Categorie archief: Over Poëzie

The courage to be yourself

E.E. Cummings

.

Afgelopen weekend werd ik door een goede vriendin gewezen op een stuk van mijn favoriete Amerikaanse dichter E.E. Cummings over ‘de moed om jezelf te zijn’. Over wat een dichter maakt, wat een dichter is. Hoe een dichter zijn gevoel omzet in woorden en dat dat eenvoudiger klinkt dan dat het is. Op de leeftijd van 59 publiceerde een kleine Amerikaanse krant een artikel van Cummings getiteld  ‘A Poet’s Advice to Students’.

.

“A poet is somebody who feels, and who expresses his feelings through words.
This may sound easy. It isn’t.
A lot of people think or believe or know they feel — but that’s thinking or believing or knowing; not feeling. And poetry is feeling — not knowing or believing or thinking.
Almost anybody can learn to think or believe or know, but not a single human being can be taught to feel. Why? Because whenever you think or you believe or you know, you’re a lot of other people: but the moment you feel, you’re nobody-but-yourself.
To be nobody-but-yourself — in a world which is doing its best, night and day, to make you everybody else — means to fight the hardest battle which any human being can fight; and never stop fighting.
As for expressing nobody-but-yourself in words, that means working just a little harder than anybody who isn’t a poet can possibly imagine. Why? Because nothing is quite as easy as using words like somebody else. We all of us do exactly this nearly all of the time — and whenever we do it, we’re not poets.
If, at the end of your first ten or fifteen years of fighting and working and feeling, you find you’ve written one line of one poem, you’ll be very lucky indeed.
And so my advice to all young people who wish to become poets is: do something easy, like learning how to blow up the world — unless you’re not only willing, but glad, to feel and work and fight till you die.
Does that sound dismal? It isn’t.
It’s the most wonderful life on earth.
Or so I feel.”
.
En in een stuk over een artikel van mijn favoriete dichter mag een gedicht van zijn hand natuurlijk niet ontbreken, daarom uit ‘100 selected poems’ het gedicht zonder titel met de eerste zin ‘no time ago’.
.
.
no time ago
or else a life
walking in the dark
i met christ
.
jesus) my heart
flopped over
and lay still
while he passed (as
.
close as i’m to you
yes closer
made of nothing
except loneliness
.
.

e.e. cummings

Advertenties

Over Simon Vestdijk

A. Roland Holst

.

Van een goede vriendin kreeg ik een alleraardigst boekje uit 1953 van de wereldbibliotheek-vereniging met de titel: Kleine literatuurgeschiedenis in verzen over Nederlandse schrijvers bijeengebracht door Theo Vesseur. Een mooie jaren vijftig omslag en gedichten van dichters over andere dichters. Wat ook leuk aan deze bundel is, is dat in het ene gedicht een dichter dicht over een andere dichter (bijvoorbeeld Paul van Ostaijen over Guido Gezelle en even later Halbo C. Kool over Paul van Ostaijen).

In de inleiding schrijft Vesseur: elk vers in deze verzameling zegt ons minstens evenveel over elk karakter van de auteur zèlf als over de bezongene.  In het geval A. Roland Holst in zijn gedicht over Simon Vestdijk blijkt dat in ieder geval.

.

Simon Vestdijk

.

Wat mag het raadsel van uw arbeid wezen?

Muur van den Geest, waar die van de Chinezen

te kort bij schiet. – O, Tegenpool van Bloem!

O, gij die sneller schrijft dan God kan lezen!

.

Lijsterbessen

Over de dichtkunst

.

Over poëzie en de dichtkunst zijn vele gedichten geschreven, er zijn zelfs bloemlezingen over verschenen. Ook ik heb er enkele gedichten over geschreven. In de bundel ‘Herinneringen aan het onbekende’ een keuze uit eigen werk van Rutger Kopland uit 1966 staat het prachtige korte gedicht ‘Lijsterbessen’ met precies dit als thema.

.

Erger Lijsterbessen

.

De dichtkunst beoefenen is

met de grootst mogelijke zorgvuldigheid

constateren dat bijvoorbeeld

in de vroege morgen

de lijsterbessen duizenden tranen dragen

als een tekening uit de kindertijd

zo rood en zo veel.

.

Over poëzie

Cultuurindex 

.

Ten aanzien van poëzie en wat er allemaal speelt rond het uitgeven, het verkopen en het lezen van poëzie krijg ik nogal eens vragen. Deze week nog werd ik geïnterviewd door Bibliotheekblad.nl over poëzie in de bibliotheek en ook daar werden vragen gesteld over het uitlenen en het lezen van dichtbundels. Nu de Poëzieweek net achter de rug is zie je dat er wat meer interesse is in poëzie (ook bij de bibliotheek) maar het blijft toch marginaal in vergelijking met bijvoorbeeld proza. Van een lieve lezer kreeg ik een link doorgestuurd met daarin een aantal infographics die de Cultuurindex heeft gemaakt n.a.v. de Poëzieweek onder de titel ‘Gedichten en getallen’.

Een aantal zaken die hierin benoemd worden vind ik interessant. Zo is slechts 2 tot 4% van alle boeken die verkocht worden poëzie, leest 2% van de Nederlanders boven de 14 jaar tenminste één poëziebundel per maand maar verschijnen er toch maar liefst 176 gedichtenbundels per jaar gemiddeld. Dat laatste vind ik nog best een respectabel aantal al weet ik niet of daar allerlei uitgaves in eigen beheer of via self publishingsites is meegeteld.

Het aantal bloemlezingen is juist erg gedaald. Waren dat er in 2009 nog 46, in 2015 waren dat er nog maar 17! Net nu ik in het interview heb aangegeven dat je als bibliotheek juist bloemlezingen en bundels op thema zou moeten kopen omdat daar juist veel verschillende dichters in staan. Wanneer je een bloemlezing of bundel op thema leest kom je soms tot verrassende ontdekkingen (als het om nieuwe dichters gaat of dichters die je nog niet kent).

Maar liefst 97% van de Nederlanders komt weleens in aanraking met poëzie en maar liefst 70% hiervan komt door poëzie in de openbare ruimte (iets waar ik al jarenlang aandacht aan besteed maar ook straatpoezie.nl wordt (terecht) genoemd). En 9% van de Nederlanders schrijft zelf enige vorm van poëzie. De conclusie van de Cultuurindex is dan ook een terechte denk ik: Voor de meeste volwassenen Nederlanders leeft de poëzie vooral buiten het papieren boek.

Verder was ik toch een beetje teleurgesteld in het aantal stadsdichters in Nederland (54 in 393 gemeenten in 2015) maar werd ik wel weer heel vrolijk van de cijfers over de groei van de poëzieomzet rondom de poëzieweek (al liep die wel weer wat terug in 2017) en vooral blij makend was het bericht dat het aantal dichtersoptredens rond de poëzieweek al jaren een stijgende lijn laat zien (van 74 in  2014 naar 133 in 2017 en ik denk dat er in 2018 opnieuw meer zijn.

Vooral dat laatste gegeven sluit naadloos aan bij mijn pleidooi om de Poëzieweek uit te breiden naar een Maand van de poëzie. Zoals ze in de Verenigde Staten de Poetry Month hebben in april. Op die manier geef je mensen meer de mogelijkheid om een dichterspodium te bezoeken, geef je dichters de mogelijkheid om vaker hun werk voor te dragen, en komt poëzie (ook de gepubliceerde papieren poëzie) nog beter voor het voetlicht.

Om na al deze informatie toch te eindigen met een gedicht koos ik voor een gedicht over poëzie van de dichter J.C. Bloem getiteld ‘Dichterschap’ uit de bundel ‘Dichten over dichten’ uit 1994.

.

Dichterschap

.

Is dit genoeg; een stuk of wat gedichten,
voor de rechtvaardiging van een bestaaan
In ‘t slecht vervullen van onnoozle plichten
Om den te karigen broode allengs verdaan?

En hierom zijn der op een doel gerichten
bevredigende dagen mij ontgaan;
Hierom blijft mij slechts zelf en lot betichten
in ‘t zicht van ‘t eind der onherkeerbre baan.

van al de dingen die ‘k droomen zocht
Erger: van alle, die ik wel vermocht,
Is, nu hun tijd voorbij is, niets geworden

En ik kan zelfs niet, als mijn onbevreesd
erkennen mij verwijst naar de verdorden,
Aanvoeren: maar mijn bloei is schoon geweest.

.

Poëziebustoer 2018

Dichter schrijf je in!

.

De Poëziebus is een tour voor podiumdichters die in 2018 voor de 4e keer wordt georganiseerd. Maar liefst 20 podiumdichters uit Nederland en België rijden van 6 tot en met 12 augustus 2018 in een prachtige rode oldtimerbus door de lage landen om onderweg op te treden en workshops te verzorgen. De bus stopt in verschillende steden op de route.

Als voorzitter van de Raad van Toezicht van de stichting Poëziebus ben ik niet alleen een groot supporter maar ken ik (ook van binnenuit) de kracht en de invloed van deze toer op dichters en de podiumkunsten in Nederland en Vlaanderen. In de afgelopen drie jaar zijn er vele prachtige en memorabele momenten geweest op podia en Nederland en Vlaanderen, zijn er vriendschappen voor het leven ontstaan, zijn er stappen gezet (grote en kleine) door dichters die met de Poëziebus mee gingen op toer.

Je kunt je nog inschrijven tot 30 november 2017, dus heb je in de week van 6 t/m 12 augustus 2018 geen andere plannen, ben je een dichter die een hele nieuwe ervaring wil opdoen, sta je open voor interactie met andere dichters (jong en oud, man en vrouw) en gun je jezelf die extra mogelijkheid om je als dichter verder te ontwikkelen? Geef je dan hier op: http://poeziebus.nl/inschrijfformulier/

De Poëziebus streeft naar een goede afspiegeling van de dichters in leeftijd, sexe, culturele achtergrond en ervaring. Dus denk niet te snel dat je niet in aanmerking komt. Mijn advies: Geef je op!

Een voorbeeld van een dichter uit de editie van 2016 is Elten Kiene, bekend van het platform Woorden Worden Zinnen en het hiphop collectief Brandwerk met zijn gedicht uit de Poëziebusbundel 2016.

.

Kapotte Spiegel

.

Ik…

Dolend in een wereld

vol met onbegrip

.

Met kapotte spiegels

.

Scherven liggen overtal verspreid

En ik snijd mezelf constant

wanneer ik pleit voor mijn gelijk

.

Zo scherp als ik kan zijn

Brengt mijn gedrag mij in gevaar…

Want wat ik wou was daar

Maar ik kreeg het weer niet voor elkaar

.

Dus ik kijk in mijn kapotte spieghel

En die weerspiegelt alleen maar commentaar!

.

Ben ik even weer…

Dat zekere, onzekere

Beter wetende, gauw meeslepende

En gedreven type

.

Ik ga verder…

En blijf ondanks teleurstellingen

Toch van het leven genieten

.

Als ik mij onder de mensen bevind

Ben ik vaak nog bezig

Ook al zit het soms even tegen

.

Toch word ik op school gelabeld als laks

Door een hogere macht

Ik ben het boek

Zij zien de kaft

.

Zwevend in een wereld vol met onbegrip

Kijk ik in mijn kapotte spiegel

.

En vraag mij af…

Wie ben ik

.

.

 

Repeteergedicht

Ruisch

.

Vandaag stond ik voor mijn boekenkaast en viel me op dat ik toch eigenlijk best veel dichtbundels van Jules Deelder heb. In de jaren tachtig las en kocht ik veel werk van deze Rotterdamse grootheid. Vooral zijn humor, zijn archaïsch taalgebruik, de onderwerpen waarover hij schreef maar bovenal zijn performances spraken me zeer aan. Het was nieuw voor mij dat poëzie, waar ik eigenlijk nog maar net mee bezig was, ook zo gebracht kon worden. De bundel ‘Ruisch’ is een weerslag van wat zijn werk zo kenmerkt; aan de ene kant de bekende thema’s zoals de dood, de oorlog en de taal en aan de andere kant zijn (soms wel heel melige) humor. Toch zijn het de zaken die de rafelranden van de poëzie raken die ik interessant vind. In een recensie van deze bundel lees ik “.. een heerlijk boek voor wie van de rafelrandjes van het leven houdt, en van de poëzie van Deelder in het bijzonder”. Ik ben zo iemand en vandaar hier een gedicht uit deze bundel getiteld ‘Repeteergedicht’ over de poëzie.

.

Repeteergedicht

.

Sommige gedichten dienen
elke dag herschreven.
Gewoon hetzelfde gedicht
elke dag opnieuw.
Andere gedichten niet.

Wéér andere bleven beter
ongeschreven.
Dat zijn verreweg de meeste.

Maar sommige gedichten
dienen elke dag herschreven.
Gewoon hetzelfde gedicht
elke dag opnieuw.
Tot het onlosmakelijk

met ons is verweven
en met de werkelijkheid
tot waarheid is verdicht.

.

100 inspirerende websites over poëzie

Voor poëzieliefhebbers

.

Via een Facebookgroep kwam ik op een website terecht waar ik erg blij van werd. De website http://mastersinenglish.org/poetry/ biedt een overzicht van maar liefst 100 Engelstalige websites over poëzie. Poëzie is volgens de makers van deze pagina één van de meest rijke, complexe en mooie vormen van expressie in elke taal. De culturele en emotionele impact van poëzie kan niet worden overschat. Schrijver Salman Rushdie zij ooit over poëzie: “A poet’s work is to name the unnameable, to point at frauds, to take sides, start arguments, shape the world, and stop it going to sleep.”. Mooi gezegd en helemaal waar.

Deze lijst bestaat uit een aantal onderdelen te weten poëzie organisaties, poëzie magazines, poëzie blogs, poëzie archieven en collecties, voordrachts- en evenementensites en websites voor dichters. Een schatkamer vol kortom. Uit deze lijst heb ik een keuze gemaakt voor Free verse, A journal of contemporary poetry and poetics. In deze website heb ik wat rond gestruind en daar kwam ik een gedicht tegen van Sarah Riggs getiteld ‘Van Gogh in a Landscape, 1957’. Dit gedicht verwijst naar een schilderij van Francis Bacon.

Sarah Riggs is een dichter, regisseur, essayist en kunstenaar afkomstig en woonachtig in New York na meer dan 10 jaar in Parijs te hebben gewoond. Ze publiceerde vijf dichtbundels en vertaalde er zes van het Frans naar het Engels. Daarnaast is ze docent aan het Pratt institute in Brooklyn.

.

Van Gogh in a Landscape, 1957

.

Rounding the outscape: stick figure drop off

Near dusk: a bluish blind sort of Giverny

Spongy, earth-stroked: miniscule artist

Become a twig: his head splashed on

Dot of yellow, to the side of neck: afterthought

Seen from around the curve: last walk?

Last neighborhood: also greens, reeds

A huge hole: mire of glanced pigments

The edge is clear: a trunk warps to the left

Barely on the road: save for the blotch of sun

Or seeds or mind: he won’t get here

Not landscape: paints pain out in it

.

Poëzie en Muziek

Sabine Kars en Mas Papo

.

Twee dichters die ik al langer ken en zeer waardeer zijn een nieuw initiatief gestart. Sabine Kars en Mas Papo hebben de handen ineengeslagen en beginnen op 8 oktober een nieuw radioprogramma over poëzie en muziek. Binnenkort staat alle relevante informatie op hun website https://www.overpoezieenmuziek.nl

Vanaf 8 oktober dus elke zondagavond live bij B-FM in de ether http://www.b-fm.nl twee uur lang (van 21.00 tot 23.00) een programma over muziek en poëzie. Dat kan dus zijn poëtisch taalgebruik in songteksten, poëtische tekstdichters, maar ook poëzie die gebruikt is in liedjes of daar de basis van vormen maar ook muziek die poëtisch is of kan zijn zonder woorden. En natuurlijk muziek en poëzie.

Singer-songwriters zullen hun gasten zijn maar ook rappers, dichters en andere mensen die op een of andere  manier professioneel met poëzie of muziek bezig zijn. Organisatoren. Boekhandelaren, Poëziecentrum  etc. Je kunt het zo gek en breed niet bedenken of het kan aan de orde komen.

In Poëzie door Muziek willen ze een glimp van de wisselwerking tonen tussen muziek en poëzie, door wekelijks te dichten naar aanleiding van een nummer en op die manier een inkijk in het persoonlijke en associatieve schrijfproces geven.

Ook zal dit poëtische duo wekelijks  een artiest of liedje belichten vanwege het poëtische karakter. Dit item heet Poëzie in Muziek. Maar er zal ook interactie zijn met de luisteraars die gevraagd zullen worden gedichten te schrijven naar aanleiding van een thema of onderwerp en er komt een agenda met een greep uit het ruime aanbod te bezoeken podia, festivals en andere interessante evenementen die met poëzie en/of muziek te maken hebben. Kortom er valt een hoop te genieten vanaf 8 oktober op B-FM (te beluisteren via de kabel en via hun website).

Deze twee fijne presentatoren hebben mij uitgenodigd om op zondag 22 oktober in hun programma te komen praten over poëzie. Daar heb ik, uiteraard, met volle overtuiging ja op gezegd. Ik zal vertellen over mijn eigen dichterschap en poëzie.

Speciaal voor deze blog een gedicht van Sabine Kars over één van mijn en haar favoriete liedjes van George Harrison ‘Here comes the sun’.

.

here comes the sun

.

een man klonk door

de winkelstraten deelde

.

broze liedjes uit

poëzie aan passanten

hun tassen volgeladen

.

ik zag kortstondig vuur

in ogen mensen open en dicht gaan

munten vielen schouders schoten omhoog

.

een glimlach werd opgegooid en ik ving

een voortdurend pamflet

tegen vergeefsheid

.

 

Noli me tangere

Dichten is een hoerige bezigheid

.

Via via kwam ik op een bijzonder grappige en interessante website terecht: https://verbodengeschriften.nl Op deze website staan verboden, vergeten, verketterde, verminkte en doodgezwegen boeken en geschriften. Uiteraard ben ik, nieuwsgierig als ik ben, op zoek gegaan naar poëzie op deze site. Helemaal onderaan de lijst staat een stuk van Søren Kierkegaard, vertaald en ingeleid door Drs. W.R. Scholtens met de intrigerende titel: ‘Waarom de mens vooral van ‘de dichter’ houdt en waarom, goddelijk gezien, ‘de dichter’ juist de allergevaarlijkste is.

Na de vertaalde oorspronkelijke tekst uit 1855 volgt een verduidelijking en daar staat onder andere te lezen:

.

Over de rampzaligheid van dichters
Je kunt pas iets zinnigs over de wereld zeggen als je niet meer van de wereld bent, met andere
woorden, dat je eerst een alien geworden moet zijn om als toeschouwer te zien hoe de wereld in elkaar
zit en dichters kunnen dat dus niet. Zij zitten opgesloten in het huis, waarvan zij denken dat het à huis
clos is, en kijken smachtend door het raam naar buiten. Wat zij als vrijgestelden in deze maatschappij
aldus produceren is slechts l’art pour l’art, voor hun eigen boterham, uit ijdelheid, uit de pretentie dat
ze iets te vertellen hebben, maar in wezen is hun dichten een hoerige bezigheid, het exploiteren van
hun eigen en andermans ellende en troosteloosheid. Zij zitten als die man in Kafka’s ‘Proces’ zielig aan
de, nota bene, open poort, hunkerend om naar binnen te gaan, en kristalliseren hun hunkering uit in
fraaie woorden.

Om te vervolgen met:

”De taal is ontstaan om de wil over te brengen en niet om ideeën te communiceren. De taal is vergelijkbaar met een wiskundige praktische creatie, omdat het een middel is om de wil over te brengen. Maar de mens is de taal langzamerhand gaan gebruiken om de wereld mee te beschrijven. Omdat dit voor een groot deel lukt is men vergeten dat woorden middelen van de wil zijn en is men woorden als begrippen en concepten gaan behandelen die onafhankelijk van de mens bestaan”……. Mundus vult decipi. De priesters geloven niet, wat ze de menigte voorhouden. De leiders van politieke partijen bedriegen het volk willens en wetens, met woorden die ze zelf niet begrijpen. De meeste dichters, schilders en verdere artiesten, hebben zich ook die rol aangemeten, vanuit een slechte kans op een plaats in de arbeidsmarkt, door zwakheid of luiheid. En het kritiekloze publiek erkende na enige tijd hun plaats in het kunstvak, waar ze alleen maar vervalste waar leveren, omdat ze niet anders kunnen.”

.

Als dichter en poëzieliefhebber mag ik graag dit soort dingen lezen. De aard en de ‘macht’ van de dichters was in vervlogen tijd blijkbaar gevaarlijk, waarom anders zou Kierkegaard zo fulmineren tegen de dichter. Mij komt het allemaal zeer vermakelijk over in ieder geval. Je snapt nu ook beter waarom dit op een website van vergeten en doodgezwegen boeken terecht is gekomen. Niets over de schoonheid die poëzie biedt, de troost, het plezier, het enthousiasme, het maatschappijkritische, zelfs niet over de mate waarin poëzie kan ontroeren of kan aanzetten tot denken.

De auteur die de verduidelijking schreef geeft als voorbeeld ook nog een passage uit een gedicht van Pessoa:

“Het mysterie der dingen? Weet ik veel wat mysterie is!
Het enige mysterie is dat er zijn die denken over het mysterie.
Wie in de zon staat en de ogen sluit,
Begint met niet te weten wat de zon is
En heel veel dingen te denken vol van warmte.
Maar dan opent hij de ogen en hij ziet de zon
En kan al nergens meer aan denken,
Want het zonlicht is meer waard dan de gedachten
Van alle filosofen en van alle dichters.”

.

Ik kan het nogmaals vooral glimlachend lezen. En reageren met een gedicht van Gerrit Komrij uit de bundel ‘Gesloten circuit’ uit 1982 getiteld ‘Noli me tangere’.

.

Noli me tangere

.

Een vers is ballast. Zorg dat het vergaat.

Je kunt het slopen als je op het laatst

Een bom onder het deel dat er al staat,

Een landmijn in de laatste regel, plaatst.

.

Steek nu de lont vast aan. Een vrome wens.

Er is geen bom. Je bent gedwongen om

Je vers te vullen tot de verste grens.

Pas na een slalom stoot het op de bom.

.

Waarom schei je er, op dit punt beland,

Dan niet mee uit? Raak het niet langer aan.

Hier kan het nog. Maar verder gaat je hand.

Een vers moet rond zijn om niet te bestaan.

.

 

Stadsdichter 2.0

Sint-Niklaas

.

Ieder jaar (vanaf 2010) doet de bibliotheek van Sint-Niklaas in Vlaanderen een oproep voor een nieuwe kinderstadsdichter in de lokale media zoals bijvoorbeeld op de Vlaamse tv-zender TV-Oost. Kinderen tussen de 8 en 14 jaar oud mogen reageren, voorwaarde is wel dat ze in Sint-Niklaas wonen of naar school gaan. Er wordt gevraagd om twee gedichten in te sturen, de vorm is vrij. Vervolgens kiest een commissie van vijf bibliotheekleden en twee bibliotheekmedewerkers uit alle gedichten (meestal ca. 150) een shortlist van 5 dichters.

Deze vijf dichters worden uitgenodigd voor een gesprek waarbij hun ouders ook aanwezig zijn. De jury kijkt niet alleen naar de ingestuurde gedichten maar er wordt gekeken of men geen podiumvrees heeft, of men plezier heeft in wat men doet en naar creativiteit en of men goesting heeft om op poëtische wijze de stad te vertegenwoordigen. Sint-Niklaas heeft een lange ervaring met poëzie, zo wordt sinds jaar en dag elk jaar de Poëzieprijs Culturele Centrale Boontje uitgereikt.

De kinderstadsdichter schrijft jaarlijks onder begeleiding van een jeugdauteur een aantal gedichten die belangrijke gebeurtenissen in de stad als onderwerp hebben. De gedichten worden voordgedragen tijdens de jaarlijkse vredesfeesten en op flyers gedrukt en verspreid. In 2015 was de toen 11 jarige Camille Wellens kinderstadsdichter, in 2016 de 14 jarige Eefje Brandt en in 2017 werd de 13-jarige Camille Bourgeois gekozen tot stadsdichter. Haar winnende gedicht heeft geen titel maar gaat over de stad Sint-Niklaas.  Ik weet dat in Nederland Groningen, Haren en Eemsmond een kinderdichter hebben maar misschien is het een goed idee dit breder te laten landen.

 

.

%d bloggers liken dit: