Categorie archief: Uit mijn boekenkast

Kygnos

Ilja Leonard Pfeijffer

.

In de afgelopen zomervakantie heb ik, zeer tot mijn genoegen,  de roman ‘Superba’ van Ilja Leonard Pfeijffer gelezen. Het is een bijzondere roman die ik in één ruk uitlas.  Ik kende Pfeijffer eigenlijk alleen van zijn poëzie en zijn Instagram account @iljaleonardpfeijffer,  waar hij vooral foto’s van het dagelijkse leven (in vooral Genua) met zijn volgers deelt. Superba deed me besluiten weer wat van zijn poëzie te lezen.

In 2001 verscheen van zijn hand de dichtbundel ‘Het glimpen van de welkwiek’. Die heb ik voor de gelegenheid maar weer eens uit mijn kast gehaald en daaruit wil ik graag een gedicht met jullie delen getiteld ‘kygnos’.

.

kygnos

.

of wringt iets? nogal log in vogelvlucht

krakeel je krijtwit schraapt je zwanenhals

ten krijgersyell je valt je dondert als

bij heldere hemel tergend uit de lucht

.

maar altijd jeukt wel iets als vliegen vliegen

op beide vleugels liegen door de lucht

wie wil niet hemeltergend helder vluchten

uit loden schoenen en een kracht bedriegen?

.

het is de klank die klinken moet de gil

van schoolkrijt op een matzwart bord een zwaan

die vallend voor het eerst ten oorlog zingt

.

het is de kriebel in de buik die wil

spijbelen van bezwaartekracht en aan

de hemel dondert klaar en liegt en klinkt

.

Advertenties

Selected poems 1923 – 1958

e.e. cummings

.

Zoals de regelmatige lezer van dit blog weet, ben ik een groot fan van de poëzie van E.E. Cummings. Ik weet nog hoe blij ik was toen ik de bundel ‘100 selected poems ‘ van hem kon kopen in Londen in een tweedehands boekenwinkeltje. Nu blijkt er ook al (blijkbaar) lange tijd een andere bundel van hem in mijn boekenkast te staan waarvan ik het bestaan vergeten was namelijk ‘Selected poems 1923 – 1958’ in een Penguin pocket reeks namelijk ‘The Penguin Poets’ uit 1960.

De selectie is door Cummings zelf gedaan uit elf gedichtenbundels (waarvan 10 uit een verzamelbundel ‘Poems 1923 – 1954′ en een elfde bundel getiteld ’95 Poems’ uit 1958.

Uit deze kleine maar o zo fijne bundel koos ik voor het gedicht zonder titel met als openingszin ‘love is more thicker than forget’.

.

love is more thicker than forget

more thinner than recall

more seldom than a wave is wet

more frequent than to fail

.

it is most mad and moonly

and less it shall unbe

than all the sea which only

is deeper than the sea

.

love is less always than to win

less never than alive

less bigger than the least begin

less littler than forgive

.

it is most sane and sunly

and more it cannot die

than all the sky which only

is higher than the sky

.

Sprookje

De Vogel Phoenix

.

Uit mijn boekenkast heb ik vandaag de bundel ‘De vogel phoenix’ van M. Vasalis uit 1948 gepakt. Omdat het zo’n prachtige bundel (zowel inhoudelijk als fysiek, na 69 jaar ziet mijn exemplaar er nog als nieuw uit) maar ook omdat ik in het gedicht ‘Sprookje’ iets herkende.

.

Sprookje

Voor mijn Moeder en Dochtertje

.

Zij luistren beiden naar haar oud verhaal,

wondere dingen komen aangevlogen,

zichtbaar in hun verwijde oogen,

als bloemen, drijvend in een schaal.

.

Er is een zachte spanning in hun wezen,

zij zijn verloren en verzonken in elkaar,

-het witte en het blonde haar –

geloof het maar, geloof het maar,

alles wat zij vertelt is waar

en nooit zal je iets mooiers lezen.

.

Nette vent

Zoon van alle moeders

.

Gisteravond kwam ik de bundel ‘Zoon van alle moeders’ uit 1988, tegen in mijn boekenkast van Herman Brood (1946-2001). Toen ik er in bladerde kwam ik het gedicht zonder titel (geen van de gedichten heeft een titel) tegen die begint met de regel ‘Nette vent’. In dit gedicht ook de regel waar de bundel zijn titel aan ontleent. Brood blijft in zijn poëzie zoals ik hem mij herinner, geestig, sprankelend en licht absurdistisch. Ook in dit gedicht. Daarom hier het gedicht zonder titel uit deze gekke maar heerlijke bundel.

.

Nette vent

ook as atleet

jammer van die t’rugspeelballe

mistieke vergissing?

Gebroke gebede

daar komt bij:

zo’n bal maakt driftig

mot geen ruzie make

tut tut

t’is de zoon van

alle moeders!

Haat & nijd zeker…

.

Brommerdagen

Uit mijn boekenkast

.

Ik sta voor mijn boekenkast met poëzie en dan ineens valt me een oranje rug op. Het is de rug van ‘Brommerdagen’ van Jan Baeke (1956). Van de meeste poëziebundels weet ik dat ik ze heb maar ook waar ik er ooit aan gekomen ben, van deze bundel weet ik n iet hoe ik eraan kom, sterker nog, ik was vergeten dat ik hem had.

En dat is ten onrechte want bij herlezing blijkt de poëzie van Jan Baeke zeer genietbaar. In 2008 schreef de jury van de VSB Poëzieprijs over ‘Groter dan de feiten’: Onontkoombaar en huiveringwekkend. Op Wikipedia staat: Het is poëzie die in gewone taal en met directe beelden een mysterie weet op te roepen.

Oordeel zelf over het gedicht uit ‘Brommerdagen’ getiteld ‘In a sentimental mood’.

.

In a sentimental mood

.

Op een middag zeg ik zoveel tegelijk
ik moest aan vallen denken, aan explosies
hoe de jaren zeventig zijn weggevaagd.

Ik zat in mijn kinderkamer
had alles uitgestald wat mij toebehoorde.
Daarmee redden wat ik ben, het kon niet meer.

Ik nam de telefoon op met mijn moeders naam
en staarde de middag in. Een serieus fantast
met veel te veel herinneringen, zoals

dat ik ziek was en dat nooit te boven kwam
of dat de oorlog op de hoek stond, wachtend
op het juiste jaar, de juiste landverrader

viel ook goed te overzien waar zich
een haan mocht roeren en hoe.
en hoe de dingen zijn als je de mens weglaat.

.

Buk nog een keer

Margreet Dolman

.

In 1986 kocht ik het boek ‘Buk nog een keer’ een vrouw klapt uit haar leven van Margreet Dolman. Behalve een aantal hilarische ‘preken’ van dominee Gremdaat en een aantal sketches is er ook een hoofdstuk getiteld ‘Haar poëzie’. Ik was dit helemaal vergeten tot ik dit boek weer eens uit mijn boekenkast haalde om er in te lezen.

De gedichten zijn soms nogal kort en banaal, soms wat langer en meer inhoudelijk maar er zitten ook zeker zeer aardige gedichten tussen. Zoals het gedicht’Ik mis je’.

.

Ik mis je

.

Ik mis zijn versluierde ogen,

zijn ruime mond,

zijn soepele tong,

zijn lichamelijk begrip,

ik mis hem,

zijn dikke reet,

koppige natuur,

strenge klok

en aarzelend gevoel.

.

Muzen almanak

Vergeet mij niet

.

In de jaren 80 en 90 van de vorige eeuw heb ik een tijdje oude boekjes gespaard. Of gespaard, als ik een mooi oud boekje tegenkwam kocht ik die en die heb ik altijd bewaard. Omdat ze vrij hoog in mijn boekenkast staan bekijk ik ze niet dagelijks (eigenlijk bijna nooit) en dat is jammer want vandaag besloot ik dat wel te doen en wat bleek? Tussen oude boekjes over ‘100 jaar Diergaarde Blijdorp’ en ‘Tijl Uilenspiegel’ stond een mooi klein boekje met gedichten! Het is de ‘Muzen almanak’ 35e jaargang uit 1853 met als titel op de franse titelpagina ‘Vergeet mij niet’. Uitgegeven door ene Laarman.

Op de eerste pagina’s staat te lezen: Aan hare majesteit de koningin-moeder der Nederlanden wordt dit jaarboekje met verschuldigde hoogachting eerbiedig opgedragen door harer majesteits onderdanigen dienaar J. H. Laarman.  Kom daar nog maar eens om tegenwoordig.

In dit bundeltje staan gedichten van onder andere Dr. Nicolaas Beets, Mr. J. van Lennep (de Heer van Burleigh), H.J. Schimmel en F.J. Blieck (en nog zo’n kleine 30 dichters waar ik nog nooit van gehoord heb). Een aantal gedichten zijn geïllustreerd ‘met eenen plaat’. Dit zijn prachtige gedetailleerde etsjes (?) of andere grafische afbeeldingen die bij het gedicht passen.

Daar heb ik er dan ook één van gekozen namelijk ‘Het jagertje van Verschuur’ Een liedje bij een plaatje door E. Wie deze E. is wordt verder niet uit de doeken gedaan en ik heb het ook niet kunnen vinden.

,

Het jagertje van Verschuur.

.

Stout jager! als ik vragen mag,

Wat jaagt ge hier toch elken dag?

’t En is niet om ’t patrijsken:

’t Is om een eedler hoen

Te doen:

’t Is wel om Mulders Lijsken,

Dat gij zo draaft door ’t groen.

.

Stout jager! als ik zeggen mag,

Gij zijt van ’t echte jagers-slag;

Maar, viert ge ook toom en teugels,

’t Wild danst al even vrij

Voorbij:

De deugd geeft Lijsken vleugels,

Die vlugger zijt dan gij!

.

Stout jager! als ik raden mag,

Hijsch dan de wirtte vredevlag,

Zoek ’t hoentje op uw voeten;

Werp strik en moordgeweer

Ter neêr:

Als vrouw zal Lijske’ u groeten,

Als dienstmaagd–nimmer meer!

.

 

Tegen de afgrond

Dirk van Bastelaere

.

Ik ruim mijn kast op. Dat is hard nodig want ik heb nog nauwelijks plaats voor mijn (nieuwe) dichtbundels. Tussen alle boeken vond ik ook nog een tijdschrift ‘Boek’ uit 2007. Waarom ik dat bewaard heb is me een raadsel, er staat hoegenaamd vrijwel niets over poëzie in behalve een klein stukje over de Week van de poëzie en de VSB poëzie prijs. Grappig om te lezen is dat de Week van de poëzie in 2007 van 21 tot en met 27 april liep (synchroon met de Poetry month in de VS) terwijl deze week inmiddels naar januari is ‘verhuisd’.

In dat stukje staan ook de genomineerde dichters waaronder Dirk van Bastelaere (1960) met zijn bundel ‘De voorbode van iets groots’.  De VSB poëzieprijs won hij niet dat jaar, wel de Jan Campert prijs. Uit een andere bundel ‘Hartswedervaren’ uit 2000 het gedicht ‘Tegen de afgrond’ waaruit duidelijk het post moderne karakter van zijn poëzie blijkt.

.

Tegen de afgrond

Dat ik je aanspreek,
stom hart,
is natuurlijk complete waanzin, je bent
een generiek gegeven uit de cultuurgeschiedenis.

Dat betekent: een sterrennevel,
drijvende paddesnoeren, een parcours d’accidents
een zon die in het zwart verkeert,
napalm, Reihung, een nevengeschikte wereld
en we schrijven entropie.

Het is een woord,
hart,
tegen de wereld. Net zo goed kan ik tegen
de afgrond gaan schreeuwen, een canyon waarlangs
op zorgvuldige plaatsen
een houten framepje werd opgesteld
met de vermelding Take Pictures Here. KODAK

.

dvb2

dvb

Nog maar een paar kleintjes

Uit mijn boekenkast

.

Omdat ik er zin in heb nog een paar mooie voorbeelden van (ultra) korte gedichtjes uit het bundeltje ‘Het kleinste gedicht’ De Favoriete ultrakorte gedichten van Nederland en Vlaanderen.

.

Het briesen van een paard…

.

‘Het briesen van een paard

onder mijn raam vannacht’

.

daar zou misschien een gedicht

in gezeten hebben.

(Bert Voeten)

.

Ekster

.

Hij is van boom tot grassen bezig

in dit landschap, als toerist.

Ik ben zijn camera,

ook op hem gericht.

(Robert Anker)

.

Closed

.

Muizenisisminimumeis

(Chr. J. van Geel)

.

geboorte

.

het wordt niet gehoord

noch gezien

hoe het leeft dat wat dood is

.

zoals wat werd verwekt

niet terstond wordt ontdekt

(Lucebert).

.

En tot slot, ik kon het niet laten, nog een van mezelf, niet uit de bundel.

.

In een notendop

.

Het zaadje dat ik plantte

en zorgvuldig water gaf

groeit nu naar de zon

maar steeds verder van mij af

(Wouter van Heiningen)

De uitvreters

Wintertuin literaire productie 2012

Vandaag niet direct uit mijn boekenkast maar toch zeker uit een kast, de krant van Wintertuin Literair Productiehuis uit 2012 ‘De uitvreters’.  Naar een idee van Frank Tazelaar werd in dat jaar een krant uitgegeven met daarin een groot aantal deelnemers aan de Schrijfwerkplaats die onder de noemer ‘Literaturjugend’ actief was. Maandelijks kwamen jonge, talentvolle schrijvers en dichters bijeen in Nijmegen in de werkplaats om om voor te dragen uit werk dat nog niet af was. Ze kregen daarbij feedback van elkaar en van redactieleden van Wintertuin.

In deze krant een aantal voor mij bekende namen als Rinske Kegel, Elfie Tromp, Dennis Gaens, Tim Pardijs en Eva Mouton, die ik los van elkaar zelf programmeerde op podia van Ongehoord! of tegenkwam via mijn werk in de bibliotheek, deze website of via een andere poëzielink.

Uit ‘De uitvreters’ heb ik voor het gedicht ‘De verlosser’ van Rinske Kegel.

.

De verlosser

.

De tafel is tegen het plafond geplakt

eten doen we van de vloer

de stoelen bungeklen in het raamkozijn

het glas is eruit, de sneeuw is warm

alles voorspelt iets anders

.

Dit jaar is de verlosser vroeg

hij opent jampotjes, dichte deuren, monden

uit de kraan komt pompoensoep

en morgen tomaten

.

voorzijde-krant-de-uitvreters

 

%d bloggers liken dit: