Categorie archief: Gedichten in de openbare ruimte

Dichter in verzet

Kamp Vught

.

Enige tijd geleden was ik in Kamp Vught. In de oorlog was dit een werkkamp en vele mensen verloren daar hun leven. Op de fusilladeplaats bijvoorbeeld werden alleen al 329 mannen doodgeschoten. Vele andere verloren hun leven door ondervoeding, ziekte en andere oorlogsmisdaden. Toen het werkkamp gesloten werd, hebben mensen uit respect voor de overledenen een groot kruis neergezet op de plek waar de fusilladeplaats was. Vlak na de 2e Wereldoorlog , op 20 december 1947, wordt dit kruis vervangen door een monument met de namen van de omgekomen mensen en officieel onthuld  door prinses Juliana.

In 1995 bekladden vandalen het monument met teer, koolteer. Er worden verschillende pogingen ondernomen om het monument schoon te maken, maar alles mislukt. De daders zijn nooit gepakt, het is zelfs niet eens zeker of het wel meerdere daders zijn, misschien was het wel één persoon. Omdat de stenen niet meer schoon te maken waren, is er een nieuw monument gemaakt met de namen van de overledenen erop. De originele stenen inclusief teer, zijn nog te zien in het museum bij Kamp Vught.

Kort na deze daad van vandalisme heeft iemand, een onbekende dichter, een papier bevestigd op het hek naar de fusilladeplaats toe. Het gedicht is te lezen bij de besmeurde stenen in het kamp, aan het hek van de fusilladeplaats is nu een permanent bord bevestigd waarop het gedicht, van de onbekende dichter in verzet tegen deze vandalistische daad, te lezen is.

.

Advertenties

Ode aan de stedenbouwkundige

Gedicht op een muur

.

In Bergen op Zoom is in april 2016, een gedicht van Bert Bevers onthuld als eerbetoon aan Frans de Looij. Frans de Looij was stedenbouwkkundige van Bergen op Zoom en overleed in 2016 op 59 jarige leeftijd. Frans van Looij was een lopende encyclopedie en een bevlogen mens die de stad van binnen en van buiten kende.

Het gedicht is bijzonder fraai vorm gegeven door Marc Meeuwissen. Het is een Acrostichon (of wel naamdicht of lettervers) geworden waarbij de eerste letters van de zin van boven naar onderen de naam Frans de Looij vormen. Tijdens de onthullingspeech werd al geopperd dat hier een bankje neergezet dient te worden opdat je in alle rust het gedicht tot je kunt nemen, of nog een keer, of wel twee keer! Het is een gedicht dat je aan het denken zet, je herleest elk woord nog een keer en probeert een nieuwe samenhang te vinden of een diepere laag te ontdekken waarmee het recht doet aan de herinnering aan Frans van Looij. Benieuwd of het ook al is aangemeld bij http://www.straatpoezie.nl

.

Ede en Nepal

Gedichten op vreemde plekken

.

Van mijn collega Ronald krijg ik zo nu en dan foto’s toegestuurd van gedichten die hij aantreft op vreemde plekken, meestal in de buitenruinmte maar ook in gebouwen of zoals onderstaand geval, toen hij op vakantie in Nepal was. Of dit een gedicht is, op deze muur in Llam in Nepal, weet ik eerlijk gezegd niet zeker maar de afbeelding en de tekst zijn fraai genoeg om hier te delen.

De andere foto heeft hij genomen in Cultura in Ede, het Centrum voor Kunst en Cultuur aldaar waarin ook de bibliotheek gevestigd is. Van een collega uit ede kreeg ik de informatie dat de tekst is geschreven in 2010 in het kader van de Kinderboekenweek dat toen als thema Poëzie had. De tekst is geschreven door de toenmalig directeur van de bibliotheek Ko Oosterwijk. Er zijn toen meerdere gedichten geschreven en tentoongesteld, deze is bewaard gebleven en aangebracht op de kolom in het gebouw.

.

 

I’dd tell you

how a Yak flies

It’s not

as hard as you think

all you have to do

is close your eyes and

dream

De Samurai

.

Niets is eenzamer

dan de tijger die bij nacht

gejaagd wordt, misschien

 

 

Gedichten op een flat en het fietspad

Gedichtenpad De Wijde Weide

.

Dichter/kunstenaar Delia Bremer ken ik als een bezige bij en een enorme promotor van poëzie, vooral in en rond de omgeving waar zij woonachtig is, Hoogeveen in Drente. Delia heeft in juli 2017 samen met de smederijen van Hoogeveen en de inwoners van de wijk De weide / Erflanden in Hoogeveen een nieuw poëzie initiatief gestart.

Het betreft hier een gedichtenpad in de wijk. Op borden langs de weg, op een flat, op het Struunhuus en op het fietspad zijn gedichten aangebracht van inwoners en  basisschoolleerlingen uit de wijk.

Dit gedichtenpad is een voortzetting van ‘Poëzie langs de vaart’ uit 2016 een ander poëzieproject van Delia en de smederijen uit Hoogeveen.

.

                                                                                                                                                                                                      Poëzie aan de vaart

Dichtregels op brugwachtershuisjes

Brugwachtershuisjes.nl

.

De Stichting Brugwachtershuisjes heeft als doel om leegstaande brugwachtershuisjes een nieuwe bestemming te geven. Brugwachtershuisjes zijn vaak zorgvuldig ontworpen huisjes op markante plekken in een stedelijke of landelijke omgeving. De stichting heeft de overtuiging dat een positieve beleving van deze huisjes het beste gewaarborgd wordt door deze een nieuwe functie te geven. Stichting Brugwachtershuisjes initieert en stimuleert dit hergebruik en biedt zo mogelijk ondersteuning bij het vinden en realiseren van nieuwe gebruiksmogelijkheden.

Niet alleen wordt gekeken naar nieuwe gebruiksmogelijkheden, er wordt ook gekeken naar het meer aandacht geven binnen de stad aan deze huisjes. Een nieuw initiatief op dit gebied is het plaatsen van dichtregels die betrekking hebben op zo’n huisje of op de omgeving of  functie van zo’n een briugwachtershuisje.

Men heeft mij benaderd voor twee brugwachtershuisjes in Maassluis. Ik heb een gedicht aangedragen (weet niet of men daar iets mee kan, dat hoor ik nog) en ook de stadsdichter van Maassluis zal een gedicht voor een regel aanleveren.

In het centrum van Schiedam is al het brugwachtershuisje van de Ooievaarsbrug voorzien van een dichtregel van Wijbrand Boon. De regel die men aanbracht is: “Een brug …. je moet er voor open staan”. Als er meer nieuws te melden is over het aanbrengen van dichtregels van mij of in Maassluis zal ik hierop terug komen.

.

Gebarentaalgedicht

Polder

 

Van Stefanie kreeg ik een tip dat er in Leiden wordt gewerkt aan een nieuwe vorm van muurgedichten, namelijk in de vorm van gebarentaal. Dit muurgedicht in gebarentaal, wordt weergegeven in de vorm van een videokunstwerk. Dit gedicht zal worden aangebracht op een muur in de Leidse Hortus Botanicus. De keuze voor het gedicht ‘Polder’ is een eerbetoon aan Wim Emmerik (1940-2015), een belangrijke pionier van de gebarentaal. ‘Polder’, één van Emmeriks op beeld vastgelegde gedichten, gaat over zijn relatie tot het vlakke Nederlandse polderlandschap. Initiatiefnemers zijn onder meer het Taalmuseum ­Leiden en het Leiden University ­Centre for Linguïstics (LUCL), één van de instituten van de Faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit Leiden. Wim Emmerik heeft een belangrijke rol gespeeld in het gebarentaalonderzoek in Nederland. In de jaren ’80 en ’90 was hij betrokken bij onderzoek van de Nederlandse Stichting voor het Dove en Slechthorende Kind (NSDSK)) en aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij ook vele generaties studenten gebarentaalles gaf.

Leiden staat bekend om zijn muurgedichten. Die zijn geschreven in allerlei verschillende talen, en laten de schoonheid zien van die diversiteit. Een gedicht in de Nederlandse gebarentaal – de moedertaal van de Nederlandse dovengemeenschap – mag daar natuurlijk niet aan ontbreken. Tenslotte is gebarentaal één van de uniek Nederlandse talen is, net zoals het Fries. Steek je de grens over naar België of Duitsland, dan hanteren ze daar een andere gebarentaal.’

Op de website van Voor de kunst https://www.voordekunst.nl/projecten/6035-muurgedicht-in-nederlandse-gebarentaal is het mogelijk om een bijdrage te leveren aan het verwezenlijken van dit bijzondere muurgedicht.

.

 

Utrecht Centraal Station

Hanny Michaelis

.

Van mijn collega Ronald kreeg ik een foto toegestuurd die hij maakte op Utrecht Centraal station. In het station heeft men een gedicht van Hanny Michaelis geplaatst bij de gele borden met de vertrektijden van de treinen.  Uiteraard heb ik gelijk gekeken of dit gedicht al op Straatpoëzie.nl was geplaatst en dat was het geval. Daar las ik het volgende:

Het gedicht is een geschenk van ProRail en de NS aan de reizigers. Het gedicht werd onthuld in december 2016 tijdens de officiële opening van het nieuwe stationsgebouw. Het gedicht komt uit de bundel ‘Water uit de rots’ uit 1957.

.

Nacht: veilige overkapping
waar de droomtrein te wachten staat
die me naar jou terugbrengt
door een tunnel van slaap

Samen gaan we het pad
naar de zee, blauw
en warm onder de zon
van een voorbije zomer

Maar altijd rijdt de trein
terug naar het lege perron
van een dag zonder jou

.

 

Gedicht op het raam van Leeszaal West

Gino van Weenen

.

Gino van Weenen (1986) is performer, schrijver, dichter en creatief ondernemer. In de eerste papieren dichtbundel die ik uitgaf met MUG Books ‘Wij dragen Rotterdam’ uit 2014 stonden al een aantal gedichten van Gino.  Hij werkt voor o.a.  Bibliotheek Aanzet, Poetry Circle Nowhere en hij was vice voorzitter van Jong RRKC, een adviesraad voor Rotterdam arts & culture. Gino publiceert zijn werk op verschillende blogs als Rotterdam, I Love You en Vers Beton.  Ook schrijft hij journalistieke stukken en columns.

Voor de Leeszaal West in Rotterdam schreef hij het gedicht ‘Binnenweg’ op een raam waarmee zijn werk voor alle bezoekers en passanten te lezen is. Mewer over Gino vind je hier https://ginovanweenen.com

.

Binnenweg

.

Binnen in de tram ontrolt er
een verhaal van het centrum naar west.
Dit is de legende van een straat
die oude ambachten doet herleven
en ongezien verandert.
Het gaat hier van volle naar lege glazen
het stroomt van de Westersingel over
en kronkelt het naar de havens.
Op lome dagen slentert de wereld langs
etalages en kiosken.
Snijdt men lokken van mannen
draait men dreads.
Eet je de wereld van keuken naar keuken
met elke hap dichter bij de zon.
Je proeft de tuin uit Turkije, Italië,
India of gewoon uit de buurt.
Dwarsstraten strepen langszij en geven voeding
aan de ijzeren aders van de tram.
Koffiekoppen klinken als het lepeltje er in roert,
zoals de naald schraapt over de plaat.
Ik hang lampen op en licht daarmee mijn planten uit,
gestekt en gezaaid. Het is verre van Rotterdam.
In de boeken bestaat er een Binnenweg.
.

Wolkers in Oegstgeest

Muurgedicht in voorbereiding

.

Van vriend Maiko kreeg ik een folder  van het Cultuurfonds Oegstgeest over het in voorbereiding zijnde muurgedicht van Jan Wolkers. Jan Wolkers werd geboren in de Deutzstraat nummer 7 in Oegstgeest. Na recente planologische vernieuwingen is een blinde muur in zicht gekomen, tegenover het geboortehuis van Jan Wolkers. In de traditie van de ruim 100 muurgedichten in Leiden faciliteert en ondersteunt het Ciultuurfonds Oegstgeest het initiatief om tot dit muurgedicht van Wolkers te komen.

Het Cultuurfonds Oegstgeest is ontstaan als een burgerinitiatief van een groep enthousiaste burgers uit Oegstgeest. Daarna werd dit in de vorm van een ANBI stichting ook daadwerkelijk een feit. Het stichtingsbestuur wordt gevormd door vrijwilligers uit de Oegstgeester gemeenschap, allen met een warm hart voor kunst en cultuur.

Alle belanghebbende partijen (de eigenaar van het pand met de blinde muur, Karina Wolkers, de VVE van de parkeerplaats die er naast ligt en de gemeente)  zijn positief. Om tot het realiseren van dit plan te komen is er echter nog geld nodig. Een familie in Oegstgeest heeft al geruime tijd het idee voor dit muurgedicht en heeft daarvoor ook al een geldbedrag bijeen gebracht. Toen men hoorde van het voornemen van het CFO heeft men het bedrag spontaan aangeboden aan het CFO waarmee de eerste kosten waren gedekt. Maar dit is nog niet voldoende. In Oegstgeest wordt gecollecteerd voor dit initiatief maar iedereen kan vriend worden van het Cultuurfonds en helpt daarmee de realisatie van dit muurgedicht dichterbij te laten komen.

Tevens wordt een dichtwedstrijd op de basisscholen van Oegstgeest georganiseerd om aandacht te vragen voor het muurgedicht. Het streven is op 26 oktober het muurgedicht van Jan Wolkers te onthullen.

Het gedicht dat is gekozen als muurgedicht is het gedicht ‘De herinnering’ dat is gepubliceerd in’Verzamelde gedichten’ uitegegevn door de Bezige Bij in 2008.

.

De herinnering

.

Het is zo lang geleden
Dat het vergeten had moeten zijn,
Het is zo vers
Als een voetstap in het gras,
Als rook die wegtrekt uit een open raam,
Dauw die druppelt langs gewas
Door aarde en stof,
Een gedachte die niet meer was.

.

Straatpoëzie

Ida Gerhardt

.

In ‘Onze taal’ het maandblad van het genootschap Onze Taal staat deze maand (nummer 7/8) een groot artikel van vier pagina’s over straatpoëzie met Kila van der Starre. De regelmatige lezer van dit blog weet dat Kila van der Starre de drijvende kracht is achter het project Straatpoëzie waaraan ook ik als partner ben verbonden. In het interview/artikel veel achtegrondinformatie over het project straatpoëzie en de website met deze naam.

Wat ik heel interessant vond om te lezen was dat in de top 10 van meestvoorkomende dichters, als het gaat om gedichten in de buitenruimte, Ida Gerhardt bovenaan staat. Gevolgd door twee, mij veel onbekendere, dichters Ina Stabergh (gewezen stadsdichter van Diest) en Tine Hertmans (tot voor kort dorpsdichter van Destelbergen) beide uit Vlaanderen, want straatpoëzie beperkt zich niet alleen tot Nederland  Er staan meer onbekendere namen in de top 10 maar dat komt omdat sommige streek- of stadsdichters vaak meerdere gedichten op straat hebben staan.

Het gedicht dat het vaakst voortkomt is ‘Het carillon’ van Ida Gerhardt, maar liefst 7 keer kun je dat in Nederland/Vlaanderen tegen komen in de publieke ruimte. Zoals Kila stelt in het artikel; Dat gedicht wordt vaak gebruikt voor Tweede Wereldoorlog-monumenten. het gedicht gaat weliswaar ook over kerkklokken en muziek, maar als het op zo’n monument staat, lijkt het alleen te verwijzen naar de Joodse gemeenschap en de Holocaust’.

Nog een conclusie uit het onderzoek van Kila; Nederlanders komen in aanraking met poëzie op verschillende manieren. Op 1 staan bruiloften en begrafenissen, op 2 allerlei televisieprogramma’s en op 3 de openbare ruimte. Toen ik dit las wist ik weer waarom een initiatief als Straatpoëzie.nl maar ook de Poëziebus van grote waarde zijn voor de waardering van poëzie. In het artikel vertelt Kila dat ze ook nader onderzoek gaat doen naar poëzie op sociale media, poëziefestivals, kussenslopen, waterflesjes en zelfs getatoeëerde gedichten. Ik zal haar wijzen op mijn rubriek Gedichten op vreemde plekken (maar volgens mij weet ze die wel te vinden), daar staan honderden voorbeelden.

Je kunt nog steeds gedichten in de openbare ruimte aanmelden bij http://www.straatpoezie.nl, eenvoudig en snel, dus weet je ergens een gedicht op straat of buiten check de website even en als het er nog niet op staat, voeg het toe!

.

Het carillon

.

Ik zag de mensen in de straten,
hun armoe en hun grauw gezicht, –
toen streek er over de gelaten
een luisteren, een vleug van licht.

Want boven in de klokketoren
na ’t donker-bronzen urenslaan
ving, over heel de stad te horen,
de beiaardier te spelen aan.

Valerius : – een statig zingen
waarin de zware klok bewoog,
doorstrooid van lichter sprankelingen,
‘Wij slaan het oog tot U omhoog.’

En één tussen de naamloos velen,
gedrongen aan de huizenkant
stond ik te luistr’ren naar dit spelen
dat zong van mijn geschonden land.

Dit sprakeloze samenkomen
en Hollands licht over de stad –
Nooit heb ik wat ons werd ontnomen
zo bitter, bitter liefgehad.

.

In het Hof van Breda in Kampen.

 

%d bloggers liken dit: