Categorie archief: Gedichten op vreemde plekken

Wat hier groeit

Joe Heithaus

.

Gedichten op gebouwen en muren worden vaak aangebracht ter decoratie, of om een gedicht in het zonnetje te zetten en de lezer van het gedicht aan het denken. In de staat Indiana in de Verenigde Staten is de reden voor een groot gedicht op de zijkant van een schuur echter heel anders. Hoogleraar Engels aan DePauw University en dichter Joe Heithaus kreeg het idee voor het gedicht na een gemeenschapsdiscussie in het Putnam County Museum, waar Joyce Brinkman haar idee voor dichters uit de hele staat presenteerde om poëzie aan te brengen op de muren van schuren. Op die manier wilde zij  een verscheidenheid aan poëtische voorstellingen van voedsel en voedselproductie verzamelen uit de hele staat. Ze wilde dat deze schuurgedichten zowel Indiana als geheel vertegenwoordigen als de afzonderlijke gebieden waarin de schuur zich bevindt.

Met het gedicht ‘What grows here’ heeft Heithaus vorm gegeven aan dit idee. Het gedicht is geschilderd op een schuur ten westen van Greencastle. “Het is een uitnodiging om te vertragen en alles te lezen” zo zegt Heithaus want je kunt het niet helemaal lezen als je voorbij rijdt. Joe Heithaus woont in Greencastle. De kunstenaar en boer Jerry Bates ontwierp en plande de uitvoering, en samen met toen de vijfdejaars stagiaire bij DePauw Travis LaMothe, schilderden ze het gedicht op de schuur.

Gedichten van Joe Heithaus zijn onder andere gepubliceerd in de New York Quarterly, de American Literary Review en de American Poetry Journal.

.

What grows here

.

Beyond big walnut & the clusters

of sycamore & cottonwood, fields of corn & weed coming up

after the long furrows of winter, sheep lambing

in the frost beside the riprap of early spring, lightning

thudding up the dry summer dust. mr. alcorn nudging

the wheel of his combine while bees’ wings

of corn chaff swirl around him like snow,

ironweed, pokeweed, bindweed & the children

who grow so fast, some in the country, some in town,

all caught between our stories of how we got here & stayed?

.

Advertenties

Het pad der zinnen

Poëziewandeling.

.

Van dichter Evy Van Eynde (van wie zeer binnenkort de bundel ‘Zal ik liefde noemen’ uitkomt bij uitgeverij MUG books, kreeg ik een aantal foto’s van het Pad der zinnen toegestuurd, een stiltewandeling in het stiltegebied Zwarteput in Zutendaal België. Bij het bezoekerscentrum in Lieteberg kun je voor € 3,- een informatieboekje, een wandelkaart, en bladwijzers met daarop gedichten die je tijdens de wandeling tegen komt. Langs de route liggen namelijk allerlei stenen met daarop gedichten van onder andere Jeroen Brouwers, Herman Rohaert, Willem Vermandere en Leonard Nolens.

Het ‘Pad der Zinnen’ is in totaal 21 km lang maar kan opgedeeld worden in drie lussen (6,5 – 7 en 7,5 km). Hieronder een voorbeeld van het gedicht van Herman Rohaert.

.

’t wordt kort

en stil

het licht

breekt roerloos

als een paard, achtergelaten

de nacht, de dag

een haastige

hoest

.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Ik kijk

Iech Loer

.

Dat er vele gedichten in de openbare ruimte te lezen zijn in Nederland en Vlaanderen weet ik al heel lang en na het verschijnen van https://straatpoezie.nl/ weet een steeds groter deel van Nederland en België dit ook. Toch krijg ik nog steeds zo nu en dan foto’s toegestuurd van vrienden en bekenden met poëzie op muren, bruggen, huizen en andere objecten in de openbare ruimte. Zo kreeg ik van Cunera een tweetal foto’s die ze nam in Maastricht. Het aardige van https://straatpoezie.nl/ is dat ik nu kan opzoeken waar dit precies is, welk gedicht en van wie het is (dat was op de foto’s overigens wel goed te zien) maar ook een stukje achtergrond informatie en zelfs een vertaling. Chapeau, nogmaals, dus voor deze geweldige website en haar geestelijk moeder Kila van der Starre. Het gedicht ‘Iech loer’ is van Frans Budé, de vertaling uit het Maastrichts  ‘ik kijk’ is van Ed Silanou. Het gedicht is geschreven op initiatief van de dialectvereniging, de Veldekring, ter gelegenheid van het 85-jarige bestaan. Het gedicht staat geschreven op twee blinde ramen op de gevel van een kapperszaak gelegen aan het Onze Lieve Vrouwenplein/hoek Achter de Comedie in Maastricht.

.

Iech loer

.

Iech loer
nao de luij
op straot, huur
wied eweg
veugel roond
park en Maos.
Wie gruuts alles
zingk vendaog.

Niks is gries
de wolke
die kroepe
zien veur
mörge, kläöre
vaanzelf op

.

Ik kijk

.

Ik kijk
naar de mensen
op straat, hoor
ver weg
vogels rond
park en Maas.
Hoe groots alles
zingt vandaag.

Niets is grijs
de wolken
die aankomen kruipen
zijn voor
morgen, die klaren
vanzelf op.

.

Poëzie protest

Kipling versus Angelou

.

Net na de zomer van 2018, toen het nieuwe studiejaar begon aan de Manchester University, was er een relletje rond een muurschildering met poëzie. De Student Union van de universiteit had in de zomervakantie het Student Union Building laten renoveren en had op een muur in het gebouw het gedicht ‘If’ laten aanbrengen van Rudyard Kipling. Het gedicht lees je hier https://woutervanheiningen.wordpress.com/2013/05/31/if. Als je dit gedicht lees kun je je de beweegredenen van het universiteitsbestuur indenken. Toch waren er studenten die het niet eens waren met de keus voor de dichter Kipling. Kipling schreef namelijk ook het gedicht ‘The White Man’s Burden’ dat, toen het gepubliceerd werd al tot grote discussies leidde. Het gedicht ‘A White Man’s Burden’ lees je hier https://woutervanheiningen.wordpress.com/2017/01/18/the-white-mans-burden/

Als protest tegen de dichter van dit ‘racistische’ gedicht hebben studenten het gedicht ‘If’ overgeschilderd en voorzien van het gedicht ‘Still I rise’ van Maya Angelou, omdat dit gedicht beter overeenkomt met de waarden van studenten van tegenwoordig. De Student Union Diversity Officer (die hebben ze daar) Riddi Viswanathan, zegt daarover: Other student union members believe Kipling’s poems are “not in line with their values.” So, they decided to eliminate “The White Man’s Burden,” one of his most famous poems. Instead, they claimed Maya Angelou’s works are much more suitable to properly represent “black and brown voices.”

Aan de andere kant heeft expert, professor emeritus in de literatuur van de 20e eeuw aan de Kent University, Jan Montefiore, het tegenovergestelde standpunt. Montefiore, die de auteur is van de biografie van Kipling die in 2007 werd gepubliceerd, vindt het verschrikkelijk grof om Kipling als een racist te bestempelen. De Universiteit heeft besloten om het gedicht van Maya Angelou te laten staan.

.

I still rise

.

You may write me down in history

With your bitter, twisted lies,

You may trod me in the very dirt

But still, like dust, I’ll rise.

.

Does my sassiness upset you?

Why are you beset with gloom?

‘Cause I walk like I’ve got oil wells

Pumping in my living room.

.

Just like moons and like suns,

With the certainty of tides,

Just like hopes springing high,

Still I’ll rise.

.

Did you want to see me broken?

Bowed head and lowered eyes?

Shoulders falling down like teardrops,

Weakened by my soulful cries?

.

Does my haughtiness offend you?

Don’t you take it awful hard

‘Cause I laugh like I’ve got gold mines

Diggin’ in my own backyard.

.

You may shoot me with your words,

You may cut me with your eyes,

You may kill me with your hatefulness,

But still, like air, I’ll rise.

.

Does my sexiness upset you?

Does it come as a surprise

That I dance like I’ve got diamonds

At the meeting of my thighs?

.

Out of the huts of history’s shame

I rise

Up from a past that’s rooted in pain

I rise

I’m a black ocean, leaping and wide,

Welling and swelling I bear in the tide.

.

Leaving behind nights of terror and fear

I rise

Into a daybreak that’s wondrously clear

I rise

Bringing the gifts that my ancestors gave,

I am the dream and the hope of the slave.

I rise

I rise

I rise.

.

 

Hunebed

Gedicht op een grote steen

.

Met Oud en Nieuw bezocht ik het grootste Hunebed van Nederland in Borger in Drenthe. Dat Hunebed staat naast het Hunebed centrum waar een oertijdpark, een keientuin en een museum is gevestigd. Het centrum was overigens gesloten op oudjaarsdag maar bij de ingang stond een grote steen met daarop een gedicht dat mijn aandacht trok. De tekst luidt:

.

Rond gespoeld door water

lig ik hier voor later

als bron van uw leven

aanschouwt u mij even

laat mij weer alleen

ook ik ben niet van steen

streel mij eenmaal

op mijn wenken

opdat ik u hernieuwd

leven kan schenken

.

Tussen Gaylord en Norton

Sam Love

.

Dichter en organisator Sam Love uit Indiana (Verenigde Staten) is een enthousiast en creatief poëziepromotor. Zo organiseert jij maandelijks poëzieprojecten in de Lockport-vestiging van de White Oak Library District. Elke maand presenteert Love een ander thema tijdens zijn twee uur durende workshops voor volwassenen. In juli 2018 hadden deze workshops thema’s als: poëzie als kunst, geschiedenis in poëzie en het creëren van poëzie met behulp van de exquise lijkmethode. Met deze methode kondigde Love een thema aan en gaf vervolgens een vel papier door de kamer, waarbij elke deelnemer een regel toevoegt zonder te lezen wat anderen eerder hebben geschreven. Love hierover: Je zou kunnen denken dat dat leidt tot iets afschuwelijks maar het bleek juist heel bijzonder te zijn.

Naast de poëzieworkshops (die nieuwe en terugkerende deelnemers aantrekken bij elke nieuwe workshop), verzamelt Love in 2018 ook fragmenten van originele poëzie in het kader van het UNLOCK project. Geïnteresseerde bijdragers kunnen ook een of meer poëziebundels toevoegen aan de poëziecollectiebox in de Lockport-vestiging. Van deze fragmenten maakt Love, met behulp van tarwepasta, poëzie in de openbare ruimte. Hij gebruikt tarwepasta zodat de woorden zowel de elementen als het verstrijken van de tijd aankunnen. De resultaten van al deze fragmenten zijn te lezen onder de tunnel tussen de gebouwen Gaylord en Norton.

Tot juli 2018 heeft Love ongeveer 250 regels poëzie verzameld. Zijn doel is om alle balken van de onderdoorgangen te bedekken tegen de tijd dat UNLOCK dit najaar eindigt. Hij koos dat gebied omdat het een gemeenschapsruimte was die veel graffiti aantrok. Bij dit project draait het helemaal om ‘gemeenschapswoorden en ruimteterugwinning’. “Ik ben niet tegen graffiti,” zei Love. “Maar wat mensen op de kaarten indienen en tijdens de workshops is prachtig. Mensen begrijpen deze community en hun liefde ervoor. Bezoekers zullen ook de schoonheid ervan zien. ”

.

 

Ujes volkslied

Gedicht op balustrades

.

Van mijn broer kreeg ik een tip over een gedicht of eigenlijk de tekst van het Udens volkslied op de balustrades van de Promenade in Uden. Promenadeplan Uden is een complex met winkels en appartementen.

De voorwaarde die aan Poula Versantvoort ( de bedenker en maker van deze balustrades) gesteld werd door het architectenbureau was een connectie met Uden. Vanuit de gedachte dat zij een typografisch ontwerp wilde maken, is ze op zoek gegaan naar een tekst die betrekking had op Uden. Wat is er dan passender dan het Udens Volkslied. Een oud lied in het Udense dialect wat omstreeks de tweede wereldoorlog is geschreven door Johan Biemans.

De grote teksten staan gekeerd naar het publiek, per balustrade één regel uit het Volkslied. De rest van de balustrade is gevuld met doorlopend van links naar rechts en van boven naar onder, de complete tekst van het Volkslied. Deze tekst staat gespiegeld, zodat deze leesbaar is voor de bewoners van de appartementen.

.

Ujes Volkslied

.

We woone de grond in
Aoling aafter op de plak
In da klein leemen houske
Mi da groot strojen dak

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

De vurdeur is versleete
De zeldeur kepot
Ut boovelicht vergeete
De mure zijn rot

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Mar in de keder stu un kuip
Mi dingzigheid zat
Ik he temiddeg en taaftere
Nog van de knoeris gehad

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Onze vaoder en ons moeder
Zijn van Ujese komaf
Ons moeder kumt van Koldert
Onze vaoder van Bedaf

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

We zijn mi zun achtiene
Un skon taofel mi vollek
Zeuve hender de boks aon
En ellef de skolk

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Inplaots van un mieneke
Stutter un vet verreke int hok
We boere vandaag vort
Dat klinkt as un klok

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Zo skon as be ons
Is ut nerrest aont hous
In de locht tureluurt de leuwerik
In de rogmijt skierpe de mous

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Be de put hen we un hofke
Mi petterteunikes en lisse
Dek vur gin geld van de werreld
Mar oit zo kunne misse

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Vur ut hous stu ne lijndenbom
Be ut keldergat ene flier
Ginder ene sperruk en ene kroesselbos
Ene pruimenbom hier

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Be ons is t zo skon
Be ons is t zo fijn
Ik zou vur gin vet kallef
In Amsterdam wille zijn

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

En kunt er un skoer op
Of un skrikkelijke howmouw
Dan blijve we binne
Be ut vuur onder de skouw

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Ons vaoder zit in de turfhoek
En bidt de rozekrans veur
Ons moeder zet de pap op
De gu in een moete deur

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

Ik zou nie wille roule
Tiggen de kunning of de paus
Want overal ist wa wanne
Behalve be ons thous

Holadriee holladrieo – Holadriehupsasa holladriee

.

Gedicht op een (bronzen) vaandel

Jack Jacobs

.

De Limburgse dichter Jack Jacobs stuurde mij een foto toe van een gedicht dat hij in opdracht had geschreven bij het ter ziele gaan van de fanfare in Meers Limburg, het is gegraveerd in een bronzen vaandel en hangt aan de muur van de repetitieruimte van de fanfare. Op zondag 2 december is het beeld onthuld. Jack Jacobs schrijft al langere tijd poëzie, won enkele poëziewedstrijden, was bedenker van de permanente poëzieroute in en om Elsloo en publiceerde enkele dichtbundels. Het gedicht dat Jack schreef over de fanfare in Meers is getiteld ‘L’exode des musiciens’. Het gaat over het verdwijnen van een fanfare, iets dat in steeds meer plaatsen aan de orde is. De dorpen in het zuiden van het land vergrijzen, leden van fanfares worden steeds ouder en hoewel er wel jeugd instroomt blijft deze meestal niet hangen. Het probleem is vooral de jeugd die zich niet meer wil binden aan vaste momenten in een week.  Elke maandag een uurtje repeteren bij je club is niet meer vanzelfsprekend. Zelfs kinderen hebben tegenwoordig een drukke agenda. Voetbal, computeren, de mobiele telefoon en de muziek moet daar ook nog tussen gepland worden.

.

L’exode des musiciens

.

De specie tussen volk en koperen trots

kent nu zijn sleet, het verbond is verbroken

brokkelt af tussen mineure klanken

en nog steeds flakkert er die liefde

.

ook nu het vuur bijna gedoofd is, de exodus

is niet te stoppen, eenzaam waken grijsaards

over de maat, zware hoofden en harten dragen

rouw, de Maas slaapt, frivole of weemoedige

klanken bedekken het waterlint niet meer

.

zie, de noten vallen uit de partituren

vallen in een diepe stilte, hopen op een kiem

die ze weer opraapt, op een jonge lucht die

ze weer melancholisch en lieflijk speelt

.

 

 

2000 straatgedichten

Straatpoezie.nl

.

Zoals jullie weten ben ik partner en groot fan van https://straatpoezie.nl/, de website waar gedichten in de openbare ruimte (op straat, in parken op molens, ramen, muren, deuren en ga zo maar door) geplaatst kunnen worden en waar je per gemeente, per dorp of stad kunt terug vinden waar er allemaal gedichten te vinden zijn op ‘straat’. Vorige week kreeg ik van Kila van der Starre, de geestelijk moeder van dit prachtige initiatief, te horen dat er inmiddels 2000 gedichten op https://straatpoezie.nl/ vermeld staan. En de teller loopt gewoon door. Ook ik kom nog regelmatig gedichten op straat tegen en als de ondergrond waarop zo’n gedicht is geplaatst interessant genoeg is plaats ik die hier op dit blog.

Via de account van Bertjanssen3 via Instagram kreeg ik van Ruben Philipsen nog een tip. Helaas weet ik niet precies waar deze schoorsteen zich bevindt maar ik vind het een mooi voorbeeld van poëzie in de buitenruimte en als zodanig een aanwinst voor https://straatpoezie.nl/ (als deze er niet al opstaat).

.

Achter mijn rug

zocht de avond

sluipend onderdak

bij de sterren

.

Gedicht in een bank gebeiteld

Skipton Castle

.

In het Engelse plaatsje Skipton, gelegen aan een groot bosrijk gebied, is binnen de muren van het gelijknamige kasteel, Skipton Castle, op een halfronde bank een gedicht in de zitting van deze bank gebeiteld. De stenen bank is gelegen aan de ronding van een dam. Steenhouwer Chris Swales had 6 dagen nodig om het gedicht aan te brengen. het gedicht is geschreven door Hazel Birdsall-Singer, de ‘visitor experience officer’ van Woodland Trust voor Skipton Woods.

De Woodland Trust beheert ongeveer 1200 bosgebieden in het Verenigd Koninkrijk en wil deze interessant en inspirerend laten zijn voor haar vele bezoekers. Daarom is ervoor gekozen de bank te verfraaien met een gedicht. Helaas heb ik het gedicht niet kunnen achterhalen maar het initiatief verdient navolging. Gelukkig heeft Ineke Winnips dit wel voor elkaar gekregen ( aan de maker gevraagd), dit is de tekst:

Rest your feet for a while in the company of trees. Hear the oak, ash and hornbeam talk in the breeze. Take heed of the whispers of trees from the past. Always treasure this wood, long may it last.

.

 

 

%d bloggers liken dit: