Het poëtische genie

Jacques Hamelink

.

Afgelopen woensdag, 17 november overleed schrijver, dichter en literair criticus Jacques Hamelink (1939 – 2021). Hamelink die bekendheid verwierf met zijn verhalenbundels, koos ervoor eind jaren ’70, begin jaren ’80 zijn pessimistisch proza los te laten en meer te gaan voor het schrijven van poëzie vol historische en literaire referenties, hierbij de klankwaarde van zijn verzen niet verwaarlozend. Hamelinks poëzie werd meer en meer abstract, kaal van alle persoonlijke betrokkenheid, maar nog steeds met behoud van dezelfde thema’s. Zijn werk werd al snel hermetisch gebrandmerkt. Zijn werk werd ook steeds mystieker. Zijn groeiende geloof, geleend van dichters als Paul Celan en Hölderlin, was dat poëzie zou moeten proberen het onmogelijke te spreken, en dat het falen om dit te doen haar grootsheid vormt.

Sinds het verschijnen van de bundel ‘Sacrale komedie’ (1987) is zijn werk zeer zinspelend geworden. Persoonlijke en ‘algemene’ geschiedenis versmelten in steeds strakker opgebouwde gedichten. De taal van deze gedichten verhoogt hun moeilijkheidsgraad: de auteur graaft op bestaande woorden, creëert neologismen en introduceert tegelijkertijd archaïsche woorden. Toch had Hamelink de laatste jaren een vaste groep bewonderraars van zijn werk. In 2002 (‘Zilverzonnige en onneembare Maan’) en 2008 (‘De Dame van de Tapisserie’) werden bundels van Hamelink genomineerd voor de VSB poëzieprijs.

Hamelink werd tijdens zijn leven bekroond met de Constantijn Huygensprijs, de Lucy B. en C.W. van der Hoogt-prijs en de Herman Gorterprijs.

In 1986 verscheen de bundel ‘Eerste gedichten’ en uit deze bundel komt het gedicht ‘The poetical genius’. In het gedicht komt naar de gedachte naar voren dat ‘de dichter’ weinig erkenning krijgt.

.

The poetical genius

.

Waar is de tijd, vriend van Yeats,

dat dichterskrijgshaftige, Helmers, Tollens,

of godsdienstige, Beets, Ten Hate, buiksnorren

droegen en slechts als zeehond Holst

vermomd per trein reisden, alsmaar

met doffe gedichten dreigend.

.

Verlept zijn de titels der dames

die René Rilke per hutkoffer

met zich meesleepten in het zog

van hun onirische schommelstoel, de held

slablaadjes voerend evenals

zijn rivaal de schildpad.

.

Hedentendage zit de ene poëet in de lotus.

De andere leert, in een jute zak genaaid

of bekleed met een oude pokdalige ster,

zich een nieuw patiencespel: proeven,

bij kleine beetjes, van eigen mond.

.

Geplaatst op 25 november 2021, in Dichtbundels, Favoriete dichters, Nieuws en getagd als , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. 1 reactie.

  1. En ik maar denken dat hij allang overleden was… Weer iemand die ik nooit zal kennen, wat raar dat men zo snel vergeet. Hamelink… Brachten we geile hoorspelen van op zomerkamp, met zwabberende zaklantarens in de nacht.

    Dank je voor deze compacte synopsis, Wouter — en het gedicht zelf.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: