Categorie archief: Favoriete dichters

Liederen van de blauwkraanvogel

Antjie Krog

.

Antjie Krog (1952) debuteerde op haar achttiende met de dichtbundel ‘Dogter van Jefta’. Inmiddels is ze één van de belangrijkste dichters van Zuid-Afrika. Haar poëzie is persoonlijk, zintuiglijk en sterk geëngageerd. Thema’s die in het werk van Krog aan de orde komen zijn het moederschap en het ouder worden, de diepe verbondenheid en de worsteling met de ongelijkheid en het racisme in haar land. Ze neemt daarbij geen blad voor de mond. Haar stem is afwisselend woedend, kwetsbaar, hoopvol en radeloos. Haar werk is veelvuldig bekroond, onder ander met de prestigieuze Herzog-prijs, en Krogs dichterschap wordt vergeleken met dat van Sylvia Plath en Wislawa Szymborska.

In 2003 verscheen bij Uitgeverij Podium/Novib de bundel ‘Liederen van de blauwkraanvogel’ uit. In deze bundel koos Krog uit een enorm archief van de Engelsman Wilhelm Bleek. Deze verzamelde transcripties, poëzie en vertellingen van de Kaapse Bosjesmannen of Khoisan. Deze spraken een taal, het |Xam, waarvan de laatste spreker inmiddels is overleden (waarmee het |Xam een dode taal werd).

Krog las en vertaalde deze gedichten naar het Afrikaans en Robert Dorsman verzorgde de Nederlandse vertaling. Voor het goed verstaan van dit volk en hoe men leefde moet je de hele bundel lezen maar ik koos voor een gedicht getiteld ‘Het doden van een witte springbok’ of zoals de Afrikaanse titel is ‘Die doodmaak van ’n wit springbok’.

.

Het doden van een witte springbok

.

(|Han#Kass’o heeft dit van de vader van zijn moeder gehoord)

.

je maakt een witte springbok niet dood

je mag er alleen maar naar kijken

want het voelt alsof de springbok helemaal wil verdwijnen

een gewone springbok zal nooit naar de plaats komen

waar een witte springbok dood heeft gelegen

alle springbokken maken juist dat ze uit de buurt komen

laat daarom je boog zakken

daarom kijk je alleen maar naar een springbok die wit is

ook al is hij nog zo dichtbij

.

Met dank aan uitgeverijpodium.nl
Advertenties

Valentijnsgedicht

Karel Kramer

.

In 2009 kwam van collega dichter bij uitgeverij De Brouwerij Karel Kramer, de bundel ‘Liefdesgedichten’ uit, en omdat het vandaag 14 februari is, Valentijnsdag, leek mij dit een mooie gelegenheid om deze bundel weer eens uit mijn kast te pakken en een gedicht uit de bundel met jullie te delen.

Dus heb je nog geen gedicht, kan je geen gedicht vinden of had je misschien helemaal niet gedacht aan een gedicht voor je lief, hier zijn er twee van Karel.

.

kom bij me

lig naast me

omarm me

vergeet

*

dan blijven we in bed

eten en drinken niet meer

de buurt verzorgt ons

regelt de toeloop

er gebeuren wonderen

een golf van vrede

trekt over de wereld

zij aan zij

worden we opgebaard

en begraven

op de steen staat

alleen de liefde

.

Gedeelde smart

Lévi Weemoedt, dichter van de maand

.

Van de dichter van de maand februari, Lévi Weemoedt, koos ik vandaag een gedicht uit zijn debuutbundel ‘Geduldig lijden’ uit 1977 getiteld ‘Gedeelde smart’.

.

Gedeelde smart

.

De hond ligt zachtjes snikkend in zijn mand;
droef peinst zijn baasje bij een glas genever.
Er hangen duizend boeken aan de wand:
’t Geluk was hier bepaald geen gulle gever.

Op straat waaien geluiden van een feest:
een schrille lach; er valt een glas aan scherven.
Maar binnen zingt het wenen van het beest
en zit zijn baas al uren te versterven.

Ik wed nu dat geen sterveling ooit raadt
wie nu die twee zo bitter treuren laat.

Maar stuur toch in: wat aanspraak doet ons goed.
Wij zien uw brief vol wanhoop tegemoet.

.

De hinde

Francesco Petrarca

.

Ik vond het wel weer eens tijd voor een liefdesgedicht en dus trok ik de bundel ‘De liefste, onsterfelijke liefdesverzen’ maar eens uit mijn kast. Deze bundel is samengesteld en vertaald door Paul Claes en bevat dichters die “eeuwig verliefd zijn, verliefd op hun beminde en op de taal, maar nog het meest op de liefde zelf”.

In deze bundel beroemde dichters uit alle tijden zoals Sappho, Dante, Keats, Hölderlin, Beaudelaire, Rilke, Yeats, Pessoa en vele anderen. Ik koos voor het gedicht ‘De hinde’ of zoals het in het Italiaans heet ‘Canzoniere CXC’ en ik heb zowel het origineel als de vertaling overgenomen.

.

De hinde

.

Een blanke hinde zag ik op het groen

met gouden horens onder een laurier

verschijnen bij de dubbele rivier,

terwijl de zon rees, in het guur seizoen.

.

Zo zoet verheven was dit visioen,

dat ik elk werk liet varen om het dier

te volgen, als een vrek die met plezier

zijn zwoegen opgeeft om een vondst te doen.

.

‘Raak mij niet aan,’ stond op haar sierhalsband

geschreven met topas en diamant,

‘Mijn heer heeft mij in vrijheid laten gaan.’

.

Reeds zag ik hoe de zon in ’t zenit scheen

-mijn ogen waren moe, maar niet voldaan-

toen ik in ’t water viel, en zij verdween.

.

Canzoniere CXC 

.

Una candida cerva sopra l’erba

verde m’apparve, con duo corna d’oro,

fra due riviere, all’ombra d’un alloro,

levando ’l sole, a la stagione acerba.

.   

Era sua vista sì dolce superba,

ch’i’ lasciai per seguirla ogni lavoro;

come l’avaro, che ’n cercar tesoro,

con diletto l’affanno disacerba.

Nessun mi tocchi — al bel collo d’intorno

scritto avea di diamanti e di topazî —

libera farmi al mio Cesare parve.

Et era ’l sol già vòlto al mezzo giorno;

gli occhi miei stanchi di mirar non sazî,

quand’io caddi ne l’acqua, et ella sparve.

.

Retour

Versvormen

.

In de loop de jaren zijn al verschillende versvormen de revu gepasseerd op dit blog maar de laatste was alweer van enige tijd geleden. Daarom vandaag aandacht voor de Retour. Deze versvorm telt 3 strofen verdeelt over negen regels. De eerste strofe heeft twee regels, de tweede strofe drie regels en de laatste strofe is vierregelig. Het rijmschema is  ab abc bcac en het metrum is bij voorkeur pentameter maar dat is geen voorwaarde. Het leuke van deze vorm is dat het gedicht eindigt met het beginwoord (de beginwoorden), maar dan wel in verschillende betekenis. Een voorbeeld van Drs. P. (wie anders zou je bijna denken):

.

Retour

.

Retour wil zeggen dat men weer zal keren

Van ergens naar het punt waar men begon

.
Men kan zo ’n tocht ook eens op schrift proberen
In negen regels – dus geen marathon
En weinig ruimte voor geouwehoer
.
Men kent bij voorbaat al het eindstation
Het metrum zorgt voor aangenaam vervoer
Het schema is eenvoudig te hanteren
Zo komt men triomfantelijk retour
.
.

Graf van Jotie T’Hooft

Vlaamse Jim Morrison

.

In de Volkskrant las ik ergens weggestopt een klein maar belangrijk artikeltje. Het betrof hier een aankondiging dat het graf van de jong gestorven Vlaamse dichter Jotie T’Hooft (1956 – 1977) bescherming krijgt van het gemeentebestuur van Oudenaarde, na  al 10 jaar met ruiming  bedreigd te zijn. Men is er eindelijk van overtuigd dat het graf op de lijst met funerair erfgoed hoort. Als liefhebber van poëzie, van het werk van T’Hooft en van graven kan ik hier natuurlijk alleen maar blij mee zijn. De reden dat men er zo over heeft getwijfeld (40 jaar na zijn dood zijn we inmiddels) is dat T’Hooft een drugsverslaafde en losbandige dichter was. Tsja, als dat al een criterium is dan weet ik nog wel een paar graven van grote dichters die ook geruimd zouden moeten worden. Maar gelukkig is men tot inkeer gekomen.

Alleen daarom al vandaag een gedicht van Jotie T’Hooft getiteld ‘Een eenvoudig dorp’ uit zijn ‘Verzamelde gedichten’ uit 1983.

.

Een eenvoudig dorp

.

Geknield aan de grens van een simpel dorp

ben ik ontworteld voor het aanschijn

van honderden bunders land, waartussen

de mensen, de dieren, de lucht en het water

zich bewegen; in een bedding, of voor een

.

ploegschaar gespannen en toch zeer rustig

want doende aan een niet te stuiten werk.

Dit herinnert mij aan de lucht die in mijn longen

tot rust zal komen zoals de meubelmaker

die in de handen van zijn hout

.

een tafel wordt, zich buigt, in zich de zon voelt

groeien, gloeien, loeien met het huiswaarts kerend vee

mee, wanneer ik onderga en rozerood en purper

ieder ooglid sluit.

.

Festival of Britain

Poems 1951

.

In 1949 werd door de Arts Council of Great Britain samen met de Festival of Britain een poëziewedstrijd bedacht die open stond voor alle inwoners van the commonwealth (of het Gemenebest van Naties; is een vrijwillige verbintenis tussen 52 onafhankelijke soevereine staten, met de Britse koningin Elizabeth II als symbolisch hoofd).

Meer dan 1000 lange en nog eens 1000 korte gedichten werden ingezonden om mee te dingen naar de prijzen die in de lente van 1951 bekend zouden worden gemaakt. De jury deelden prijzen uit aan drie lange gedichten en vijf groepen korte gedichten. Opvallend was dat een groot deel van de winnende gedichten destijds van nog onbekende dichters was.

Penguin heeft samen met de organisatoren alle winnende gedichten samen gebracht in een Penguin pocket. Omdat de poëzie al meer dan een halve eeuw oud is is het taalgebruik soms nog wat archaïsch maar ik heb een gedicht uitgezocht van Clive Sansom dat goed leesbaar is getiteld ‘A child’.

Clive Sansom (1910 – 1981) was een in Engeland geboren, Tasmaanse dichter. Als dichter was Sansom vooral bekend om zijn voordrachten en zijn poëzie voor kinderen. Als dichter is hij bekend in het hele Engelse taalgebied en naast poëzie schreef hij ook toneelstukken.

.

A child

.

‘Let them come without hindrance:

The kindom is theirs,

Be with them and of them,

In your haerts and your prayers.

For freely they enter,

Unafraid, unawares….’

.

Like poems his talk was:

The words that he said

Were strung in the sunlight

Like pearls on a thread –

My face by his girdle,

His hand on my head

.

Als geen ander

Krijn Peter Hesselink

.

De dichter Krijn Peter Hesselink (1976) begon met optredens bij poetry slams, en dat deed hij dermate succesvol dat hij in 2006 het Nederlands Kampioenschap Poetry Slam won. In 2008 verscheen zijn debuutbundel ‘Als geen ander’ bij uitgeverij Nieuw Amsterdam.  In oktober 2009 verscheen zijn tweede bundel ‘Stil alarm’.

Hesselink was ook betrokken bij Stichting Wonder, een stichting die “streken bedenkt om mensen in beweging te brengen”. Een van de activiteiten was de introductie van de Burgerbuddy. Een andere uiting was de campagne “Sex voor dieren”, die pleitte voor natuurlijke voortplanting bij productiedieren. Hesselink is ook actief als vertaler.

Zijn debuutbundel ‘Als geen ander’ bestaat uit 5 hoofdstukken die voorafgegaan worden door het openingsgedicht ‘Urk is vol, nu Nederland nog’ dat eigenlijk een prozaïsch gedicht is en dat qua vorm en inhoud afwijkt van de rest van de bundel. Ik koos hier echter voor het gedicht ‘Over verzadiging’

.

Over verzadiging

.

Je zei houd altijd een gaatje

een implodeergaatje voor God

in je buik

.

We speelden langs het spoor

en de trein trapte de bal terug

.

Je zei lig ik straks op het spoor

dreigt de trein mij terug te trappen

dan schikt God wel in, opgeruimd

staat netjes, knort je buik

.

Toen kleedde jij je uit

voor mijn wasmachine

.

Hij had honger

maar je was al schoon

maar hij had honger

en als hij draaide

werd het gaatje alleen maar groter

.

Het is zo schoon hier

.

Met de dood speel je niet

Zuidamerikaanse gedichten

.

In 1996 publiceerde uitgeverij de Prom de bundel ‘Met de dood speel je niet, Zuidamerikaanse gedichten’. Wouter Noordewier stelde de bundel samen en vertaalde gedichten van dichters uit Argentinië, Chili, Cuba, Nicaragua, Peru, El Salvador, Uruguay en Mexico (dat geografisch gezien natuurlijk niet in Zuid Amerika ligt maar ik begrijp de keuze).

Rond 1900 ontstond er overal in Zuid Amerika na eeuwen van kolonialisme en het daarbij volgen van het kolonialiserende land, een nieuwe vorm van poëzie. Waar voorheen de poëzie nationalistisch was en romantisch zonder oorspronkelijkheid was deze nieuwe poëzie juist modern, internationaal georiënteerd en thema’s waren de wetenschap, de industrie en de metropool (zoals bijvoorbeeld Buenos Aires, Sao Paulo en Mexico stad).

Opvallend bij deze nieuwe vorm van poëzie was ook dat ze heel symbolistisch was, irrationeel en surrealistisch. Het was poëzie zonder rijm, metrum  en leestekens.

Voorbeelden van dichters zijn bekende als Jorge Luis Borges uit Argentinië en Mario Benedetti uit Uruguay. Het aardige van deze bundel is dat er juist ook minder of redelijk onbekende dichters is vertegenwoordigd worden. Zo had ik van het merendeel nog nooit gehoord. En dat is ten onrechte. De bundel staat vol bijzondere gedichten. Van de heel korte gedichten van Guillermo Boido (Argentinië, 1941-2013) als:

.

Poëzie is niet te koop

want

niet te koop

.

Tot de poëzie van Nicanor Parra (Chili, 1914 – 2018) van wie ik het gedicht ‘Rituelen’ heb uitgekozen. Dit gedicht en deze dichter had ik uitgekozen uit de bundel om er vervolgens achter te komen dat hij afgelopen 23 januari (op mijn verjaardag) op 103 jarige leeftijd was overleden. Parra heeft zich altijd als “antipoeta” verklaard, wat betekent dat hij de pompeuze wijzen van andere dichters wilde verwerpen. Na lezingen zei hij, “Ik trek alles wat ik gezegd heb weer in”. Parra beschouwde het leven als zinloos en had geen boodschap, door vele critici werd dit als literaire zelfmoord beschouwd en toch is zijn invloed op andere, jonge dichters groot. Zo heeft zijn gedichtenbundel ‘Poemas y antipoemas’ grote invloed gehad op de beatgeneratie. In 2011 kreeg Parra de Cervantesprijs voor zijn hele oeuvre.

.

Rituelen

.

Telkens

Als ik na een lange reis

.thuiskom

Is het eerste wat ik doe

Vragen wie er dood is:

Ieder mens is een held

Gewoon omdat hij sterfelijk is

En helden zijn ons de baas.

.

En als tweede

.of er gewonden zijn

Pas daarna,

.niet dan na dit

Begrafenisritueeltje,

mag ik leven van mezelf:

Ik sluit m’n ogen om beter te zien

En zing vol wrok

Een liedje uit het begin van de eeuw.

.

 

Dichter van de maand Februari

Levi Weemoedt

.

De dichter Levi Weemoedt (1948, Vlaardingen)  studeerde Nederlandse taal- en letterkunde in Leiden en heeft dertien jaar als leraar Nederlands voor de klas gestaan. Omdat hij hierin niet voldoende voldoening vond, stopte hij met lesgeven. Weemoedt is schrijver van tragi-komische korte verhalen en dito gedichten die veelal in en rondom Vlaardingen spelen. Ook was hij als medewerker verbonden aan het ‘Algemeen Dagblad’ en publiceerde hij in Renaissance dat in 1996 door Look J. Boden was opgericht. Verder was Weemoedt van 1976 tot 1979 redacteur van literair-satirisch studentenblad Propria Cures, later, in de jaren ’80 schreef hij in ‘Mare,’ het weekblad van de Rijksuniversiteit Leiden. Weemoedt debuteerde in 1977 met de dichtbundel ‘Geduldig Lijden, een jaar later gevolgd door ‘Geen Bloemen’ en ‘Zand Erover’ (1981). Zijn werk werd in 2007 verzameld in ‘Vanaf de dag dat ik mensen zag’. Na 1999 werd het stil rond Weemoedt tot in 2007 de verzamelbundel ‘Vanaf de dag dat ik mensen zag’ werd gepubliceerd met o.a. 40 nieuwe gedichten gevolgd door  ‘Met enige vertraging’ in 2014.

Uit de bundel ‘Rijk verleden’ uit 1999 koos ik voor het gedicht ‘Brave soldaat van D.’ .

.

Brave soldaat van D.

.

Ik draag de hemden af van H. van Duijvenbroek:

KL-soldaat, zo laat het merkje mij weten.

Hij kwam in ’60 op, en hij verliet de troep

in ’62. Zo goed als niet versleten.

.

Van Duijvenbroek is in die twee jaar tijd

één maat gegroeid. Misschien beviel het koken

van de kazernekok. Zijn hemd bleef uit de strijd.

Er zit één gaatje in, maar dat is van het roken.

.

Op avonden dat ik te gast moet wezen

op lezingen of in de Boekenweek,

vraagt iemand soms: ‘Weemoedt, wat moet ik lézen?’

Dan zeg ik: ‘Sorry, ‘k ben een slechte bibliotheek….

.

Maar hoort u het ooit prijzen: vermijd beslist het boek

‘Oorlogsmemoires’. Door H. van Duijvenbroek.’

.

 

%d bloggers liken dit: