeit, ja.

.

Brenzlige

Jenseitsschwaden

treten uns dick aus den Poren,

.

in jeder zweiten

Zahnkaries

erwacht

eine unverwüstliche Hymne.

.

Den Batzen Zwielicht, den du uns reinwarfst,

komm, schluck ihn mit runter.

.

Welige melding

.

in een crypte, waar

we met onze

gasvlaggen wapperen,

.

we staan hier

in de reuk

van heiligheid, ja.

.

Hachelijke

hiernamaalsflarden

breken vet uit onze poriën,

.

in elke tweede

tand-

cariës ontwaakt

een onverslijtbare hymne.

.

Die homp halfdonker die je bij ons binnensmeet,

kom, slik ‘m ook maar door.

.

Stortregen

De muze en de seizoenen

.

Op een dag als vandaag, wanneer de regen zonder pauze uit de hemel blijft vallen, zijn er altijd gedichten om de ‘pijn’ te verzachten. Ik ben een mens van de zomer en het voorjaar, het licht en de warmte en ik kan me heel moeilijk voorstellen dat er mensen zijn die de herfst en de winter als favoriet seizoen verkiezen. Het grijsgrauwe nat en de bijbehorende kilte en kou van deze seizoenen bevalt me maar niks.

In 1953, een gedenkwaardig jaar, gaf de Vereeniging ter bevordering van de belangen des boekhandels, ter gelegenheid van de Boekenweek, nog geen maand na de Watersnoodramp, de bundel ´De muze en de seizoenen´ een bloemlezing van verzen uit, waarin dichters de vier seizoenen bezingen verdeeld in vier afdelingen en bevattende twee en vijftig verzen, voor iedere week van het jaar één.

Het gedicht uit deze bundel dat nog het best bij de dag van vandaag past is het gedicht ´Herfstmiddag´, want zo voelt het vandaag, van Guillaume van der Graft (1920 – 2010) . Het gedicht verscheen in 1950 in de bundel ´Mythologisch´ bij uitgeverij Holland.

.

Herfstmiddag

.

Nu het stortregent

en ieder ding verdwijnt

in ’t overwegend

en onbelijnd

geweld van overvloed,

wordt mij bewuster

wat ik geloven moet:

men kan geruster

zijn als de ramp losbreekt

over het leven,

dan waar de lamp verbleekt

in angst en beven,

want in de overmacht

van ’t reppend oerbegin

zet God onverwacht

herscheppend in.

.

 

Bukowski

Mongoolse kusten schijnen in het licht

.

Omdat ik vandaag gewoon zin heb in een gedicht van Charles Bukowski (1920 – 1994) het gedicht ‘Mongolian coasts shining’ in light in het Engels en in een vertaling van Manu Bruynseraede.

..

Mongolian coasts shining in light

Mongolian coasts shining in light,

I listen to the pulse of the sun,

the tiger is the same to all of us

and high    oh

so high on the branch

our oriole

sings.

.

Mongoolse kusten schijnen in licht

Mongoolse kusten schijnen in licht,

ik luister naar het kloppen van de zon,

de tijger is dezelfde voor ons allemaal

en hoog oh

zo hoog op de tak

zingt onze

wielewaal.

.

Kringloopvers

Bas Boekelo

.

Zoals dat met bijzondere dingen gaat, zeker als ze aanslaan bij een groter publiek, komen er afgeleiden of variaties op het thema. Zo ook bij de Takhmis. Hierover schreef ik een paar dagen geleden al en op Het Vrije Vers zijn ook van deze variant al een aantal voorbeelden te vinden. Bas Boekelo verzon de variant en op voorspraak van Jaap van den Born werd de variant het Kringloopvers genoemd, wat volgens mij een heel adequate benaming is. Er zijn heel weinig regels voor deze variant maar een belangrijke is wel dat regel 1 en de laatste regel citaten zijn uit een bestaand gedicht moeten zijn.

Light verse dichter Remko Koplamp (1953) kwam met een variant, waarin uit twee heel verschillende gedichten geciteerd wordt: de eerste regel komt uit het gedicht ‘Februarizon’ van Paul Rodenko (1920 – 1976) en de laatste regel komt uit het gedicht ‘de ballade van de Katholiek’ van Anton van Duinkerken (1903 – 1968).

.

Weer gaat de wereld als een meisjeskamer open

Naar binnen toe was slechts een kwestie van techniek

Ik fluister zacht of zij haar blousje los wil knopen

Terwijl ik bezig ben mijn broek reeds af te stropen

Daarom, mijnheer, noem ik mij katholiek!

.

Voornemens

Guillaume van der Graft

.

In de jaren ’40 werden tijdschriften heel anders uitgegeven dan nu. Waar een tijdschrift tegenwoordig niet meer iets is wat bewaard wordt (behalve dan door sommige echte verzamelaars) daar werd in de jaren ’40 anders over gedacht. In de Helikon reeks, tijdschrift voor poëzie, werden kleine boekjes uitgegeven met een harde kaft, zorgvuldig vorm gegeven, met aandacht voor vorm en inhoud.

De Helikonreeks was een reeks dichtbundels die tussen 1941 en 1947 en in 1955 verscheen en uitgegeven werd door A.A.M. Stols (1900-1973). Stols was een Nederlandse uitgever en typograaf. Hij wordt gezien als een van de belangrijkste Nederlandse boekverzorgers uit het interbellum en gaf vooral dichtkunst uit in het Nederlands en Frans

In mijn boekenkast staat bijvoorbeeld No. 22 uit deze reeks uit 1946 getiteld ‘In Exilio’ van dichter Guillaume van der Graft. De dichter die achter dit pseudoniem schuilgaat is Willem Barnard (1920 – 2010) theoloog, schrijver en (vooral) dichter.

.

Voornemens

.

Het park met potlood en penseel beschrijven,

levensgroot naast een rijpe avond staan,

de beuken bij de boekerij inlijven,

munt uit de laagste zonnestralen slaan,

.

de meisjes die een vraag van mij bemant’len

verdiept het hof maken met pen en inkt

tot in de vijver waarvoor ze wand’len

de lichte aandacht van haar oogen zinkt,

.

haar hunkeringen languit laten drijven,

op de piano vlagvertoon aanslaan,

het witte tuinhuis in zijn onschuld stijven,

in het journaal dagteekenen: Voldaan.

.

Kat in het bakkie

Charles Bukowski

.

Op internet las ik het gedicht ‘the mockingbird’ van één van mijn favoriete dichters Charles Bukowski (1920 – 1994). Een van de reacties onder het gedicht was: A morbidly beautiful poem. En dat is het, een prachtig maar morbide gedicht. Toen ik het las moest ik denken aan een bericht van eerder dit jaar. De Vogelbescherming bracht toen een bericht naar buiten dat per jaar maar liefst 18 miljoen vogels door katten worden vermoord. Nu ben ik zelf een kattenmens en weet uit de eerste hand hoe het is om een poes of kat met een vogeltje rond te zien sjouwen. Volgens de woordvoerder van de Vogelbescherming loopt de populaties van huis-, tuin- en keukenmusjes, koolmeesjes en weidevogels  namelijk snel terug. Allemaal zijn ze niet veilig voor de kattenklauwen. “Mensen met een kat moeten hun verantwoordelijkheid nemen, een kat kan in het broedseizoen beter binnen blijven.”

Aangezien ik zeer binnenkort weer twee jonge poezen krijg zal ik deze aanbeveling ter harte nemen. Een belletje om hun halsband helpt al (dan horen vogels ze aankomen). Overigens loopt het broedseizoen van huis- tuin- en keuken en weidevogels van ca. begin maart tot ca. begin juli.

Om terug te komen op de poëzie rond dit onderwerp, het gedicht ‘the mockingbird’ verscheen voor het eerst in 1972 in de bundel ‘Mockingbird Wish Me Luck’.

.

the  mockingbird

.

the mockingbird had been following the cat
all summer
mocking mocking mocking
teasing and cocksure;
the cat crawled under rockers on porches
tail flashing
and said something angry to the mockingbird
which I didn’t understand.
.
yesterday the cat walked calmly up the driveway
with the mockingbird alive in its mouth,
wings fanned, beautiful wings fanned and flopping,
feathers parted like a woman’s legs,
and the bird was no longer mocking,
it was asking, it was praying
but the cat
striding down through centuries
would not listen.
.
I saw it crawl under a yellow car
with the bird
to bargain it to another place.
.
summer was over.
.
.
%d bloggers liken dit: