Site-archief

La Belle Dame sans Merci

John Keats

.

In 1819 schreef de Engelse dichter John Keats de ballade ‘La Belle Dame sans Merci’. Hij gebruikte de titel van een veel oudere ballade uit ongeveer 1424 van de Franse dichter Alain Chartier getiteld ‘La Belle Dame sans Mercy’. Hoewel de titels dus vrijwel hetzelfde zijn is de inhoud van de beide gedichten volledig verschillend.

Het gedicht wordt beschouwd als een Engelse klassieker, stereotiep voor andere werken van Keats (1795 – 1821). Het vermijdt de eenvoud van de interpretatie ondanks de eenvoud van de structuur. Hoewel eenvoudig van structuur (slechts twaalf korte stanzas, van slechts vier regels elk, met een simpel ABCB rijmschema) , zit het gedicht toch vol raadsels en is het onderwerp van talrijke interpretaties geweest.

Keats maakt gebruik van een stanza van drie jambische tetrameters met de vierde dimetrische lijnen, waardoor de stanza een zelfstandige eenheid lijkt en waardoor de ballad een doelbewuste en langzame beweging heeft die aangenaam is om naar te luisteren. Keats maakt gebruik van een aantal van de stijlkenmerken van de ballad, zoals de eenvoud van de taal, herhaling en afwezigheid van details. Keats’s ‘zuinige’ manier om een ​​verhaal te vertellen in “La Belle Dame sans Merci” is het tegenovergestelde van zijn overdreven manier waarop hij bijvoorbeeld in ‘The Eve of St. Agnes’  schrijft.  Een deel van de fascinatie die door het gedicht wordt uitgeoefend komt voort uit het gebruik  van het understatement door Keats.

.

La Belle Dame sans Merci

.

O what can ail thee, knight-at-arms,
Alone and palely loitering?
The sedge has withered from the lake,
And no birds sing.

O what can ail thee, knight-at-arms,
So haggard and so woe-begone?
The squirrel’s granary is full,
And the harvest’s done.

I see a lily on thy brow,
With anguish moist and fever-dew,
And on thy cheeks a fading rose
Fast withereth too.

I met a lady in the meads,
Full beautiful, a fairy’s child;
Her hair was long, her foot was light,
And her eyes were wild.

I made a garland for her head,
And bracelets too, and fragrant zone;
She looked at me as she did love,
And made sweet moan

I set her on my pacing steed,
And nothing else saw all day long,
For sidelong would she bend, and sing
A faery’s song.

She found me roots of relish sweet,
And honey wild, and manna-dew,
And sure in language strange she said—
‘I love thee true’.

She took me to her Elfin grot,
And there she wept and sighed full sore,
And there I shut her wild, wild eyes
With kisses four.

And there she lullèd me asleep,
And there I dreamed—Ah! woe betide!—
The latest dream I ever dreamt
On the cold hill side.

I saw pale kings and princes too,
Pale warriors, death-pale were they all;
They cried—‘La Belle Dame sans Merci
Hath thee in thrall!’

I saw their starved lips in the gloam,
With horrid warning gapèd wide,
And I awoke and found me here,
On the cold hill’s side.

And this is why I sojourn here,
Alone and palely loitering,
Though the sedge is withered from the lake,
And no birds sing.

.

  John William Waterhouse (1893)

Advertenties

Brief encounter

Poëzie in films

.

In de film ‘Brief encounter’ van David Lean uitv 1945 komt het gedicht ‘When I have fears that I may cease to be” van de Romantische dichter John Keats (1795 – 1821) voor. Brief encounter is het verhaal van huisvrouw Laura Jesson en dokter Alec Harvey.

Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Laura Jesson, een huisvrouw uit een klein stadje. Ze is getrouwd met een degelijke man die meer aandacht heeft voor kruiswoordraadsels dan voor haar. Om aan de verveling te ontsnappen gaat ze elke week met de trein naar de grote stad om te winkelen en een matineefilm te zien.

Na afloop van zo’n dagje uit krijgt ze op het station wat kolengruis in haar oog. Een andere passagier, de dokter Alec Harvey  helpt haar het gruis te verwijderen. Beiden zijn begin dertig, getrouwd en hebben twee kinderen. De dokter is een huisarts in een ander provinciestadje die ook een keer per week in de grote stad komt om in het ziekenhuis te helpen.

Er ontstaat een geanimeerd gesprek, en beide drinken thee in de stationsrestauratie, waar ze ieder op hun eigen trein naar huis wachten. Al snel worden ze verliefd op elkaar. Ze beginnen in het verborgene af te spreken, in cafés en bioscopen, om hun ontmoetingen geheim te houden. Op een gegeven moment mag Alec voor een avond het huis van een vriend lenen, maar hun liefde wordt niet geconsumeerd omdat de vriend onverwacht eerder terugkeert. Dit is voor hun een teken dat de relatie echt niet verder kan; ze besluiten om hun gezinnen trouw te blijven en om elkaar verder niet te zien.

Hoofdrollen in deze Engelse film worden vertolkt door Celia Johnson en Trevor Howard. In 1984 kwam er een Amerikaanse re-make met Robert De Niro en Meryl Streep die echter een stuk minder goed beoordeeld wordt op IMDB.com, de website over films.

In 1946 kwam deze film in Nederland in de bioscopen onder de titel ‘Het Laatste rendez-vous’. De filmkeuring gaf de film een 18 jaar en ouder predicaat omdat er huwelijks ontrouw in wordt getoond.

Het gedicht van John Keats sluit heel mooi aan bij het thema van Brief encounter.

.

When I have fears that I may cease to be

.

When I have fears that I may cease to be

Before my pen has glean’d my teeming brain,

Before high piled books, in charact’ry,

Hold like rich garners the full-ripen’d grain;

When I behold, upon the night’s starr’d face,

Huge cloudy symbols of a high romance,

And think that I may never live to trace

Their shadows, with the magic hand of chance;

And when I feel, fair creature of an hour!

That I shall never look upon thee more,

Never have relish in the faery power

Of unreflecting love!—then on the shore

Of the wide world I stand alone, and think

Till Love and Fame to nothingness do sink.

.

Brief encounter

 

Brief encounter 2

%d bloggers liken dit: