Categorie archief: Poëziewedstrijd

Runners up van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020

Annette Akkerman en Cecile Koops

.

De jury van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd koos niet alleen de drie prijswinnaars maar ook twee runners up. Dit zijn de dichters Annette Akkerman en Cecile Koops met hun respectievelijke gedichten ‘IJsgang’ en ‘Het getij van de zomer’. De jury schrijft in haar juryrapport over deze twee gedichten:

.

IJsgang

‘ijsgang’ is een onrustig en tevens verontrustend gedicht. 

 

Er worden hier en daar grote woorden gebruikt voor het weergeven van een ingrijpende toestand. Een te verdedigen keuze. Toch wint juist waar de dichter gas terugneemt het gedicht aan zeggingskracht. Is het daar het meest indringend.

‘je liet me een filmpje zien van ijsberen

die door het ijs zakten’

en

‘je zei, alle mensen zijn ijdel 

en dwong me in de spiegel te kijken, ik zag

hoe de witkalk boven het bed afbladderde

er gaat niets boven de stilte van de toendra
de ondergrond bevroren, de lucht grijsblauw’

Wat in dit deel van het gedicht goed werkt is de sentimentloze beschrijving. Een sterk contrast met de ernst van de situatie. Ook het feit dat de dichter hier de zinnen in elkaar laat overgaan draagt bij aan de overtuigingskracht. Het lijkt een maalstroom. Een vorm die de voelbare ‘waanzin’ ondersteunt, zelfs onderstreept. Dit dunner geschreven fragment zorgt er ook voor dat de drie volgende regels meer aankomen en beklijven. De dichter schreef vervolgens door, maar had met deze indringende regels ook het gedicht kunnen laten eindigen:

‘daar dacht ik aan toen je me bij mijn strot greep
schreeuwde dat de nachten al bezig waren

ineen te krimpen’

 

Het getij van de zomer

Een sterke eerste strofe waarin de dichter het aantal voorbeelden zorgvuldig  heeft gedoseerd. Het zijn er precies genoeg om iets duidelijk te maken en de lezer mee te nemen naar strand en duinen. En het zijn er precies genoeg om hem, daar eenmaal aanbeland, niet af te laten haken. De goed gekozen woorden, de klanken in samenhang, ze zorgen voor een vloeiende beweging die rijmt met het onderwerp. 

‘Het getij van de zomer’ kent muziek. Is ritmisch en melodieus.

In de tweede strofe verandert de toon ietwat. Hier worden de klanken korter, minder slepend. Een overgang naar een andere sfeer met andere beelden.

Het gedicht is een reflectie op de vraag die de dichter in de slotstrofe in alle eenvoud maar daarmee zeker niet minder poëtisch beantwoordt.

.

ijsgang

.

we spraken nachtenlang over zwijgen
je woorden zogen zich vast aan mijn lippen
de lakens in ons bed verkleefden
tot schimmige ijsschotsen

.

je liet me een filmpje zien van ijsberen
die door het ijs zakten
ik zag de wereld door jouw ogen
ten onder gaan

.

je stroopte met je nagels de huid
van mijn armen, liet horen hoe het krijt
piepte op het krijtbord van je zoon

.

je zei, alle mensen zijn ijdel
en dwong me in de spiegel te kijken, ik zag
hoe de witkalk boven het bed afbladderde

.

er gaat niets boven de stilte van de toendra
de ondergrond bevroren, de lucht grijsblauw
daar dacht ik aan toen je me bij mijn strot greep
schreeuwde dat de nachten al bezig waren
ineen te krimpen

.

door het dakraam kleurde een verse dag
ik worstelde me uit het bezwete bed
stopte mijn koffers vol met vergeten
vond eindelijk mijn stem in de arctische wind

.

Het getij van de zomer

.

Vreemd dat zee-gedichten vaak verstild zijn;
wind stuift over zand, het helmgras wuift en veegt,
golven breken hun ritme op een kustlijn.                
Op wat konijnen na, zijn de duinen leeg.
 .
Hebben dichters geen oog voor de topdrukte
die zich voordoet bij de eerste zonnestraal?
In de wind wappert, aan een gejutte paal
voor een kuil, een handdoek ter markering.
 .
Tot het uiterste gedreven, liggen – pal
aan zee – menselijke krabben zij aan zij.
Met de billen in het rulle zand gedrukt,
te midden van geoliede lichamen,
beelden ze zich stiekem in alleen te zijn.
 .
In de drukte aan zee valt eenzaamheid weg,                      
totdat ’s avonds iedereen wordt weggespoeld
naar hun eigen stad en hun vertrouwde grond.      
In rust en tijd versmelten land, lucht, water.
Juist dan wandelen dichters met pennen rond.

.

Derde prijs Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020

Monica Boschman

.

De derde prijs van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020 is gewonnen door Monica Boschman met haar gedicht ‘Voorbij Maas en Waal’. De jury schrijft over dit gedicht in haar juryrapport:

.

Al bij de eerste woorden neemt de dichter de lezer mee een herinnering in. Een haarscherpe herinnering, de beelden zijn helder. Door in te zoomen op een detail wordt deze terugblik onmiddellijk tot leven gewekt.  

Het onverwachte en bijna terloops aandoende 

 

‘(…) en dingen waarvan je zou willen 

dat ze anders waren.’ 

 

in de tweede strofe valt op, intrigeert. Mede vanwege het contrast met het gedetailleerde voorgaande en het veelzeggende van het nu niet nader benoemde.  In de derde strofe wordt er verder afstand genomen, met zinnen als

 

‘(…) De toekomst 

rolde zich op tot een laatste thuiskomst.’ 

en 

‘Tijd laat zich niet rekken.’ .

 

Ze zijn concluderend, enigszins nuchter te noemen. Er wordt melding gedaan van een gegeven. Het vervolg voorkomt het verlies van aandacht. De dichter laat het algemene gezegde los en trekt de lezer de persoonlijke ruimte in.

 

‘Midden in de kamer staat de veerman 

klaar.(…)’

 

Zowel de onverwachte locatie als de poëtisch geformuleerde vragen die hierop volgen, verhoeden dat het te sentimenteel wordt. Ook zorgen ze ervoor dat een niet fonkelnieuwe metafoor toch fris aandoet en wakker maakt. Het is diezelfde vraagstelling die ook belet dat het gedicht te kabbelend wordt en daarmee spanningsloos. 

‘Voorbij Maas en Waal’, want dat is het gedicht waar het over gaat, doet persoonlijk aan, maar overstijgt het particuliere. In sobere en heldere bewoordingen wordt een groot thema aangeraakt. Dat dit gedicht slechts één bijvoeglijk naamwoord bevat, is geen gemis. Integendeel. Dit is volledig in harmonie met de andere keuzes die de dichter maakte. 

Niet alleen stijlregister, maar ook beeldgebruik, strofe-indeling, wisselingen in tijd en perspectief, en de subtiele samenhang in klank zijn hier passend, ondersteunend en in evenwicht. Ze ogen natuurlijk. ‘Voorbij Maas en Waal’ is beheerst, het vliegt nergens uit de bocht. Ook in die dosering toont zich de dichter. 

.

Voorbij Maas en Waal

.

Aan het eind van de straat liepen we

tegen de rivier aan. Twee fietsers zochten

naar de plek waar de pont zou aanmeren.

 .

Wij bleven aan deze kant van het water

voor wijn en vis in het café, verhalen over

verleden en dingen waarvan je zou willen

 .

dat ze anders waren. De toekomst

rolde zich op tot een laatste thuiskomst.

Tijd laat zich niet rekken.

 .

Midden in de kamer staat de veerman

klaar. Hoeveel moet je nog inleveren

voor het vertrek? Welke grap vertel je

 .

tijdens de overtocht over de munten

op je ogen? Water draagt een lach

naar hier. Ik luister, blijf nabij

 .

aan deze kant van de rivier.

.

Tweede prijs Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020

Marie-Anne Hermans

.

De tweede prijs van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020 is gewonnen door Marie-Anne Hermans met haar gedicht ‘100%’. De jury schrijft over dit gedicht in haar juryrapport:

.

De schoonheid van een gedicht zit vaak erin dat de tekst deels begrijpelijk en deels onbegrijpelijk is. Dat het daarmee aanzet tot denken. De lezer vraagt je af: wat is hier aan de hand? In het gedicht dat wij de tweede prijs geven is naast deze begrijpelijkheid/onbegrijpelijkheid de sfeer heel belangrijk. Met relatief eenvoudige, korte zinnen wordt deze sfeer meteen gezet.

Een citaat:

 

Achter mij ligt het matras

en ik denk aan gister, aan de dag

dat ik nog 18 was.

 

Het gaat om het gedicht 100%, de eerste zin luidt “Uw pauzegedrag is 100%”.  Zo meteen zal de dichter zijn of haar gedicht voordragen.

Maar we willen nog wijzen op een aantal vondsten in het gedicht: “dreunende aanwezigheid”, “puberaal gezwijg” en de op een na laatste zin: “Ik offer aan de wrede godjes”. We merkten hiervoor op dat bij veel inzendingen er naast voortreffelijke zinnen en passages vaak ook mindere stukken zitten. Maar het gedicht 100% is in zijn geheel sterk. Het speelt in tijden van Corona, het thema is misschien isolatie, afgrenzing. Maar je kunt er ook veel andere dingen in lezen.

De zin “Boven hangt het puberaal gezwijg” verwijst naar een ander, maar het contact met hem of haar ontbreekt of is mislukt. De medemens is onbereikbaar geworden; zowel buitenshuis als bij de puber in huis. Herkenbaar voor wie in deze tijd vanwege Corona veel thuis heeft moeten zitten? Daarmee is het enerzijds een eigentijds gedicht, anderzijds ontbreken de klassieke thema’s niet. Een tweede plek waardig in deze wedstrijd.

.

100%

.

Uw pauzegedrag is 100%

zegt de computer.

Het beeld schermt mijn hoofd af

van creatieve gedachten.

 .

Achter mij ligt het matras

en ik denk aan gister, aan de dag

dat ik nog 18 was.

 .

In huis loopt het maar heen en weer:

de rusteloosheid van de dagen,

de dreunende aanwezigheid

van altijd meer.

 ,

Boven hangt het puberaal gezwijg

en ik blijf verzoening zoeken

met onderbrekingen van tijd

die niet de mijne is.

 .

Ik offer aan de wrede godjes

van de alomtegenwoordigheid.

.

Winnaar van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020

Sara De Lodder

.

Winnaar van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020 is Sara De Lodder met haar gedicht ‘Hoe wij als karretjes in elkaar passen’. Van harte gefeliciteerd met deze prijs. In totaal deden er 186 dichters mee met de wedstrijd. Sara De Lodder kreeg uit handen van de burgemeester van Albrandswaard, Jolanda de Witte, de eerste prijs (een beeldje van Lillian Mensing) uitgereikt.

.

De jury schrijft in haar juryrapport over de inzendingen en hoe men te werk ging:

“Er waren 186 inzendingen, waarvan na een voorselectie er 33 overbleven. Als jury hebben we ons gebogen over deze shortlist. De gedichten kregen we anoniem. We wisten dus niet wie er achter de gedichten schuilgaan.

De inzendingen waren heel divers. Van traditioneel, tot experimenteel, lang en soms zeer kort. We hebben gelet op de samenhang binnen het gedicht, originele woordkeuzes, aansprekende beelden, kortom: kwaliteit en oorspronkelijkheid. 

Maar een beeld moet wel kloppen, hoewel dat natuurlijk deels persoonlijk is. We troffen op zichzelf prachtige poëtische zinnen aan, die verder geen functie binnen het geheel hadden. Ze misten lading en betekenis. Datzelfde is te zeggen over beelden die elkaar soms tegenspraken. Het blijkt hoe moeilijk het is een gedicht lang de kwaliteit hoog te houden.

Maar er is genoeg potentieel bij veel van de 33 gedichten. Met aandachtige herlezing zouden deze zich kunnen ontpoppen als sterke en overtuigende exemplaren. In ons juryoverleg zeiden we regelmatig tegen elkaar dat een gedicht beter zou zijn geworden met wat redactie. Ons advies aan dichters, leg je werk voor aan kritische meelezers.

Het thema ‘De omgeving van de mens is de medemens’, ontleend aan een gedicht van Jules Deelder, werd over het algemeen zeer divers geïnterpreteerd door de inzenders. In meerdere gedichten is ingegaan op de gevolgen van de coronacrisis, met name op het ontbreken van lijfelijke nabijheid van de medemens. Door de een als een gemis ervaren en door een ander duidelijk als een rustmoment, een zegen zelfs, gevoeld. 

Interessant is dat maatschappelijke poëzie de laatste tijd erg in opkomst is. Een mooi voorbeeld hiervan is het collectief ‘De Klimaatdichters’. Opmerkelijk is dat dit bij de inzendingen weinig is terug te zien. Veel poëzie is toch naar binnen gericht. Daar is overigens niets mis mee.”

 

Het winnende gedicht

De jury (Alek Dabrowski, Evy Van Ende, Sabine Kars) schreef over het winnende gedicht in het juryrapport:

.Dit gedicht sprong er voor ons onmiddellijk uit, vooral wat betreft de originaliteit van de metafoor die erin opgevoerd wordt. Het fysieke liefdesspel wordt voorgesteld als in elkaar passende winkelkarretjes, lichaamsdelen passeren als koopwaren op de band aan de kassa van een supermarkt. De kassajuffrouw wordt op rauwe wijze gedenigreerd (of is het net opgewaardeerd?) tot lustobject.  De dichter heeft het over “het naakte, malse vlees”.

Het gedicht bevat daarnaast een aantal zeer mooie vondsten die het rammelende, onwaarschijnlijke karakter van die metafoor onderschrijven. “Om ter bangst” en “het ijzer als navelstreng” vonden we poëtisch zeer sterk. 

‘Hoe wij als karretjes in elkaar passen’ is ruw en teder tegelijk. Een subtiele combinatie die ook binnen de zinnen zelf tot uiting komt. Zoals in:

‘Neem met weerhaken haar binnenkant, hoe ik je
terug wil is nooit in een kamer’

De reflectie in:
‘Wij breken iedere dag weer los –
ik zoek mijn melk in vreemde schappen’

zet de lezer soepel aan tot overpeinzing. Om daar vervolgens snel weer uit en terug naar het nuchtere hier en nu in de supermarkt gehaald te worden, door het verrassende:

‘Zegeltjes?’


Ook het slotvers van het gedicht kon ons erg bekoren. Het beeld van een karretje verloren in de tuin is erg mooi. Het riep een ongerijmd, eenzaam beeld bij ons op dat uitnodigt tot mijmeren over de absurditeit, de verlatenheid van de liefde. 

.

Hoe wij als karretjes in elkaar passen

.

Neem wangspek, een paar malse dijen en een schouderblad

of twee, om ter bangst, ter liefst

 .

Neem je binnenoor, het is een archief

met die precisie hoe je luistert

 .

Neem mij, tegen de stroom in, naar jou

keer ik altijd terug

 .

Neem kassajuffrouw acht, je wil haar

rauw tussen al je spullen op de band: zoveel euro,-

ze imiteert een schoot, je denkt aan een moeder, dat vol

naakte, malse vlees, alles

wat ze aanraakt mag ze hebben

 .

Neem met weerhaken haar binnenkant, hoe ik je

terug wil is nooit in een kamer

Maar als karretjes die na lange dag in de supermarkt terug in

elkaar gaan, het ijzer als een navelstreng

 .

Wij breken iedere dag weer los –

ik zoek mijn melk in vreemde schappen

 .

Zegeltjes?

 .

Eén enkele keer bracht ik zo’n karretje thuis:

nergens stond het meer verloren als in mijn tuin.

 


Wie wordt nummer 7?

Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020

.

Vandaag wordt in kasteel Rhoon bekend gemaakt wie de winnaar is van de 7e editie van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd. In 2009 begon ik op dit blog een poëziewedstrijd. De winnaar van de eerste editie was Jeer https://woutervanheiningen.wordpress.com/2009/01/15/de-winnaar-van-de-gedichtenwedstrijd-is-bekend/ de jury destijds bestond uit Ruben Philipsen en Loes van Vliet en er waren 35 inzendingen.

In 2010 waren er al 85 inzendingen en ging de eerste prijs naar Marije Zijlstra https://woutervanheiningen.wordpress.com/2010/05/03/winnaar-van-de-gedichtenwedstrijd-2010/  de jury bestond uit Otto Zeegers en Pero Senda.

In 2011 waren er al 120 inzendingen en de winnaars (er was toen een prijs voor volwassenen en een voor jeugd) waren Tugba Nur Karkide (jeugd) en Janine Huson (volwassenen). De jury werd gevormd door Bep van Wely en Henriette Faas. https://woutervanheiningen.wordpress.com/2011/05/24/uitslag-gedichtenwedstrijd-2011/

In 2012 was ik inmiddels bestuurslid van Ongehoord! en besloot het bestuur dat we mijn gedichtenwedstrijd zouden voortzetten als de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd waarvan vandaag dus de prijsuitreiking is van alweer de 7e editie (in 2018 en 2019 waren er geen edities).

In al die jaren heb ik vele prachtige dichters en gedichten zien langs komen, beginnende dichters, ervaren dichters, bekende en (voor mij) onbekende dichters. En elke keer is het weer een verrassing wie er nu weer tot de prijswinnaars behoren. Vanaf morgen lees je vier dagen lang wie de prijswinnaars waren en wie de runner ups. Vandaag nog een terugblik met een gedicht van een dichter die in 2013 winnaar was van de 2e editie van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd. Uit haar debuutbundel ‘Atlas van de tijd’ het liefdesgedicht ‘Mank’.

.

Mank

.

Verder dan de wandeling
die mensen wil veranderen in
zwarte stippen aan de horizon

.

stiller dan een schemering
die met het daglicht mediteert
en in de nacht berusten zal

.

wat samenzijn bijzonder maakt
kan geen taal beschrijven
het woord gaat mank bij jou en mij

.

 

Inzendtermijn poëziewedstrijd is verlengd

Ongehoord! Poëziewedstrijd 2020

.

Door alle omstandigheden weten we een hoop niet maar één ding weten we wel en dat is dat de Ongehoord! Poëziewedstrijd 2020 doorgaat. Wat er ook gebeurt, er worden drie prijswinnaars bekend gemaakt. We hopen er stilletjes op dat we in september toch iets feestelijks van de prijsuitreiking kunnen maken in of rond kasteel Rhoon maar hoe dan ook gaan we de prijs toekennen en uitreiken.

Omdat de aandacht de afgelopen twee maanden voor de meeste mensen heel ergens anders lag dan bij een poëziewedstrijd loopt het nog geen storm (er zijn al behoorlijk wat inzendingen maar er kan nog meer bij). Daarom hebben we besloten de inzendtermijn van de wedstrijd te verlengen naar 31 mei 2020.

Dus wil je nog meedoen, heb je een mooi gedicht of wil je een gedicht schrijven met als thema ‘De omgeving van de mens is de medemens’doe dan mee. Waarschijnlijk was er nog nooit een thema zo actueel als dit korte gedicht van Jules Deelder.

Meedoen is heel eenvoudig. Ga naar https://stichtingongehoord.com/2020/01/29/ongehoord-poeziewedstrijd/ lees daar de voorwaarden en upload je gedicht middels de link in het bericht.

Om je nog wat extra te enthousiasmeren hier een gedicht van één van de prijswinnaars Anneke Wasscher (winnaar van de 2013 editie). Het gedicht is genomen uit haar bundel ‘Atlas van de tijd’ uit 2017 en is getiteld ‘Esther’.

.

Esther

 .
beelden roepen haar al jaren na
ze weet niet meer wat echt is
misschien verspreekt de waarheid zich

.
is het gewoon een bange droom
een hersenspinsel dat nog hangt in
de rommelkamer van haar hoofd

.
steeds vaker komt de nachtmerrie
die gekke bokkensprongen maakt
angst wordt vindingrijk

 .
ze spreekt in monologen
geeft wanen weg aan
wie ze hebben wil

 .
haar vrede heeft een onderduikadres
bij gratie van de roes, een synoniem
voor leven kent ze niet

.

 

Ons te vroeg ontvallen 2

Hrvoje ‘Pero’ Senda (1945 – 2013)

.

In 1993 vluchtte Hrvoje Senda (Pero) vanuit Gornji Vakuf in centraal Bosnië weg voor de oorlog. Pero een Kroatische Bosniër was zijn leven en dat van zijn gezin niet zeker en vluchtte naar Nederland waar hij in Maassluis kwam te wonen. In Bosnië studeerde hij Zuid-Slavische taal en literatuur aan de filosofische universiteit in Sarajevo. Door de oorlog zijn veel van zijn manuscripten (als professor) verloren gegaan.  In Nederland pakte hij een ander literair genre op namelijk de poëzie. In 1997 was hij één van de winnaars van de Dunya Poëzieprijzen met zijn gedicht ‘De vrouw’.

Naar aanleiding van deze prijs en het geldbedrag dat hij hiervoor kreeg, besloot de gemeente Maassluis haar nieuwe inwoner te belonen en wat extra middelen ter beschikking te stellen voor Pero om een bundel met overdenkingen en poëzie te laten maken. In 1999 verscheen bij uitgeverij De Zeeleeuw de bundel ‘Krhrotine / Brokstukken’ met daarin overdenkingen en gedichten. In die periode was Pero vrijwilliger bij een initiatief van het sociaal maatschappelijk werk in Maassluis het Project InterCulturele Ontmoetingen (PICO) dat onder meer literaire ontbijt en lunches organiseerde.

Ten tijde van het verschijnen van de bundel leerde ik Pero en zijn gezin kennen. De presentatie van de bundel vond plaats in de bibliotheek en vanaf dat moment raakte ik bevriend met Pero. Naast de activiteiten voor PICO organiseerde ik met hem, Juan Heinsohn Huala, Henriette Faas, Otto Zeegers en Lida Kersten onder andere het project ‘Dichter in de buurt’ voor middelbare scholieren en dichters uit Maassluis en omstreken.

Pero Senda was in 2007 een van de tien dichters die meewerkte aan de bundel ‘Verse taal’ met muziek-cd van Wilma Paalman, gepubliceerd door Uitgeverij De Brouwerij te Maassluis. In juni 2010 werd bij dezelfde uitgeverij zijn tweetalige dichtbundel (Kroatisch / Nederlands) ‘Voor de muur’ gepresenteerd.

Samen met Otto Zeegers was hij in 2010 de tweekoppige jury van de gedichtenwedstrijd die ik organiseerde op dit blog en die na 2011 is overgegaan in de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd (die dit jaar voor de 7e keer georganiseerd wordt https://woutervanheiningen.wordpress.com/2020/03/02/laatste-jurylid-bekend/ ). Met Otto Zeegers was hij de drijvende kracht achter de poëziewerkplaats waar elke maand in de bibliotheek, samen met andere dichters, poëzie besproken werd.

Pero trad als dichter regelmatig op, voor zijn landgenoten in Nederland maar ook op poëziepodia onder andere het Ongehoord! podium. In 2013 kreeg ik heel onverwacht een telefoontje van zijn vrouw dat Pero na een kort ziekbed was overleden waarmee ik een fijne vriend en een gerespecteerd dichter verloor. Op zijn begrafenis mocht ik samen met Jana Beranová en Juan Heinsohn Huala een gedicht voordragen. Ik denk nog vaak aan Pero, aan zijn grote hart, zijn passie voor het delen en bespreken van poëzie en zijn vriendelijkheid.

.

De vrouw

.

Schilder mij een vrouw, mijn vriend

Een vrouw op een baar van verwelkte bloemen

In het donker bij de flakkerende kaarsen.

Ik zal naar haar kijken met de ogen van een ander

En haar op het altaar plaatsen

Tussen de engelen.

.

Beeldhouw mij een vrouw, mijn vriend

In de rotsen boven de afgrond

Ik zal haar strelen met de handen van een ander

De steen een ziel inblazen

Een steen om mijn hals binden

En gelukkig inslapen

Tussen de mosselschelpen.

.

Zing mij van een vrouw, mijn vriend

Een onbekende vrouw

Laten anderen het lied horen

Met mijn oren.

Ik zal je lied geloven

Terwijl ik wacht, flonkerend

Tussen de sterren.

.

Laatste jurylid bekend

Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 

.

Het bestuur van de stichting Ongehoord! maakt bekend dat na dichters Sabine Kars en Evy Van Eynde nu ook het derde jurylid van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd bekend is. het derde jurylid is Alek Dabrowski. Dabrowski is niet alleen een zeer gewaardeerd collega van me maar ook lezer, blogger, recensent en interviewer. Hij is bureauredacteur van Poëzietijdschrift Awater. Alek heeft een eigen website: https://uitgelezenboeken.blogspot.com/

Ongehoord! is bijzonder blij dat met Alek Dabrowski nu de jury voltallig is. Je kunt nog tot 1 mei 2020 deelnemen aan de 7e editie van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd. Kijk voor deelname op https://stichtingongehoord.com/2020/01/29/ongehoord-poeziewedstrijd/  Thema van de deze editie is een kort gedicht van Jules Deelder “De omgeving van de mens is de medemens”.

Om een voorbeeld van een gedicht te geven dat binnen dit thema past koos ik voor een gedicht van Bertus Aafjes uit zijn bundel ‘Het gevecht met de muze’ uit 1938 met als titel ‘Verkapt chanson’.

.

Verkapt chanson

.

Bonsoir mon amour – de rozen

Op je kleed doen mij onwillekeurig

Denken aan het ziltgeurig

Onderkleed en het schaamteloze

.

Van toen je onlangs dronken

Lachende stond te pronken

Met hetgeen aan struikgewas

Onder het kleed met die rozen was.

.

 

Dichter op het kasteel

Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2020

.

Het bestuur van de stichting Ongehoord! is in overleg met de stichting Kasteel van Rhoon om te kijken of de prijsuitreiking van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd https://woutervanheiningen.wordpress.com/2020/02/02/dichter-doe-mee/ in het kasteel van Rhoon kan plaats vinden. De stichting Kasteel van Rhoon is een actieve stichting die vele activiteiten organiseert in het kasteel. De ambiance is geweldig (een bijzonder kasteel dat gebouwd is in 1432 als versterkt Donjon op de plek waar een ouder kasteel had gestaan, waarschijnlijk uit de 11e eeuw), de ruimtes prachtig en de stichting organiseert vele interessante culturele en culinaire activiteiten.

In 2018 werd op initiatief van Joop van der Hor en mogelijk gemaakt door de stichting, een boekje gepubliceerd dat gebruikt kon worden voor PR-doeleinden en als relatiegeschenk. In deze bundel tal van dichters uit de regio groot Rotterdam waaronder Edwin de Voigt, Joz Knoop, Manuel Kneepkens, Ton Huizer en Hans Wap, geïllustreerd met foto’s van de omgeving van het kasteel, het kasteel en kunst van lokale kunstenaars.

Uit dit mooi uitgegeven bundeltje koos ik het gedicht ‘Drie sterren’van Hans Wap, schilder, dichter en beeldend kunstenaar.

.

Drie sterren

.

in sommige restaurants doe ik geen bek open

ze doen me denken aan loopgraven

gevuld met riesling en pâté de foie

.

welgemikte schoten met champagnekurken

uit linkshandig gedraaide flessen

.

de oorlog van de gourmet tegen de gourmand

ingetekend op de stafkaart van Michelin

.

de drie sterren van het restaurant

tegen de vier van de generaal

.

laat ons lafhartige daden verrichten

die recht geven op medailles

.

een borst vol blik

dat na overlijden moet worden

teruggegeven

.

liever werd ik koninklijk onderscheiden

met een gratis parkeervergunning

voor het leven

of een vaste tafelreservering

in mijn favoriete restaurant

.

 

 

Dichter? Doe mee!

Stichting Ongehoord!

.

Na twee jaar stilte is er dan eindelijk weer een nieuwe editie van de Ongehoord! Poëziewedstrijd. Er is een kleine verandering ten opzichte van de vorige edities namelijk de manier van inzenden. Ongehoord! gaat mee in de vaart der volkeren als het gaat om het makkelijker mee doen met de wedstrijd.

Voorwaarden

Het thema dit jaar is een kort gedicht van Jules Deelder: ‘De omgeving van de mens is de medemens’. We hopen dat vele dichters weer massaal meedoen. Verras ons met jullie poëtische woorden, zinnen  en wendingen. Lees hieronder onze voorwaarden.

  • Per inzender mag 1 gedicht worden ingezonden met als thema ‘De omgeving van de mens is de medemens’.
  • Het gedicht moet in het Nederlands zijn.
  • Het gedicht mag niet meer dan 30 regels hebben (inclusief witregels).
  • Het gedicht moet worden aangeleverd via de link onderaan dit bericht.
  • Er zal een onafhankelijke jury worden samengesteld met namen die niet verbonden zijn aan Ongehoord! Twee namen zijn al bekend: dichters Sabine Kars (tweede prijswinnaar eerste editie)en Evy Van Eynde. Een laatste naam volgt spoedig.
  • Inzendingen kunnen vanaf nu tot en met 1 mei 2020 worden ingezonden.
  • Inzendingen die niet voldoen aan deze voorwaarden worden uitgesloten van deelname.
  • De prijsuitreiking van de Ongehoord! poëziewedstrijd zal plaats vinden in het najaar (waarschijnlijk september) in een nog nader te kiezen locatie.
  • Iedere inzender krijgt een bevestigingsmail van toezending.
  • Over de uitslag wordt niet gecorrespondeerd.
  • Met deelname geeft de dichter toestemming tot het plaatsen van het gedicht op de website of in een digitale bundel (mits opgenomen in de shortlist)

Je kunt je gedicht uploaden via de speciale deelnemers pagina (Via: https://stichtingongehoord.com/2020/01/29/ongehoord-poeziewedstrijd/ )

Dit kun je winnen

Hou deze website van Ongehoord! in de gaten voor verdere informatie (data, jury etc.). De nummers 1 tot 3 winnen (naast een eervolle vermelding bij de publicatie van gedicht op de website / in digitale bundel) de volgende prijzen:

  1. een beeldje van Lillian Mensing en een optreden op een Ongehoord! podium
  2. een optreden op een Ongehoord! podium
  3. een optreden op een Ongehoord! podium

De jury maakt van de gedichten van de drie prijswinnaars eveneens een juryrapport.

%d bloggers liken dit: