Categorie archief: Poëzie en Film

Charles Bukowski over Truman Capote

Nuestros amantes

.

Ik weet niet hoe het jullie vergaat maar als er in een film een verwijzing zit naar een dichter, een gedicht of iets dat met poëzie te maken heeft, dan ben ik altijd meteen wakker (als ik dat al niet was natuurlijk). Vanuit een niet aflatende nieuwsgierigheid naar alles wat met poëzie te maken heeft wil ik dan ook altijd de fijne details weten. Dit gebeurde me ook weer afgelopen zaterdag. Op Netflix waren we de Spaanse film ‘Nuestros Amantes’  uit 2016 of ‘Our lovers’ zoals de Engelse titel luidt,  aan het bekijken toen de twee hoofdpersonen het ineens hadden over hun favoriete schrijvers Charles Bukowski en Truman Capote. De regelmatige lezer van dit blog weet dat Charles Bukowski één van mijn favoriete dichters is uit het Engelse taalgebied.

In de film werd gesproken over een gedicht dat Bukowski geschreven zou hebben over Capote. Dat ben ik dus gaan uitzoeken. Het betreft hier het gedicht ‘Nothing but a scarf’ dat verscheen in ‘Come on in’ en hoewel het lijkt alsof Bukowski de vloer aanveegt met het schrijverschap van Capote blijkt uit de laatste twee zinnen toch een zekere waardering en respect. 

.

Nothing but a Scarf

.

long ago, oh so long ago, when
I was trying to write short stories
and there was one little magazine which printed
decent stuff
and the lady editor there usually sent me
encouraging rejection slips
so I made a point to
read her monthly magazine in the public
library.

I noticed that she began to feature
the same writer
for the lead story each
month and
it pissed me off because I thought that I could
write better than that
fellow.
his work was facile and bright but it had no
edge.
you could tell that he had never had his nose rubbed into
life, he had just
glided over it.

next thing I knew, this ice-skater-of-a-writer was
famous.

he had begun as a copy boy
on one of the big New York
magazines
(how the hell do you get one of those
jobs?)

then he began appearing in some of the best
ladies’ magazines
and in some of the respected literary
journals.

then after a couple of early books
out came a little volume, a sweet
novelette, and he was truly
famous.

it was a tale about high society and
a young girl and it was
delightful and charming and just a bit
naughty.

Hollywood quickly made a movie out of
it.

then the writer bounced around Hollywood
from party to party
for a few years.
I saw his photo again and again:
a little elf-man with huge
eyeglasses.
and he always wore a long dramatic
scarf.

but soon he went back to the New York and to all the
parties there.

he went to every important party thereafter for years
and to
some that weren’t very
important.

then he stopped writing alltogether and just went
to the parties.

he drank and doped himself into oblivion almost
every night.

his once slim frame more than doubled in
size.
his face grew heavy and he no longer looked
like the young boy with the quick and dirty
wit but more like an
old frog.

the scarf was still on display but his hats were
too large and came down almost to his
eyes;
all you noticed was his
twisted
lurid
grin.

the society ladies still liked to drag him
around New York
one on each arm
and
drinking like he did, he didn’t live
to enjoy his old age.

so
he died
and was quickly
forgotten

until somebody found what they claimed was his secret
diary / novel


and then all the famous people in
New York were very
worried

and they should have been worried because when it
was published
out came all dirty
laundry.

but I still maintain that he never really did know how to
write; just what and
when and about
whom.

slim, thin
stuff.

ever so long ago, after reading
one of his short stories,
after dropping the magazine to the floor,
I thought,
Jesus Christ, if this is what they
want,
from now on
I might as well write for
the rats and the spiders
and the air and just for
myself.

which, of course, is exactly what
I did.

.

Paterson

Ron Padget en The New York School 

.

Op Facebook las ik in een stuk van Marja van Rossum over de film ‘Paterson’ van Jim Jarmusch. Nu staat deze film op mijn verlanglijstje van films die ik nog moet gaan zien maar na het stuk van Marja ga ik de film snel zien. In deze film draait het om een buschauffeur die poëzie gebruikt om de alledaagse routine te doorbreken. Uit het stuk van Marja begrijp ik dat poëzie wordt gebruikt van o.a. Ron Padgett zoals ook het gedicht ‘Love Poem’ hieronder. Padget maakte deel uit van de The New York School.

Critici betoogden dat het werk van The New York School een reactie was op de Confessionalist beweging in de poëzie van die tijd (de jaren ’50 en ’60 van de vorige eeuw).  De onderwerpen van hun poëzie was vaak licht, gewelddadig of observerend, terwijl hun schrijfstijl  vaak werd omschreven als kosmopolitisch en die van wereldreizigers. De dichters schreven vaak in een directe en spontane manier die doet denken de zogenaamde ‘stroom van bewustzijn’ schrijven, vaak met behulp van levendige beelden. Ze hebben zich gebaseerd op inspiratie uit het surrealisme en de hedendaagse avant-garde kunststromingen, in het bijzonder de action painting van hun vrienden in de kunstscene van New York City zoals Jackson Pollock en Willem de Kooning.

Dichters die vaak geassocieerd worden met de The New York School zijn John Ashbery, Frank O’Hara, Kenneth Koch, James Schuyler, Barbara Guest, Ted Berrigan, Bernadette Mayer, Alice Notley, Kenward Elmslie, Frank Lima, Lewis Warsh, Tom Savage, Joseph Ceravolo en Ron Padgett.

Van de laatste het gedicht ‘Love Poem’ uit de film ‘Paterson’ (met dank aan Marja van Rossum).

 

Love Poem

.

We have plenty of matches in our house.

We keep them on hand always.

Currently our favourite brand is Ohio Blue Tip,

though we used to prefer Diamond Brand.

That was before we discovered Ohio Blue Tip matches.

They are excellently packaged, sturdy

little boxes with dark and light blue and white labels

with words lettered in the shape of a megaphone,

as if to say even louder to the world,

„Here is the most beautiful match in the world

its one-and-a-half inch soft pine stem capped

by a grainy dark purple head, so sober and furious

and stubbornly ready to burst into flame,

lighting, perhaps, the cigarette of the woman you love,

for the first time, and it was never really the same

after that. All this will we give you.”

That is what you gave me, I

become the cigarette and you the match, or I

the match and you the cigarette, blazing

with kisses that smoulder toward heaven.

.

padgett-ron-nyc

                                                                             Foto: John Tranter

paterson

Poetry by the sea

Vlissingen

.

Poetry by the Sea was in 2012 een initiatief van de jonge Zeeuwse filmmaker Matthijs Meulblok uit Burgh-Haamstede. In samenwerking met onder andere cameraman Rick Hamelink en regisseur Naftalie Vader, heeft dit project meer vorm gekregen en is het uitgewerkt.

Poetry by the Sea omvat een serie van zes korte films gebaseerd op gedichten van een Zeeuwse schrijvers. Schrijvers die hun gedichten beschikbaar hebben gesteld zijn Jacoline Vlaander, Theo Raats, Thom Schrijer, Dieuwke Parlevliet, Matthijs Meulblok en Ester Naomi Perquin. Allen hebben zij een eigen stijl van schrijven en een andere insteek bij de verfilming.

Het doel van dit project is om film en literatuur naar een ander niveau te brengen. Er werden niet zozeer enkel beelden gezocht bij een gedicht, maar het gedicht wordt uitgewerkt, uitgedacht en gebruikt ter inspiratie voor een korte film. In de meeste gevallen werd het gedicht soms letterlijk nog eens gebruikt door middel van voice-overs of door de woorden in beeld en geluid voorbij te laten komen.

De zes films van Poetry by the Sea zijn:

Stabat Mater, een liefdesdrama over een moderne Picasso die geconfronteerd wordt met zijn eigen verleden.

Fetisjisme, een absurdistische komedie over drie vrienden met een fetisj voor literatuur. Ze willen schrijven zoals de groten dat voor hen deden.

De genezers, een absurdistische film over drie vrouwen op een autokerkhof. Ze maken veel dingen mee, maar eigenlijk gebeurt er vrij weinig in hun spannende leven.

Perdonia leeft! Een modern sprookje gebaseerd op het gedicht De Dood van Dieuwke Parlevliet. Het sprookje vertelt het verhaal over Perdonia die geniet van aandacht van alles wat haar hartje maar wenst, maar alles heeft een keerzijde.

Vergeet de illusie, een arthouse film over een jonge vrouw die geconfronteerd wordt met haar eigen gedachten en illusies.

David H. Een misdaadfilm over David H. Het koor waarin David zingt kampt met financiële problemen. David is een ladiesmen, maar zijn narcistische persoonlijkheidsstoornis zorgt voor behoorlijk wat frustraties.

 

Deze zes films gingen allemaal in première bij het Film by the Sea festival  in Vlissingen.

Van Dieuwke Parlevliet uit haar bundel ‘Perdonia Dael’ uit 2012 het volgende gedicht.

.

Perdonia is bang
dat ze ingehaald is
door de tijd net nu
ze denkt dat ben ik
is ze alweer anders.

Meestal echter weet ze heel goed wat ze wil:

lieverkoekjes worden niet gebakken
in de oven van Perdonia Dael
wie naar bed wil gaat
ze houdt niet van dralen
evenmin van lokale politiek
ze houdt van mannen
maar weinig zijn er goed genoeg.

.

Met dank aan http://zeelandboeken.pzc.nl/

.

pdael

20-04-2012 CULTUUR:DIEUWKE PARLEVIETS:ZIERIKZEE Dieuwke schreef een gedichtenbundel. Foto: WACON-images, Ronald den Dekker

20-04-2012 CULTUUR:DIEUWKE PARLEVIETS:ZIERIKZEE Dieuwke schreef een gedichtenbundel. Foto: WACON-images, Ronald den Dekker

Gedichten in films

Sophie’s Choice

.

Het is alweer enige tijd geleden dat ik regelmatig schreef over poëzie in films. Vanaf vandaag zal ik weer wat vaker aandacht besteden aan wat je een ‘gelukkig huwelijk’ zou kunnen noemen. Ik weet niet hoe het jullie vergaat maar altijd wanneer er poëzie of een gedicht in een film voorkomt luister ik ineens scherper, wil ik weten welk gedicht van welke dichter het hier betreft.

Een gedicht kan ook een heel duidelijke functie hebben in een film, om iets te verduidelijken, om iets van een context te voorzien of om bij te dragen aan de sfeer, het onderwerp of het gewicht van het onderwerp. In het volgende voorbeeld is dit aan de orde. In de film Sophie’s choice leest Kevin Kline in bed het gedicht ‘Ample make this bed’ van Emily Dickinson voor.

Als je kijkt naar de analyse van het gedicht van Dickinson dan begrijp je waarom de regisseur gekozen heeft voor juist dit gedicht.

“This poem is in two contexts, one is that the poet speaks about a sensual moment that she is going to spend with her companion, or is imagining about it, where she wants everything perfect and ready. The way she is paying attention to the small details shows her anticipation about the moment that is yet to come. She wants nothing to disturb her on that day, or ever.”

.

Hieronder de scene uit de film waarin Kevin Kline het gedicht voorleest aan Meryl Streep (met speciale Spaanse ondertiteling) en de geschreven tekst.

Ample make this bed.
Make this bed with awe;
In it wait till judgment break
Excellent and fair.

Be its mattress straight,
Be its pillow round;
Let no sunrise’ yellow noise
Interrupt this ground.

.

sophies_choice-dvdcover_s

Met dank aan https://beamingnotes.com

The Waste Land

T.S. Eliot

.

Vorige week bezocht ik het filmhuis voor de film ‘Problemski Hotel’ naar het boek van Dimitri Verhulst. Een bijzondere film, dramatisch en komisch tegelijk. In deze film citeert de hoofdpersoon Bipul enige keren een aantal zinnen uit het gedicht ‘The Waste land’ van T.S. Eliot (1888 – 1965) en dan met name de regels uit de eerste strofe  ‘April is the cruelest month’. De eerste 7 regels van de eerste strofe bevatten deze regels. In deze regels noemt T.S. Eliot April een wrede maand terwijl wij hier in het Westen April zien als de maand dat de Lente begint.

In dit gedicht spreekt een getormenteerd mens. Een dichter die aan depressies lijdt. In plaats van het mooie nieuwe te zien voelt de dichter hier een pijnlijke opluchting en brengt dit pijnlijke herinneringen bij hem boven. In de rest van het gedicht werkt hij dit (zijn depressie) verder uit. In de film verwijzen deze regels naar de problemen en uitzichtloosheid van de vluchtelingen in de opvang (het Problemski Hotel).

T.S. Eliot droeg dit gedicht op de dichter Ezra Pound. Het gedicht bestaat uit 5 delen. Als je het gehele gedicht wil lezen kan dat op http://www.poetryfoundation.org/poem/176735 Ik plaats hier het eerste gedeelte.

.

The waste Land

              I. The Burial of the Dead

 

 April is the cruellest month, breeding
Lilacs out of the dead land, mixing
Memory and desire, stirring
Dull roots with spring rain.
Winter kept us warm, covering
Earth in forgetful snow, feeding
A little life with dried tubers.
Summer surprised us, coming over the Starnbergersee
With a shower of rain; we stopped in the colonnade,
And went on in sunlight, into the Hofgarten,
And drank coffee, and talked for an hour.
Bin gar keine Russin, stamm’ aus Litauen, echt deutsch.
And when we were children, staying at the arch-duke’s,
My cousin’s, he took me out on a sled,
And I was frightened. He said, Marie,
Marie, hold on tight. And down we went.
In the mountains, there you feel free.
I read, much of the night, and go south in the winter.

 

  What are the roots that clutch, what branches grow
Out of this stony rubbish? Son of man,
You cannot say, or guess, for you know only
A heap of broken images, where the sun beats,
And the dead tree gives no shelter, the cricket no relief,
And the dry stone no sound of water. Only
There is shadow under this red rock,
(Come in under the shadow of this red rock),
And I will show you something different from either
Your shadow at morning striding behind you
Or your shadow at evening rising to meet you;
I will show you fear in a handful of dust.
                      Frisch weht der Wind
                      Der Heimat zu
                      Mein Irisch Kind,
                      Wo weilest du?
“You gave me hyacinths first a year ago;
“They called me the hyacinth girl.”
—Yet when we came back, late, from the Hyacinth garden,
Your arms full, and your hair wet, I could not
Speak, and my eyes failed, I was neither
Living nor dead, and I knew nothing,
Looking into the heart of light, the silence.
Oed’ und leer das Meer.

 

  Madame Sosostris, famous clairvoyante,
Had a bad cold, nevertheless
Is known to be the wisest woman in Europe,
With a wicked pack of cards. Here, said she,
Is your card, the drowned Phoenician Sailor,
(Those are pearls that were his eyes. Look!)
Here is Belladonna, the Lady of the Rocks,
The lady of situations.
Here is the man with three staves, and here the Wheel,
And here is the one-eyed merchant, and this card,
Which is blank, is something he carries on his back,
Which I am forbidden to see. I do not find
The Hanged Man. Fear death by water.
I see crowds of people, walking round in a ring.
Thank you. If you see dear Mrs. Equitone,
Tell her I bring the horoscope myself:
One must be so careful these days.

 

  Unreal City,
Under the brown fog of a winter dawn,
A crowd flowed over London Bridge, so many,
I had not thought death had undone so many.
Sighs, short and infrequent, were exhaled,
And each man fixed his eyes before his feet.
Flowed up the hill and down King William Street,
To where Saint Mary Woolnoth kept the hours
With a dead sound on the final stroke of nine.
There I saw one I knew, and stopped him, crying: “Stetson!
“You who were with me in the ships at Mylae!
“That corpse you planted last year in your garden,
“Has it begun to sprout? Will it bloom this year?
“Or has the sudden frost disturbed its bed?
“Oh keep the Dog far hence, that’s friend to men,
“Or with his nails he’ll dig it up again!
“You! hypocrite lecteur!—mon semblable,—mon frère!”
.
.

PH.

September 1958: Portrait of American-born poet TS Eliot (1888 - 1965) sitting with a book and reading eyeglasses, around the time of his seventieth birthday. (Photo by Express/Express/Getty Images)

September 1958: Portrait of American-born poet TS Eliot (1888 – 1965) sitting with a book and reading eyeglasses, around the time of his seventieth birthday. (Photo by Express/Express/Getty Images)

Skyfall

Lord Alfred Tennyson

.

Soms komen werelden bijeen waarvan je misschien niet zo snel verwacht dat ze bij elkaar komen. Dat gevoel kreeg ik toen ik afgelopen week naar de James Bond film Skyfall zat te kijken. M. het grote opperhoofd van de 00 agenten, citeert tijdens een ‘hearing’ door de,  voor haar verantwoordelijke,  minister een strofe uit het gedicht ‘Ulysses’ van Lord Alfred Tennyson.

Het is overigens niet de eerste keer dat dit gedicht redelijk prominent in een film voorkomt. Al eerder was het te horen in Dead poets society, maar dat is een film (qua titel en inhoud) waar je een dergelijk gedicht eerder verwacht dan in een actiefilm.

Het gebruik van deze strofe sluit echter heel mooi aan bij waar het in deze scene van de film omgaat. Hoewel Ulysses en zijn zeemannen niet meer zo sterk zijn als in hun jeugd, zijn ze “sterk in wil” en worden ondersteund door hun vastberadenheid om verder “meedogenloos te streven, te zoeken, te vinden, en niet toe te geven”.

.

Ulysses

 

It little profits that an idle king,

By this still hearth, among these barren crags,

Matched with an aged wife, I mete and dole

Unequal laws unto a savage race,

That hoard, and sleep, and feed, and know not me.

I cannot rest from travel;

I will drink Life to the lees.

All times I have enjoyed

Greatly, have suffered greatly, both with those

That loved me, and alone; on shore, and when

Through scudding drifts the rainy Hyades

Vext the dim sea. I am become a name;

For always roaming with a hungry heart

Much have I seen and known–cities of men

And manners, climates, councils, governments,

Myself not least, but honored of them all,–

And drunk delight of battle with my peers,

Far on the ringing plains of windy Troy.

I am a part of all that I have met;

Yet all experience is an arch wherethrough

Gleams that untraveled world whose margin fades

For ever and for ever when I move.

How dull it is to pause, to make an end,

To rust unburnished, not to shine in use!

As though to breathe were life! Life piled on life

Were all too little, and of one to me

Little remains; but every hour is saved

From that eternal silence, something more,

A bringer of new things; and vile it were

For some three suns to store and hoard myself,

And this gray spirit yearning in desire

To follow knowledge like a sinking star,

Beyond the utmost bound of human thought.

This is my son, mine own Telemachus,

To whom I leave the scepter and the isle,

Well-loved of me, discerning to fulfill

This labor, by slow prudence to make mild

A rugged people, and through soft degrees

Subdue them to the useful and the good.

Most blameless is he, centered in the sphere

Of common duties, decent not to fail

In offices of tenderness, and pay

Meet adoration to my household gods,

When I am gone. He works his work, I mine.

There lies the port; the vessel puffs her sail;

There gloom the dark, broad seas.

My mariners, Souls that have toiled, and wrought, and thought with me,

That ever with a frolic welcome took

The thunder and the sunshine, and opposed

Free hearts, free foreheads–you and I are old;

Old age hath yet his honor and his toil.

Death closes all; but something ere the end,

Some work of noble note, may yet be done,

Not unbecoming men that strove with gods.

The lights begin to twinkle from the rocks;

The long day wanes; the slow moon climbs; the deep

Moans round with many voices. Come, my friends,

‘Tis not too late to seek a newer world.

Push off, and sitting well in order smite

The sounding furrows; for my purpose holds

To sail beyond the sunset, and the baths

Of all the western stars, until I die.

It may be that the gulfs will wash us down;

It may be we shall touch the Happy Isles,

And see the great Achilles, whom we knew.

Though much is taken, much abides; and though

We are not now that strength which in old days

Moved earth and heaven, that which we are, we are,

One equal temper of heroic hearts,

Made weak by time and fate, but strong in will

To strive, to seek, to find, and not to yield.

.

tennyson

Met dank aan http://www.poets.org, sparknotes.com en Youtube.

Filosofie van de liefde

Percy Bysshe Shelley

Om Percy Bysshe Shelley (1792 – 1822) zou ik bijna een nieuwe categorie starten; dichters met intrigerende namen. Toch maar niet doen misschien. Wat ik wel ga doen in ieder geval is een prachtig gedicht plaatsen van Shelley namelijk ‘Love’s philosophy’. Dit gedicht wordt gebruikt in de film ‘In & Out’ uit 1997 van Frank Oz met Kevin Kline, Joan Cusack, Matt Dillon en Tom Selleck. In & Out werd bekend als een van de mainstream pogingen om een gay film van zijn tijd te zijn.

.

Love’s philosophy

The fountains mingle with the river
   And the rivers with the ocean,
The winds of heaven mix for ever
   With a sweet emotion;
Nothing in the world is single;
   All things by a law divine
In one spirit meet and mingle.
   Why not I with thine?—

 

See the mountains kiss high heaven
   And the waves clasp one another;
No sister-flower would be forgiven
   If it disdained its brother;
And the sunlight clasps the earth
   And the moonbeams kiss the sea:
What is all this sweet work worth
   If thou kiss not me?
.
.
pbshelley
inout

Emma Lazarus

The new Colossus

.

Emma Lazarus (1849 – 1887) was een Amerikaans dichter/essayiste. Geboren in een sefardisch-joodse familie schreef ze aanvankelijk sterk melancholische gedichten. Door de progroms in de Oekraïne veranderde haar toon en wijdde ze zich volledig aan de verdediging van het vervolgde joodse volk. Ze werd hierom ook wel ‘mother of exiles’ genoemd.

Het meest bekend is ze gebleven door haar sonnet ‘The new Colossus’ (1883), met de bekende regel “Give me your tired, your poor”, dat in 1886 op het voetstuk van het Vrijheidsbeeld werd aangebracht.

Lazarus reisde twee keer door Europa, eerst in 1885 en daarna in 1887. Na deze laatste trip keerde ze ziek terug en overleed kort daarna, waarschijnlijk aan de ziekte van Hodgkin.

Het gedicht ‘The new Colossus komt in twee films voor; ‘Saboteur’ uit 1942 en ‘Since you went away’ uit 1944.

.

The new Colossus

.

Not like the brazen giant of Greek fame,

With conquering limbs astride from land to land;

Here at our sea-washed, sunset gates shall stand

A mighty woman with a torch, whose flame

Is the imprisoned lightning, and her name

Mother of Exiles. From her beacon-hand

Glows world-wide welcome; her mild eyes command

The air-bridged harbor that twin cities frame.

“Keep, ancient lands, your storied pomp!” cries she

With silent lips. “Give me your tired, your poor,

Your huddled masses yearning to breathe free,

The wretched refuse of your teeming shore.

Send these, the homeless, tempest-tost to me,

I lift my lamp beside the golden door!”

.

Emma_Lazarus_plaque

 

liberty

 

Met dank aan Wikipedia en poets.org

Philip Larkin

World’s most dangerous roads

.

Vorige week keek ik naar een programma van de BBC “world’s most dangerous roads” met acteur Hugh Bonneville (o.a. uit de film Notting Hill) en actrice/scriptschrijfster Jessica Hynes (o.a. The Royle family en Spaced). In dat programma (uit 2012) bereizen zij één van de meest gevaarlijke wegen ter wereld in Georgië.

Wat heeft dat met Philip Larkin en poëzie te maken zul je je afvragen. In dit programma vermaken zij elkaar met vragen en spelletjes zoals kiezen tussen twee dingen of mensen. Een vraag van Jessica aan Hugh is Larkin of Betjeman? Waarna Jessica Hynes uit haar hoofd  het onderstaande gedicht voordraagt van Philip Larkin. Overigens kiest Hugh Bonneville voor Betjeman.

Philip Larkin (1922 – 1985) werd vaak ‘die andere dichter des vaderlands’ genoemd of zoals ze in Groot Brittanië zeggen Poet Laureate. Toen er in 1984 een dichter des vaderlands gekozen moest worden werd zijn naam veel genoemd maar Larkin was een verlegen, provinciale schrijver die niet graag in de schijnwerpers stond. Hoewel Larkin maar een klein oeuvre heeft nagelaten (maar ongeveer 100 pagina’s) wordt zijn werk overal geprezen. Alan Brownjohn schreef over hem:

“the most technically brilliant and resonantly beautiful, profoundly disturbing yet appealing and approachable, body of verse of any English poet in the last twenty-five years.”

Ik zou zeggen lees het volgende gedicht (uit: Collected Poems ;Farrar Straus and Giroux, 2001) en oordeel zelf.

.

This be the verse

“They fuck you up, your mum and dad.
They may not mean to, but they do.
They fill you with the faults they had
And add some extra, just for you.

But they were fucked up in their turn
By fools in old-style hats and coats,
Who half the time were soppy-stern
And half at one another’s throats.

Man hands on misery to man.
It deepens like a coastal shelf.
Get out as early as you can,
And don’t have any kids yourself.”

.

PhilipLarkin_1527371c

 

Met dank aan Goodreads en Poetryfoundation.org

 

Charles Baudelaire

The Jewels / Les Bijoux

.

In de categorie ‘poëzie en film’ vandaag de film ‘The reader/ la Lectrice’ en het gedicht The Jewels van Charles Baudelaire.

The film ‘The reader’ uit 1988 of ‘La Lectrice’ zoals de film eigenlijk heet (het is een Franse film) is gebaseerd op de roman van Raymond Jean met dezelfde titel, geregisseerd door Michel Deville. De film gaat over Constance die haar vriend voorleest uit een boek waarin Marie haar diensten aanbiedt als voorlezer van boeken. In het verhaal lopen de twee verhaallijnen en de twee personen van Constance en Marie , beide gespeeld door de actrice Miou-Miou, op een gegeven moment door elkaar en krijgt de film iets ongrijpbaars.

In de film wordt behalve het gedicht van Charles Baudelaire ook werk van Duras, Tolstoi, Lewis Carrol en Markies de Sade voorgelezen. Naast Miou-Miou speelt Patrick Chesnais een hoofdrol. Hij kreeg voor zijn rol de César award (de Franse Oscar).

.

Les Bijoux

La très chère était nue, et, connaissant mon coeur,
Elle n’avait gardé que ses bijoux sonores,
Dont le riche attirail lui donnait l’air vainqueur
Qu’ont dans leurs jours heureux les esclaves des Mores.

Quand il jette en dansant son bruit vif et moqueur,
Ce monde rayonnant de métal et de pierre
Me ravit en extase, et j’aime à la fureur
Les choses où le son se mêle à la lumière.

Elle était donc couchée et se laissait aimer,
Et du haut du divan elle souriait d’aise
À mon amour profond et doux comme la mer,
Qui vers elle montait comme vers sa falaise.

Les yeux fixés sur moi, comme un tigre dompté,
D’un air vague et rêveur elle essayait des poses,
Et la candeur unie à la lubricité
Donnait un charme neuf à ses métamorphoses;

Et son bras et sa jambe, et sa cuisse et ses reins,
Polis comme de l’huile, onduleux comme un cygne,
Passaient devant mes yeux clairvoyants et sereins;
Et son ventre et ses seins, ces grappes de ma vigne,

S’avançaient, plus câlins que les Anges du mal,
Pour troubler le repos où mon âme était mise,
Et pour la déranger du rocher de cristal
Où, calme et solitaire, elle s’était assise.

Je croyais voir unis par un nouveau dessin
Les hanches de l’Antiope au buste d’un imberbe,
Tant sa taille faisait ressortir son bassin.
Sur ce teint fauve et brun, le fard était superbe!

— Et la lampe s’étant résignée à mourir,
Comme le foyer seul illuminait la chambre
Chaque fois qu’il poussait un flamboyant soupir,
Il inondait de sang cette peau couleur d’ambre!

.

The Jewels

My well-beloved was stripped. Knowing my whim,
She wore her tinkling gems, but naught besides:
And showed such pride as, while her luck betides,
A sultan’s favoured slave may show to him.

When it lets off its lively, crackling sound,
This blazing blend of metal crossed with stone,
Gives me an ecstasy I’ve only known
Where league of sound and luster can be found.

She let herself be loved: then, drowsy-eyed,
Smiled down from her high couch in languid ease.
My love was deep and gentle as the seas
And rose to her as to a cliff the tide.

My own approval of each dreamy pose,
Like a tamed tiger, cunningly she sighted:
And candour, with lubricity united,
Gave piquancy to every one she chose.

Her limbs and hips, burnished with changing lustres,
Before my eyes clairvoyant and serene,
Swanned themselves, undulating in their sheen;
Her breasts and belly, of my vine and clusters,

Like evil angels rose, my fancy twitting,
To kill the peace which over me she’d thrown,
And to disturb her from the crystal throne
Where, calm and solitary, she was sitting.

So swerved her pelvis that, in one design,
Antiope’s white rump it seemed to graft
To a boy’s torso, merging fore and aft.
The talc on her brown tan seemed half-divine.

The lamp resigned its dying flame. Within,
The hearth alone lit up the darkened air,
And every time it sighed a crimson flare
It drowned in blood that amber-coloured skin.

.

reader

%d bloggers liken dit: