Categorie archief: Gedichten in vreemde vormen

Gedicht op een waaier en een ketting

Judith Herzberg en Emily Dickinson

.

Ik heb al vaak geschreven over gedichten op vreemde plekken. Ook Meander heeft nu de vraag aan de klezers van haar nieuwsbrief gesteld om met leuke en bijzondere voorbeelden te komen. Heel soms kom ik nog een voorbeeld tegen dat ik nog niet heb besproken op dit blog. Zoals vandaag een waaier en een 3D ketting.

De eerste is een vouwwaaier met dubbel blad van papier waarop aan de voorkant een gedicht van Judith Herzberg, ‘Er is nog zomer’ uit 1992, is gedrukt, op een glad montuur van bamboe met metalen sluitpin (1991) verkrijgbaar in het Rijksmuseum in Amsterdam.

Het tweede voorbeeld is een gedicht van Emily Dickinson in een 3D geprinte halsketting.

.

Er is nog zomer

.

Er is nog zomer en genoeg

wat zou het loodzwaar

tillen zijn wat een gezwoeg

als iedereen niet iedereen terwille

was als iedereen niet iedereen

op handen droeg.

.

If I can stop one heart from breaking,
I shall not live in vain;

If I can ease one life the aching,

Or cool one pain,

Or help one fainting robin

Unto his nest again,

I shall not live in vain.

.

Visuele poëzie

Anatol Knotek

.

De in Oostenrijk geboren en gevestigde kunstenaar Anatol Knotek (1977) is een specialist in visuele poëzie. Zijn deskundige talenten in de kunsten overstijgen je gemiddelde schilderij of illustratie. Knotek verwerkt de kunst van het geschreven woord in zijn creaties. In feite zijn zijn tekstportretten een samensmelting van krabbels en handgeschreven tekst. De poëziekunstenaar werkt vaak met een permanente stift op canvas. Knotek gebruikt woorden die een zekere waarde hebben voor het gezicht van elke figuur, of het nu gaat om bekende figuren in het leven of gewoon om een ​​vrouw die in blauw is getekend. Als je er met een mooi vergrootglas naar kijkt, kun je Bob Dylans eigen songtekst ‘We live in a political world’ zien, gekrabbeld op de achtergrond van zijn portret tussen een zee van woorden.

Naast dit soort visuele poëzie maakt hij ook tekst objecten waarvan je hieronder een mooi voorbeeld kan zien.

.

Mannen moeten jagen

Het dichtersduo Kila & Babsie

.

Kila&Babsie is een dichtersduo dat bestaat uit Kila van der Starre (1988) en Babette Zijlstra (1988). De twee kennen elkaar uit Ede, waar ze allebei op het Marnix College zaten. In 2005 trad het duo voor het eerst op met poëzie, tijdens een open podium in Cultura in Ede. Kila van der Starre en Babette Zijlstra ken ik al best lang als actief op poëziegebied. Tegenwoordig is vooral Kila een bekende Nederlanders door haar vele optredens op radio, televisie en de socials maar bovenal als initiator van https://straatpoezie.nl/ en van haar proefschrift (waarop ze over niet al te langen tijd gaat promoveren) over Poëzie buiten het boek, een onderwerp dat mij ook erg na aan het hart ligt. Daarnaast is ze dichter en samen met Babette Zijlstra bekend van ‘Woorden temmen’ hét boek over poëzie voor het onderwijs. Babette Zijlstra is naast dichter ook programmamanager bij het Nieuwe Instituut.

In 2010 brachten de twee het boek ‘Het dichtersduo Kila&Babsie’ dat een overzicht geeft van de poëzie van deze twee dichters (in 2010) en een kijkje geeft in het leven van de dames. Veel gedichten van de twee in deze bundel, al is volledig onduidelijk wie welk gedicht heeft geschreven maar misschien hebben ze alle gedichten samen geschreven. Naast de geschreven gedichten zit er een CD bij de bundel waarop de voordrachten van een groot aantal gedichten te beluisteren is.

Uit deze bundel koos ik het gedicht ‘Mannen moeten jagen’.

.

Mannen moeten jagen

.

Als prooi hang ik

achteloos aan de

bar terwijl

hij zich geruisloos

naast mij neer nestelt.

.

Hij bestelt eerst

twee Koninck

“het beste bier

maar ik geloof het niet.

Ik wacht terwijl

hij zachtjes vertelt

dat ik best een Koninck lust.

.

Ik wil het wel

proberen,

wilde eigenlijk

een witte wijn.

.

Stalen poëzie

Cortenstaal

.

Op zoek naar iets heel anders kwam ik op internet een aantal mooie vormen van poëzie in vreemde vormen tegen. Of eigenlijk moet ik zeggen poëzie in bijzondere uitvoeringen. In dit geval namelijk uitgesneden in platen Cortenstaal.

Cortenstaal, ook bekend onder de merknaam COR-TEN-staal, is een metaallegering, bestaande uit ijzer waaraan koper, fosfor, silicium, nikkel en chroom zijn toegevoegd. Cortenstaal is een weervast staal en de bruine roestkleur is het meest typische uiterlijke kenmerk.

Regelmatig kom ik kunst in de buitenruimte tegen die is uitgevoerd in dit soort staal. Als je ooit een roestige vorm van kunst buiten ziet ga er dan maar vanuit dat het hier Cortenstaal betreft. En er is dus ook poëzie uitgevoerd in Cortenstaal. Zo kwam ik Staaltjes natuur tegen http://www.staaltjesnatuur.com van Geert De Kockere. Of litanuurtjes zoals hij ze noemt; gedichten uitgesneden in platen Cortenstaal. De gedichten worden gesneden in een plaat staal van 62 bij 62 en kunnen als een kunstwerk in de tuin kunnen worden gezet, aan een muur gehangen of zelfs binnen in een hal voor een poëtische noot kunnen zorgen.

Hieronder een aantal voorbeelden (niet alleen van Geert De Kockere overigens, er zijn meerdere aanbieders.

.

Ook een Luule publiceren?

Poëzie op Instagram

.

Wie het allereerste MUGzine heeft gelezen tot en met de allerlaatste pagina, ziet op de achterkant een bericht van @Luule. Luule betekent poëzie in het Estisch. Wij leenden Luules naam, omdat ze zo leuk klinkt. Voegden er een puntje aan toe.

Misschien is L.uule een vorm van Insta-poëzie. Een gedachte op doorreis, met een vaste signatuur. L.uule is vluchtig als een zomerzin, grappig en absurd, sexy en een tikje naïef. Soms vinden we er één. Een gestrande dichtregel die ergens is blijven hangen als natte letters op een vies raam. Een onverwacht cadeautje verpakt in woorden.

Alle Luules die tot nu gepubliceerd zijn, zijn gemaakt door de makers en bedenkers van MUGzine en Luule; Marie-Anne van Poetry Affairs en ik zelf namens MUGbooks (en vormgegeven door Bart van BRRT. Wat nou als je zelf een luule hebt gevonden? Wil je dat wij ons over haar ontfermen, stuur dan je vondst naar mugazines@yahoo.com. Wie weet zie je jouw luule dan terug op https://www.instagram.com/l.uule.

Let wel: het is géén wedstrijd. Je krijgt géén naamsvermelding, alleen een #tag met je naam in de instapost, Ook geen prijzengeld, misschien eeuwige roem, of  15 seconds of fame. Stuur maar in! We zijn benieuwd….
.
 
#ookeenluule #mugazines #l.uule #brrt #marieanne73 #mugbooks #poetryaffairs #instapoëzie #luule 
.

L=A=N=G=U=A=G=E

Taaldichters

.

De ‘Language School of Poetry’ begon in de jaren zeventig als reactie op traditionele Amerikaanse poëzie.  In navolging van bewegingen als de ‘Black Mountain’ en ‘New York Schools’, was het de bedoeling van ‘The Language School of Poetry’ om de nadruk te leggen op de taal van het gedicht en om een ​​nieuwe manier te creëren voor de lezer om met het werk om te gaan. Taalpoëzie wordt ook geassocieerd met linkse politiek en was ook verbonden aan diverse literaire tijdschriften gepubliceerd in de jaren ’70, met inbegrip van ‘This’ en ‘L = A = N = G = U = A = G = E’.

Tussen februari 1978 en oktober 1981 werden dertien edities van het avant-gardistische poëzietijdschrift ‘L = A = N = G = U = A = G = E’ uitgegeven door Charles Bernstein en Bruce Andrews. Samen met het Canadese magazineThis is dit de tijdschrift waarnaar vaak wordt verwezen als broedplaats voor de groep schrijvers die bekend werden als ‘The Language Poets’ of ‘de taaldichters’. Alle edities zijn gedigitaliseerd en te lezen op http://english.utah.edu/eclipse/projects/LANGUAGE/language.html

Belangrijke aspecten van taalpoëzie zijn onder meer het idee dat taal betekenis dicteert in plaats van andersom. Taalpoëzie probeert ook de lezer bij de tekst te betrekken, waarbij belang wordt gehecht aan de deelname van lezers aan de constructie van betekenis. Door poëtische taal te doorbreken, eist de dichter van de lezer dat hij een nieuwe manier vindt om de tekst te benaderen.

Een van de dichters die in ‘L = A = N = G = U = A = G = E’ heeft gepubliceerd is Robert Grenier (1941). Hij is één van de dichters die is verbonden is aan de ‘Language School of Poetry’ . Hij was medeoprichter (met Barrett Watten ) van het invloedrijke tijdschrift  ‘This’(1971–1974). ‘This’ was samen met ‘L = A = N = G = U = A = G = E’ een keerpunt in de geschiedenis van recente Amerikaanse poëzie en was een van de eerste samenwerkingsverbanden in druk van verschillende schrijvers, kunstenaars en dichters die nu worden aangeduid (of losjes genoemd) als de ‘Taaldichters’.

Greniers recente ‘boeken’ worden op verschillende manieren beschreven als folio’s van haiku-achtige inscripties of transcripties. Curtis Faville stelt dat Grenier “een nieuwe hybride vorm heeft voortgebracht – noch” poëzie “noch grafische kunst – die woorden (letters) behandelt als een letterlijke vorm visueel ontwerp, waarbij “leesbaarheid” aan de rand van ongerustheid zweeft “. Voor voorbeelden van zijn actuele poëzie kun je hier terecht: http://writing.upenn.edu/pennsound/x/Grenier.php

In ‘L = A = N = G = U = A = G = E’ verscheen destijds het volgende gedicht van Grenier.

.

Tegenwoordig maakt Robert Grenier vooral ‘Language Objects’ vier-kleurige tekening-gedichten. Hier een voorbeeld getiteld ‘Evening will come’.

.

 

Visuele gedichten

Freda Kamphuis

.

Bij De Slegte in Antwerpen kwam ik de bundel ‘Titel’ van Freda Kamphuis (1965) tegen en ik werd daar heel vrolijk van. ‘Titel’ uit 2014 is de tweede bundel van Freda Kamphuis die bij uitgeverij Voetnoot verscheen als 20ste deel in de reeks ‘Eigentijdse Poëzie’. De bundel bevat naast een aantal Haiku’s (Een dichtvorm van drie regels van vijf, zeven en vijf lettergrepen, en die traditioneel naar een jaargetijde verwijst) vooral een aantal bijzondere visuele gedichten waar ik vrolijk van werd. In de hedendaagse poëzie is het visuele gedicht, in de traditie van Paul van Ostaijen, steeds minder aanwezig. Alle reden voor mij om hier stil te staan bij de visuele gedichten van Kamphuis.

Freda Kamphuis verweeft poëzie en grafisch ontwerp in haar visuele gedichten op een verrassende manier waarbij ze de zeggingskracht van woord en beeld verkend en onderzoekt. Op haar blog http://freda-s-blog.blogspot.com is, naast de twee voorbeelden die ik hier plaats, nog veel meer over haar werk en haar poëzie te lezen.

.

Dorothy Parker

Girl, Interrupted

.

De film ‘Girl, Interrupted’ uit 1999 is gebaseerd op het verblijf van 18 maanden van schrijfster Susanna Kaysen in een psychiatrische instelling. In deze film van James Mangold speelt Winona Ryder de hoofdrol en is er een bijrol van een nog jonge Angelina Jolie ( waar ze de Oscar, een Golden globe, een Acca award en een Blockbuster Entertainment Award voor beste bijrol voor ontving).

Angelina Jolie speelt het personage van Lisa en in de film spreekt ze een versje uit tijdens het kaarten dat je als instant poëzie zou kunnen zien ( ik dan toch).  Het blijkt een gedicht te zijn van dichter Dorothy Parker (1893 – 1967) getiteld ‘Resumé’. Lisa zegt het volgende ( een gedicht over het plegen van zelfmoord):

.

Resumé

.

Razors pain you;
Rivers are damp;
Acids stain you;
And drugs cause cramp.
Guns aren’t lawful;
Nooses give;
Gas smells awful;
You might as well live.
.

 

Dichters in verzet

Myanmar

.

Van Ton Houtman kreeg ik afgelopen woensdagavond een tip over een dichtersgroep in Myanmar, die omwille van hun kunst gevangen waren gezet. Op de website van Amnesty International lees ik zes leden van de satirische dichtgroep ‘Peacock Generation’ celstraffen moeten uitzitten van tussen de anderhalf en tweeënhalf jaar. Ze zijn opgepakt voor een optreden waarin ze kritiek uitten op het Myanmarese leger.

De zes dichters (elders wordt van 5 dichters gesproken namelijk Kay Khine Tun, Zayar Lwin, Paing Pyo Min, Paing Ye Thu en Zaw Lin Htut) werden in april en mei 2019 opgepakt nadat ze Thangyat hadden opgevoerd. Thangyat is een traditionele en gerespecteerde kunstvorm, verwant aan slam poëzie, in Myanmar waarin dichtkunst, komedie en muziek samenkomen. De dichters droegen tijdens hun optreden uniformen en uitten kritiek op het leger. Het is absurd om hun optreden te zien als een gevaar voor het Myanmarese leger. Toch werden de Peacock-leden in oktober en november veroordeeld voor onder meer het aanzetten tot muiterij van soldaten. Ze riskeren nog een extra celstraf van twee jaar voor ‘online laster’ omdat ze een video van hun optreden op Facebook plaatsten. Voor dit laatste ‘vergrijp’ blijkt het zesde lid, Su Yadanar Myint, aangeklaagd te zijn.

Hieronder kun je op een YouTube filmpje bekijken hoe een Thangyat uitvoering eruit ziet en klinkt. De introductie duurt ongeveer 18 seconden gevolgd door een Peacock Generation thangyat-uitvoering, vol ritme en call-and-response zang. Bron: Radio Free Asia

Wil je protesteren tegen deze veroordeling dan kan dat via de website van Amnesty International https://www.amnesty.nl/acties/schrijfactie-myanmar-dichters-achter-de-tralies

.

Vuurgedicht en meer

Villa Empain

.

Afgelopen weekend was ik in Brussel in de Villa Empain van de Boghossian Foundation. In 2010 opende de Boghossianstichting een residentie voor gastkunstenaars in deze Art Deco villa, dat al snel uitgroeide tot een belangrijk onderdeel van haar project. Door kunstenaars van alle achtergronden uit te nodigen om in de Villa Empain te verblijven, biedt de Boghossianstichting een serene context voor kunstenaars uit oost en west, om hun zich te ontwikkelen, terwijl ze zich laten inspireren door een dynamische culturele omgeving.

Naast de prachtige villa (die zeer de moeite waard is om te bekijken) was er ook de tentoonstelling Ekphrasis – het schrift in de kunst. Het beeld en het schrift zijn nauw aan elkaar verwant, complementair, en in zekere mate zelfs onderling verwisselbaar. Ekphrasis – Het schrift in de kunst presenteert werken en teksten van een veertigtal vooraanstaande kunstenaars die sinds de jaren zestig het schrift als middel om het beeld te vervangen of te beschrijven geëxperimenteerd hebben.

Er bestaat een grote traditie van kunstenaars die zich zowel met beeldende kunst als met literatuur, poëzie of politiek bezighouden en voor wie taal een wezenlijk onderdeel van hun oeuvre vormt. De tentoonstelling verkent via hedendaagse kunstenaars de verschillende obstakels en voorliefdes voor het gebruik van taal in kunst.

Omdat ik bijzonder geïnteresseerd in alles wat ik de rafelranden van de poëzie noem, was ik blij verrast door deze tentoonstelling. Zo hing er werk van Shirin Neshat waarover ik in 2013 al schreef https://woutervanheiningen.wordpress.com/2013/06/24/poetische-kunst-of-kunstzinnige-poezie/. Maar ook van andere kunstenaars als Lieven De Boeck  met het werk ‘Yellow story’, Jean Boghossian met twee werken zonder titel waarin hij met vuur poëzie heeft gemaakt en Christian Dotremont met het werk ‘Logogrammen: Hendes haar…’.

.

Lieven De Boeck

Jean Boghossian

Christian Dotremont

%d bloggers liken dit: