Categorie archief: Film gebaseerd op poëzie

Nationale Poëziefilms Festival

6 November 2021

.

Poëzie en films gaan goed samen, neem een kijkje in de rubriek Poëzie en Film of in de rubriek Film gebaseerd op poëzie, en je begrijpt wat ik bedoel.  In navolging van Berlijn, Seattle, Montreal, Barcelona en tal van andere plaatsen over de hele wereld krijgt ook Nederland dit jaar een poëziefilmfestival. Op 6 november 2021 vindt in Zutphen de eerste editie plaats: een dag in het teken van lokale, nationale en internationale poëziefilms.

Initiatiefnemers zijn filmmaker en -regisseur Helmie Stil en filmdocent, schrijver en directeur van het Zutphens filmhuis Luxor Hans Heesen.

Met het Nederlands poëzie filmfestival gaat er voor Hans Heesen een oude wens in vervulling. Twintig jaar geleden al had hij met Ingmar Heytze het plan om poëziefilms te gaan maken, onder de noemer ‘Versfilm’. De producent stak het hoog in, te hoog bleek achteraf. “Zijn idee was om iedere week een poëziefilm te vertonen op televisie. 52 poëziefilms in een jaar. Het voorstel bleef steken en de uitvoering kwam er niet. “Een les waar ik van geleerd heb,” zegt Heesen. “Klein beginnen, niet te snel te groot maken en jezelf niet afhankelijk maken van anderen.” Maar nu komt het er dan toch echt van.

In de maanden voorafgaand aan het Poëzie Filmfestival in Zutphen geeft Helmie Stil workshops aan middelbare scholieren. “Ze mogen een eigen poëziefilm maken die zal worden vertoond op het festival. We hebben vier dichters gevraagd daarvoor een gedicht beschikbaar te stellen.” Dat zijn Iduna Paalman, Wout Waanders Ingmar Heytze en Naomi Montroos. Naast het scholierenprogramma is er een lokaal programma met films van Zutphense dichters, een landelijk programma en een internationaal programma met films van het Zebra Poetry Film Festival Berlijn en een Engels/Amerikaans programma met films van The Poetry Society en Motionpoems.

Het Nationaal Poëziefilms Festival is op zaterdag 6 november 2021 in filmhuis Luxor in Zutphen https://luxorzutphen.nl/ .

Een mooi voorbeeld van een Poëziefilm is ‘ The posh mums are boxing in the square’ , een film van Helmie Stil bij het gelijknamige gedicht van Wayne Holloway-Smith dat in 2018 het winnende gedicht was van tjhe National Poetry Competition in het verenigd Koninkrijk. De jury schreef over dit gedicht:

“Het lijkt soms oneerlijk dat poëzie, een van de belangrijkste vertolkers van onze diepste gevoelens, in één adem moet worden genoemd met sentimentaliteit, om deze juist te vermijden. Maar als je het ziet gebeuren, als het zo goed wordt gedaan zoals in ‘The posh mums are boxing’ on the square’  dan is het adembenemend – een moeder die opnieuw in het leven staat, opstaat uit haar bed en bokshandschoenen krijgt om een ​​vreselijke ziekte te bestrijden. De titel en de opzet zijn zo heerlijk absurd, we worden glimlachend meegenomen in een gedicht dat ons in onze eigen buik raakt met zijn verwoestende zwaarte.”

.

The posh mums are boxing in the square

.

roughing each other up    in a nice way
This is not the world into which I was born
so I’m changing it
I’m sinking deep into the past and dressing my own mum
in their blue spandexes
svelte black stripes from hip to hem
and husbands with better dispositions toward kindness
or at least    I’m giving her new lungs
I’m giving her a best friend    with no problems and both of them pads
some gloves to go at each other with    in a nice way
I’m making it a warm day for them but also
I’m making it rain
the two of them dapping it out in long shadows
I’m watching her from the trees grow
strength in her thighs    my mum
grow strength in her glutes my mum
her back taught upright
her knees
and watching her grow no bad thing in her stomach no tumour
her feet do not hurt to touch    my mum she is hopping
sinews are happening
wiry arms developing their full reach
no bad thing explodes

sweat and not gradual death    I’m cheering
no thing in her stomach no alcohol
no cigarettes with their crotonaldehyde let my dad keep those
no removal of her womb
– and I’m cheering her on in better condition
cheering she is learning to fight for her own body
in spandex her new life
and though there is no beef between them
if her friend is gaining the upper hand
I will call out from the trees
her name
Christine!
and when she turns    as turn she must
my mum           in the nicest possible way
can slug her right in the gut

.

 

The posh mums are boxing in the square from Helmie Stil on Vimeo.

.

Denk maar aan iets blauws

Film gebaseerd op een gedicht

.

Het gedicht ‘denk maar aan iets blauws’ van Martijn den Ouden uit de bundel ‘De beloofde dinsdag’ uit 2013 was bedoeld als een ode aan de kleur blauw. De kleur blauw creëert een vorm van rust in de zinnen. Het gedicht gaat over het bieden van troost, met blauw als troostende kleur.

In de film ‘Denk maar aan iets blauws’ – die in zijn totaliteit gebaseerd werd op het gedicht – combineert regisseur Jerry de Mars deze geruststellende woorden met een nieuwe, visuele laag. De beelden van architectuur, het Griekse landschap en de verloren geliefde laten de personages uit het gedicht tot leven komen; in scènes die zich afwisselen tussen een droomwereld en de werkelijkheid.

‘Denk maar aan iets blauws’ zo stellen de makers, voert je mee in een zee van rustgevende woorden, maar laat je door de beelden ook meevoelen met de heftige emoties van het personage. Zes minuten lang voelen, horen en vooral genieten.

Op de website van Cinetree https://cinetree.nl/korte-films/denk-maar-aan-iets-blauws kun je deze korte film bekijken en het gedicht kun je hieronder lezen.

.

denk maar aan iets blauws, aan een zwembad met aan de rand rustende vrouwen in
blauwe badpakken die met blauwe rietjes van blauwe cocktails drinken en boeken
lezen met een blauwe kaft en soms kijken ze even op naar de hemel om zich er van
te vergewissen of het uitspansel nog helder en strak is, of er niet ergens een wolkje
drijft, en nee, de lucht is kraakhelder, hemelsblauw, en de vrouwen leggen hun
boeken op hun benen, met de blauwe kaft naar boven, bekijken hun blauwgelakte
nagels, nemen een slok met het blauwe rietje van hun blauwe cocktails, lichten het
boek van hun benen en lezen voort terwijl in het zwembad de zusters zwemmen,
geruisloos zwemmen, licht en soepel door het frisse water, je hoort ze ademhalen, of
het water kolken, de rimpels over rimpels glijden en behalve de kleur van hun
lichamen is alles blauw, denk aan iets blauws, aan de sportwagen van suikeroom
sander, loaded, snel, kleurenblind, verkerend in de veronderstelling dat hij in een
groene triumph spitfire rondrijdt, laat hem in de waan en denk aan de glanzende
blauwe lak en de koningsblauwe leren handschoenen van zijn vrouw, de zonnebril
met het blauwe montuur en de blauwe rook van haar sigaret, elegant hoe zij rookt,
de woest jong en strak in het vel kronkelende stoot, soms rustig, extreem beheerst,
moederlijk, volwassen, het zijden sjaaltje om het hoofd, met afgemeten kracht onder
de kin gestrikt, rook, drink vermouth bianco en kijk uit van de zonovergoten villa met
de kobalt geschilderde muren en kozijnen, de platgeslagen toren op de rots, uit over
de kalme, gladde, zomersblauwe zee en sta op, laat lauw water over de polsen
stromen, adem rustig, leg een koude theelepel op de tong, denk aan iets blauws;
ballonnen, grote dromerige ogen, bruiloften, luchtkastelen

.

 

Heldere ster

Films gebaseerd op gedichten

.
Het is alweer een tijdje geleden dat ik schreef over films die gebaseerd zijn  op poëzie of een gedicht. Ik wil daar vandaag een film aan toevoegen namelijk ‘Bright Star’ uit 2009 van regisseur Jane Campion. ‘Bright star’ is een romantische filmtragedie, gebaseerd op de laatste drie levensjaren van de dichter John Keats. De titel verwijst naar een sonnet van Keats, ‘Bright star, would I were stedfast as thou art. De film kreeg een nominatie voor een Gouden Palm op het filmfestival van Cannes.
Het tragische verhaal gaat over een geheime liefdesrelatie van John Keats met zijn buurmeisje Fanny Brawne. De film concentreert zich vooral op het leven van Fanny, die zich bezighoudt met borduren, haar eigen kleding maakt en zich vermaakt met haar kleine zusje en broertje. Eerst een oppervlakkig meisje dat van dansen en flirten houdt, verdiept ze zich in moeilijke poëzie.
De hoofdrollen in de film worden gespeeld door Ben Whishaw (John Keats) en Abbie Cornish (Fanny Brawne. Het gedicht waarop de film gebaseerd is gaat als volgt:
.
Bright star, would I were stedfast as thou art—
         Not in lone splendour hung aloft the night
And watching, with eternal lids apart,
         Like nature’s patient, sleepless Eremite,
The moving waters at their priestlike task
         Of pure ablution round earth’s human shores,
Or gazing on the new soft-fallen mask
         Of snow upon the mountains and the moors—
No—yet still stedfast, still unchangeable,
         Pillow’d upon my fair love’s ripening breast,
To feel for ever its soft fall and swell,
         Awake for ever in a sweet unrest,
Still, still to hear her tender-taken breath,
And so live ever—or else swoon to death.
.

Gedicht als (korte) film

Remco Campert en Alessio Cuomo

.

Vorige week was ik in Gent en daar kwam ik, lopende door de stad, allerlei gedichten tegen die op muren en ramen waren aangebracht. Zo ook het gedicht  ‘Verzet’van Remco Campert. Het gedicht is aangebracht op een zijmuur van het Het Vrijzinnig Centrum Geuzenhuis. Verschillende vrijzinnige verenigingen vinden hier onderdak. Het café werd lang opengehouden door Motte Claus, de schoonzus van Hugo Claus. Zij was ook een van de initiatiefnemers van de Poëzieroute in Gent Het gedicht past bij het publiek van het Geuzenhuis: kritische en maatschappelijk geëngageerde mensen. Toen ik deze week wat aan het zoeken was op internet kwam ik een artikel tegen van mei 2018 over dit specifieke gedicht op deze plek in Gent.

Filmmaker Alessio Cuomo liep met zijn vriendin in Gent toen hij het gedicht op een muur zag staan. Hij was er zo door geraakt dat hij met de tekst aan de slag wilde. “Met het gedicht toont Campert dat verzet niet betekent dat je meedoet met de rest, maar dat je bij jezelf stil moet staan.” Dus stuurde hij Remco Campert een brief met het verzoek dit gedicht te ‘verfilmen’. Ook vroeg hij Campert of hij de hoofdrol wilde spelen in de filmische bewerking. Daar stemde Campert mee in. De film toont onder andere beelden van de schrijver achter zijn typemachine, maar ook de natuur van landgoed Rhijnauwen in Bunnik vlakbij Utrecht, waar tijdens de Tweede Wereldoorlog zo’n vijfhonderd verzetsstrijders zijn gefusilleerd.

Volgens Cuomo was Campert blij met het resultaat. Al was de schrijver het filmen na een uur of drie wel redelijk zat. Hij was wellicht niet erg bekend met de gebruikelijke lange opnamedagen die er voor een film nodig zijn. “Sommige stukken moesten een paar keer worden opgenomen. Toen Campert weer een zin moest herhalen, zei hij: ‘Wanneer is het nou klaar? Ik kan het gedicht niet meer aanhoren’.”
.

.

Childe Harold

De omzwervingen van Jonker Harold

.

Afgelopen week bekeek ik de film ‘The trip to Italy’ een vervolg op de geweldige road movie ‘The trip’ met Steve Coogan en Rob Brydon. In het begin van deze film, waarin ze in de voetstappen treden van de grote Engelse dichters Byron en Shelley, komt in een gesprek het gedicht ‘Childe Harold’s Pilgrimage’ ter sprake. Ik kende het gedicht niet en ben dus eens op onderzoek uit gegaan.

In 1812 verschijnt van de hand van George Gordon, Lord Byron (1788 – 1824) een lang verhalend gedicht getiteld ‘Childe Harolds Pilgrimage’. Het gedicht is geschreven in de versvorm die door Edmund Spenser werd geïntroduceerd in diens gedicht ‘The Faerie Queene’. Deze naar hem genoemde versvorm (Spenserian stanza) werd na zijn dood niet meer gebruikt, tot hij in de 19e eeuw werd herontdekt door onder meer Lord Byron, Keats, Shelley en Scott. In deze versvorm bestaat elk couplet uit negen regels, de eerste acht daarvan zijn jambische pentameters, de laatste regel is een alexandrijn. Het rijmschema is “ababbcbcc.”.

‘Childe Harold’s is een melancholieke en romantische jongeman, die na een losbandig leven afleiding zoekt in buitenlandse reizen. Hij beschrijft die reizen door het Middellandse Zeegebied, bezoekt romantische plekken en diverse ruïnes en verbindt hieraan overpeinzingen over het verleden. In totaal beschrijft Lord Byron in vier canto’s de reis van de hoofdpersoon door landen als Portugal, Spanje, Albanië, Griekenland maar ook België (de slag bij Waterloo), Duitsland, het Alpengebied en tot slot Italië (een reis van Venetië naar Rome).

In 2009 werd ‘Childe Harold’s Pilgrimage’ vertaald door Ike Cialona en zij gaf dit verhalende gedicht de titel ‘De omzwervingen van Jonker Harold’ mee. Uit deze editie een strofe waarin de hoofdpersoon het slagveld bij waterloo bezoekt.

.

’t Ardenner woud wuift met zijn loof, bedauwd
Door tranen die Natuur hier heeft gestort.
Het rouwt – als iets dat onbezield is rouwt –
Om elke krijger, ach! die binnenkort
Vertrapt zal zijn zoals het gras nu wordt
Geplet door hem, die niet meer op zal staan.
Het gras herleeft en zal deze cohort,
Die vurig hoopt de vijand te verslaan,
Bedekken wanneer zij tot stof zal zijn vergaan.

.

Poëzie en film

Artificial intelligence

.

Het is alweer even geleden dat ik schreef over films die een gedicht als basis hebben. De film AI, Artificial Intelligence uit 2001 is zo’n film. AI (van regiseur Steven Spielberg) is een film over een robot die een echte jongen wil zijn (zoiets als Pinocchio). Dr. Know (met de stem van Robin Williams) citeert in de film uit het gedicht ‘The Stolen Child’ van William Butler Yeats. (Een slimme referentie in een film die veel van de donkere elementen van een sprookje bevat). Yeats publiceerde dit gedicht in 1889 in ‘The Wanderings of Oisin and Other Poems’. Zijn gedicht is gebaseerd op deze Ierse legende en heeft betrekking op faeries die een kind bedriegen om met hen mee te komen.

.

The Stolen Child

.

Where dips the rocky highland
Of Sleuth Wood in the lake,
There lies a leafy island
Where flapping herons wake
The drowsy water rats;
There we’ve hid our faery vats,
Full of berrys
And of reddest stolen cherries.
Come away, O human child!
To the waters and the wild
With a faery, hand in hand,
For the world’s more full of weeping than you can understand.

Where the wave of moonlight glosses
The dim gray sands with light,
Far off by furthest Rosses
We foot it all the night,
Weaving olden dances
Mingling hands and mingling glances
Till the moon has taken flight;
To and fro we leap
And chase the frothy bubbles,
While the world is full of troubles
And anxious in its sleep.
Come away, O human child!
To the waters and the wild
With a faery, hand in hand,
For the world’s more full of weeping than you can understand.

Where the wandering water gushes
From the hills above Glen-Car,
In pools among the rushes
That scarce could bathe a star,
We seek for slumbering trout
And whispering in their ears
Give them unquiet dreams;
Leaning softly out
From ferns that drop their tears
Over the young streams.
Come away, O human child!
To the waters and the wild
With a faery, hand in hand,
For the world’s more full of weeping than you can understand.

Away with us he’s going,
The solemn-eyed:
He’ll hear no more the lowing
Of the calves on the warm hillside
Or the kettle on the hob
Sing peace into his breast,
Or see the brown mice bob
Round and round the oatmeal chest.
For he comes, the human child,
To the waters and the wild
With a faery, hand in hand,
For the world’s more full of weeping than he can understand.

.

 

Charles Bukowski over Truman Capote

Nuestros amantes

.

Ik weet niet hoe het jullie vergaat maar als er in een film een verwijzing zit naar een dichter, een gedicht of iets dat met poëzie te maken heeft, dan ben ik altijd meteen wakker (als ik dat al niet was natuurlijk). Vanuit een niet aflatende nieuwsgierigheid naar alles wat met poëzie te maken heeft wil ik dan ook altijd de fijne details weten. Dit gebeurde me ook weer afgelopen zaterdag. Op Netflix waren we de Spaanse film ‘Nuestros Amantes’  uit 2016 of ‘Our lovers’ zoals de Engelse titel luidt,  aan het bekijken toen de twee hoofdpersonen het ineens hadden over hun favoriete schrijvers Charles Bukowski en Truman Capote. De regelmatige lezer van dit blog weet dat Charles Bukowski één van mijn favoriete dichters is uit het Engelse taalgebied.

In de film werd gesproken over een gedicht dat Bukowski geschreven zou hebben over Capote. Dat ben ik dus gaan uitzoeken. Het betreft hier het gedicht ‘Nothing but a scarf’ dat verscheen in ‘Come on in’ en hoewel het lijkt alsof Bukowski de vloer aanveegt met het schrijverschap van Capote blijkt uit de laatste twee zinnen toch een zekere waardering en respect. 

.

Nothing but a Scarf

.

long ago, oh so long ago, when
I was trying to write short stories
and there was one little magazine which printed
decent stuff
and the lady editor there usually sent me
encouraging rejection slips
so I made a point to
read her monthly magazine in the public
library.

I noticed that she began to feature
the same writer
for the lead story each
month and
it pissed me off because I thought that I could
write better than that
fellow.
his work was facile and bright but it had no
edge.
you could tell that he had never had his nose rubbed into
life, he had just
glided over it.

next thing I knew, this ice-skater-of-a-writer was
famous.

he had begun as a copy boy
on one of the big New York
magazines
(how the hell do you get one of those
jobs?)

then he began appearing in some of the best
ladies’ magazines
and in some of the respected literary
journals.

then after a couple of early books
out came a little volume, a sweet
novelette, and he was truly
famous.

it was a tale about high society and
a young girl and it was
delightful and charming and just a bit
naughty.

Hollywood quickly made a movie out of
it.

then the writer bounced around Hollywood
from party to party
for a few years.
I saw his photo again and again:
a little elf-man with huge
eyeglasses.
and he always wore a long dramatic
scarf.

but soon he went back to the New York and to all the
parties there.

he went to every important party thereafter for years
and to
some that weren’t very
important.

then he stopped writing alltogether and just went
to the parties.

he drank and doped himself into oblivion almost
every night.

his once slim frame more than doubled in
size.
his face grew heavy and he no longer looked
like the young boy with the quick and dirty
wit but more like an
old frog.

the scarf was still on display but his hats were
too large and came down almost to his
eyes;
all you noticed was his
twisted
lurid
grin.

the society ladies still liked to drag him
around New York
one on each arm
and
drinking like he did, he didn’t live
to enjoy his old age.

so
he died
and was quickly
forgotten

until somebody found what they claimed was his secret
diary / novel


and then all the famous people in
New York were very
worried

and they should have been worried because when it
was published
out came all dirty
laundry.

but I still maintain that he never really did know how to
write; just what and
when and about
whom.

slim, thin
stuff.

ever so long ago, after reading
one of his short stories,
after dropping the magazine to the floor,
I thought,
Jesus Christ, if this is what they
want,
from now on
I might as well write for
the rats and the spiders
and the air and just for
myself.

which, of course, is exactly what
I did.

.

Paterson

Ron Padget en The New York School 

.

Op Facebook las ik in een stuk van Marja van Rossum over de film ‘Paterson’ van Jim Jarmusch. Nu staat deze film op mijn verlanglijstje van films die ik nog moet gaan zien maar na het stuk van Marja ga ik de film snel zien. In deze film draait het om een buschauffeur die poëzie gebruikt om de alledaagse routine te doorbreken. Uit het stuk van Marja begrijp ik dat poëzie wordt gebruikt van o.a. Ron Padgett zoals ook het gedicht ‘Love Poem’ hieronder. Padget maakte deel uit van de The New York School.

Critici betoogden dat het werk van The New York School een reactie was op de Confessionalist beweging in de poëzie van die tijd (de jaren ’50 en ’60 van de vorige eeuw).  De onderwerpen van hun poëzie was vaak licht, gewelddadig of observerend, terwijl hun schrijfstijl  vaak werd omschreven als kosmopolitisch en die van wereldreizigers. De dichters schreven vaak in een directe en spontane manier die doet denken de zogenaamde ‘stroom van bewustzijn’ schrijven, vaak met behulp van levendige beelden. Ze hebben zich gebaseerd op inspiratie uit het surrealisme en de hedendaagse avant-garde kunststromingen, in het bijzonder de action painting van hun vrienden in de kunstscene van New York City zoals Jackson Pollock en Willem de Kooning.

Dichters die vaak geassocieerd worden met de The New York School zijn John Ashbery, Frank O’Hara, Kenneth Koch, James Schuyler, Barbara Guest, Ted Berrigan, Bernadette Mayer, Alice Notley, Kenward Elmslie, Frank Lima, Lewis Warsh, Tom Savage, Joseph Ceravolo en Ron Padgett.

Van de laatste het gedicht ‘Love Poem’ uit de film ‘Paterson’ (met dank aan Marja van Rossum).

 

Love Poem

.

We have plenty of matches in our house.

We keep them on hand always.

Currently our favourite brand is Ohio Blue Tip,

though we used to prefer Diamond Brand.

That was before we discovered Ohio Blue Tip matches.

They are excellently packaged, sturdy

little boxes with dark and light blue and white labels

with words lettered in the shape of a megaphone,

as if to say even louder to the world,

„Here is the most beautiful match in the world

its one-and-a-half inch soft pine stem capped

by a grainy dark purple head, so sober and furious

and stubbornly ready to burst into flame,

lighting, perhaps, the cigarette of the woman you love,

for the first time, and it was never really the same

after that. All this will we give you.”

That is what you gave me, I

become the cigarette and you the match, or I

the match and you the cigarette, blazing

with kisses that smoulder toward heaven.

.

padgett-ron-nyc

                                                                             Foto: John Tranter

paterson

The Raven

Edgar Allen Poe

.

Het meest beroemde gedicht van Edgar Allan Poe ‘The Raven’ (uit 18450  heeft talloze verfilmingen en niet te vergeten honderden verwijzingen en referenties in de pop en populaire cultuur. Leuk weetje: Boris Karloff speelt in zowel The Raven (1935) als in The Raven (1963) . De twee films zijn alleen verbonden door de titel en verwijzingen naar Poe’s werk (de eerste betreft een interpretatieve dans van het gedicht, de laatste is een komedie). En die twee staan nog los van The Raven (1915) en The Raven (2012).

Het gedicht van Edgar Allen Poe heeft dus nogal wat los gemaakt bij filmmakers. Het gedicht is nogal lang vandaar dat ik hier de eerste en laatste strofe plaats.

Wil je het hele gedicht lezen, dan kan dat op http://www.heise.de/ix/raven/Literature/Lore/TheRaven.html

.

The Raven

.

Once upon a midnight dreary, while I pondered weak and weary,
Over many a quaint and curious volume of forgotten lore,
While I nodded, nearly napping, suddenly there came a tapping,
As of some one gently rapping, rapping at my chamber door.
`’Tis some visitor,’ I muttered, `tapping at my chamber door –
Only this, and nothing more.’

.

And the raven, never flitting, still is sitting, still is sitting
On the pallid bust of Pallas just above my chamber door;
And his eyes have all the seeming of a demon’s that is dreaming,
And the lamp-light o’er him streaming throws his shadow on the floor;
And my soul from out that shadow that lies floating on the floor
Shall be lifted – nevermore!

.

Het hele gedicht voorgedragen door Vincent Price.

.

Jabberwocky

Lewis Caroll en Terry Gilliam

.

Schreef ik vorige week nog over een van de meest vreemde gedichten (van een lijstje dat ik op 14 januari 2013 op dit blog plaatste) van Ezra Pound, vandaag alweer een gedicht van dit lijstje van Lewis Caroll met Jabberwocky. De reden dat dit gedicht hier behandeld wordt is dat er een film gemaakt is naar dit gedicht door Terry Gilliam.

Jabberwocky uit 1977 is een Britse fantasy film geregiseerd en mede geschreven door Terry Gilliam, die vooral bekend is van zijn werk met Monty Python. Zoals gezegd is de film losjes gebaseerd op het gedicht ‘Jabberwocky’ dat verscheen in ‘Through the Looking-Glass’ dat verscheen in 1871.

Het verhaal gaat over Cooper (in de film gespeeld door Michael Palin) die gedwongen wordt, door onhandige vaak ongelukkige omstandigheden, een verschrikkelijke draak op te jagen na de dood van zijn vader.

Hieronder het gedicht van Lewis Caroll.

.

Jabberwocky

 .

‘Twas brillig, and the slithy toves
Did gyre and gimble in the wabe;
All mimsy were the borogoves,
And the mome raths outgrabe.
.
“Beware the Jabberwock, my son
The jaws that bite, the claws that catch!
Beware the Jubjub bird, and shun
The frumious Bandersnatch!”
.
He took his vorpal sword in hand;
Long time the manxome foe he sought –
So rested he by the Tumtum tree,
And stood awhile in thought.
.
And, as in uffish thought he stood,
The Jabberwock, with eyes of flame,
Came whiffling through the tulgey wood,
And burbled as it came!
.
One, two! One, two! And through and through
The vorpal blade went snicker-snack!
He left it dead, and with its head
He went galumphing back.
.
“And hast thou slain the Jabberwock?
Come to my arms, my beamish boy!
O frabjous day! Callooh! Callay!”
He chortled in his joy.
.
‘Twas brillig, and the slithy toves
Did gyre and gimble in the wabe;
All mimsy were the borogoves,
And the mome raths outgrabe.

.

Jabberwocky_AusDb

Jabberwocky

%d bloggers liken dit: