Site-archief

De slaper in het dal

Arthur Rimbaud

.

Ik lees de verzamelbundel ‘Van Dante tot Neruda, 123 wereldgedichten om uit het hoofd te kennen’, uitgegeven door uitgeverij Lannoo in 2009. De bundel is samengesteld door Koen Stassijns en Ivo van Strijtem en bevat een doorsnee van de bekendste en beroemdste dichters uit Europa en het Amerikaanse continent. Opvallend genoeg geen Aziatische dichters (Perzië, Japan, China), Afrikaanse dichters (Zuid Afrika, Noord Afrika) of dichters uit Australië. Als verklaring geven de samenstellers dat deze gedichten niet tot ons collectieve geheugen behoren en daar is iets voor te zeggen, zeker wanneer je je beperkt tot 123 gedichten uit alle eeuwen poëzie.

Veel bekende gedichten, ook (voor mij) wat minder bekende gedichten. Ik heb uit deze fijne bundel gekozen voor het gedicht ‘De slaper in het dal’ van de Franse dichter Arthur Rimbaud (1854 – 1891). Rimbaud was een vertegenwoordiger van het Symbolisme en het Decadentisme en in zijn korte leven één van de grote vernieuwers van de dichtkunst. Rimbaud schreef dit anti-oorlogsgedicht op zijn zestiende jaar. De vertaling is van Paul Claes.

.

De slaper in het dal

.

Een kuil vol groen waar een rivier door zingt
Die kruid met flarden zilver onbesuisd
Bespat; vanaf de fiere bergkam blinkt
De zon: een klein dal dat van stralen bruist.
.
Een jong soldaat, blootshoofds, met open mond,
De nek in blauwe kers gedompeld, ligt
In open lucht te slapen op de grond,
Bleek in zijn groene bed vol plenzend licht.
.
Zijn voeten in het lis, zo slaapt hij. Zwakjes
Lachend zoals een ziek kind, soest hij zachtjes:
Natuur, wieg hem vol warmte: kou lijdt hij.
.
De geuren doen zijn neusvleugels niet trillen;
Hij slaapt in de zon, één hand op zijn stille
Borst, rechts twee rode gaten in de zij.

.

Hun billen

Arthur Rimbaud

.

Arthur Rimbaud (1854 – 1891) was een vertegenwoordiger van het Symbolisme en het Decadentisme en in zijn korte leven één van de grote vernieuwers van de dichtkunst. Dat Rimbaud ook een lichte, speelse kant had blijkt mooi uit het gedicht ‘Hun billen’ of ‘Nos fesses’ (uit zijn vroege verzen).

.

Hun billen

.

Hun billen zijn de onze niet. Dat ondervond

ik als ik heren hurken zag achter de hagen

en bij de plonspartijen die de jeugd behagen

ontdekte ik model en vorm van onze kont.

.

In veel gevallen vaster, bleker, minder rond,

zo ziet ons achterwerk eruit, met ruige lagen

beharing; vrouwenbillen daarentegen dragen

slechts in de fraaie gleuf een bloei van welig bont.

.

Een blootheid die aandoenlijk is en wondermooi

als slechts bij engelen op vrome taferelen

tovert een glimlachende wang rond deze plooi.

.

Zó naakt te zijn om ’t spel van lust en rust te spelen,

het hoofd wenden naar de uitverkoren prooi

en in gefluister snikken met elkaar te delen.

.

Nos fesses

.

Nos fesses ne sont pas les leurs. Souvent jái vu

des gens déboutonnés derrière quelque haie,

et, dans ces bains sans gêne ou lénfance s’égaie,

jóbservais le plan et léffet de notre cul.

.

Plus ferme, blême en bien des cas, il est purvu

de méplats évidents que tapisse la claie

des poils; pour elles, c’est seulement dans la raie

charmante que fleurit le long satin touffu.

.

Une ingénuité touchante et merveilleuse

comme lón ne voit quáux anges des saints tableaux

imite la joue où le sourire se creuse.

.

Oh! de même être nus, chercher joie et repos,

le front tourné vers sa portion glorieuse,

et libres tous les deux murmurer des sanglots?

.

Dikke billen schilderijen

Uit: Arthur Rimbaud: Gedichten, vertaling door Paul Claes.

 

Arthur Rimbaud

De tuin van de Franse poëzie

.

In 2011 verscheen van Paul Claes de bloemlezing ‘De tuin van de Franse poëzie, een canon in 100 gedichten’. In deze lijvige bundel (440 pagina’s). In deze bundel staat van elke dichter die is opgenomen een korte biografie, een typering van het werk, een bibliografie en commentaar door Claes.

Van Arthur Rimbaud (1854 – 1891) zijn (vanzelfsprekend) meerdere gedichten opgenomen. Van het gedicht ‘De slaper in het dal’ zegt Claes: Een antimilitaristisch anthologiestukje van een voorlijke adolescent. Oordeel zelf.

.

De slaper in het dal

.

Een plek vol groen waar een rivier door zingt

Die ’t kruid met flarden zilver onbesuisd

Bespat; vanaf het fier gebergte blinkt

De zon: een klein dal dat van stralen bruist.

 

Een jong soldaat, blootshoofds, met open mond,

De nek in blauwe kers gedompeld, ligt

In openlucht te slapen op de grond,

Bleek in zijn groene bed vol plenzend licht.

 

Zijn voeten in het lis, zo slaapt hij. Zwakjes

Lachend zoals een ziek kind, soest hij zachtjes:

Natuur, wieg hem vol warmte: kou heeft hij.

 

De geuren doen zijn neusvleugels niet trillen;

Hij slaapt in de zon, één hand op zijn stille

Borst, rechts twee rode gaten in de zij.

.

Tuin der

 

 

arthur-rimbaud

Arthur Rimbaud

De schamele droom

.

Arthur Rimbaud (1854 – 1891) was als dichter vertegenwoordiger van het symbolisme en decadentisme en een van de grote vernieuwers van de dichtkunst. Andere bekende decadenten zijn Oscar Wilde, Paul Verlaine en  Stanislaw Prybyszewski. Kunst, zo vonden de decadenten, moet een een vrijplaats van de banale wereld zijn. Uiterste schoonheid en zuiverheid moeten worden nagestreefd.

Bij het symbolisme worden verbeeldingskracht, fantasie en intuïtie centraal gesteld. Het symbolisme kenmerkt zich door een sterke hang naar het verleden en een gerichtheid op het onderbewuste, het ongewone en het onverklaarbare. Het symbool staat daarbij centraal, en wordt een zintuiglijk waarneembaar teken dat verwijst naar een poort naar de niet-zintuiglijke wereld.

Als dichter heeft Rimbaud een eigen kijk op poëzie en de dichter. Rimbaud heeft het over de dichter als ziener. “Je est un autre” (ik is een ander) zo stelt hij. Om ziener te kunnen worden moet een ‘beredeneerde ontregeling van alle zintuigen’ plaatsvinden. De dichter moet de eigen zintuigen rationeel ontregelen om zo een nieuwe werkelijkheid te scheppen, met nieuwe beelden, een nieuwe universele taal. Rimbaud hanteert zijn beginselverklaring principieel en stapt af van alle conventionele paden als het gaat om zijn levensstijl en zijn poëzie: hij wordt een van de grootste vernieuwers van de poëzie.

In 1998 verscheen bij uitgeverij Athaneum-Polak & Van Gennep ‘Gedichten’ met een keuze uit het werk van de Franse dichter met vertalingen en toelichtingen. De vertalingen zijn van Paul Claes. Uit deze bundel het gedicht ‘De schamele droom’.

.

De schamele droom

.

Een Avond wacht wellicht

Waarop ik weltevreden

In een dier oude Steden

Met drank mijn dood verlicht:

Omdat geduld me ligt!

.

Als ooit mijn kwaal verdween

en ooit me goud behoorde,

Trok ik naar het Hoge Noorden

Of naar de Wijnstreek heen?…

– Ach dromen zijn gemeen

.

Omdat ze gauw vergaan!

Nooit zal, al word ik weer

De zwerver van weleer,

De groene kroeg voortaan

Nog voor me openstaan

.

.

Le pauvre Songe

.

Peut-être un Soir m’attend

Où je boirai tranquille

en quelque vieille Ville,

Et mourrai plus content:

Puisque je suis patient!

.

Si mon mal se résigne,

Si jái jamais quelque or

Choisirai-je le Nord

Ou le Pays des Vignes?…

– Ah songer est indigne

.

Puisque c’est pure perte!

Et si je redeviens

Le voyageur ancien

Jamais l’auberge verte

Ne peut bien m’être ouverte.

.

800px-P1110482_Paris_VI_rue_Ferou_le_bateau_ivre_rwk

 

‘Le bateau ivre’ als muurgedicht in Parijs

 

Rimbaud

Oscar Fingal O’Flahertie Wills Wilde

Oscar Wilde (1854 – 1900)

.

Als tweede dichter in de Ierse dichtersweek de beroemde dichter Oscar Wilde. Met zijn lange haren, extreme kostuums, esthetische gebaren, exquise voorwerpen en uitgelezen taalgebruik werd Oscar Wilde dan ook het prototype van de dandy.

Oscar Wilde studeerde klassieke talen aan het Trinity College in Dublin. Hij was een briljante student, en sleepte aan het Trinity de felbegeerde Berkeley Gold Medal in de wacht. Hierna ging hij naar het Magdalen College in Oxford, daar won hij in 1878 de Newdigate Prize voor zijn gedicht Ravenna.

Tijdens zijn studententijd in Oxford werd hij bekend door zijn rol in de esthetische en decadente beweging. Hij liet zijn haar groeien, toonde publiekelijk minachting voor de ‘mannelijke’ sporten, en versierde zijn kamer met pauwenveren, lelies, zonnebloemen, Chinees porselein en andere objets d’art. Hij was onder de indruk van de Engelse schrijvers John Ruskin en Walter Pater, die kunst het middelpunt van het leven maakten. Oscar Wilde werd al snel een voorvechter van het esthetische principe ‘Kunst om de kunst’ (l’art pour l’art: kunst zonder bijbedoeling, alles is goed zolang het de kunst maar dient).

Na een gevangenschap (Wilde werd ervan beschuldigd homoseksuele handelingen te hebben gepleegd) verhuisde hij naar Parijs waar hij in armoede en ballingschap leefde tot hij op 46 jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van een hersenvliesontsteking. Nog steeds is zijn graf (van de kunstenaar Jacob Epstein) op begraafplaats Père-Lachaise één van de meest bezochte graven.

Hoewel Oscar Wilde vooral bekend is van zijn roman ‘The picture of Dorian Grey’  (waarin het estheticisme een belangrijk motief is) heeft hij ook een aantal toneelwerken en dichtbundels gepubliceerd. Hieronder het gedicht ‘Chanson’.

.

Chanson

A ring of gold and a milk-white dove
Are goodly gifts for thee,
And a hempen rope for your own love
To hang upon a tree.

For you a House of Ivory
(Roses are white in the rose-bower)!
A narrow bed for me to lie
(White, O white, is the hemlock flower)!

Myrtle and jessamine for you
(O the red rose is fair to see)!
For me the cypress and the rue
(Fairest of all is rose-mary)!

For you three lovers of your hand
(Green grass where a man lies dead)!
For me three paces on the sand
(Plant lilies at my head)!

.

ow

 

graf OW

 

Schuddegeest

Gerrit Achterberg

.

Gerrit Achterberg (1905 -1962) wordt algemeen beschouwd als één van de belangrijkste  dichters in de 20ste-eeuwse Nederlandse poëzie. Hij ontving voor zijn werk de Constantijn Huygensprijs en de P.C. Hooft-prijs. Achterberg’s leven was geen doorsnee leven; opnames in psychiatrische ziekenhuizen en inrichtingen, gewelddadige buien en tenslotte de moord op zijn hospita en de veroordeling tot TBS. Uit het uitgebreide oeuvre van Gerrit Achterberg vandaag het gedicht ‘Schuddegeest’ uit de bundel ‘Voorbij de laatste stad’ uit 1981. Behalve in ‘Passage’ (waarover ik al eerder schreef op dit blog) schreef Achterberg ook over dit kleine hofje in Den Haag. Schuddegeest, in de Archipelbuurt in Den Haag, is een van de oudste voorbeelden van sociale woningbouw, gebouwd in 1854.

Voor mij heeft Schuddegeest nog een extra betekenis. Toen ik op de  P.A. Tiele academie (Bibliotheek- en Documentatieacademie) studeerde (in de Paramaribostraat in Den Haag) was Schuddegeest de titel van de ‘schoolkrant. Reden hiervoor was dat dit hofje grensde aan de tuin van de academie.

.

Schuddegeest

.

Verre verlichte pompen van Shell

lijken een slachtgelegenheid bij nacht;

bloedbruiloft in het klein, gestolde schal

binnen de stilte van de stratenschacht.

.

Het zijn tinnen soldaatjes uit een spel.

Vlak naast elkander staan zij pal op wacht

voor speelgoedhuizen. Bomen worden zacht

papier-maché. Ik voel mij in de val.

.

Het infraphile bloedbelopen oog

van Philipslampen loert uit winkelkasten.

Politie als een decimeter nadert.

.

Terwijl het leven door mijn lichaam adert

loop ik op luiken naar de weg te tasten.

Mijn benen zijn van hout en veel te hoog.

.

schuddegeest

 

schuddegeest_3

%d bloggers liken dit: