Literair en poëtisch leesvoer

Website met literaire tijdschriften

.

Op internet zijn veel, heel veel website te vinden over literatuur en poëzie. Je bent op dit moment op zo’n website. Veel liefhebbers van poëzie en beginnende dichters doen hun eerste stappen op poëtisch gebied dan ook op internet. Via fora, gedichtensites, blogs of poëzie websites publiceren zij hun ‘pennenvruchten’.

Toch merk ik bij vrijwel elke dichter, beginnend, amateur, semi-professioneel en professioneel de behoefte om op papier gepubliceerd te worden. Bij mij is dat niet anders. Als je op papier gepubliceerd bent telt het ineens lijkt het wel. Nu is het niet iedereen gegeven om een bundel uit te geven, al zijn er tegenwoordig vele mogelijkheden om in eigen beheer of bij kleine uitgeverijen toch een bundeltje te publiceren.

Gelukkig zijn er ook papieren magazines waarin je zou kunnen publiceren. De lat ligt hiervoor vaak wel wat hoger maar wie niet waagt..

In Nederland en in België zijn er vele tijdschriften en magazines waar je je poëzie naar toe kunt sturen. De verschijningsfrequentie is bij elk magazine anders en ook de voorwaarden liggen heel divers. Wil je je hierin verder inlezen dan kun je heel goed terecht bij http://www.literairetijdschriften.org/#1

en de redacties van de verschillende Nederlands- en Friestalige literaire tijdschriften.

Op deze website 37 literaire magazines en tijdschriften met allerlei informatie over kosten, hoe in te zenden, een inhoudsopgave van het laatste nummer en nog veel meer.

Op http://detijdschriften.be/wp/ staat een overzicht van de Vlaamse tijdschriften (als aanvulling op literairetijdschriften.org) waar nog veel informatie te vinden is.

.

logo's

Taalunie

tijds

Geplaatst op 18 oktober 2013, in websites over poëzie en getagd als , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. 1 reactie.

  1. rabin gangadin

    OVER DE DRAMATISCHE TELOORGANG VAN EEN LEERSTOEL

    Het doek voor de leerstoel Caribische letteren aan de UvA lijkt definitief te zijn gevallen.
    Een radiojournalist van de SBS-radio te Utrecht die recent naar de faculteit der geesteswetenschappen aan de UVA belde om een interview van de leerstoelbekleder, Prof. Dr. Michiel van Kempen af te nemen, kreeg terstond te horen dat betrokkene op non-actief zou zijn gesteld en dat die uit veiligheid ( welke veiligheid??) op een andere kamer zou zitten dan waar zijn naamplaatje doorgaans op zou prijken. Hij zou ook niet meer te bereiken zou zijn via zijn eigen telefoonnummer en email-adres. De woordvoerster wist betrokkene vervolgens uit te leggen dat de 15 promovendi die onder het gezag van deze hoogleraar hun doctorsgraad zouden behalen hem inmiddels de rug moesten toekeren omdat zij hun draf in de huidige staat en vorm via Van Kempen niet gepasseerd mochten krijgen. De enige wie het wel was gelukt om zich de doctorsgraad onder diens gezag op de hals te halen betrof de Surinaamse Cynthia Abrahams.

    Abrahams promoveerde op een proefschrift over de poëzie van de Surinaamse agitatorische rijmelaar en politicus Raveles Dobru. Een proefschrift over poëzie bevat een zeer degelijk uitgewerkte en geadstrueerde analyse van een gedicht en is niet beperkt tot luchtige uitweidingen over de dichter zelf, namelijk over diens eetgewoonte, kleurvoorkeuren , reisinteresse, over diens hobby’s en aspiraties in het dagelijkse leven etc. Het proefschrift van Abrahams deed dit helaas wel. Doordat Van Kempen zich bewust was van diens wetenschappelijk tekortkoming , waarover straks meer, had hij slechts een enkele Surinaamse hoogleraar ergens in bij de jury betrokken zodat enige kritische noot er niet zou kunnen vallen. In feite heeft Van Kempen haar de doctorsgraad op dezelfde wijze gegund zoals dit gunningproces hemzelf ooit ten deel viel.

    De leerstoel Caraibische letteren was op zich een entiteit waar de Surinaamse gemeenschap een stuk van haar eigenheid in vertegenwoordigd zag. In plaats van een ander bemanningslid voor deze leerstoel te zoeken heeft men dit educatief gevaarte helemaal afgeschaft. Er lopen genoeg gekwalificeerde Surinamers rond die het professoraat op zich zouden kunnen nemen en het zelfs beter zouden kunnen uitdragen. Neem als voorbeeld de Surinaamse hoogleraar Ruben Gowricharan. Hij zit zeer goed gebakken in zijn vak en laat zelfs aspirant promovendi in een speciaal team klaarstomen voor het promotieonderzoek door hen verplicht deel te laten nemen aan een aantal leerdoelen. Zijn promotiejury bestaat uit een groot aantal hooggekwalificeerde wetenschappers zoals Gowricharan zelf is en niet uit gezelligheidsrakkers waardoor Van Kempen zich liet omringen gedurende zijn hobby hoogleraarschap. Ongeveer vijf jaar geleden had het college van bestuur van de UvA er ook gewag van gemaakt dat deze leerstoel wat haar betreft, gewoon kon verdwijnen. Men had zelfs de geldkraan dichtgedraaid tot dat een particulier initiatief uit Curacao, gedreven door een mismaakt plichtbesef deze leerstoel heeft willen redden door er tonnen in te steken.

    Hoe kon dit allemaal toch gebeuren? Een leerstoel herbergt weliswaar een tak van de wetenschap maar voor de gewone sterveling is het nogal misleidend en verwarrend wanneer betrokkene ontdekt dat diverse leerstoelen ook als een stukje eigen-werkverschaffing dienst kunnen doen, zonder meer. De leerstoel van Van Michiel van kempen is er één van. Deze leerstoel die Van Kempen onder zijn vermomde uiteinde toegeschoven kreeg, was voor hem niet in de juiste pasvorm. Van Kempen studeerde weliswaar Nederlands aan één van de zachte G- universiteiten maar alles wat hem daarna ten faveure viel, zoals het doctoraat, heeft niets bijgedragen tot enige additionele kennisvergaring. Om een promotievoorstel van een kandidaat te kunnen beoordelen heb je als hoogleraar heel wat kennis nodig op het gebied van de onderzoeksmethoden ( kwantitatief en kwalitatief), verder kennis omtrent theoretische beschouwingen met betrekking tot de geraadpleegde wetenschappelijke literatuur en tot slot van de wetenschapsfilosofie. Uit het cv van Van Kempen blijkt ook niet dat hij een beduidende wetenschappelijke achtergrond heeft. Let je op zijn publicaties dan stuit je op een scenario, een romannetje, een dichtbundeltje, een reeks artikelen over literatuur waarvan de diepgang het krasje op een droge huid amper overtreft en tot slot zijn eenmalige gastredacteurschap van een berg aan bloemlezingen en literaire tijdschriften. Opmerkelijk is dat van Kempen echt geen eindredactie kan voeren. De teksten die hij in de door hemzelf geredigeerde publiceerde,vertonen zowel taalkundig als esthetisch bezien, erbarmelijke tekorten. Dit is dan de verklaring dat de aspirant promovendi vanwege het ontbreken van een goede begeleiding niet verder zijn kunnen komen dan een krakkemikkige promotievoorstel waar Van Kempen, zonder er daadwerkelijk naar te kijken, zijn goedkeuring aan gaf. Hij organiseerde een drietal presentatiemiddagen op de faculteit der geesteswetenschappen tijdens welke de promovendi-in-dop hun embryonale draf konden ontvouwen. Van Kempen kwam in zwaar weer terecht toen het bestuur van de UvA besloot om hogere eisen te stellen aan de kwaliteit van het promotieonderzoek van de in totaal 15 aspirant promovendi , die onder het gezag van Van Kempen vielen. De colleges die hij ooit verzorgde waren op diens geluk onopgemerkt gebleven en indien dat wel was geweest , zou men al gauw hebben ontdekt dat die qua inhoud en diepgang een gewauwel waren van wat in elk schoolboekje over de Caraibische letteren te lezen staat en dat middels zelfstudie uitstekend eigen te maken is.

    Michiel van Kempen die zich ooit ontworstelde aan de straffe houdgreep van een Brabants familie varkensbedrijf deserteerde ergens in de jaren tachtig naar Suriname om er de leraar Nederlands te mogen uithangen. Ondanks zijn beroerde rochelende G ontpopte deze man zich er te midden van de Surinaamse agitatorische oewwij als de grondlegger van de zwevende Surinaamse letteren. Een betere kakofonische symfonie laat zich niet gissen. Van Kempen had al gepland dat hij van het tot nog toe braakliggend literaire moeras van Suriname zijn levenswerk zou maken en overnachtte zelfs in het Surinaamse archief bureau. De engste kakkerlakken en ratten werden er zijn trouwste huis- en bondgenoten. Na voltooiing van het ene werk volgde de andere. Hij besprak alles en een ieder, zelfs de kruidenier die zijn koopwaar in de ogen van hem in een vrij literaire/poëtische stijl had aangeprezen. Zijn populariteit deed op een gegeven moment zelfs de triomfantelijke blik in de ogen van het standbeeld van Kwakoe, waarin de Surinaamse geschiedenis zich een vrijheidstrijder heeft vergist, verdoezelen. Deze actie resulteerde in een essay over Surinaamse scribenten en schreeuwlelijke dichters waarin de curricula vitae veel omvangrijker bleken te zijn dan de gekleurde en tendentieuze analyses van de werken van de auteurs; verder in literaire tijdschriften als De Gids, de Tweede Ronde, Armada, Streven, Deus Ex Machine, etc. die allen bol stonden van alles wat gefrankeerd was ingezonden óf tijdens een literaire avond samen met een zakje Telo in de jaszak van Van Kempen was gedouwd. Tot slot in diverse gefiltreerde en van weinig inspiratie getuigende bloemlezingen van werken van auteurs, die Van Kempen een warm hart toedragen, nooit iets lelijks over hem schrijven etc.

    Toen Van Kempen bij zijn inventarisatie van Surinaamse schrijvers een enkeling tegenkwam die met diens kwaliteiten boven hem torende , nam hij zich voor deze in naam van protesterende en diep gekwetste Surinaamse schrijvers en dichters zodanig te compromitteren waardoor het erop zou gaan lijken dat alles wat deze persoon geschreven had, niets anders zou voorstellen dan een ordinaire diefstal van andermans werk . Hoewel Van Kempen er zelf in slaagde een proefschrift over de geschiedenis van de Surinaamse literatuur op zijn geweten te dragen waarvan inhoudelijk bezien bijna alles gestolen en geroofd blijkt te zijn uit het slecht beheerde en bewaakte archiefbureau van Suriname ( zie artikel James Lallmohammed in Dagblad Suriname, oktober 2003) kladt deze man alle Nederlandse digitale periodieken waarin hij zich gelijk een Sika ( = Truttige Surinaamse zandvlo ) genesteld heeft, vol met perfide verdachtmakingen en beschuldigingen aan het adres van degenen tegenover wie hij zich ten achtergesteld voelt. In het proefschrift van Van Kempen zijn alle stellingen zoek waardoor de vraag rijst wat er aan nieuws/ongekends onderzocht is geweest en vooral wat hij verdedigd heeft.

    Van Kempen grootheidswaan werd vanuit Suriname steeds gevoed door het feit dat men hem steeds lauwerde met prestigieuze literaire prijzen, waaronder de Rahman-Khanprijs, een evenknie van de Nederlandse PC-Hoofdprijs. Ten aan zien van zijn eerdere publicatie `De Surinaamse literatuur (1970 – 1985)’, was een ieder het er onverdeeld over eens dat tegenover Van Kempens essay dat qua grafische vormgeving in bijna hetzelfde jasje gestoken leek te zijn als dat waarin de toenmalige Surinaamse president Venetiaan zich vertoonde, alle andere soortgelijke publicaties qua diepgang, analyse en afwerking kwamen te verbleken. Hij heeft in dit werk opeengehoopt wat er zelfs aan vingeroefeningen binnen de Surinaamse literatuur bedacht en uitgeprobeerd is. Verder nam hij al degenen, zoals ondergetekende, die zich niet het allerbeste lieten ontvallen over de door hem herontdekte Surinaamse literatuur, genadeloos onder vuur. Men zou bijna kunnen denken dat Van Kempen dit alles gedaan heeft om middels bestrijding van alle pestilente ideeën en initiatieven, die hij persoonlijk als schadelijk interpreteert voor een volwaardige ontwikkeling van de Surinaamse literatuur, mensen die als ‘verraders’ z’n gezichtsveld binnenhuppelen,eruit te knuppelen (lees van hem: het buitengewoon slecht geschreven pamflet: ‘Een knuppel in het doksenhok’).

    Ter compensatie van zijn tekortkoming organiseerde Van Kempen op kosten van de UvA bij hem thuis allerlei barbecue bijeenkomsten tijdens welke plechtigheid hij de aspirant promovendi zodanig bezatte dat het kritische vermogen in hen tot nul reduceerde
    De laatste tijd laat Van Kempen weinig van zijn professorale performance zien omdat hij zich fulltime bezig houdt met het volkladden van het door de staat gesubsidieerde forum, Caraibisch Uitzicht en met zijn vrijwilligerschap bij de Nederlandse Wikipedia en Google.nl. Het aan de schandpaal nagelen van zijn tegenstanders via Wikipedia en google.nl verdient bij hem de allerhoogste en absolute prioriteit. Van Kempen heeft zijn leefomgeving zelfs laten voorzien van speciale detectie apparatuur en sensoren die hem meteen signaleren wanneer iemand enige wijziging in de door hemzelf over de desbetreffende persoon opgemaakte tekst durft aan te brengen. En als het hem te bar wordt versleutelt hij meteen de site zodat de getroffene er geen verandering meer in kan aanbrengen. Op deze wijze staan diverse personen reeds bij het aanklikken van Wikipedia en Google.nl bloot en belachelijk ten publieke aanschouwen. Het doet Van Kempen juist deugd wanneer hij verneemt dat diens getroffenen door zijn gedraging sociaal geïsoleerd raken ten gevolge waarvan niemand meer zaken met hun wenst te doen. Van Kempen die al jaren lasterlijke en smadelijke teksten over zijn tegenstanders loopt te kladden is een keer zelfs door de rechtbank dusdanig in het gelijk gesteld dat het lijkt alsof de klagers juist over hem lasterlijke en smadelijke teksten hadden gepubliceerd. De rechtbank legde de slachtoffers van Van Kempen een geldboete op en een verbod schadelijke uitlatingen over Van kempen te doen terwijl hijzelf er straffeloos en onverdroten mee kan en mag doorgaan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: