Zoet en fruitig versus Zuur en bitter

Of: een recensie van een recensie

De afgelopen week bekeek ik het nieuwe tv programma ‘De nieuwe Rembrandt’ samen met mijn vrouw en dochter. In dit programma worden door 3 ‘experts’ kunstwerken beoordeeld op hun ‘Rembrandtfactor’. Mijn dochter werd al snel opstandig van de opstelling en de air van de ‘experts’.  Zo was er een groot wit kruis met daarop een kruisbeeld waaraan een koordje hing. Als je daar aan trok klonk een kinderliedje. De kunstenaar vertelde daar over dat het een aanklacht was tegen het kindermisbruik in de kerk. Duidelijk.

Toen het kunstwerk binnen werd gebracht voor de ‘experts’ werd er lacherig over gedaan, er werd dan nog net aan het touwtje getrokken maar het kunstwerk werd weggezet als niet ter zake doende. Mijn dochter vond dat heel onrechtvaardig. Waarom mag zo’n kunstenaar niet vertellen wat het idee is achter zo’n kunstwerk? Ik verdedigde toen nog het besluit van de programmamakers door te zeggen dat een kunstwerk als uniek werk een eigen zeggenschap moet hebben en dat in een museum ook niet bij elk kunstwerk wordt uitgelegd wat de kunstenaar er mee bedoeld heeft.

Later bedacht ik, na het lezen van een tv recensie in de Volkskrant, dat er wel degelijk iets mankeerde aan dit programma. Er werd door de ‘experts’ niet serieus nagedacht over de aangeboden kunstwerken. Een blik op het werk en men had zijn mening klaar. Niet nadenken of doordenken over wat er werd aangeboden, wat de diepere laag zou kunnen zijn. Ongetwijfeld om de vaart in het programma te houden. Terwijl er ook een kunstwerk werd binnengebracht dat al goed werd bevonden op basis van de naam van de kunstenaar. Deze was bij één van de ‘experts’ bekend en de twee andere volgde dociel zijn mening en vonden het werk ook meteen heel erg goed.

Waarom schrijf ik dit?

Ik moest hieraan denken toen ik gisteren door een goede vriend opmerkzaam werd gemaakt van het feit dat er een recensie van mijn laatste bundel was verschenen op Meander. Ene Kees G. te A. had zich aan mijn boek gezet op een manier die bij mijn vriend het stoom uit zijn oren deed komen. “Wat denkt die overjarige elitaire hippie wel. Naar mannetje met zijn paardenstaartje.”, hij had inmiddels op internet informatie ingewonnen over de schrijver van het ‘zure, naargeestige stuk’

Ik heb de recensie gelezen had daar de volgende gedachten bij.

Kees G. beweert van alles maar geeft geen voorbeelden.  Niets prikkelt, alles is saai en als voorbeelden geeft hij dan korte stukjes van soms maar een paar woorden. Uit de context getrokken zonder verder commentaar waarom dat dan blijkbaar saai of monotoon-brommerig zou zijn.  Als dieptepunt wordt het enige rijmende gedicht aangehaald. Pijnlijk noemt Kees G. het. Waarom Kees? Waarom is dit pijnlijk? Geef daar duiding aan, neem je werk als recensent serieus.

Laat ons neuken Nora, je windt me op
want alleen jij kunt je lippen zo tuiten
als ik streel over het vlees aan je kuiten
kom schat, nog een keer, hoppa-hoppa-hop

O, maar nu begrijp ik het zal je zeggen.  Maar is dat zo? Dit is een strofe uit een gedicht van Kees G. Een strofe uit een gedicht waarmee hij een prijs heeft gewonnen. Wederom, zo uit de context getrokken zou je kunnen zeggen: lekker vulgair met een kinderlijk rijmpje aan het einde (quote bevriende dichter).

‘Als je poëzie serieus neemt, dan is er maar een maatstaf, de hoogste.’ Schrijft Kees G.  Is dat zo Kees?

In de afgelopen jaren ben ik verschillende keren door dichters en aankomende dichters  benaderd en gevraagd om commentaar te geven op hun gedichten. Dat heb ik altijd met nuance gedaan, niet alleen maar de zwakke punten benoemen maar vooral de sterke kanten benadrukken, stimuleren, enthousiasmeren. Een paar van deze mensen zijn inmiddels zelfs door Meander geïnterviewd en als talenten bestempeld. Wat ik maar wil zeggen is dat de beschrijving van Kees G. een zeer eenzijdig beeld schept van de werkelijkheid.  Ik heb mijn bundel er even bij gepakt (en je kunt dit verifiëren door mijn blog te lezen) en wat blijkt: 3 gedichten uit de bundel hebben de eerste prijs gewonnen in poëziewedstrijden waaronder die van de LAZ en de SLAU, 4 gedichten zijn genomineerd in poëziewedstrijden of waren laureaat gedichten en maar liefst 15 gedichten werden gepubliceerd in tijdschriften, magazines en op literaire en /of poëziewebsites op het internet.

Tientallen mensen vonden mijn gedichten blijkbaar goed of goed genoeg. Wie zou er dan gelijk hebben, al die mensen en de inmiddels honderden mensen die mijn bundels hebben aangeschaft of Kees G. ‘Een zwetende schilferige zestiger’ (quote bevriend dichter)?

De kwalificaties van mijn vriend hebben allemaal door mijn hoofd gespeeld, de eerste keer dat ik de recensie las, daar ben ik heel eerlijk over, als je integriteit en je rechtvaardigheidsgevoel wordt aangetast verval je snel in vileine termen. Ik ben de eerste die zal erkennen dat niet al mijn gedichten even goed zijn, dat ik wel eens in de val van het cliché trap of dat mijn poëzie soms wel erg abstract is (dat is ook zo). Tegelijkertijd weet ik dat veel mensen van mijn gedichten genieten en dat ze mijn poëzie waarderen. De mening van 1 mens kan daar niets aan veranderen.

Ik hoop met bovenstaand stuk een eerlijk tegengeluid te hebben gegeven. En Meander? Meander stond een aantal jaar geleden te boek als licht elitair en nogal negatief in haar besprekingen van ‘minder bekende dichters’. De afgelopen jaren is daarin verandering in gekomen en ik beschouw de recensie van Kees G. dan ook maar als een incidentele terugval. Ik ben niet voor niets pas geleden Vriend van Meander geworden. Ik zal dat ook blijven, want in tegenstelling tot Kees G. hou ik wel van poëzie en al haar beoefenaren.

Dat wilde ik kwijt.

Wil je de recensie met eigen ogen lezen? Dat kan op: http://meandermagazine.net/wp/2012/04/in-het-wangslijm/

Geplaatst op 27 april 2012, in Gedichten, Literaire kunst, Nieuws, Publicaties, Uitgeverij, Zoals de wind in maart graven beroert en getagd als , , , , , , , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. 11 reacties.

  1. Helaas maar ’t is gewoon niet anders, de Kunstwereld is er één van vriendjes politiek en Geld! Maar erger zijn zij die zichzelf als Kunst-GOD beschouwen en daardoor Kunstenaars kunnen maken of kraken. Ik noem geen voorbeelden of namen omdat ook ik wel een mening heb die waarschijnlijk niet door iedereen gedeeld wordt!
    Maar “Wat = Kunst?” – “Een Kunstenaar maakt Kunst” – “Wat maakt een Kunstenaar een Kunstenaar?” – “Kunst!” – “Wat = Kunst?”
    @ngel

  2. Wouter,

    ach, smaken verschillen
    zou je het anders willen?
    staar je niet blind
    op wat en ander van jouw werk vindt
    betovering kun je niet afdwingen
    al begin je als een kangoeroe rond te springen
    doe je ding zoals jij denkt dat het moet
    en wanneer het jou blij maakt
    zelfs als het slechts één andere stervende ziel raakt
    dan is het goed!

    Lenjef

  3. Je moet niet op recensies ingaan. Gewoon niet doen.
    Maar het is wel een trend op Meander dat er bundels in hyperkorte stukjes de grond in gestampt worden. Zie ook de schandalige bespreking van Willem Thies’ ‘Twee vogels één kogel’ hier: http://meandermagazine.net/wp/2012/04/tien-vogels-in-de-lucht-geen-veer-in-de-hand/
    Het gaat daar bergaf sinds ik er weg ben 😉

    • Beste Bouke, je hebt helemaal gelijk. Natuurlijk zou je niet moeten reageren op recensies en dat zou ik ook niet gedaan hebben als het niet zo’n pervers slechte recensie zou zijn geweest. Hier moest ik wel op reageren. Ik kan best tegen kritiek en leg me graag neer als iemand beargumenteerd waarom hij mijn poëzie minder goed vindt Daarvan was hier geen sprake. De wereld is niet meer zo als vroeger toen recensies in een krant of tijdschrift verscheen en je hooguit met een ingezonden brief op kon reageren (in de hoop dat ie dan geplaatst werd). Tegenwoordig is er web2.0 en zelfs 3.0 en social media. Ik maak daar graag en veelvuldig gebruik van.

  4. Is dit dezelfde Kees die ooit iets ongehoords schreef over Ongehoord? Of het een naam genoot is of dezelfde, goed dat je het van je afgeschreven hebt , heb ik destijds met het stuk over Ongehoord ook gedaan, maar verder is het sop de kool niet waard, het is zo makkelijk iets te schrijven waar geen reactie op kan komen, want stel je voor dat er tegenspraak komt. Je prikkelt velen, moedigt aan..hoorde het laatst nog van Joris. Je werk is mooi boeiend en heel belangrijk veelzijdig. Wat wil je nog meer?
    Fijn weekend. X

    • Hoi Yvon, ik weet niet of het dezelfde is maar in dit geval kon ik niet niet reageren. En soms moeten dingen gezegd worden. Overigens heb ik de bewuste Kees G. ook een mail gestuurd met de link naar mijn blog. Ben benieuwd.. Jij ook een fijn weekend, X

  5. Mooi…ik ben ook benieuwd en met mij meer denk ik 😉 goed van je.

  6. Beste Wouter,
    ik heb de recensie gelezen en daarna nogmaals jouw reactie. Een intelligente reactie. Slim, goed opgebouwd en onderbouwd. Zonder de emotie te vergeten. Mooie inleiding ook. Ik weet dat je hiermee een gevoel verwoord waarmee vele mensen rondlopen. Alle respect hiervoor.
    Frans

  7. ‘Kees G. beweert van alles maar geeft geen voorbeelden’

    .. ja, da’s makkelijk..

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: